GeslotenFonds · Subsidie

Openstellingsbesluit Waddenfonds 2015 / nr. 01

Waddenfonds

Voor organisaties in het Waddengebied die projecten uitvoeren op het gebied van natuur, water, duurzame havens, duurzame landbouw of lokale innovaties. Je kunt subsidie krijgen voor projecten die bijdragen aan deze thema's.

Ook bekend als Waddenfonds 2015, Openstellingsbesluit Waddenfonds 2015 nr. 01, Openstellingsbesluit Waddenfonds 2017

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 7 jul 2026
Percentage
20%
van de kosten
Budget
€ 11 mln
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Openstellingsbesluit van het Waddenfonds voor 2015 met vijf thema's (Natuur, Water, Duurzame havens, Duurzame agrarische sector, Lokale innovaties) met totale subsidieplafonds van €11 miljoen. Projecten moeten minimaal €200.000 subsidiabele kosten hebben (€10.000 voor lokale innovaties), subsidie tot 80% van kosten.

Voor wie is het bedoeld?

Voor organisaties in het Waddengebied die projecten uitvoeren op het gebied van natuur, water, duurzame havens, duurzame landbouw of lokale innovaties. Je kunt subsidie krijgen voor projecten die bijdragen aan deze thema's.

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Aanleg van hoogwatervluchtplaatsen en broedgelegenheid voor wadvogels
  • Verbetering van migratiemogelijkheden voor waterfauna
  • Pilots voor vermindering van slibbelasting in het Eems-estuarium
  • Duurzame haveninfrastructuur
  • Innovatieve projecten voor vitaliteit agrarische sector
  • Lokale innovaties met sociaal-economisch effect
  • Financiering van toeristisch-recreatieve projecten op Waddeneilanden
  • Subsidie voor cultuurhistorische bouwwerken en landschapsontwikkeling
  • Cofinanciering van projecten met private bijdrage
  • Ondersteuning van projecten die kernkwaliteiten van Waddengebied versterken
  • subsidie natuurproject Waddengebied
  • geld duurzame haven Waddengebied
  • financiering innovatieproject Waddengebied
  • subsidie waterproject Waddengebied
  • geld duurzame landbouw Waddengebied

Voorwaarden

  • Subsidiabele projectkosten minimaal €200.000 (€10.000 voor Budget Lokale Innovaties, maar minder dan €200.000)
  • Activiteiten moeten passen binnen één van de vijf thema's
  • Voor pilots: moet perspectief bieden op vervolgfase met effect in Waddengebied
  • Basissubsidie niet meer dan 80% van subsidiabele kosten (30% voor cultuurhistorische elementen en infrastructuur, 50% voor Lokale Innovaties)
  • Verdeling op volgorde van binnenkomst (first-come-first-served)

Openstellingen en rondes

Ronde 2017Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
€ 4 mln
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
De basissubsidie voor activiteiten, die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt niet meer dan 80% van de subsidiabele kosten.
Besluit van het dagelijks bestuur van het Waddenfonds houdende subsidie Openstellingstelling Waddenfonds 2015 / nr. 01
  • Toon brontekst
    Openstellingsbesluit Waddenfonds 2015 / nr. 01
    Openstellingsbesluit van het dagelijks bestuur van het Waddenfonds van 4 december 2014, kenmerk 2015 / nr. 01, houdende nadere regels met betrekking tot de openstelling van een aanvraagperiode en de vaststelling van subsidieplafonds
    (Openstellingsbesluit Waddenfonds 2015 / nr. 01).
    (laatstelijk gewijzigd bij besluit van het dagelijks bestuur van 6 juli 2015)
    Het dagelijks bestuur van het Waddenfonds,
    gelet op artikel 1.8 van de Subsidieverordening Waddenfonds 2014,
    besluit het navolgende Openstellingsbesluit vast te stellen
    
    Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
    
    Artikel 1.1 Begripsbepalingen
    In dit Openstellingsbesluit wordt verstaan onder:
    - Jaarprogramma: het Jaarprogramma Waddenfonds 2014-2015;
    - subsidieverordening: de Subsidieverordening Waddenfonds 2014.
    
