Verordening woninggebonden subsidies 1995
Gemeente Veenendaal
Rechtspersonen (woningbouwcorporaties en andere bouwers) die woningen bouwen of ingrijpende voorzieningen aan woningen treffen.
Ook bekend als Verordening woninggebonden subsidies Veenendaal
Waar is deze subsidie voor?
Gemeentelijke verordening voor subsidies op woningbouw en ingrijpende voorzieningen aan woningen in Veenendaal. Richt zich op huurwoningen en woningaanpassingen. Aanvragen vóór 1 september van het budgetjaar.
Voor wie is het bedoeld?
Rechtspersonen (woningbouwcorporaties en andere bouwers) die woningen bouwen of ingrijpende voorzieningen aan woningen treffen.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor nieuwbouw huurwoningen
- Subsidie aanvragen voor ingrijpende voorzieningen aan woningen
- Inzicht in aanvraagprocedure en termijnen voor woningbouwsubsidie
Voorwaarden
- Aanvraag moet vóór 1 september van het budgetjaar worden ingediend
- Aanvraag moet vergezeld gaan van bestekken, tekeningen, kosten/kwaliteitstoets en overige vereiste gegevens
- Bouwplan moet voldoen aan vastgestelde uitgangspunten
- Gereedmelding moet binnen twee jaar na verlening van subsidie worden ingediend
- Voor huurwoningen geldt een maximale aanvangshuur van 650,00 per maand (volgens bijlage artikel 5)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Paragraaf 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1 Artikel 2 Artikel 3 Paragraaf 1.2 Grondslag en werkingssfeer Artikel 4 Paragraaf 1.3 Uitgangspunten voor subsidiëring Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Hoofdstuk 2 Aanvragen verlenen en vaststellen van subsidie Paragraaf 2.1 Aanvraag om subsidie Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Paragraaf 2.2 Verlening van subsidie Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Paragraaf 2.3 Gereedmelding Artikel 19 Artikel 20 Paragraaf 2.4 Vaststelling van subsidie Artikel 21 Artikel 22 Artikel 23 Artikel 24 Paragraaf 2.5 Intrekking van subsidie Artikel 25 Artikel 26 Paragraaf 2.6 Nadere bepalingen Artikel 27 Artikel 28 Hoofdstuk 3 Bepalingen per subsidiecategorie Artikel 29 Artikel 30 Artikel 31 Artikel 32 Artikel 33 Artikel 34 Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotbepalingen Artikel 35 Artikel 36 Artikel 37 Artikel 38 Artikel 39 Ondertekening Bijlage Invulling artikel 5 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR111621 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR111621/1 sluiten Verordening woninggebonden subsidies 1995 Geldend van 08-06-1995 t/m heden Intitulé Verordening woninggebonden subsidies 1995 De raad van de gemeente Veenendaal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 24 mei 1995, nr. 95.04659; gelet op: de Woningwet, de Gemeentewet, het Besluit woninggebonden subsidies 1995; Besluit: vast te stellen de Verordening woninggebonden subsidies 1995; Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Paragraaf 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1 a.De minister: de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. b.Het Besluit: het Besluit woninggebonden subsidies 1995 c.Budget: bedrag aan subsidie dat jaarlijks door de minister aan de gemeente beschikbaar wordt gesteld, alsmede het bedrag dat resteert van in vorige jaren toegekende budgetten, alsmede het bedrag dat beschikbaar komt als gevolg van een intrekking van een besluit tot verlening van subsidie, ten behoeve van het bouwen van woningen of het treffen van ingrijpende voorzieningen. d.Subsidie-ontvanger: de rechtspersoon die een verzoek doet om vaststelling en betaling van de door de gemeente verleende subsidie. e.Verlenen van subsidie: het besluit van burgemeester en wethouders dat een aanspraak op subsidie verschaft. f.Vaststellen van subsidie: het besluit van burgemeester en wethouders waarbij de hoogte van de verleende subsidie wordt vastgesteld en de gemeente zicht verplicht tot betaling. g.Huurprijs: prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woning uitgedrukt in een bedrag per maand. i.Gereedkomings datum: de dag waarop de woning gereedkomt, dan wel in geval van het treffen van ingrijpende voorzieningen de dag waarop de werkzaamheden zijn voltooid, dan wel de dag waarop de administratief in een plan samengevoegde woningen