Open voor aanvragenFonds · Subsidie

Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2024/01

Waddenfonds

Organisaties, bedrijven, instellingen en overheden die projecten uitvoeren in het Waddengebied op de thema's natuur, werelderfgoed, water/bodem/licht/geluid, duurzame energiehuishouding en duurzame agrarische sector.

Ook bekend als Stuw '24, Stuw '25, Waddenfonds 2025/01, Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01 (Stuw '26)

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026 · via waddenfonds.nl
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling van het Waddenfonds voor thematische projecten gericht op natuur, werelderfgoed, water/bodem/licht/geluid, duurzame energiehuishouding en duurzame agrarische sector in het Waddengebied. Ondersteunt pilots, kennisprojecten en fysieke investeringen met focus op innovatie en waddenspecifieke waarden.

Voor wie is het bedoeld?

Organisaties, bedrijven, instellingen en overheden die projecten uitvoeren in het Waddengebied op de thema's natuur, werelderfgoed, water/bodem/licht/geluid, duurzame energiehuishouding en duurzame agrarische sector.

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil een natuurherstelproject in de Waddenzee uitvoeren
  • Ik wil een innovatief duurzame energieproject in het Waddengebied realiseren
  • Ik wil cultuurhistorisch erfgoed in het Waddengebied restaureren
  • Ik wil een pilot uitvoeren voor vermindering van bodemverstoring
  • Ik wil een kennisproject over duurzame landbouw in het Waddengebied starten
  • Subsidie aanvragen voor natuurherstelproject in de Waddenzee
  • Financiering voor restauratie van cultuurhistorisch erfgoed op Waddeneiland
  • Steun voor pilot duurzame energiehuishouding in Waddenregio
  • Kennisproject over plasticvervuiling in Waddengebied
  • subsidie duurzame energie Waddengebied
  • geld natuurproject Waddengebied innovatie
  • financiering duurzame landbouw Wadden
  • steun water bodem project Wadden
  • subsidie kennisproject Waddenfonds

Voorwaarden

  • Projecten moeten waddenspecifiek zijn en bijdragen aan kernwaarden van het Waddengebied
  • Voor natuur-thema's moeten nieuwe projecten aantoonbaar voortborduren op eerder gesubsidieerde projecten
  • Voor cultuurhistorisch erfgoed: alleen restauratie van door gemeente/provincie aangewezen monumenten
  • Voor energiehuishouding: focus op innovatieve pilots in TRL-fases 5-8
  • Bewustwordingsacties moeten onderdeel zijn van pilot of fysieke investering
  • Bouwwerken moeten zorgvuldig ontworpen zijn aansluitend bij kernwaarden
  • Materialen voor bouwwerken moeten zoveel mogelijk circulair en/of biobased zijn

Openstellingen en rondes

Ronde 2025Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-
Ronde 2024Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-
Ronde 2026/01Open
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Documenten