    Artikel 1.2 Subsidieplafonds
    Ten behoeve van de openstelling gelden de navolgende subsidieplafonds:
    Titel 1: thema Natuur € 4.000.000,-
    Titel 2: thema Water € 2.000.000,-
    Titel 3: thema Duurzame havens € 2.000.000,-
    Titel 4: thema Duurzame agrarische sector € 2.000.000,-
    Titel 5: Budget lokale innovaties € 1.000.000,-
    
    Artikel 1.3 Binnen welke periode kan subsidie worden aangevraagd?
    1..
    Aanvragen voor het thema Natuur kunnen worden ingediend in de periode van dinsdag 3 februari 2015 tot en met vrijdag 4 september 2015, 12:00 uur.
    2..
    Aanvragen voor de thema’s Water, Duurzame havens, Duurzame agrarische sector en het Budget Lokale Innovaties kunnen worden ingediend in de periode van dinsdag 3 februari 2015 tot en met donderdag 3 december 2015; 12:00 uur.
    
    Artikel 1.4 Hoe worden de beschikbare middelen verdeeld?
    Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst.
    
    Artikel 1.5 Is er een financiële drempel om voor subsidie in aanmerking te komen?
    1..
    Een project komt alleen voor subsidie in aanmerking als de subsidiabele projectkosten ten minste € 200.000,- bedragen.
    2..
    In afwijking van het bepaalde in het eerste lid komt een project ten laste van het Budget Lokale Innovaties alleen voor subsidie in aanmerking als de subsidiabele projectkosten ten minste € 10.000,-, maar minder dan € 200.000,- bedragen.
    
    Artikel 1.6 Beoordelingskader
    Een aanvraag wordt getoetst aan:
    - het bepaalde in artikel 3.5 van de subsidieverordening;
    - het bepaalde in de hoofdstukken 5.2 tot en met 5.5 van de subsidieverordening, voor zover de aanvraag wordt beoordeeld met toepassing van respectievelijk de Algemene groepsvrijstellingsverordening, de MKB Landbouwvrijstellingsverordening of de de-minimusregelgeving;
    - het betreffende specifieke beoordelingskader, zoals opgenomen in hoofdstuk 2 van dit Openstellingsbesluit.
    
    Artikel 1.7 Hoogte van de subsidie
    1..
    De basissubsidie voor activiteiten, die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt niet meer dan 80% van de subsidiabele kosten.
    2..
    In afwijking van het eerste lid bedraagt de basissubsidie voor activiteiten gericht op cultuurhistorische elementen en infrastructurele voorzieningen, die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, niet meer dan 30% van de subsidiabele kosten.
    3..
    De subsidie voor activiteiten ten laste van het Budget Lokale Innovaties bedraagt niet meer dan 50% van de subsidiabele kosten.
    4..
    Het subsidiepercentage als bedoeld in het eerste en tweede lid kan ten behoeve van meervoudige doelrealisatie met ten hoogste 10 procentpunten worden verhoogd indien:
    - de aanvraag past binnen meerdere themalijnen waarvoor een aanvraagperiode is opengesteld;
    - meervoudige doelrealisatie niet reeds is vereist op grond van het betreffende specifieke beoordelingskader, zoals opgenomen in hoofdstuk 2; en
    - ten behoeve van meervoudige doelrealisatie ten minste 20% van de projectbegroting primair gericht is op de betreffende themalijn.
    5..
    De subsidie wordt berekend met toepassing van artikel 1.7 van dit Openstellingsbesluit en de artikelen 1.9, 1.10 en hoofdstuk 5 van de subsidieverordening.
    6..
    Het subsidiepercentage of subsidiebedrag wordt naar beneden bijgesteld indien:
    - er sprake is van overfinanciering;
    - subsidie het tekort op de onrendabele top overstijgt.
    
