Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering R&D samenwerking Noord-Nederland 2026
Voor MKB-bedrijven in Noord-Nederland die innovatieve producten, processen of diensten ontwikkelen in de thema's klimaat en energie, circulaire economie, of landbouw, water en voedsel.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor MKB-bedrijven in Noord-Nederland die innovatieve producten, processen of diensten ontwikkelen op het gebied van klimaat en energie, circulaire economie, of landbouw, water en voedsel. De regeling ondersteunt R&D-samenwerking en innovatiestimulering.
Voor wie is het bedoeld?
Voor MKB-bedrijven in Noord-Nederland die innovatieve producten, processen of diensten ontwikkelen in de thema's klimaat en energie, circulaire economie, of landbouw, water en voedsel.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor innovatief product in klimaat en energie
- Financiering voor R&D-project in circulaire economie
- Steun voor innovatie in duurzame landbouw en voedsel
- Subsidie voor samenwerking in innovatieprojecten
Voorwaarden
- Projecten dienen bij te dragen aan klimaatneutraal energiesysteem in 2050 (klimaat en energie)
- Projecten dienen bij te dragen aan circulaire economie in 2050 (circulaire economie)
- Projecten dienen bij te dragen aan zes deelmissies van KIA Landbouw, Water en Voedsel (landbouw, water en voedsel)
- Innovatief product, proces of dienst moet gericht zijn op vastgestelde deelmissies en vraagstukken
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering R&D samenwerking Noord-Nederland 2026 gelet op: artikel 25 van de Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU, L187), gewijzigd bij verordeningen van de commissie van 14 juni 2017 (EG) 2017/1084, 2 juli 2020 (EG) nr. 2020/972) en 23 juni 2023 (EG) 2023/1315; artikel 5, tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling SNN; en de Algemene subsidieregeling SNN 2019; besluiten: vast te stellen de Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering R&D samenwerking Noord-Nederland 2026 als volgt: Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - AGVV: Algemene groepsvrijstellingsverordening, Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU, L187), gewijzigd bij verordeningen van de commissie van 14 juni 2017 (EG) 2017/1084, 2 juli 2020 (EG) nr. 2020/972) en 23 juni 2023 (EG) 2023/1315; - ASR SNN 2019: Algemene subsidieregeling SNN 2019; - Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen; - KIA: Kennis- en Innovatieagenda; - Missies en Sleuteltechnologieën: document beschreven in bijlage I van deze regeling; - Mkb-onderneming: micro-, kleine of middelgrote onderneming in de zin van bijlage I van de AGVV; - Noord-Nederlandse economie: de economie in de regio Groningen, Fryslân en Drenthe; - Penvoerder: een samenwerkingspartner in een R&D-samenwerkingsverband, die zorgdraagt en verantwoordelijk is voor de projectadministratie, aanvragen en verzoeken; - R&D-samenwerkingsproject: project, bestaande uit industrieel onderzoek, zoals bedoeld in artikel 2, lid 85, van de AGVV of experimentele ontwikkeling, zoals bedoeld in artikel 2, lid 86, van de AGVV of een combinatie hiervan, in daadwerkelijke samenwerking en voor gezamenlijke rekening en risico uitgevoerd door een R&D-samenwerkingsverband; - R&D-samenwerkingsverband: verband dat geen rechtspersoonlijkheid bezit, bestaande uit twee of meer niet in een groep verbonden mkb-ondernemers, welk verband is opgericht ten behoeve van de uitvoering van een MIT-R&D-samenwerkingsproject; - SNN: Samenwerkingsverband Noord-Nederland. Artikel 2 Doel van de regeling De subsidieregeling heeft als doel innovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen te stimuleren. Artikel 3 Doelgroep Subsidie wordt verstrekt aan de samenwerkingspartners in een R&D-samenwerkingsverband die in Nederland zijn gevestigd en daar ondernemingsactiviteiten uitvoeren. Artikel 4 Penvoerder 1.. Binnen het R&D-samenwerkingsverband wordt een penvoerder aangewezen. 2.. De penvoerder dient een mkb-onderneming te zijn met een vestiging in de provincies Groningen, Fryslân of Drenthe en daar ondernemingsactiviteiten uit te voeren. 3.. Alle aanvragen in een project dienen door de penvoerder gedaan te worden, tenzij de penvoerder failliet is verklaard. 