  • Werkbestand-Format-projectplan-met-tabellen-indicatoren-en-streefwaarden-DB-versie-18-4-2024-opgeschoond.pdf · 20 pag.
    Toon documenttekst
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    1
    Het projectplan is een verplichte bijlage van uw subsidieaanvraag en moet een duidelijk beeld geven van de
    voorgenomen projectactiviteiten. Om uw aanvraag goed te kunnen beoordelen dient u de onderdelen van dit
    model projectplan - herkenbaar en in de aangegeven volgorde - in uw projectplan op te nemen. Deze
    onderdelen zijn de minimale eisen waaraan uw projectplan moet voldoen.
    MANAGEMENT SAMENVATTING
    Beschrijf in maximaal één pagina de kernpunten van uw aanvraag: doelstelling, activiteiten en verwachte
    resultaten, gerelateerd aan de doelstellingen van het Waddenfonds. Het Waddenfonds behoudt zich het recht
    voor om (delen van) de management samenvatting voor publicatiedoeleinden te gebruiken als subsidie wordt
    verstrekt. Houd hier rekening mee in uw beschrijving met het oog op eventueel vertrouwelijke informatie.
    1. VISIE EN AMBITIE
    Visie en ambitie staan centraal in het projectinitiatief (‘het goede idee, het goede verhaal’), passend binnen de
    kaders van het Waddenfonds (en bij majeure projecten tevens passend binnen het Investeringskader, dat een
    meerjarig en integraal karakter heeft).
    1.1 Beschrijf nut en noodzaak en scope van het project;
    Beschrijf naast de doelstellingen ook welk probleem met het project wordt opgelost en van wie dit probleem is.
    Beschrijf bij kennisprojecten welke kennisleemten er zijn en hoe met het project wordt bijgedragen aan het
    wegnemen daarvan. Vertaal de kennisleemten in het projectplan in kennisvragen en beschrijf met welke
    methodiek en informatiebronnen (bijvoorbeeld metingen, observaties, bestaande datasets, modellen e.d.) die
    beantwoord zullen gaan worden door het project.
    1.2 Hoofddoelen en uitgangspunten Waddenfonds;
    Beschrijf op hoofdlijnen welke (hoofd)doelen en uitgangspunten (duurzaam, Waddenspecifiek, additioneel,
    innovatief) van het Waddenfonds met dit project worden gediend. Gelieve dit nader uit te werken in paragraaf
    2.3 Output en outcome en monitoring.
    1.3 Toetsingscriteria subsidieregeling thematische openstelling (niet van toepassing bij majeure projecten)
    Indien u een aanvraag indient in het kader van een thematische openstelling dan dient u naast het
    Uitvoeringskader Waddenfonds en het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds te voldoen aan de van toepassing
    zijnde subsidieregeling, waarin nadere toetsingscriteria en vereisten zijn opgenomen. Beschrijf de bijdrage van
    uw project zo concreet mogelijk en zoek aansluiting tussen de activiteiten en/of output van uw project en de
    toetsingscriteria en vereisten.
    2. PROJECTACTIVITEITEN
    2.1 Beschrijving van de activiteiten in het project;
    Korte beschrijving van wat u gaat doen in het project; welke activiteiten (deelprojecten/werkpakketten) u in
    het kader van het project gaat uitvoeren. Bij het beschrijven van de activiteiten gelieve aansluiting te maken bij
    de begrotingsposten en paragraaf 2.4 Planning, fasering, beslismomenten, voortgangsbewaking. Geef ook aan
    welke partij wat gaat doen.
    2.2 Projectorganisatie;
    Korte beschrijving van welke partijen op welke wijze uw project gaan uitvoeren en wat de verschillende rollen
    en verantwoordelijkheden zijn van de partijen binnen het project. Let op: in het geval dat er sprake is van een
    samenwerkingsverband dient een door projectpartners getekende samenwerkingsovereenkomst te worden
    bijgevoegd bij de aanvraag.
    2.3 Output en outcome en monitoring
    We vragen u te beschrijven wat de beoogde output en outcome van uw project is.
    I. De beoogde resultaten van het project (output):
    a) Geef een nauwkeurige omschrijving van de concrete projectresultaten;
    -- 1 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    2
    b) Beschrijf aan welke van de in het Uitvoeringskader Waddenfonds en bijlage 1 opgenomen
    hoofddoelen en gespecifieerde doelen dit resultaat bijdraagt, met inbegrip van een beschrijving om de
    bijdrage van het projectresultaat aan de doelen te onderbouwen. (meer dan één doel mogelijk);
    c) Beschrijf (indien van toepassing) of er tijdens de uitvoering van het project, monitoringsactiviteiten of
    overige metingen zullen worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld 0-metingen, bezoekers aantallen,
    effectiviteitsmetingen.
    Als de te subsidiëren activiteit mede of uitsluitend betrekking heeft op het verwerven van kennis
    (kennisprojecten), graag tevens omschrijven:
    d) Welke kennisvragen worden met het project beantwoordt en op welke wijze?; De subsidieontvanger
    levert op basis daarvan bij afronding van het project één of meerdere kennisrapporten op.
    e) kennisdeling: een beschrijving van de activiteiten (daarbij aangeven hoeveel van elke activiteit
    uitgevoerd zal worden tijdens de looptijd van het project) waarmee de te ontwikkelen kennis gedeeld
    gaat worden en met wie.
    II. De beoogde effecten van het project (outcome):
    a. Geef een nauwkeurige omschrijving van het gewenste effect van de gesubsidieerde activiteit inclusief
    onderbouwing;
    b. Geef aan met welke van de in bijlage 2 te vinden outcome-indicatoren het beoogde effect van de
    gesubsidieerde activiteit kan worden gemeten en welk meetnet er kan worden gebruikt om dit te
    doen. Als het beoogde effect niet kan worden gemeten met één of meer van de outcome-indicatoren
    uit bijlage 2 vragen we u te beschrijven met welke outcome-indicator en met welk meetnet dat effect
    wel gemeten kan worden.
    c. Geef per gekozen outcome-indicator aan in welke mate uw project bijdraagt aan het behalen van
    de genoemde IKW-Waddenfonds streefwaarden, en onderbouw dit het liefst cijfermatig. U kunt
    dat bijvoorbeeld doen door een waarde voor de indicator te kiezen die u met het project denkt te
    kunnen realiseren op het moment van afronding van het project: de projectstreefwaarde.
    d. Als er geen streefwaarde is opgenomen in bijlage 2 voor uw gekozen outcome-indicatoren, dan kunt u
    volstaan met een beschrijving van de kwalitatieve onderbouwing van uw bijdrage aan de
    gespecificeerde doelen van de beleidsregel monitoring en evaluatie. Die kunt u vinden in het
    Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027 en in bijlage 1.
    Als de te subsidiëren activiteit mede of uitsluitend betrekking heeft op het verwerven van kennis wordt
    (tevens) omschreven:
    e. met welke vervolgactiviteiten u na afronding van uw project denkt bij te dragen aan uitrol en
    toepassing van de ontwikkelde kennis in het Waddengebied.
    Vat uw monitoringsparagraaf/plan samen in een tabel waarin de output, de outcome en de respectievelijke
    indicatoren zijn opgenomen. Neem waar mogelijk ook uw projectstreefwaarde in deze tabel op en een
    eventuele 0-meting voor de startdatum van uw project.
    2.4 Planning, fasering, beslismomenten, voortgangsbewaking;
    Geef aan wanneer de verschillende activiteiten in tijd gaan plaatsvinden en hoe de voortgang van het project
    wordt bewaakt. Geef hier ook aan of er sprake is van go / no go momenten (en op grond waarvan).
    2.5 Informatie & communicatie;
    Op welke wijze wordt informatie over het project gecommuniceerd en gedeeld.
    Het Waddenfonds legt aan aanvragers de verplichting op om in publicitaire uitingen te vermelden dat de
    gesubsidieerde activiteit mede mogelijk is gemaakt met subsidie van het Waddenfonds.
    2.6 Conditioneel kader (vergunbaarheid e.d., obstakelvrij);
    Beschrijf hier of er vergunningen e.d. benodigd zijn en zo ja, of deze al is/zijn aangevraagd en/of verleend.
    2.7 Omgaan met wijzigingen;
    -- 2 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    3
    Het Waddenfonds hanteert de voorwaarde dat u wijzigingen in projecten na de subsidieverlening moet
    melden. Ook andere betrokken partijen zullen geïnformeerd willen worden over voortgang en eventuele
    wijzigingen in het project. Neem in uw projectplan op hoe u verwacht om te gaan met eventuele wijzigingen in
    het project en hoe u het Waddenfonds (en andere betrokkenen c.q. financiers) daar tijdig bij wilt betrekken.
    Voor het melden van wijzigingen dient u altijd gebruik te maken van het formulier
    voortgangsrapportage/wijzigingsverzoek van het Waddenfonds.
    3. RISICOANALYSE
    Beschrijf de uitvoeringsrisico’s voor uw project en de mogelijke gevolgen en beheersmaatregelen. De
    risicoanalyse geeft minimaal inzicht in de risico’s en mogelijke maatregelen op het vlak van:
    3.1 Politiek, bestuur en maatschappij;
    3.2 Beleid en economie;
    O3.3Inhoud en techniek;
    O3.4Juridisch en wettelijk;
    O3.5Projectrisico’s: vergunningen, organisatie, financieel, planning, tijd.
    4. BEGROTING EN FINANCIERING
    4.1 Begroting
    Geef een gecomprimeerd overzicht van de begroting naar de subsidiabele activiteiten en geef hier een korte
    toelichting op.
    Voeg naast de gecomprimeerde versie van de begroting in dit projectplan een gedetailleerde versie van de
    begroting en het dekkingsplan als bijlage bij de aanvraag (zie het “format begroting” voor de vormvereisten of
    neem contact op met het Waddenfonds). Geef naast de totale begrote kosten per activiteit ook een
    uitgavenplanning per jaar weer.
    Majeure projecten
    Bij majeure projecten wordt verwacht dat de begroting ten minste de eerste twee jaar op detailniveau is
    uitgewerkt. De jaren daarna hoeven minder gedetailleerd te zijn uitgewerkt, maar de activiteiten moeten wel
    zijn opgenomen in de begroting en inhoudelijk zijn omschreven in het projectplan.
    Thematische projecten
    Bij aanvragen in het kader van een thematische openstelling dient de begroting voor de gehele projectperiode
    op activiteitenniveau volledig te zijn uitgewerkt.
    4.2 Financiering/dekkingsplan/uitgavenplanning
    Geef een overzicht van de financiering weer. Het dekkingsplan van uw project dient sluitend te zijn met de
    begroting. Licht de hardheid van de financiering toe. Voeg bij uw aanvraag bewijsstukken van de toegezegde
    financiering (aanvragen, beschikkingen of schriftelijke toezeggingen). Het Waddenfonds kan om aanvullende
    onderbouwing van toezeggingen of eigen vermogen vragen tijdens de beoordeling van uw aanvraag.
    -- 3 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    4
    Bijlage 1: Tabel met hoofd- en gespecificeerde doelen van het Uitvoeringskader en
    Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027
    Hoofddoelen Gespecificeerde doelen
    I. Vergroten en versterken van de
    natuur- en landschapswaarden van
    het Waddengebied
    Natuur
    Meer ruimte voor natuurlijke processen, versterken van de
    Waddenzee en de randen van het Wad.
    1. Versterken van de ecologische functies van de
    Waddenzee als de kinder- en kraamkamer,
    voedselbron, rustgebied, broed- en leefgebied functies
    en als schakel in de trekroutes van vogels en vissen;
    2. Versterken habitatdiversiteit: streven naar een
    kwalitatief goede mix van habitattypes van voldoende
    omvang en dichtheid en niet te ver van elkaar
    verwijderd;
    3. Versterken van de Waddenzee door realiseren van
    meer Wadachtige milieus en brakwatergebieden
    binnendijks en door het versterken van de relaties met
    de Noordzeekustzone, het Deense en het Duitse Wad;
    4. Meer geleidelijke zoet-zout overgangen;
    5. Behoud en versterking van de natuurlijke
    sedimentatieprocessen en stromingspatronen;
    6. Verbetering natuur Eems-Dollard door meer ruimte te
    bieden voor natuurlijke processen, meer kwelders, zoet-
    zout overgangen, meer zwevende - en bodemalgen en
    gezonde leefgebieden voor vogels en vissen. Gestreefd
    wordt naar een natuurlijk troebele Dollard en daartoe
    dient vanaf 1-1-2023 jaarlijks minimaal een miljoen ton
    slib verwijderd te worden;
    7. Meer dynamiek in de kustverdediging van de
    Waddeneilanden en het kustgebied;
    Versterken en verbeteren onderwaternatuur
    8. Een evenwichtiger voedselweb waarin alle potentiële
    trofische niveaus vertegenwoordigd zijn;
    9. Randvoorwaarden creëren of versterken voor de
    ontwikkeling van onderwaternatuur (plankton, algen,
    zeegras, mossel- en oesterbanken, schaaldieren e.d.);
    10. Vergroten areaal gesloten gebied (bij voorkeur op
    kombergingsniveau) en het stimuleren van natuur- en
    rustherstel daarbinnen);
    11. Verduurzaming mosselzaad invanginstallaties gericht
    op het versterken van de natuurwaarden onderwater;
    12. Afname van menselijke invloed op wadplaten en
    creëren condities voor meegroeien met gecombineerde
    effect van zeespiegelrijzing en bodemdaling;
    Versterken swimway voor vissen en flyway voor vogels
    13. Betere functievervulling van de Waddenzee als hotspot
    in de swim- en /of flyway (uitvoering geven aan
    aanbevelingen van de projecten RBVV2,
    Waddenmozaïek en Swimway);
    14. Versterken habitatdiversiteit;
    15. Vergroten rust en voedselaanbod;
    16. Versterken populaties c.q. lokale dichtheden aan
    trekvissen in het Waddengebied;
    -- 4 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    5
    17. Meer doortrek- en paaigebieden in het achterland voor
    vis alleen als onderdeel van dijkversterkingsprojecten;
    18. Aanleg of verbetering van (binnendijkse en
    buitendijkse) predatiebestendige vogelbroedgebieden
    en hoogwatervluchtplaatsen in de Waddenzee voor
    wadvogels;
    19. Kennisontwikkeling en monitoring ecologische
    schakelfunctie Waddenzee;
    Vergroten biodiversiteit kustgebied en op de
    Waddeneilanden
    20. Vergroten van de biodiversiteit op de eilanden en in het
    kustgebied die passen bij kenmerkende
    landschapstypen van het Waddengebied
    Werelderfgoed, cultuurhistorie en landschap
    21. Behouden en versterken van voor het Waddengebied
    typische cultuurhistorische- en landschappelijke
    elementen;
    22. Toevoegen van toekomstbestendige functies aan
    cultuurhistorisch erfgoed van het Waddengebied;
    23. Behouden en versterken van kernwaarden
    Waddengebied;
    II. Verminderen of wegnemen van externe
    bedreigingen van de natuurlijke rijkdom van de
    Waddenzee
    Bodem, water, licht en geluid
    24. Verbeteren waterkwaliteit door reductie en voorkomen
    van verontreinigingen in de Waddenzee;
    25. Minder en anders baggeren (met inzet van nieuwe
    technieken);
    26. Meer licht en zuurstof in waterkolom en op bodem (door
    verminderen en/of voorkomen negatieve effecten
    baggeren en andere vormen van bodemverstoring);
    27. Voorkomen en vermindering negatieve effecten
    zandsuppleties;
    28. Ontwikkelen en toepassen van nieuwe nuttige
    toepassingen van slib en bagger;
    29. Verminderen verstoring licht, geluid en rust van diverse
    bronnen in het Waddengebied;
    30. Slim benutten en het vasthouden van zoet water;
    III. Duurzame economische ontwikkeling in het
    Waddengebied, dan wel gericht zijn op een
    substantiële transitie naar een duurzame
    energiehuishouding in het Waddengebied en
    direct aangrenzende gebieden
    Duurzame recreatie en duurzaam toerisme
    31. Versterken toeristisch aanbod in de vorm van meer
    belevingsmogelijkheden, attracties en arrangementen
    gebaseerd op de kernwaarden en passend binnen de
    verhaallijnen van Programma VisitWadden;
    32. Verduurzamen recreatief-toeristisch aanbod;
    33. Verduurzamen van het toeristisch vervoer;
    34. Versterken gastheerschap en bewustwording
    Werelderfgoed Waddenzee;
    Duurzame energiehuishouding
    35. Bevorderen van de energie- en warmtevoorziening met
    hernieuwbare bronnen door stimuleren van innovaties
    om energie op te slaan, warmtenetten of collectieve
    warmtepompen te ontwikkelen en bevorderen van
    -- 5 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    6
    innovaties met betrekking tot groen gas, smart grids
    e.d. die nog niet marktrijp zijn (TRL-fases 5-8);
    36. Bevorderen van technieken die de productie,
    opschaling en benutting van groene waterstof voor
    vergroening van de mobiliteit vanuit de havens en de
    industrie mogelijk maken;
    37. Optimaal afstemmen van vraag en aanbod van energie
    (groen gas, elektriciteit en warmte) door
    dorpen/energiecoöperaties, in combinatie met behoud
    en versterking van de kernwaarden;
    38. Zelfvoorzienende eilanden voor energie (elektriciteit,
    gas en warmte) op basis van duurzaam opgewekte
    brandstoffen conform het “Visiedocument duurzame
    Waddeneilanden”, waarbij het Waddenfonds projecten
    wil ondersteunen die eraan bijdragen om deze ambitie
    in 2026 te realiseren;
    39. Versneld ontwikkelen en opschalen van technieken die
    elektriciteit uit water van de Waddenzee en de
    Noordzeekustzone van de eilanden (o.a.
    energiewinning uit getijde, golfslag en osmose)
    produceren, ook als economische kans voor het
    Waddengebied;
    40. Energie uit water combineren met reductie
    zandsuppleties, vooroeverwerking, mariene aquateelten
    en/of andere vormen van bij de natuurwaarden van de
    Waddenzee passend medegebruik;
    41. Stimuleren verduurzaming van energievoorziening in
    bestaande woningbouw in bebouwde omgeving in
    combinatie met energiebesparing en behoud en
    versterking van cultuurhistorische kwaliteiten van de
    bebouwde omgeving via innovatieve (pilot)projecten;
    42. Stimuleren fossielvrij maken van energievoorziening in
    de economische sectoren in combinatie met behoud en
    versterking van cultuurhistorische en landschappelijke
    kwaliteiten via innovatieve (pilot)projecten;
    Duurzame waddenhavens
    43. Reduceren emissies NOx, CO2, So2, fijnstof, geluid en
    licht en reduceren warmtelozingen naar water en lucht;
    44. Stimuleren nuttig hergebruik afvalstoffen en beperken
    grondstofgebruik;
    45. Meer voor het Waddengebied kenmerkende natuur in
    de havens, ook voor de kleinere havens Met
    biodiversiteit wordt hier bedoeld onderwaternatuur maar
    ook bijvoorbeeld stroken op industrieterreinen (haven)
    of tijdelijke natuur op braakliggend terrein;
    46. Verminderen belasting natuur Waddenzee vanuit de
    havens en havengebonden activiteiten ;
    47. Bij fysieke ruimtelijke uitbreiding uitvoering op een wijze
    die een plus oplevert voor de natuur (building with
    nature);
    48. Verduurzaming logistieke en industriële processen/
    industrie in/bij havens (o.a. innovatieve projecten
    biobased, aquaculturen, (rest)stromen nuttig
    toepassen);
    49. Vergroenen en verduurzamen mobiliteit vanuit de
    havens en op de Waddenzee op basis van groene
    brandstoffen en voortstuwingstechnieken;
    -- 6 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Waddenfonds
    7
    Duurzame landbouw
    50. Het bevorderen van een duurzame landbouw die
    voorbereid is op toenemende verziltende
    omstandigheden, droogte en extremere regenval;
    51. Verminderen van de emissies uit de landbouw die de
    ecologische kwaliteit van het Waddengebied en de
    Waddenzee verminderen (de Waddenzee via Thema:
    Externe bedreigingen) En verminderen van emissies uit
    de landbouw op kwetsbare natuurgebieden op de
    eilanden en in het kustgebied;
    52. Een landbouw die bijdraagt aan Waddenspecifieke
    biodiversiteit;
    53. Een kringlooplandbouw met benutten van bij voorkeur
    Waddenspecifieke reststromen (slib, algen en wieren,
    etc.);
    Duurzame visserij
    54. Flexibele wadvisserij(keten) die inspeelt op de
    seizoenseffecten van de Waddenzee en die past
    binnen de ecologische functies, ontwikkelingen en
    waarden van de Waddenzee;
    55. Verminderen van de ecologische impact van visserij op
    de Waddenzee;
    56. Opwaarderen en/of circulair benutten van (bij)producten
    en/of reststromen;
    57. Bevorderen van aquaculturen op land in kustzone met
    het oogmerk de ecologische druk in de Waddenzee te
    verminderen en/of de ecologische omstandigheden te
    verbeteren;
    58. Verduurzaming bodemmosselzaadvisserij en/of
    mosselzaadinvanginstallaties;
    IV. Het ontwikkelen van een duurzame
    kennishuishouding ten aanzien van het
    Waddengebied. De verantwoordelijkheid van
    de kennishuishouding is inmiddels
    ondergebracht bij het Bestuurlijk Overleg
    Waddengebied. Evaluatie hiervan is een
    verantwoordelijkheid van het BO
    Waddengebied. De hier genoemde
    gespecificeerde doelen zijn daarom niet
    uitgewerkt tot outcome-indicatoren.
    Duurzame kennishuishouding
    59. Entameren van en coördinatie in kennisontwikkeling en
    -inzet kennisinstellingen, en het bepalen van prioritaire
    kennisvragen;
    60. Ontsluiten en toepassen kennis voor beleid en beheer;
    61. Coördineren, integreren en rapporteren
    monitoringprogramma's;
    62. Actieve verspreiding kennis over Waddengebied;
    63. Invulling geven aan ontbrekende schakels in de
    monitoringssystematiek van het Waddenfonds.
    -- 7 of 20 --
    Format projectplan
    Model projectplan voor thematische en majeure aanvragen Wadde
    