    Hoofdstuk 2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
    
    Titel 1 Thema Natuur
    
    Afdeling 2.1 Themalijn: Verzachten van de randen van het Wad
    
    § 2.1.1 Randen van het Wad: wadvogels
    
    Artikel 2.1 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Het aanleggen en verbeteren van hoogwatervluchtplaatsen en broedgelegenheid en milieuomstandigheden (geleidelijke zoet-zoutovergangen) voor wadvogels om te foerageren, te migreren, te rusten en zich voort te planten.
    
    Artikel 2.2 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - hoogwatervluchtplaatsen en broedlocaties zijn als zodanig aangegeven op de overzichtskaart in bijlage 2 van het Jaarprogramma;
    - aan de aanleg van een hoogwatervluchtplaats en/of broedlocatie is ten minste de realisatie van één geleidelijke zoet-zoutovergang gekoppeld, als de plaatselijke geomorfologische situatie het mogelijk maakt dit onder natuurlijk verhang te realiseren en in stand te houden.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bij buitendijkse aanleg de ecologische meerwaarde door versterking van een of meerdere beschermde (onder Natura 2000) vogelsoorten of -populaties ten opzichte van het verlies van habitat;
    - bijdragen aan de verbetering van de broedomstandigheden voor beschermde vogelsoorten op bestaande broedlocaties (door vermindering van predatie, verstoring en verruiging);
    - bijdragen aan de soortenrijkdom in het Waddengebied;
    - bijdragen aan het realiseren van significante zoet-zoutovergangen aan de binnen- en/of buitenkant van de waddendijk;
    - bijdragen aan verbetering van de milieuomstandigheden.
    
    § 2.1.2 Randen van het Wad: verbetering migratie waterfauna
    
    Artikel 2.3 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    De aanleg van vispassages en het treffen van andere maatregelen ter verbetering van de migratiemogelijkheden voor vissen en andere waterfauna (die in hun levenscyclus hiervan afhankelijk zijn) en bijdragen aan de biodiversiteit van de Waddenzee.
    
    Artikel 2.4 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - vismigratievoorzieningen maken deel uit van de projecten Amstelmeer en omgeving, Vismigratierivier (VMR) en Lauwersmeer en omgeving zoals die op de kansenkaart in bijlage 1 van het Jaarprogramma zijn opgenomen;
    - aan de aanleg van vismigratievoorzieningen is ten minste de realisatie van één geleidelijke zoet-zoutovergang gekoppeld, als de plaatselijke geomorfologische situatie het mogelijk maakt dit onder natuurlijk verhang te realiseren en in stand te houden.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bijdragen aan veilige migratiemogelijkheden voor vissen en andere waterfauna;
    - bijdragen aan de soortenrijkdom in het Waddengebied;
    - bijdragen aan het realiseren van significante zoet-zoutovergangen aan de binnen- en/of buitenkant van de waddendijk;
    - bijdragen aan de realisatie van de themalijndoelen binnen het thema Duurzame recreatie en toerisme.
    
    § 2.1.3 Randen van het Wad: oeverzones en kwelders
    
    Artikel 2.5 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Het vergroten van het areaal natuurlijke oeverzones en buitendijkse kwelders en het treffen van aanvullende maatregelen ter uitbreiding van successiestadia van zilte biotopen, die bijdragen aan de verbetering van de biodiversiteit, aan betere slibinvang, aan minder golfoploop tegen de zeedijken en anticipeert op zeespiegelstijging.
    
    Artikel 2.6 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - aan de aanleg van oeverzones en/of buitendijkse kwelders is ten minste de realisatie van één geleidelijke zoet-zoutovergang gekoppeld, als de plaatselijke geomorfologische situatie het mogelijk maakt dit onder natuurlijk verhang te realiseren en in stand te houden;
    - extra oeverzones en buitendijkse kwelders worden aangelegd als onderdeel van versterking van de kustverdediging en/of van de ontwikkeling van de Waddenzeehavens.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bijdragen aan vergroting van de zone voor pioniervegetaties en versterking van gradiënten in hoogte, dynamiek en zoutgehalte, ingeval van (her)inrichtingsmaatregelen;
    - bijdragen aan vergroting of behoud van de variatie in vegetatie, ook in de hogere kwelderzone;
    - de ecologische meerwaarde van buitendijkse aanleg van nieuwe oeverzones.
    