gemiddeld gereedkomen. j.Kosten van het verkrijgen in eigendom: de door burgemeester en wethouders vast te stellen noodzakelijke, direct met de bouw samenhangende kosten, inclusief de koopsom van de grond met dien verstande dat: -indien de woning wordt gebouwd op grond waarop een recht van opstal rust of waarop een recht van erfpacht is gevestigd dan wel de grond en de woning afzonderlijk in eigendom worden verkregen of de grond reeds geruime tijd eigendom is van de eigenaar, als koopsom van de bouwrijpe grond een door burgemeester en wethouders te bepalen bedrag wordt aangehouden. -de kosten van het verkrijgen in eigendom in voorkomende gevallen kunnen worden verminderd met subsidie, verleend als bijdrage ten behoeve van woningaanpassing voor gehandicapten op grond van de Wet voorzieningen gehandicapten dan wel de Regeling ziekenfondsraad subsidiëring woningaanpassingen gehandicapten 1994. k.Kosten van ingrijpende voorzieningen: de door burgemeester en wethouders vast te stellen noodzakelijke, direct met het treffen van ingrijpende voorzieningen aan een woning samenhangende kosten. l.Toegelaten instelling: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet. m.Aanvrager: degene die een subsidieverzoek indient. Artikel 2 Voor de toepassing van deze verordening wordt mede verstaan onder: a.eigenaar: opstaller, erfpachter, gerechtigde tot een appartementsrecht of degene die lid is van een coöperatie en op die grond het uitsluitende gebruik heeft van een aan die coöperatie in bloot eigendom toebehorende woning; b.eigendom: opstal, erfpacht, appartementsrecht of lidmaatschap als bedoeld onder a; c.woning: onzelfstandige woonruimte; d.het verlenen van subsidie: het verlenen van subsidie ten behoeve van het bouwen dan wel het treffen van ingrijpende voorzieningen van gemeentewege; e.bouwen: het verbouwen van een gebouwde onroerende zaak tot woonruimte, waarbij de bestemming van de onroerende zaak wordt gewijzigd. Artikel 3 Deze verordening is niet van toepassing op: a. woningen die niet geschikt of bestemd zijn om voortdurend door dezelfde persoon of personen te worden bewoond; b. woningen die bestemd zijn voor of in gebruik zijn als ambts- of dienstwoning; c. bejaardenoorden als bedoeld in de Wet op de bejaardenoorden. Paragraaf 1.2 Grondslag en werkingssfeer Artikel 4 Op grond van deze verordening kunnen burgemeester en wethouders uitsluitend subsidie verlenen voor: a. het bouwen van woningen; b. het treffen van ingrijpende voorzieningen aan woningen. Paragraaf 1.3 Uitgangspunten voor subsidiëring Artikel 5 1. De gemeenteraad stelt jaarlijks de uitgangspunten voor het subsidiebeleid vast. Hierbij wordt tevens aangegeven welke sectoren binnen de volkshuisvesting voor subsidiëring in aanmerking komen, alsmede welke doeleinden met het subsidiëren in het betreffende subsidiejaar zullen worden nagestreefd. 2. Deze worden neergelegd in een bijlage bij deze verordening en maken als zodanig één geheel daarvan uit. 3. Burgemeester en wethouders doen een voorstel tot het vaststellen van deze verordening nadat daaromtrent door hen de lokaal en regionaal toegelaten instellingen en andere daarvoor in aanmerking komende natuurlijke en rechtspersonen, waaronder woonconsumentenorganisaties, zijn geraadpleegd. 4. Burgemeester en wethouders doen schriftelijk verslag van deze raadpleging aan de gemeenteraad. Tevens geven zij een reactie op de daarbij naar voren gebrachte argumenten. Artikel 6 1. De gemeenteraad kan het budget in deelbudgetten onderverdelen. 2. De volgende deelbudgetten kunnen worden onderscheiden: a. huurwoningen; c. ingrijpende voorzieningen aan woningen; 3. De gemeenteraad kan een deelbudget als bedoeld in het eerste lid in meerdere onderdelen splitsen dan wel deelbudgetten samenvoegen; dergelijke onderdelen zijn ook deelbudgetten in de zin van deze verordening. Artikel 7 Burgemeester en wethouders voeren het beleid zoals neergelegd in artikel 5 lid 1 uit binnen de daarbij aangegeven marges; overschrijding hiervan is eerst mogelijk na verkregen instemming van de functionele raadscommissie. Artikel 8 1. Burgemeester en wethouders kunnen op aanvraag van de aanvrager de categorie waarvoor de subsidie is verleend wijzigen in een andere categorie. 