    […tekst ingekort]
  • Werkbestand-FRM-Formulier-aanvraag-2026-STUW-v2.pdf · 9 pag.
    Toon documenttekst
    Ruiterskwartier 121A
    8911 BS Leeuwarden
    T (058) 233 90 20
    info@waddenfonds.nl
    www.waddenfonds.nl
    Het Waddenfonds is een gemeenschappelijke regeling van de Waddenprovincies Noord-Holland, Fryslân en Groningen. Het fonds
    investeert in initiatieven en projecten die de ecologie en duurzame economische ontwikkeling van het Waddengebied verwerken.
    AANVRAAGFORMULIER WADDENFONDS
    Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01 (Stuw ’26 )
    Versie januari 2026
    Het Waddenfonds gaat zorgvuldig om met uw persoonsgegevens en handelt overeenkomstig de Algemene verordening
    gegevensbescherming. Lees meer hierover in de Privacyverklaring op onze website. Uw aanvraag – en daarmee de hierin
    opgenomen persoonsgegevens – wordt ten behoeve van subsidieverstrekking en archiefdoeleinden gedeeld met de provincie
    Fryslân.
    Projectnaam (kies een logische aanduiding van maximaal vijf woorden)
    De Waddenprovincies willen met thematische openstellingen en subsidieregelingen van het Waddenfonds doelen in het
    Waddengebied bereiken zoals omschreven in het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds. Dit betreft een breed programma
    aan maatregelen. Neem voordat u een aanvraag opstelt contact op met een van onze programmaregisseurs om de mogelijk-
    heden te bespreken en de slagingskans te vergroten.
    Waarvoor doet u een aanvraag?
    Openstellingsperiode Waddenfonds – meer informatie op www.waddenfonds.nl
    Stuw 2026/01 	Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01
    Onderdeel A - Gegevens aanvrager
    1 	Naam van de aanvrager
    2 	Postadres
    3 	Postcode en plaats
    4 	Telefoonnummer
    5 	IBAN
    6 	Naam contactpersoon 	dhr. 	mevr.
    7 	Postadres
    8 	Postcode en plaats
    9 	Telefoonnummer
    10 	E-mailadres
    -- 1 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 2 van 9
    11 	Is de aanvrager een publiekrechtelijke
    of privaatrechtelijke rechtspersoon of
    een onderneming zonder rechts-
    persoonlijkheid?
    Let op!
    Bij de beoordeling van staatssteun
    kunnen publiekrechtelijke rechtspersonen
    als onderneming worden aangemerkt
    (zie onderdeel B3).
    KvK-nr:
    Publiekrechtelijke rechtspersoon
    Privaatrechtelijke
    rechtspersoon, t.w.
    micro onderneming
    kleine onderneming
    middelgrote onderneming
    grote onderneming
    Onderneming zonder rechts-
    persoonlijkheid, t.w.
    eenmanszaak
    vennootschap onder firma
    commanditaire vennootschap
    maatschap
    rederij
    Dit kan van belang zijn voor de
    hoogte van de subsidie wanneer er
    sprake is van staatssteun (zie ook
    onderdelen B3 en C). Zie bijlage
    projectplan.
    12 	Vraagt u als gemachtigde aan namens de
    aanvrager?
    Ja
    Nee
    Voeg een machtiging bij de aanvraag.
    Gebruik hiervoor het beschikbare
    format.
    13 	Bent u penvoerder van een samenwerkings-
    verband dat het project uit zal voeren?
    Ja
    Nee
    Voeg een door alle partijen rechts
    geldig ondertekende samenwerkings
    overeenkomst als bijlage bij de
    aanvraag.
    Zie ook onderdeel E van dit aanvraag
    formulier.
    14 	Indien u bij vraag 13 “Ja” heeft aangevinkt:
    zijn de samenwerkende partij(en) een
    publiekrechtelijke of privaatrechtelijke
    rechtspersoon of een onderneming zonder
    rechtspersoonlijkheid?
    KvK-nr:
    Publiekrechtelijke rechtspersoon
    Privaatrechtelijke
    rechtspersoon, t.w.
    micro onderneming
    kleine onderneming
    middelgrote onderneming
    grote onderneming
    Onderneming zonder rechts-
    persoonlijkheid, t.w.
    eenmanszaak
    vennootschap onder firma
    commanditaire vennootschap
    maatschap
    rederij
    Deze vraag a.u.b. per projectpartner
    beantwoorden.
    Zie ook de bijlage KMO bij Onderdeel
    D en Onderdeel E van dit aanvraag
    formulier.
    15 	Kunt u of 1 van de samenwerkende partijen
    in de samenwerkingsovereenkomst de BTW
    voor dit project verrekenen?
    Via bijvoorbeeld het BTWcompensatiefonds
    of de fiscus.
    Neem bij twijfel contact op met uw
    accountant/fiscalist
    Partij 1:
    Ja
    Nee
    Gedeeltelijk
    Partij 2:
    Ja
    Nee
    Gedeeltelijk
    Partij 3:
    Ja
    Nee
    Gedeeltelijk
    Deze vraag per projectpartner
    beantwoorden
    BTW die u kunt verrekenen is niet
    subsidiabel.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    -- 2 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 3 van 9
    Onderdeel B – Projectgegevens
    B1 Bijdrage aan de thema’s van het Waddenfonds
    1 	Thema’s Waddenfonds
    Onder welke themalijn(en) van de Subsidie-
    regeling thematische uitvoering Wadden-
    fonds (Stuw) 2026/01 valt uw aanvraag?
    In de artikelen 2.1 en 2.2 van Stuw 2026/01
    worden de subsidiabele activiteiten van de
    afzonderlijke themalijnen toegelicht
    Uw project kan aan meerdere themalijnen
    bijdragen. Geef in het projectplan duidelijk
    aan wat de concrete projectresultaten zijn
    (output) en wat het meetbare effect is (out
    come).
    Dit dient ook herkenbaar te zijn in de
    projectbegroting.
    Themalijnen Natuur
    1. Meer ruimte voor natuurlijke processen, versterken van de
    Waddenzee en de randen van het Wad
    2. Versterken en verbeteren onderwaternatuur
    3. Versterken swimway voor vissen en flyway voor vogels
    4. Vergroten biodiversiteit kustgebied en op de Waddeneilanden
    Themalijnen Werelderfgoed, cultuurhistorie en landschap
    5. Versterken en ontwikkelen van de kwaliteit en kernwaarden
    Waddengebied
    6. Meer benutten cultuurhistorie (op niveau van elementen)
    Themalijnen Water, bodem, licht en geluid
    7. Verontreiniging door cumulatie
    8. Verminderen en/of voorkomen negatieve effecten baggeren en
    zandsuppleties en andere vormen van bodemverstoring
    9. Licht en geluid
    10.Zoet water
    Themalijnen Duurzame recreatie en duurzaam toerisme
    11. Toerisme op basis van kernwaarden
    12.Verduurzaming recreatieve sector
    13.Verduurzaming toeristische vervoer
    Themalijnen Duurzame energiehuishouding
    14.Ontwikkelen en/of opschalen van technieken voor de productie van
    groene waterstof
    15.Optimaal afstemmen van vraag en aanbod van energie (groen gas,
    elektriciteit en warmte) door lokale energiecoöperaties in combinatie
    met activiteiten die bijdragen aan behoud en/of versterking van de
    kernwaarden
    16.Stimuleren ontwikkeling en opschalen van technieken voor de
    productie van elektriciteit uit water en/of de integratie van dergelijke
    technieken met versterking van dijken in het kader van het
    Hoogwaterbeschermingsprogramma/Deltaprogramma
    17.Verduurzamen energievoorziening i.c.m. energiebesparing bestaande
    woningbouw in karakteristieke centra van plaatsen
    18.Stimuleren duurzame energiemaatregelen in de economische
    sectoren van het Waddengebied
    Themalijnen Duurzame Waddenhavens
    19.Werelderfgoedwaardige havens
    20.Verduurzaming logistieke en industriële processen
    21.Nuttig hergebruik bagger/slib, CO2 en (afval)stoffen
    Themalijnen Duurzame Landbouw
    22.Klimaatbestendige landbouw
    23.Extensivering landbouw op de eilanden
    24.Kringlooplandbouw
    Themalijnen Duurzame Visserij
    25.Flexibele wadvisserij
    26.Verduurzaming wadvisserij
    27.Circulaire visserij
    28.Aquacultures aan wal
    -- 3 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 4 van 9
    B2 Algemene projectgegevens
    2 	Naam van het project
    3 	Korte samenvatting van het project
    4 	Output- en outcome-indicatoren
    Verwijs hiernaast naar de paragraaf van
    het projectplan waarin deze zijn benoemd.
    5 	Geplande startdatum project 	Houd rekening met vertragingsrisico’s, zoals
    vergunningen en juridische procedures.
    6 	Geplande einddatum project
    7 	Hebben vóór de ontvangstdatum van de vol-
    ledige subsidieaanvraag activiteiten plaats-
    gevonden?
    Ja
    Nee
    Kosten voor deze activiteiten zijn niet subsidiabel.
    Houd hier rekening mee bij de berekening van de
    subsidiabele kosten.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    8 	Reguliere activiteiten
    Behoren de projectactiviteiten tot de
    reguliere activiteiten of verplichtingen van
    de aanvrager?
    Ja
    Nee
    Reguliere activiteiten en verplichtingen op basis van
    wettelijke taken (bijvoorbeeld onderhoud, overheid
    staken, realisatie Natuurnetwerk Nederland natuur
    compensatie enzovoorts) zijn niet subsidiabel.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    9 	Bent u, of 1 van de samenwerkende
    partij(en) in de samenwerkingsovereen-
    komst een aanbestedende dienst of moet
    u van een andere overheid aanbesteden?
    Heeft u hier vragen over, neem dan contact
    op met het Waddenfonds.
    Partij 1:
    Ja
    Nee
    Partij 2:
    Ja
    Nee
    Partij 3:
    Ja
    Nee
    Licht toe welk aanbestedingsbeleid
    voor u van toepassing is. De aan
    bestedingswet en het eigen aan
    bestedingsbeleid dienen te worden
    gevolgd.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    10 	Moet grond worden verworven voor de
    uitvoering van het project?
    Let op! Grondkosten zijn alleen subsidiabel
    in aanvragen die bijdragen aan de hoofddoel
    stelling Natuur en Landschap.
    Ja
    Nee
    Grondkosten zijn subsidiabel als een taxatierapport is
    bijgevoegd (uiterlijk voor aankoop van de grond).
    Boven € 500.000 zijn twee taxaties vereist.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    -- 4 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 5 van 9
    11 	Zijn voor dit project toestemmingen van over-
    heidswege - bijvoorbeeld vergunningen of
    ontheffingen - vereist?
    Let op! De aanvrager is hiervoor zelf
    verantwoordelijk. Denk aan omgevings
    vergunning, watervergunning, vergunning/
    ontheffing Wet Natuurbescherming,
    bestemmingsplanwijziging, et cetera.
    Ja
    Nee
    Om welke toestemmingen gaat het?
    1.
    2.
    3.
    4.
    5.
    12 	Zijn de vereiste toestemmingen tijdig
    beschikbaar, dat wil zeggen bij de
    aanvang van de betreffende activiteiten?
    Ja
    Nee
    N.v.t.