    Afdeling 2.2 Themalijn: Herstel van natuurlijke processen in Waddenzee en estuaria: Slim omgaan met slib in het Eems-estuarium
    
    Artikel 2.7 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Het stimuleren van pilots op het gebied van vermindering van de slibbelasting in het estuarium ter verbetering van de ecologische kwaliteit van de Eems-Dollard.
    
    Artikel 2.8 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking geldt het volgende vereiste:
    - activiteiten zijn gericht op vermindering van de slibproblematiek in het Eems-estuarium met het oog op ecosysteemherstel die significant verder gaan dan de voorwaarden die hieraan vanuit de wet- en regelgeving zijn gesteld.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bijdragen aan vermindering van de hoeveelheid slib in het Eems-estuarium, bij voorkeur in het mondingsgebied;
    - bijdragen aan de nuttige toepassing van baggerslib, dat vrijkomt uit het Eems-estuarium;
    - bijdragen aan herstel van natuurlijke processen.
    
    Afdeling 2.3 Themalijn: Verbetering van de waterkwaliteit en helderheid van de Waddenzee
    
    Artikel 2.9 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Verwerkingsmethoden, -maatregelen en -locaties van baggerslib uit Waddenzeehavens die bijdragen aan verbetering van de waterkwaliteit en helderheid van de Waddenzee, en aan verhoging van de natuurwaarden in de randen van het wad en wadplaten, binnen het bestaande vergunningregime.
    
    Artikel 2.10 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - activiteiten zijn gericht op de Waddenzeehavens Den Helder, Den Oever, Harlingen, Lauwersoog, Eemshaven en/of Delfzijl;
    - de opgedane kennis over het verminderen van het baggerbezwaar wordt verspreid naar andere delen van het Waddengebied.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bijdragen aan vergroting van de helderheid van Waddenzee door vermindering van de hoeveelheid baggerslib die vanuit de havens in het dynamische milieu van de Waddenzee komt (in aansluiting op ‘building with Nature’-initiatieven);
    - bijdragen aan natuurontwikkeling en lage kwelder en plaatvorming met baggerslib uit de Waddenzeehavens.
    
    Afdeling 2.4 Themalijn: Herstel van biobouwers en voedselweb
    
    Artikel 2.11 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Maatregelen ter vergroting van het areaal aan ongestoorde natuurlijke mosselbanken en zeegrasvelden ten behoeve van een evenwichtigere opbouw van het voedselweb en toename van de biodiversiteit.
    
    Artikel 2.12 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - activiteiten gericht op herstel van zeegras sluiten aan op de uitkomsten van eerder uitgevoerde en lopende experimenten voor zeegrasherstel in de Waddenzee;
    - activiteiten gericht op vermindering van de bodemberoering sluiten aan op de meest recente convenantafspraken, die daarover met de verschillende visserijsectoren zijn gemaakt;
    - activiteiten voorzien in verspreiding van de opgedane kennis in het Waddengebied en andere Nederlandse kustgebieden.
    2..
    Aanvragen moeten per saldo in voldoende mate bijdragen aan de volgende criteria:
    - bijdragen aan vergroting van het zeegrasareaal in de Waddenzee;
    - bijdragen aan vergroting van het areaal duurzaam beheerde 
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Besluit van het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Waddenfonds houdende regels omtrent de openstelling van een aanvraagperiode en de vaststelling van een subsidieplafond Openstellingstelling Waddenfonds 2017 / nr. 01
    Het dagelijks bestuur van het Waddenfonds, gelet op artikel 1.4 van de Algemene Subsidieverordening Waddenfonds 2017, besluit het navolgende Openstellingsbesluit vast te stellen:
    
    Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
    
    Artikel 1.1 Begripsbepalingen
    In dit Openstellingsbesluit wordt verstaan onder:
    Subsidieverordening: De Algemene Subsidieverordening Waddenfonds 2017;
    VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie;
    Uitvoeringsprogramma: Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds;
    Kernkwaliteiten: De kernkwaliteiten van het Waddengebied zijn cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle elementen, natuurlijke dynamiek, rust, ruimte, duisternis, landschap en vergezichten.
    