2. Burgemeester en wethouders kunnen de omzetting weigeren indien de aanvankelijk verleende subsidie ontoereikend is. Artikel 9 Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de op grond van artikel 6 vastgestelde deelbudgetten indien door de minister op grond van het besluit het budget wordt herzien Hoofdstuk 2 Aanvragen verlenen en vaststellen van subsidie Paragraaf 2.1 Aanvraag om subsidie Artikel 10 De aanvrager vraagt subsidie aan bij burgemeester en wethouders op daartoe bestemde formulieren welke op aanvraag worden toegezonden. Artikel 11 1. De aanvrager dient de aanvraag als bedoeld in artikel 10 in bij burgemeester en wethouders vóór 1 september van het budgetjaar waarin de subsidie wordt gevraagd. 2. Indien een aanvraag na de in het eerste lid genoemd datum wordt ontvangen, kan de aanvraag worden aangehouden tot het volgende budgetjaar. 3. Een beslissing tot aanhouding van een plan kan voor dat zelfde plan slechts éénmaal worden genomen. Artikel 12 1. Een aanvraag als bedoeld in artikel 10 gaat in elk geval vergezeld van de volgende door de aanvrager te verstrekken gegevens: a. bestekken en tekeningen van het bouwplan; b. een opgave van het aantal woningen waarop het bouwplan betrekking heeft; c. de verlangde subsidie; d. een uiteenzetting waarin de aanvrager aangeeft op welke wijze zijn plan past binnen de in artikel 5, lid 1, genoemde uitgangspunten; e. een kosten/kwaliteitstoets, die is uitgevoerd door de aanvrager, dan wel namens de aanvrager door een daartoe gecertificeerde derde, mits deze een voor burgemeester en wethouders acceptabele normstelling hanteert; f. op het aanvraagformulier vermelde aanvullende gegevens. 2. Een aanvraag als bedoeld in artikel 10 gaat tevens vergezeld van de op grond van hoofdstuk 3 vereiste door de aanvrager te verstrekken gegevens. Paragraaf 2.2 Verlening van subsidie Artikel 13 Burgemeester en wethouders bevestigen binnen twee weken de ontvangst van de aanvraag als bedoeld in artikel 10 Artikel 14 1. Burgemeester en wethouders beslissen binnen acht weken na ontvangst van een aanvraag als bedoeld in artikel 10. 2. Zij kunnen hun beslissing éénmaal met vier weken verdagen. 3. Indien een aanvraag niet compleet is bevonden wordt dit binnen de in het eerste lid genoemde termijn bij de aanvrager gemeld; deze dient de aanvraag binnen 4 weken na deze melding te completeren; indien deze termijn wordt overschreden, wordt de aanvraag niet ontvankelijk verklaard. Artikel 15 1. Burgemeester en wethouders verlenen subsidie indien het bouwplan voldoet aan de uitgangspunten zoals neergelegd in het voorstel zoals genoemd in artikel 5, lid 1 en het betreffende deelbudget niet wordt overschreden wanneer subsidie wordt verleend. 2. Indien het betreffende deelbudget wel wordt overschreden kan de aanvraag worden afgewezen of aangehouden tot het volgende budgetjaar. Artikel 16 In aanvulling op het gestelde in artikel 15, eerste lid, verlenen burgemeester en wethouders subsidie indien: a. burgemeester en wethouders kunnen instemmen met de verlangde subsidie; b. niet reeds een begin met de werkzaamheden is gemaakt zonder hun toestemming. Artikel 17 Burgemeester en wethouders verlenen subsidie onder voorwaarde dat: a. zonder toestemming van burgemeester en wethouders bij de werkzaamheden niet wordt afgeweken van het bouwplan; b. de bouw binnen 24 weken na het besluit tot verlening ervan tot de bovenkant van de begane-grondvloer is gevorderd dan wel in geval van het treffen van ingrijpende voorzieningen binnen 24 weken met de werkzaamheden is gestart; c. de gereedmelding van de werkzaamheden plaatsvindt overeenkomstig artikel 20; d. de aanvrager de informatie beschikbaar houdt die de minister noodzakelijk acht voor een juist toezicht op de naleving van de in het Besluit gestelde voorwaarden en op verzoek van burgemeester en wethouders terstond levert; e. de bijzondere voorwaarden worden nageleefd. Artikel 18 Burgemeester en wethouders verlenen subsidie onder voorwaarde dat aan de door hen met toezicht belaste personen op de door hen te bepalen tijdstippen: a. toegang wordt verleend tot de bouwplaats, de woning, of het gebouw dat tot woning wordt verbouwd; b. inzage wordt verleend in de op de bouw betrekking hebbende bescheiden en tek […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.