    Is er al contact met de betreffende instanties?
    Houd er rekening mee dat veel vergunning
    aanvragen een lange doorlooptijd hebben.
    Toelichting: (Max. 350 tekens)
    B3 Subsidiekaders uit de Algemene Subsidieverordening Waddenfonds
    13 	Staatssteun
    In bijlage 1 van de Algemene Subsidieverordening Waddenfonds (ASV) 2017 zijn kaders opgenomen, waarbinnen u subsidie
    kunt aanvragen. Het belangrijkste aspect is of er sprake is van staatssteun.
    Let op! Voor de beoordeling van staatssteun geldt dat elke eenheid (dus bijvoorbeeld ook verenigingen of stichtingen) die een
    economische activiteit uitvoert, ongeacht haar rechtsvorm, gezien wordt als onderneming. Neem bij twijfel of vragen contact op
    met het Waddenfonds.
    Het Waddenfonds kan geen sluitende toets aanbieden op basis waarvan vooraf kan worden bepaald of er in een project sprake
    is van staatssteun. Hieronder vindt u de staatssteuncriteria, om een indicatie te geven. De criteria zijn cumulatief. Dat betekent
    dat aan alle punten moet zijn voldaan, anders is er geen sprake van staatssteun.
    Criteria staatssteun
    - er is sprake van staatsmiddelen die aan een onderneming worden verleend;
    - deze staatsmiddelen verschaffen een economisch voordeel dat niet via normale commerciële weg zou zijn verkregen
    (non-marktconformiteit);
    - de maatregel is selectief: het geldt voor één of enkele ondernemingen, een specifieke sector/regio;
    - de maatregel vervalst de mededinging (in potentie) en (dreigt te) leiden tot een ongunstige beïnvloeding van het
    handelsverkeer in de EU.
    Als er wel sprake is van staatssteun, dan moet beoordeeld worden of dit geoorloofde staatssteun is.
    In onderstaande tabel kan worden aangegeven onder welk kader naar uw mening de staatssteun geoorloofd is.
    Licht de keuze uitvoerig toe in een bijlage bij deze aanvraag. Indien u bij vraag A13 heeft aangegeven dat
    deze aanvraag wordt uitgevoerd door een samenwerkingsverband, dan dient u per projectpartner uw staats-
    steunbeoordeling toe te lichten.
    NB: het Waddenfonds toetst uw aanvraag aan de regels voor staatssteun.
    -- 5 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 6 van 9
    Geef aan op basis van welk
    hoofdstuk subsidie wordt
    aangevraagd.
    Voor meer informatie over
    staatssteun check de site van
    www.europadecentraal.nl
    Geen staatssteun
    De-minimis 	Regulier 	Landbouw 	Visserij
    Algemene
    Groepsvrijstellingsverordening
    Kleine en middelgrote ondernemingen
    Onderzoek, ontwikkeling en innovatie
    Milieubescherming
    Cultuur en instandhouding erfgoed
    Multifunctionele recreatieve infrastructuur
    MKB Landbouw-
    vrijstellingsverordening
    Kleine en middelgrote ondernemingen
    Instandhouding cultureel en natuurlijk erfgoed
    Onderzoek en ontwikkeling landbouwsector
    Vrijstellingsverordening Visserij 	Duurzame ontwikkeling visserij
    Duurzame ontwikkeling aquacultuur
    B4 Financiële projectgegevens
    14 	Is deze subsidieaanvraag onderdeel van
    een groter project?
    Ja
    Nee
    Vul hieronder alleen de subsidiabele kosten voor uw
    aanvraag in. In het projectplan wordt de relatie van
    het project binnen het grotere geheel beschreven.
    Daarbij dient tevens te worden toegelicht uit welk(e)
    programma(‘s) de financiering van het gehele project
    afkomstig is.
    15 	Hoe ziet de projectbegroting er in
    hoofdlijnen uit?
    In het projectplan moet u een
    gespecificeerde begroting opnemen.
    Let op! Getallen achter de komma worden
    alleen meegenomen in de optelling als ze
    worden gescheiden met een punt.
    Te onderscheiden kostensoorten 	Bedrag
    €
    €
    €
    €
    €
    €
    Onvoorzien (exclusief BTW en grond, maximaal 7%) 	€
    Niet-verrekenbare BTW 	€
    +
    Totale subsidiabele projectkosten 	€
    16 	Het project wordt gefinancierd door de
    volgende instanties, partners, co-financiers:
    Totaal financiering en totale projectkosten
    moeten gelijk zijn.
    Let op! Bijdragen in natura door derden zijn
    geen kosten en kunnen daarom niet in de
    begroting worden opgenomen.
    Bijdrage Waddenfonds 	% 	€
    % 	€
    % 	€
    % 	€
    % 	€
    % 	€
    +
    Totale projectfinanciering
    100%
    €
    17 	Zijn de bijdragen van alle medefinanciers
    toegezegd?
    Ja
    Nee
    Niet van toepassing
    -- 6 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 7 van 9
    18 	Wilt u voor alle medefinanciers uw antwoord
    op vraag 17 toelichten?
    Het Waddenfonds moet zekerheid hebben
    over de financiële haalbaarheid van het
    project. U dient daarom aan te geven op
    welke wijze alle projectkosten naar verwach
    ting volledig (100%) zullen worden gefinan
    cierd/gedekt. Onderbouw het dekkingsplan.
    Let op! Minimaal 80% van de totale project
    financiering moet hard zijn. Provinciale
    cofinanciering moet zijn aangevraagd op het
    moment van indiening van de subsidieaan
    vraag bij het Waddenfonds. Van subsidie
    aanvragen bij andere overheden of fondsen
    dient u de aanvraag dan wel de toekenning
    van de subsidie bij te voegen. Van bijdragen
    van derden moet u de schriftelijke toezeggin
    gen bijvoegen.
    Indien u zelf garant staat, verzoeken wij u
    aan te tonen dat u hiertoe in staat bent door
    middel van het bijvoegen van een recente
    jaarrekening.
    Overheidsbijdragen 	Aangevraagd 	Toegekend
    Naam financier 1:
    Naam financier 2:
    Naam financier 3:
    Fondsen
    Naam financier 1:
    Naam financier 2:
    Naam financier 3:
    Bijdragen derden
    Naam financier 1:
    Naam financier 2:
    Naam financier 3:
    U staat zelf garant
    Toelichting (Max. 350 tekens):
    -- 7 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 8 van 9
    Onderdeel C – Projectplan en begroting
    De volgende onderdelen zijn verplichte onderdelen van de aanvraag. Zonder deze bijlagen is de aanvraag niet volledig.
    Projectplan 	Let op: Het Waddenfonds heeft een Format projectplan beschikbaar waarin hoofdonderdelen zijn
    genoemd die in ieder geval in het projectplan moeten voorkomen.
    Begroting 	Let op: Deel uw kostenposten in naar projectactiviteiten, zodat ze gedurende de looptijd van het project
    voor planning, output en kosten gebruikt kunnen worden. Vaste onderdelen zijn:
    • projectmanagement;
    • grondkosten;
    • (niet verrekenbare) BTW.
    Wij raden u aan om gebruik te maken van het Format begroting welke u kunt vinden op de site van het
    Waddenfonds.
    Businesscase 	(verplicht voor openstelling Stuw 2026/01 - zie vormvereisten)
    Onderdeel D – Specifieke informatie en bijlagen
    Bijlagen
    Voor de beoordeling van uw aanvraag kan het nodig zijn dat u specifieke informatie of documenten moet aanleveren.
    Dit is afhankelijk van de Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds (Stuw) 2026/01 of van de Algemene Subsidie-
    verordening Waddenfonds (ASV) 2017 die op de gevraagde subsidie van toepassing is, maar kan ook afhankelijk zijn van het
    type activiteiten waarvoor u subsidie aanvraagt. Hieronder kunt u aangeven welke informatie en documenten van toepassing zijn
    en welke informatie u heeft bijgevoegd, dan wel heeft opgenomen in het projectplan.
    Machtiging (wanneer u als gemachtigde aanvraagt - zie vraag A12)
    Samenwerkingsovereenkomst (rechtsgeldig getekend door alle partners! - zie vraag A13)
    Uittreksel KvK / statuten (ter controle van de ondertekening van de aanvraag)
    Bijlage KMO (toelichting op de categorie onderneming die u aankruiste bij vraag A11 en A14)
    Bijlage Staatssteun (zie format Bijlage staatssteun)
    De-minimisverklaring (voor alle projectpartners - zie format projectplan)
    Neem bij twijfel of vragen contact op met het Waddenfonds
    -- 8 of 9 --
    Aanvraagformulier Waddenfonds	pagina 9 van 9
    Onderdeel E – Ondertekening door aanvrager of daartoe gemachtigde
    De aanvrager verklaart:
    a. alle gegevens in het aanvraagformulier en de bijlagen naar waarheid en beste weten te hebben ingevuld en/of verstrekt;
    b. dat de subsidieaanvrager en de samenwerkende partijen die in de samenwerkingsovereenkomst zijn opgenomen niet in
    surseance van betaling of in staat van faillissement verkeren”;
    c. bekend te zijn met en zich te houden aan de voorwaarden en verplichtingen, zoals bepaald in de Algemene Subsidieverordening
    Waddenfonds (ASV) 2017;
    d. zich bereid alle gewenste informatie te verschaffen aan de functionarissen die door de subsidieverstrekkers daartoe zijn
    aangewezen en mee te zullen werken aan controles;
    e. dat de ondertekenaar bevoegd is om te tekenen;
    f. 	dat ten aanzien van de subsidieaanvrager en de samenwerkende partijen die in de samenwerkingsovereenkomst zijn opgenomen,
    geen uitstaand bevel tot terugvordering bestaat volgend op een eerdere beschikking van de Commissie van de Europese
    Gemeenschappen waarin steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard.
    Aandachtspunt
    Hierboven verklaart u bij punt e dat u bevoegd bent om namens uw organisatie deze subsidieaanvraag te ondertekenen.
    Het Waddenfonds zal de rechtsgeldigheid van de aanvraag moeten controleren. Wanneer blijkt dat de aanvraag niet rechtsgeldig
    is ondertekend, kan dit gevolgen hebben voor de subsidietoekenning. Indien niet uit het handelsregister van de Kamer van
    Koophandel blijkt dat u bevoegd bent om te tekenen, voeg dan aanvullende informatie toe waaruit dit wel blijkt (bijvoorbeeld een
    mandaatregister, statuten of een getekende machtiging).
    Aldus naar waarheid ingevuld en ondertekend *):
    Naam en functie:
    Plaats en datum:
    Handtekening
    Medeondertekenaar *):
    Naam en functie:
    Plaats en datum:
    Handtekening
    *) Denkt u eraan bij indiening per email een scan van het ondertekende aanvraagformulier bij te voegen?
    Tot slot: Mocht u vragen hebben of meer willen weten, neem dan contact op met het Waddenfonds via info@waddenfonds.nl.of
    058-2339020. Meer informatie en contactgegevens vindt u op www.waddenfonds.nl
    De subsidieaanvraag kunt u zowel per reguliere post als per e-mail indienen op onderstaande adressen:
    Uitvoeringsorganisatie Waddenfonds
    Huis voor de Wadden, Ruiterskwartier 121A
    8911 BS Leeuwarden
    info@waddenfonds.nl
    -- 9 of 9 --