    Artikel 1.2 Subsidieplafond
    Het subsidieplafond bedraagt € 4.000.000,-.
    
    Artikel 1.3 Kring van aanvragers
    1..
    Een aanvraag kan alleen ingediend worden door de partijen onder het “Openstellingsbesluit Waddenfonds 2016 / nr. 02” een aanvraag hebben ingediend die in behandeling is genomen, maar niet tot een subsidieverlening heeft geleid.
    2..
    Alleen een herziene versie van de onder het eerste lid bedoelde aanvraag wordt in behandeling genomen.
    
    Artikel 1.4 Binnen welke periode kan subsidie worden aangevraagd?
    Aanvragen kunnen worden ingediend met ingang van maandag 30 oktober 2017 tot en met donderdag 6 november 2017 tot 12:00 uur bij het Waddenfonds (mailto:info@waddenfonds.nl) of Ruiterskwartier 121A, 8911 BS Leeuwarden).
    
    Artikel 1.5 Hoe worden de beschikbare middelen verdeeld?
    De subsidie wordt verdeeld op basis van rangschikking. Een voor subsidie in aanmerking komende aanvraag wordt hoger gerangschikt naarmate die meer voldoet aan de criteria van artikel 2.2, tweede lid. Aanvragen met minder dan 70 punten komen niet voor subsidie in aanmerking.
    
    Artikel 1.6 Is er een financiële drempel om voor subsidie in aanmerking te komen?
    Een aanvraag komt alleen voor subsidie in aanmerking als de subsidiabele projectkosten ten minste € 200.000,- bedragen.
    
    Artikel 1.7 Beoordelingskader
    Een aanvraag wordt getoetst aan:
    - het beoordelingskader zoals opgenomen in hoofdstuk 2 van dit Openstellingsbesluit;
    - het bepaalde in artikel 2.6 van de subsidieverordening;
    - het bepaalde in bijlage 1 van de subsidieverordening;
    - het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds.
    
    Artikel 1.8 Hoogte van de subsidie
    1..
    De subsidie voor activiteiten, die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, bedraagt niet meer dan 80% van de subsidiabele kosten.
    2..
    In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie voor activiteiten gericht op instandhouding van landschappelijke en cultuurhistorische elementen en structuren (cultureel erfgoed, zowel bouwwerken en landschapselementen) en activiteiten gericht op infrastructurele voorzieningen, die naar het oordeel van het dagelijks bestuur geen staatssteun vormt in de zin van artikel 107, eerste lid, VWEU, niet meer dan 30% van de subsidiabele kosten.
    3..
    De subsidie wordt berekend met toepassing van artikel 1.7 van dit Openstellingsbesluit en de artikelen 1.6, 1.7 en bijlage 1 van de subsidieverordening.
    4..
    Het subsidiepercentage of subsidiebedrag wordt naar beneden bijgesteld indien:
    - er sprake is van overfinanciering;
    - subsidie het tekort op de onrendabele top overstijgt.
    5..
    De subsidie bedraagt ten hoogste € 500.000,- per aanvraag.
    
    Hoofdstuk 2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
    Thema Duurzame recreatie en duurzaam toerisme in combinatie met elementen van Thema Werelderfgoed, cultuurhistorie en/of landschapsontwikkeling;
    
    Artikel 2.1 Voor welke activiteiten kan subsidie worden aangevraagd?
    Maatregelen ter verbetering van het toeristisch-recreatieve aanbod in het waddengebied, gericht op meer verblijfsuren en bestedingen van toeristen en recreanten, waarbij de beleving en zichtbaarheid van de kernkwaliteiten van het gebied worden versterkt.
    Daartoe bevatten aanvragen elementen van het thema Werelderfgoed, cultuurhistorie en landschapsontwikkeling.
    In het bijzonder omvat het project derhalve ook:
    - activiteiten ter verbetering van de beleefbaarheid en toegankelijkheid van het landschap, en/of
    - activiteiten gericht op het herstel van cultuurhistorische bouwwerken of herstel en ontwikkeling van landschapselementen, en/of
    - activiteiten gericht op landschapsontwikkeling en ‐herstel, en/of
    - activiteiten gericht op educatie en voorlichting over (de uniciteit, kwetsbaarheid en internationale betekenis van de natuur-en landschapswaarden van) het waddengebied.
    