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling STUW ’26 Voor de Subsidieregeling Thematische Uitvoering Waddenfonds (STUW’26) kunnen tussen maandag 2 maart 2026 (vanaf 10.00 uur) en 11 september 2026 (tot 12.00 uur) subsidieaanvragen worden ingediend. Per subsidieverzoek kan er maximaal € 1 miljoen worden aangevraagd. Het subsidieplafond voor STUW ’26 is € 8.000.000,-. Projecten die in aanmerking komen voor subsidie moeten betrekking hebben op een aantal thema’s van het Waddenfonds. U treft de thema’s aan in het Uitvoeringsprogramma 2024-2027. Natuur Werelderfgoed, cultuurhistorie en landschapsontwikkeling Bodem, water, licht & geluid Verduurzaming energiehuishouding Duurzame recreatie en duurzaam toerisme Duurzame waddenhavens Duurzame visserij Duurzame agrarische sector Uw aanvraag kan zich richten op één afzonderlijk thema, maar het heeft de voorkeur als uw project betrekking heeft op een combinatie van thema’s. De subsidieaanvragen worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst. Neem in uw voorbereiding in ieder geval contact op met één van onze programmaregisseurs. Eerste check Voordat u een subsidieaanvraag indient, adviseren wij u eerst na te gaan of uw projectidee kans maakt op subsidie: Neem de Subsidieregeling STUW 2026-01 door. Controleer op kaart werkingsgebied of uw projectlocatie in het werkingsgebied van het Waddenfonds ligt. Na deze eerste check kunt u contact opnemen met één van de programmaregisseurs om uw projectidee voor te leggen en als dat nodig is een verkennende afspraak te maken. U kunt daarvoor bellen met 058 233 90 20 of mailen naar info@waddenfonds.nl Verdere toetsing Uw aanvraag moet voldoen aan de volgende regelingen en verordeningen van het Waddenfonds. Check zelf of u aan alle voorwaarden voldoet. Uitvoeringsprogramma: De inhoudelijke vereisten en criteria in het openstellingsbesluit vloeien voort uit het Uitvoeringsprogramma van het Waddenfonds. U treft de achtergronden van de vereisten en criteria aan in het Uitvoeringsprogramma 2024-2027. Voor de interpretatie daarvan kan het Uitvoeringsprogramma in de toetsing ook een rol spelen. Subsidieregeling STUW 2026-01: uw aanvraag dient primair te voldoen aan de vereisten in de Subsidieregeling Thematische Uitvoering Waddenfonds 2026-01. Subsidieverordening: Voor subsidie-technische zaken kan het nodig zijn dat uw aanvraag voldoet aan specifieke bepalingen van de vigerende subsidieverordening van het Waddenfonds. Beleidsregels: Tot slot hanteert het Waddenfonds een aantal beleidsregels bij het beoordelen en toekennen van uw aanvraag. Deze vindt u hier: Beleidsregel subsidiabele kosten en Beleidsregel voorbereiding, toezicht en handhaving subsidieverstrekking Waddenfonds en Beleidsregel monitoring . Aanvraag opstellen Als u besluit tot een subsidieaanvraag bij het Waddenfonds, dan dient u daarvoor een rechtsgeldig ondertekend aanvraagformulier in te dienen. Ook moet u een projectplan aanleveren met onder andere een omschrijving van het project, de doelen, de activiteiten, de beoogde effecten (bekijk daarvoor onze webpagina monitoring) en de financieringsopzet (kostenbegroting en dekkingsplan) Aanvraagformulier STUW ’26 Format projectplan Format begroting Format businesscase Bijlage toelichting staatssteun Afhankelijk van uw situatie moet u voor een volledige aanvraag mogelijk ook andere verplichte documenten aanleveren. Kijk daarvoor in het sidemenu onder Volledige Aanvraag. Verzending van uw aanvraag Controleer voor verzending of u het aanvraagformulier, projectplan en andere eventueel verplichte documenten volledig heeft ingevuld en of de documenten getekend zijn door de daartoe bevoegde perso(o)n(en). U kunt uw subsidieaanvraag zowel per post als per mail indienen. Adresgegevens: Uitvoeringsorganisatie Waddenfonds Ruiterskwartier 121A 8911 BS Leeuwarden Email: info@waddenfonds.nl Als u ervoor kiest om uw aanvraag schriftelijk per post in te dienen, dan verzoeken wij u eveneens een digitale versie te sturen naar ons mailadres. Aanvragen die het Waddenfonds eerder ontvangt dan de eerste dag van openstelling, worden niet in behandeling genomen. Procedure na indiening Aanvragen worden door het Waddenfonds beoordeeld op volgorde van binnenkomst. Beoordeling vindt pas plaats als een volledige aanvraag is ingediend en ontvankelijk is verklaard. De beslistermijn op een aanvraag bedraagt 13 weken. De kosten die gemaakt worden voor het project zijn subsidiabel vanaf het moment dat uw aanvraag volledig is. U kunt (wel voor eigen risico) vanaf dat moment starten met uw project. Communicatie Als het Waddenfonds u een subsidie toekent, dan staat in de subsidiebeschikking omschreven aan welke communicatieverplichtingen u moet voldoen. In de toolbox vindt u een handleiding en logomateriaal van het Waddenfonds, die u in kunt zetten in uw communicatie en bij het genereren van publiciteit: Toolbox downloaden Banner cookie toestemming Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Functioneel Functioneel Altijd actief De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk. Voorkeuren Voorkeuren De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd. Statistieken Statistieken De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt. De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Service Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren. Marketing Marketing De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden. Beheer opties Beheer diensten Beheer {vendor_count} leveranciers Lees meer over deze doeleinden Accepteren Weigeren Bekijk voorkeuren Voorkeuren opslaan Bekijk voorkeuren {title} {title} {title} Banner toestemming
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Definities Artikel 1.2 Subsidieverstrekking Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek Artikel 1.4 Aanvraag Artikel 1.5 Kring van aanvragers Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten Artikel 1.8 Vereisten Hoofdstuk 2 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.2 Aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten Hoofdstuk 3 Slotbepaling Artikel 3.1 Citeertitel en inwerkingtreding Ondertekening Toelichting bij subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2024/01 (Stuw ’24) Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR718258 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR718258/3 sluiten Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2024/01 (Stuw ’24) Geldend van 23-11-2024 t/m heden Intitulé Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2024/01 (Stuw ’24) Het dagelijks bestuur van het Waddenfonds, gelet op • artikel 5 van de Gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, • artikel 1.4 van de Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017 • Het Uitvoeringskader Waddenfonds 2021-2027 • Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027 • de Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 (algemene Groepsvrijstellingsverordening) • De Verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 (Landbouwvrijstellingsverordening) • Verordening (EU) 2022/2473 van de Commissie van 14 december 2022 (Visserijvrijstellingsverordening) • Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 (reguliere de-minimisverordening) • Verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 (landbouw de-minimisverordening) • Verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 (visserij de-minimisverordening) Besluit de navolgende subsidieregeling vast te stellen Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Definities Pilot: Een kennisproject met een ‘leren door doen’ karakter waarin praktische kennisvragen worden beantwoord, door middel van het uitvoeren van testen met een voorziene uitrol in het Waddengebied, niet zijnde fundamenteel wetenschappelijk onderzoek; Kennisproject: Een planmatig en met elkaar samenhangend geheel van activiteiten gericht op de ontwikkeling van nieuwe kennis door middel van het beantwoorden van relevante kennisvragen die beantwoord moeten worden alvorens over te gaan tot (verdere) fysieke uitvoering van een project. Van belang hierbij is dat er bij het project aantoonbaar zicht is op uitrol. Hierbij moet er bij de uitvoering van het project en tijdens de uitrol, uitvoering, minimaal sprake zijn van de kennisdeling en kennisoverdracht van de opgedane kennis. Uitrol: De aantoonbare verwachting van wat na uitvoering van het kennisproject, tot concrete uitvoering zal worden gebracht op basis van de in het project ontwikkelde kennis. Subsidieverordening: De Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017; TRL-model: Technology Readiness Level-model van NASA, waarin het ontwikkelingsproces van technologische innovaties is verdeeld in negen fases; Uitvoeringsprogramma: Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027, dat als bijlage bij deze subsidieregeling is gevoegd;Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027; VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; Artikel 1.2 Subsidieverstrekking Op subsidieverstrekking is de subsidieverordening van toepassing. Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek 1. Het subsidieplafond bedraagt € 11.000.000,=. 2. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. 3. In het geval door verstrekking van subsidie voor aanvragen als bedoeld in het tweede lid, die dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 1.4 Aanvraag 1. Aanvragen kunnen worden ingediend van woensdag 1 mei 2024 10.00 uur tot vrijdag 31 januari 2025 12.00 uur bij het Waddenfonds (mailto:info@waddenfonds.nl of Ruiterskwartier 121A, 8911 BS Leeuwarden). 2. De subsidieaanvraag omvat ten minste een: a. ondertekend aanvraagformulier volgens het vastgestelde format van het Waddenfonds; b. projectplan; c. begroting en financieringsplan; d. exploitatieplan en/of businesscase. en indien van toepassing een: e. getekende samenwerkingsovereenkomst; f. getekende machtiging. Artikel 1.5 Kring van aanvragers Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking: a. publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van Rijk(sdiensten) en provincies; b. privaatrechtelijke rechtspersonen; c. ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid. en indien sprake is van een samenwerkingsverband: d. de penvoerder van een samenwerkingsverband waaraan uitsluitend onder a, b of c genoemde partijen deelnemen. Hiervan kan worden afgeweken wanneer een provincie, het Rijk of een Rijksdienst als samenwerkende partner deelneemt in het samenwerkingsverband maar geen activiteiten verricht waarvoor subsidiabele kosten in het project worden gemaakt. Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie 1. De subsidie voor activiteiten die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt nooit meer dan 90% van de subsidiabele kosten, met dien verstande dat de subsidie in ieder geval niet meer kan bedragen dan op grond van andere regelgeving mogelijk is, voor zover dit minder dan 90% van de subsidiabele kosten is. 2. Het subsidiepercentage of subsidiebedrag wordt in ieder geval naar beneden bijgesteld indien: a. er sprake is van overfinanciering; b. subsidie het tekort op de onrendabele top overstijgt. 3. De subsidie bedraagt ten hoogste € 1.000.000,=. Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten 1. Onverminderd artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt geen subsidie verstrekt voor: a. restauratie of instandhouding van bouwwerken, landschapselementen en structuren; b. fysieke aanpassingen aan bouwwerken, landschapselementen en structuren indien deze fysieke aanpassingen niet noodzakelijk zijn om activiteiten te gaan uitvoeren die bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds; c. reguliere investeringen, reguliere beheer- en onderhoudswerken en het voldoen aan wettelijke voorschriften; d. de aanschaf en plaatsing van rendabele energiemaatregelen, waaronder in ieder geval zonnepanelen en individuele warmtepompen; e. windmolens hoger dan 15 meter. 2. In afwijking van lid 1 onder a en b geldt dat voor cultuurhistorische bouwwerken, -landschapselementen en -structuren die provinciaal of gemeentelijk als monumentaal zijn aangewezen of als zodanig kunnen worden beschouwd, wel subsidie kan worden verstrekt voor: – restauratie of instandhouding of – fysieke aanpassingen, wanneer deze fysieke aanpassingen ertoe bijdragen dat het betreffende gebouw, het landschap of de structuur toekomstbestendig in stand kan worden gehouden. In dit geval zijn alleen subsidiabel de bijkomende kosten voor fysieke aanpassingen die nodig zijn om een nieuwe activiteit te realiseren in het bouwwerk, landschap of de structuur. 3. Onverminderd artikel 1.7 van de subsidieverordening komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: – kosten voor evenementen; – kosten voor websites; – kosten voor filmmateriaal; – kosten voor andere informatievoorziening; – marketing- en haalbaarheidsstudies. voor zover het subsidiebedrag ter zake van deze kosten tezamen meer bedraagt dan 10% van het maximale subsidiebedrag. Hierbij geldt dat het maximale subsidiebedrag ter zake van deze kosten tezamen maximaal € 50.000,= bedraagt. 4. Onverminderd artikel 1.7 van de subsidieverordening zijn kosten voor wetenschappelijk onderzoek niet subsidiabel voor zover deze meer dan 10 % van subsidiabele kosten bedragen. Deze grens geldt niet voor kosten voor praktijkgericht onderzoek of wetenschappelijke begeleiding daarvan. Artikel 1.8 Vereisten 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt om voor subsidie in aanmerking te komen voldaan aan de volgende vereisten: a. het project heeft ten minste een bovenlokaal effect; b. het project heeft een eigenstandig karakter; c. Het project moet duurzaam zijn; d. de subsidiabele kosten bedragen € 200.000,= of meer; en ingeval de aanvraag een of meer onderstaande elementen bevat, zal ook aan de bij die elementen genoemde vereisten moeten worden voldaan: e. te ontwikkelen of te herstellen landschapselementen zijn onderdeel van cultuurhistorisch waardevolle patronen en structuren; f. de activiteiten van technologische (pilot)projecten bevinden zich in de Technology Readiness Levels (TRL’s) 5 tot en met 8. Hoofdstuk 2 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten Subsidiabel zijn activiteiten die, onverminderd de overige vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen, passen binnen de volgende thema’s en themalijnen uit hoofdstuk 1 van het Uitvoeringsprogramma en zoals die nader zijn omschreven in hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsprogramma. De activiteiten moeten daarmee in overwegende mate bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds en de gespecificeerde doelen bij de betreffende thema’s en themalijnen. Artikel 2.2 Aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten In aanvulling op artikel 2.1 geldt: a. voor het thema Natuur dat – aanvragers dienen aan te tonen dat ze voortborduren op de (tussentijdse) resultaten van de eerder binnen dit thema door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten en/of dat ze meerwaarde c.q. toegevoegde waarde hebben ten opzichte van de reeds door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten; – maatregelen die doortrekgebieden voor trekvissen ontsluiten of die paai- en/of opgroeigebieden realiseren, subsidieert het Waddenfonds uitsluitend als dergelijke maatregelen onderdeel zijn van een integraal gebiedsontwikkelingsproject in het kustgebied. b. voor het thema Water, Bodem, Licht en Geluid dat – voor de themalijn ‘Verontreiniging door cumulatie’ activiteiten in het kader van bewustwording slechts een beperkt onderdeel uit kunnen maken als onderdeel van pilots of projecten; – voor de themalijn ‘Verminderen en/of voorkomen negatieve effecten baggeren en zandsuppleties en andere vormen van bodemverstoring’, de projecten en pilots met als doel het ontwikkelen van nieuwe nuttige toepassingen van slib, aanvullend dienen te zijn op reeds lopende projecten ten opzichte van de reeds door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten – in het kader van de themalijn ‘Zoet water’ activiteiten voor het vasthouden van zoet water in de landbouw vallen onder het thema “duurzame agrarische sector”Duurzame landbouw” en dan ook bij moeten dragen aan de doelen van die themalijn. c. voor het thema Duurzame Energiehuishouding dat – als projecten leiden tot reductie van emissies van CO2, NOx en fijnstof, deze alleen subsidiabel zijn als dergelijke emissies verder gaan dan de wettelijk of in beleidskaders vastgelegde emissiereductie doelstellingen of die substantieel versneld realiseren. – projecten gericht op nieuwe technieken van productie van duurzame elektriciteit uit zeewater (nieuw in vergelijking met Slowmill, Seaqurrent en Redstack) aantonen dat ze voortborduren op de (tussentijdse) resultaten van de eerder door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten en/of dat ze meerwaarde c.q. toegevoegde waarde hebben ten opzichte van de reeds door het Wadden
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 definities Artikel 1.2 subsidieverstrekking Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek Artikel 1.4 Aanvraag Artikel 1.5 Kring van aanvragers Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten Artikel 1.8 Vereisten Hoofdstuk 2 subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 subsidiabele activiteiten Artikel 2.2 aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten Hoofdstuk 3 Slotbepaling Artikel 3.1 Citeertitel en inwerkingtreding Ondertekening Toelichting bij subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2025/01 (Stuw ’25) Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR735392 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR735392/2 sluiten Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2025/01 (Stuw ’25) Geldend van 25-07-2025 t/m heden Intitulé Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2025/01 (Stuw ’25) Het dagelijks bestuur van het Waddenfonds, gelet op • artikel 5 van de Gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, • artikel 1.4 van de Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017 • Het Uitvoeringskader Waddenfonds 2021-2027 • Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027 • de Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 (algemene Groepsvrijstellingsverordening) • De Verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 (Landbouwvrijstellingsverordening) • Verordening (EU) 2022/2473 van de Commissie van 14 december 2022 (Visserijvrijstellingsverordening) • Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 (reguliere de-minimisverordening) • Verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 (landbouw de-minimisverordening) • Verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 (visserij de-minimisverordening) Besluit de navolgende subsidieregeling vast te stellen Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 definities Pilot: Een kennisproject met een ‘leren door doen’ karakter waarin praktische kennisvragen worden beantwoord, door middel van het uitvoeren van testen met een voorziene uitrol in het Waddengebied, niet zijnde fundamenteel wetenschappelijk onderzoek; Kennisproject: Een planmatig en met elkaar samenhangend geheel van activiteiten gericht op de ontwikkeling van nieuwe kennis door middel van het beantwoorden van relevante kennisvragen die beantwoord moeten worden alvorens over te gaan tot (verdere) fysieke uitvoering van een project. Van belang hierbij is dat er bij het project aantoonbaar zicht is op uitrol. Hierbij moet er bij de uitvoering van het project en tijdens de uitrol, minimaal sprake zijn van de kennisdeling en kennisoverdracht van de opgedane kennis. Uitrol: De aantoonbare verwachting van wat na uitvoering van het kennisproject, tot concrete uitvoering zal worden gebracht op basis van de in het project ontwikkelde kennis. Subsidieverordening: De Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017; TRL-model: Technology Readiness Level-model van NASA, waarin het ontwikkelingsproces van technologische innovaties is verdeeld in negen fases; Uitvoeringsprogramma: Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027, dat als bijlage bij deze subsidieregeling is gevoegd; VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; Artikel 1.2 subsidieverstrekking Op subsidieverstrekking is de subsidieverordening van toepassing. Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek 1. Het subsidieplafond bedraagt € 12.000.000,=. 2. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. 3. In het geval door verstrekking van subsidie voor aanvragen als bedoeld in het tweede lid, die dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 1.4 Aanvraag 1. Aanvragen kunnen worden ingediend van maandag 3 maart 2025 10.00 uur tot dinsdag 2 december 2025 12.00 uur bij het Waddenfonds (mailto:info@waddenfonds.nl of Ruiterskwartier 121A, 8911 BS Leeuwarden). 2. De subsidieaanvraag omvat ten minste een: a. ondertekend aanvraagformulier volgens het vastgestelde format van het Waddenfonds; b. projectplan; c. begroting en financieringsplan; d. exploitatieplan en/of businesscase. en indien van toepassing een: e. getekende samenwerkingsovereenkomst; f. getekende machtiging. Artikel 1.5 Kring van aanvragers Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking: a. publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van Rijk(sdiensten) en provincies; b. privaatrechtelijke rechtspersonen; c. ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid. en indien sprake is van een samenwerkingsverband: d. de penvoerder van een samenwerkingsverband waaraan uitsluitend onder a, b of c genoemde partijen deelnemen. Hiervan kan worden afgeweken wanneer een provincie, het Rijk of een Rijksdienst als samenwerkende partner deelneemt in het samenwerkingsverband maar geen activiteiten verricht waarvoor subsidiabele kosten in het project worden gemaakt. Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie 1. De subsidie voor activiteiten die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt nooit meer dan 90% van de subsidiabele kosten, met dien verstande dat de subsidie in ieder geval niet meer kan bedragen dan op grond van andere regelgeving mogelijk is, voor zover dit minder dan 90% van de subsidiabele kosten is. 2. Het subsidiepercentage of subsidiebedrag wordt in ieder geval naar beneden bijgesteld indien: a. er sprake is van overfinanciering; b. subsidie het tekort op de onrendabele top overstijgt. 3. De subsidie bedraagt ten hoogste € 1.000.000,=. Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten 1. Onverminderd artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt geen subsidie verstrekt voor: a. restauratie of instandhouding van bouwwerken, landschapselementen en structuren; b. fysieke aanpassingen aan bouwwerken, landschapselementen en structuren indien deze fysieke aanpassingen niet noodzakelijk zijn om activiteiten te gaan uitvoeren die bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds; c. reguliere investeringen, reguliere beheer- en onderhoudswerken en het voldoen aan wettelijke voorschriften; d. de aanschaf en plaatsing van rendabele energiemaatregelen, waaronder in ieder geval zonnepanelen en individuele warmtepompen; e. windmolens hoger dan 15 meter. 2. In afwijking van lid 1 onder a en b geldt dat voor cultuurhistorische bouwwerken, -landschapselementen en -structuren die provinciaal of gemeentelijk als monumentaal zijn aangewezen of als zodanig kunnen worden beschouwd, wel subsidie kan worden verstrekt voor: - restauratie of instandhouding of - fysieke aanpassingen, wanneer deze fysieke aanpassingen ertoe bijdragen dat het betreffende gebouw, het landschap of de structuur toekomstbestendig in stand kan worden gehouden. In dit geval zijn alleen subsidiabel de bijkomende kosten voor fysieke aanpassingen die nodig zijn om een nieuwe activiteit te realiseren in het bouwwerk, landschap of de structuur. 3. Onverminderd artikel 1.7 van de subsidieverordening komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: - kosten voor evenementen; - kosten voor websites; - kosten voor filmmateriaal; - kosten voor andere informatievoorziening; - marketing- en haalbaarheidsstudies voor zover het subsidiebedrag ter zake van deze kosten tezamen meer bedraagt dan 10% van het maximale subsidiebedrag. Hierbij geldt dat het maximale subsidiebedrag ter zake van deze kosten tezamen maximaal € 50.000,= bedraagt. 4. Onverminderd artikel 1.7 van de subsidieverordening zijn kosten voor wetenschappelijk onderzoek niet subsidiabel voor zover deze meer dan 10 % van subsidiabele kosten bedragen. Deze grens geldt niet voor kosten voor praktijkgericht onderzoek of wetenschappelijke begeleiding daarvan. Artikel 1.8 Vereisten 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt om voor subsidie in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten: a. het project heeft ten minste een bovenlokaal effect; b. het project heeft een eigenstandig karakter; c. Het project moet duurzaam zijn; d. de subsidiabele kosten bedragen € 200.000,= of meer; en ingeval de aanvraag een of meer onderstaande elementen bevat, zal ook aan de bij die elementen genoemde vereisten moeten worden voldaan: e. te ontwikkelen of te herstellen landschapselementen zijn onderdeel van cultuurhistorisch waardevolle patronen en structuren; f. de activiteiten van technologische (pilot)projecten bevinden zich in de Technology Readiness Levels (TRL’s) 5 tot en met 8. Hoofdstuk 2 subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 subsidiabele activiteiten Subsidiabel zijn activiteiten die, onverminderd de overige vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen, passen binnen de volgende thema’s en themalijnen uit hoofdstuk 1 van het Uitvoeringsprogramma en zoals die nader zijn omschreven in hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsprogramma. De activiteiten moeten daarmee in overwegende mate bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds en de gespecificeerde doelen bij de betreffende thema’s en themalijnen. Artikel 2.2 aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten In aanvulling op artikel 2.1 geldt: a. voor het thema Natuur dat - aanvragers dienen aan te tonen dat ze voortborduren op de (tussentijdse) resultaten van de eerder binnen dit thema door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten en/of dat ze meerwaarde c.q. toegevoegde waarde hebben ten opzichte van de reeds door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten; - maatregelen die doortrekgebieden voor trekvissen ontsluiten of die paai- en/of opgroeigebieden realiseren, subsidieert het Waddenfonds uitsluitend als dergelijke maatregelen onderdeel zijn van een integraal gebiedsontwikkelingsproject in het kustgebied. b. voor het thema Water, Bodem, Licht en Geluid dat - voor de themalijn “verontreiniging door cumulatie” dat activiteiten in het kader van bewustwording slechts een beperkt onderdeel uit kunnen maken als onderdeel van pilots of projecten; - voor de themalijn “verontreiniging door cumulatie” projecten (inhoudelijk) moeten aansluiten op, aanvullend moeten zijn of moeten voortkomen op/ uit het Programma “Wad gaat om”; - voor de themalijn “verminderen en/of voorkomen negatieve effecten baggeren en zandsuppleties en andere vormen van bodemverstoring” de projecten en pilots met als doel het ontwikkelen van nieuwe nuttige toepassingen van slib, aanvullend dienen te zijn op reeds lopende projecten ten opzichte van de reeds door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten; - activiteiten voor het vasthouden van zoet water in de landbouw vallen onder het thema “duurzame agrarische sector”, zodat deze bij moeten dragen aan de doelen van die themalijn. c. voor het thema Duurzame Energiehuishouding dat - als projecten leiden tot reductie van emissies van CO2, NOx en fijnstof, deze alleen subsidiabel zijn als dergelijke emissies verder gaan dan de wettelijk of in beleidskaders vastgelegde emissiereductie doelstellingen of die substantieel versneld realiseren; - projecten gericht op nieuwe technieken van productie van duurzame elektriciteit uit zeewater (nieuw in vergelijking met Slowmill, Seaqurrent en Redstack) aantonen dat ze voortborduren op de (tussentijdse) resultaten van de eerder door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten en/of dat ze meerwaarde c.q. t