    Artikel 2.2 Specifiek beoordelingskader
    1..
    Voor subsidieverstrekking gelden de volgende vereisten:
    - De subsidieaanvraag omvat tenminste:Aanvraagformulier;Projectplan (zie toelichting voor kwaliteitseisen);Begroting;Exploitatieplan;Businesscase (zie toelichting voor kwaliteitseisen);
    - In de financieringsopzet van het project is tenminste een private bijdrage opgenomen;
    - Het project betreft concrete investeringen. Haalbaarheidsstudies of -onderzoeken zijn uitgesloten;
    - Projecten op de Waddeneilanden zijn geheel of gedeeltelijk gericht op duurzame verbetering van het toeristisch-recreatief aanbod in het toeristisch laagseizoen (november tot en met april) in termen van extra toeristen en/of nieuwe doelgroepen;
    - Het project bevat ondersteunende elementen uit het thema Werelderfgoed, cultuurhistorie en/of landschapsontwikkeling (zie hiervoor ook artikel 2.1);
    - Cultuurhistorische bouwwerken dienen monumentaal (als zodanig vermeld op provinciale of gemeentelijke inventarisatielijsten) te zijn. Rijksmonumenten komen niet in aanmerking voor subsidie;
    - Als er sprake is van herstel van cultuurhistorische bouwwerken moeten die na afronding een publieksfunctie hebben of voor het publiek toegankelijk zijn;
    - Indien als onderdeel van het project landschapselementen worden ontwikkeld of hersteld dan dienen die onderdeel te zijn van waardevolle landschappelijke patronen of structuren.
    2..
    Aanvragen worden gerangschikt aan de hand van de volgende criteria (met per criterium het maximaal aantal toe te kennen punten):
    - De toegevoegde waarde op het bestaande toeristisch-recreatieve aanbod in verhouding tot de gevraagde subsidiebijdrage (20 pnt);
    - De mate waarin het project een bovenlokaal effect heeft (15 pnt);
    - De mate waarin wordt bijgedragen aan behoud/herstel van de kernkwaliteiten van het Waddengebied en / of de versterking van de beleefbaarheid ervan (20 pnt);
    - De mate waarin het project aan andere hoofddoelen van het Waddenfonds bijdraagt (10 pnt);
    - De kwaliteit van de business case (20 pnt);
    - De mate van samenwerking en/of afstemming met één of meerdere relevante partijen (15 pnt).
    
    Hoofdstuk 3 Slotbepaling
    
    Artikel 3.1 Citeertitel en inwerkingtreding
    Dit Openstellingsbesluit wordt aangehaald als Openstellingstelling Waddenfonds 2017 / nr. 01 entreedt in werking op de eerste dag na bekendmaking in het publicatieblad van het Waddenfonds.
    Datum: 30-06-2017
    handtekening:
    Henk Staghouwer
    voorzitter
    handtekening:
    Dick Hamhuis
    waarnemend secretaris
    