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 definities Artikel 1.2 subsidieverstrekking Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek Artikel 1.4 Aanvraag Artikel 1.5 Kring van aanvragers Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten Artikel 1.8 Vereisten Hoofdstuk 2 subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 subsidiabele activiteiten Artikel 2.2 aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten Hoofdstuk 3 Slotbepaling Artikel 3.1 Citeertitel en inwerkingtreding Ondertekening Toelichting bij subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01 (Stuw ’26) Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR754328 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR754328/2 sluiten Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01 (Stuw ’26) Geldend van 03-07-2026 t/m heden Intitulé Subsidieregeling thematische uitvoering Waddenfonds 2026/01 (Stuw ’26) Het dagelijks bestuur van het Waddenfonds, gelet op • artikel 5 van de Gemeenschappelijke regeling Waddenfonds, • artikel 1.4 van de Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017 • het Uitvoeringskader Waddenfonds 2021-2027 • het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027 • de Verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 (algemene Groepsvrijstellingsverordening) • de Verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 (Landbouwvrijstellingsverordening) • de Verordening (EU) 2022/2473 van de Commissie van 14 december 2022 (Visserijvrijstellingsverordening) • de Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 (reguliere de-minimisverordening) • de Verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 (landbouw de-minimisverordening) • de Verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 (visserij de-minimisverordening) Besluit de navolgende subsidieregeling vast te stellen Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 definities Kennisproject: Een planmatig en met elkaar samenhangend geheel van activiteiten, gericht op de ontwikkeling van nieuwe kennis door middel van ‘leren door doen’. Deze kennis wordt ontwikkeld door het beantwoorden van relevante kennisvragen die eerst moeten worden beantwoord, voordat tot (verdere) fysieke uitvoering op basis van de ontwikkelde kennis kan worden overgegaan. Van belang hierbij is dat er bij een kennisproject aantoonbaar zicht is op uitrol in het Waddengebied. Hierbij moet er bij de uitvoering van het project en tijdens de uitrol, minimaal sprake zijn van de kennisdeling en kennisoverdracht van de opgedane kennis. Pilots worden hier eveneens toe gerekend. Pilot: Een kennisproject gericht op een technische innovatie, met een ‘leren door doen’ aanpak waarin praktische kennisvragen worden beantwoord. Dit gebeurt met het oog op een voorziene uitrol in het Waddengebied. Het project is niet gericht op fundamenteel wetenschappelijk onderzoek. Indien er sprake is van een pilot, komen alleen bepaalde fasen van de innovatie in aanmerking voor subsidie. Daarbij wordt gebruik gemaakt van het Technology Readiness Level (TRL)- model om de subsidiabele onderdelen te bepalen Uitrol: De aantoonbare verwachting van wat na uitvoering van het kennisproject, tot concrete uitvoering zal worden gebracht in het Waddengebied op basis van de in het project ontwikkelde kennis. TRL-model: Technology Readiness Level-model van NASA, waarin het ontwikkelingsproces van technologische innovaties is verdeeld in negen fases; Investeringsproject Een initiatief dat gericht is op de aankoop, aanleg of ontwikkeling van duurzame voorzieningen of technologieën. Financiële ondersteuning wordt verstrekt om deze investeringen haalbaar te maken, met als doel structurele impact te faciliteren. Demonstratieproject Een initiatief waarin een nieuwe technologie, methode of oplossing in de praktijk wordt getest en getoond, om aan te tonen dat deze werkt onder realistische omstandigheden. Het doel is om praktische toepasbaarheid, effectiviteit en haalbaarheid van een innovatie te tonen. Subsidieverordening: De Algemene subsidieverordening Waddenfonds 2017; Uitvoeringsprogramma: Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds 2024-2027, dat als bijlage bij deze subsidieregeling is gevoegd; VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie; Artikel 1.2 subsidieverstrekking Op subsidieverstrekking is de subsidieverordening van toepassing. Artikel 1.3 Subsidieplafond en verdeelsystematiek 1. Het subsidieplafond bedraagt € 8.000.000,=. 2. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst. 3. In het geval door verstrekking van subsidie voor aanvragen als bedoeld in het tweede lid, die dezelfde dag zijn ontvangen, het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. Artikel 1.4 Aanvraag 1. Aanvragen kunnen worden ingediend van maandag 2 maart 2026 10.00 uur tot vrijdag 26 maart 2027 12.00 uur bij het Waddenfonds (mailto:info@waddenfonds.nl of Ruiterskwartier 121A, 8911 BS Leeuwarden). 2. De subsidieaanvraag omvat ten minste een: a. ondertekend aanvraagformulier volgens het vastgestelde format van het Waddenfonds; b. projectplan; c. begroting en financieringsplan; d. exploitatieplan en/of businesscase. en indien van toepassing een: e. getekende samenwerkingsovereenkomst; f. getekende machtiging. Artikel 1.5 Kring van aanvragers Voor subsidie komen uitsluitend in aanmerking: a. publiekrechtelijke rechtspersonen, met uitzondering van Rijk(sdiensten) en provincies; b. privaatrechtelijke rechtspersonen; c. ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid. d. de penvoerder van een samenwerkingsverband waaraan uitsluitend onder a, b of c genoemde partijen deelnemen. Hiervan kan worden afgeweken wanneer een provincie, het Rijk of een Rijksdienst als samenwerkende partner deelneemt in het samenwerkingsverband maar geen activiteiten verricht waarvoor subsidiabele kosten in het project worden gemaakt. Artikel 1.6 Hoogte van de subsidie 1. De subsidie voor activiteiten die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt nooit meer dan 90% van de subsidiabele kosten, met dien verstande dat de subsidie in ieder geval niet meer kan bedragen dan op grond van andere regelgeving mogelijk is, voor zover dit minder dan 90% van de subsidiabele kosten is. 2. Het subsidiepercentage of subsidiebedrag wordt in ieder geval naar beneden bijgesteld indien a. er sprake is van overfinanciering.; b. subsidie de onrendabele top overstijgt. 3. De subsidie bedraagt ten hoogste € 1.000.000,=. Artikel 1.7 Niet-subsidiabele activiteiten en kosten 1. Onverminderd artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt geen subsidie verstrekt voor: a. restauratie of instandhouding van bouwwerken, landschapselementen en structuren; b. fysieke aanpassingen aan bouwwerken, landschapselementen en structuren indien deze fysieke aanpassingen niet noodzakelijk zijn om activiteiten te gaan uitvoeren die bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds; c. reguliere investeringen, reguliere beheer- en onderhoudswerken en het voldoen aan wettelijke voorschriften; d. de aanschaf en plaatsing van vergisters en windmolens hoger dan 15 meter. 2. In afwijking van lid 1 onder d, geldt dat vergisters en windmolens lager dan 15 meter die vallen onder TRL-fase 5 tot en met 8 wél in aanmerking kunnen komen voor subsidiëring onder het thema Duurzame Energie. 3. In afwijking van lid 1 onder a en b, geldt dat voor cultuurhistorische bouwwerken, -landschapselementen en -structuren die provinciaal of gemeentelijk als monumentaal zijn aangewezen of als zodanig kunnen worden beschouwd, wel subsidie kan worden verstrekt voor: - restauratie of instandhouding of - fysieke aanpassingen, wanneer deze fysieke aanpassingen ertoe bijdragen dat het betreffende gebouw, het landschap of de structuur toekomstbestendig in stand kan worden gehouden. In dit geval zijn alleen subsidiabel de bijkomende kosten voor fysieke aanpassingen die nodig zijn om een nieuwe activiteit te realiseren in het bouwwerk, landschap of de structuur. 4. Onverminderd artikel 1.7 van de subsidieverordening komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: - kosten voor evenementen; - kosten voor websites; - kosten voor filmmateriaal; - kosten voor andere informatievoorziening; - marketing- en haalbaarheidsstudies voor zover het subsidiebedrag van deze kosten bij elkaar meer bedraagt dan 10% van het maximale subsidiebedrag. Het maximale subsidiebedrag ter zake van deze kosten mag bij elkaar maximaal € 50.000,= zijn. Kosten voor fundamenteel wetenschappelijk onderzoek mogen maximaal 10% van de subsidiabele kosten bedragen. Een uitzondering hierop geldt voor praktijkgericht onderzoek en de wetenschappelijke begeleiding daarvan. Artikel 1.8 Vereisten 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 2.6 van de subsidieverordening wordt om voor subsidie in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten: a. het project heeft ten minste een bovenlokaal effect; b. het project heeft een eigenstandig karakter; c. Het project moet duurzaam zijn; d. de subsidiabele kosten bedragen € 200.000,= of meer; en ingeval de aanvraag een of meer onderstaande elementen bevat, zal ook aan de bij die elementen genoemde vereisten moeten worden voldaan: e. te ontwikkelen of te herstellen landschapselementen zijn onderdeel van cultuurhistorisch waardevolle patronen en structuren; f. de activiteiten van technologische (pilot)projecten bevinden zich in de Technology Readiness Levels (TRL’s) 5 tot en met 8. Hoofdstuk 2 subsidiabele activiteiten Artikel 2.1 subsidiabele activiteiten Subsidiabel zijn activiteiten die, onverminderd de overige vereisten om voor subsidie in aanmerking te komen, passen binnen de volgende thema’s en themalijnen met uitzondering van thema 6 Duurzame kennishuishouding uit hoofdstuk 1 van het Uitvoeringsprogramma en zoals die nader zijn omschreven in hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsprogramma De activiteiten moeten daarmee in overwegende mate bijdragen aan de doelen van het Waddenfonds en de gespecificeerde doelen bij de betreffende thema’s en themalijnen. Artikel 2.2 aanvullende bepalingen subsidiabele activiteiten In aanvulling op artikel 2.1 geldt: a. voor het thema Natuur dat - aanvragers dienen aan te tonen dat ze voortborduren op de (tussentijdse) resultaten van de eerder binnen dit thema door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten en/of dat ze meerwaarde c.q. toegevoegde waarde hebben ten opzichte van de reeds door het Waddenfonds gesubsidieerde projecten; - maatregelen die doortrekgebieden voor trekvissen ontsluiten of die paai- en/of opgroeigebieden realiseren, subsidieert het Waddenfonds uitsluitend als dergelijke maatregelen onderdeel zijn van een integraal gebiedsontwikkelingsproject in het kustgebied. b. Voor het thema Werelderfgoed, Cultuurhistorie en Landschapsontwikkeling… - Landschapsprojecten (inhoudelijk) moeten aansluiten op, aanvullend moeten zijn op of moeten voortkomen uit het Programma Herstel Cultuurlandschap Waddenkust; c. voor het thema Water, Bodem, Licht en Geluid dat - activiteiten in het kader van bewustwording slechts een beperkt onderdeel mogen uitmaken van pilots of projecten binnen de themalijn "verontreiniging door cumulatie". projecten binnen de themalijn “verontreiniging door cumulatie” voor zover zij gaan o
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.