    Toelichting bij het openstellingsbesluit 2017-01 1 In deze toelichting zijn de hoofdzaken uit het openstellingsbesluit, de subsidieverordening en het Uitvoeringsprogramma samengevat en wordt nadere toelichting gegeven bij een aantal artikelen van het openstellingsbesluit. Daarmee fungeert de toelichting tevens als leeswijzer voor (het vinden van) de relevante informatie bij het opstellen van een aanvraag.
    Algemeen
    Het Waddenfonds wil bijdragen aan verbetering van het duurzame toeristische en recreatieve aanbod in het waddengebied, in combinatie met versterking van de beleving en zichtbaarheid van de kernkwaliteiten van het gebied. Versterking van de toeristisch-recreatieve infrastructuur in combinatie met versterking van de cultuurhistorische- en landschappelijke kwaliteiten draagt bij aan de sociaaleconomische ontwikkeling van het waddengebied.
    Met deze openstelling wil het Waddenfonds alleen projecten ondersteunen van partijen die onder het “Openstellingsbesluit Waddenfonds 2016 / nr. 02” een aanvraag hebben ingediend die in behandeling is genomen, maar niet tot een subsidieverlening heeft geleid. Het moet gaan om projecten die structureel van toegevoegde waarde zijn op het bestaande toeristisch-recreatief aanbod in het waddengebied en zijn gericht op toename van het aantal verblijfsuren en/of de bestedingen van recreanten en toeristen.
    Ook moeten de projecten bijdragen aan de beleving of zichtbaarheid van culturele en/of landschappelijke elementen. Daarbij doet het project geen afbreuk aan de kernkwaliteiten van het Waddengebied, maar versterkt de beleving van deze (cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle elementen, natuurlijke dynamiek, rust, ruimte, duisternis, landschap en vergezichten.).
    Het Waddenfonds wil projecten stimuleren die uitgaan van de samenhang van cultuurhistorische en landschappelijke waarden met toerisme, gekoppeld aan de identiteit van het waddengebied. Deze openstelling moet er toe leiden dat de waarden die hebben geleid tot de werelderfgoedstatus bij recreanten en ook bij de internationale toerist op het netvlies staan.
    Koppelkansen
    Het Waddenfonds roept aanvragers op met hun projectvoorstel niet alleen te voldoen aan de vereisten en criteria voor het thema duurzame recreatie en toerisme in combinatie met elementen van het thema werelderfgoed, cultuurhistorie en landschapsontwikkeling. Het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds bevat ook doelen voor andere thema’s. Kijk ook naar de bijdrage die het project kan leveren aan de andere Waddenfondsdoelen. Zoek naar mogelijkheden (met anderen) om het project te verbreden en daarmee ook bij te dragen aan realisering van de andere doelen van het Waddenfonds.
    Toetsing
    Een subsidieaanvraag wordt getoetst aan de bepalingen, eisen en criteria die in dit openstellingsbesluit staan vermeld. De vereisten en criteria in dit openstellingsbesluit zijn leidend. Daarnaast wordt een aanvraag getoetst aan de AlgemeneSubsidieverordening Waddenfonds 2017. Uitgangspunten en achtergronden zijn nader uiteengezet in het Uitvoeringsprogramma Waddenfonds. Deze documenten zijn te vinden op de website van het Waddenfonds (www.waddenfonds.nl) onder het kopje documenten.
    In deze toelichting worden de belangrijkste vereisten en criteria uit de hierboven genoemde documenten nader toegelicht.
    Subsidieverordening
    Subsidieaanvragen worden getoetst aan de bepalingen in de Algemene Subsidieverordening Waddenfonds 2017.
    In bijlage 1 van de Subsidieverordening worden de activiteiten omschreven die in aanmerking komen voor subsidie (zie verder de toelichting op artikel 1.7). Deze regels zijn afgeleid van de Europese staatssteunkaders.
    In artikel 2.6 van de Subsidieverordening is bepaald dat geen subsidie wordt verstrekt als:
    - de activiteit niet of niet in overwegende mate bijdraagt aan de doelstelling van het Waddenfonds;
    - de activiteit niet of niet in overwegende mate gericht is op het Waddengebied;
    - de activiteit betrekking heeft op reguliere investeringen of reguliere beheer- of onderhoudswerken;
    - er een gegronde reden bestaat dat de uitvoering van een voorgenomen activiteit een inbreuk zal maken op de economische, ecologische of sociale dimensie van duurzame ontwikkeling;
    - de subsidiabele kosten van het project minder bedragen dan een vastgesteld drempelbedrag;
    - de gevraagde financiële bijdrage niet in een redelijke verhouding staat tot het beoogde projectresultaat (value for money);
    - ten aanzien van de subsidieaanvrager een uitstaand bevel tot terugvordering bestaat, volgend op een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard;
    - de aanvrager van de subsidie een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 2, onder 18, van de Algemene groepsvrijstel
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.