4.. Het SNN verricht betalingen enkel aan de penvoerder, tenzij de penvoerder failliet is verklaard, in surséance van betaling verkeert dan wel indien op hem de Wet schuldsanering natuurlijke personen van toepassing is verklaard. Artikel 5 Subsidiabele activiteiten Subsidie kan worden verstrekt voor een R&D-samenwerkingsproject ten behoeve van een mkb-onderneming dat past binnen een van de KIA’s zoals die zijn beschreven in het document Missies en Sleuteltechnologieën in bijlage I. Artikel 6 Subsidiabele kosten 1.. Voor subsidie komen in aanmerking de kosten bedoeld in artikel 25, derde lid, van de AGVV. De volgende kosten zijn subsidiabel: - personeelskosten van onderzoekers, technici en ander ondersteunend personeel voor zover zij zich met het onderzoeksproject bezighouden; - kosten van apparatuur en uitrusting voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het project. Wanneer deze apparatuur en uitrusting niet tijdens hun volledige levensduur voor het project worden gebruikt, worden alleen de afschrijvingskosten overeenstemmend met de looptijd van het project, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, als in aanmerking komende kosten beschouwd; - kosten van gebouwen en gronden voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het project. Wat gebouwen betreft, worden alleen de afschrijvingskosten overeenstemmend met de looptijd van het project, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, als in aanmerking komende kosten beschouwd. Wat gronden betreft, komen de kosten voor de commerciële overdracht of de daadwerkelijk gemaakte kapitaalkosten in aanmerking; - kosten van contractonderzoek, kennis en octrooien die op arm's length-voorwaarden worden gekocht bij of waarvoor een licentie wordt verleend door externe bronnen, alsmede kosten voor consultancy en gelijkwaardige diensten die uitsluitend voor het project worden gebruikt; - bijkomende algemene kosten en andere operationele uitgaven, waaronder die voor materiaal, leveranties en dergelijke producten, die rechtstreeks uit het project voortvloeien. 2.. Voor de personeelskosten genoemd in het vorige lid wordt een vast uurtarief van € 60,00 gehanteerd. Artikel 7 Staatssteun De bepalingen uit de hoofdstukken I en II en artikel 25 van de AGVV zijn van toepassing. Artikel 8 Weigeringsgronden Onverminderd het bepaalde in artikel 2.3 van de ASR SNN 2019 wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien: - het project niet minimaal 50 punten scoort; - het project minder dan 10 punten scoort op het criterium technologische vernieuwing of wezenlijk nieuwe toepassingen, zoals beschreven in artikel 13 lid 1 onder I; - het project minder dan 10 punten scoort op het criterium economische waarde, zoals beschreven in artikel 13 lid 1 onder II; - het project minder dan 10 punten scoort op het criterium kwaliteit van de R&D-samenwerking, zoals beschreven in artikel 13 lid 1 onder III; - het project minder dan 10 punten scoort op het criterium: De mate waarin het project impact heeft op een of meer KIA’s, zoals beschreven in artikel 13 lid 1 onder IV; - de kwaliteit van het projectplan onvoldoende is; - een deelnemer aan het R&D-samenwerkingsverband meer dan 70% van de voor subsidie in aanmerking komende kosten van het R&D-samenwerkingsproject voor zijn rekening neemt; - een deel van de subsidie dat aan een samenwerkingspartner van het samenwerkingsverband toekomt minder dan € 25.000,00 bedraagt; - niet minimaal 50% van de subsidiabele kosten van het project worden gedragen door samenwerkingspartners die zijn gevestigd in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen en die in deze provincies ondernemingsactiviteiten uitvoeren; - werkzaamheden die onderdeel zijn van het project, zijn aangevangen vóór de ontvangst van de aanvraag; - het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling; - het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling; - tegen het project anderszins overwegende bezwaren bestaan; - de aanvrager een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onderdeel c, van de AGVV; - de onderneming de subsidie wil aanwenden voor een project waarvoor ook door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is of wordt verstrekt of dat deel uitmaakt van een dergelijk project. Artikel 9 Subsidieplafond 1.. Gedeputeerde Staten stellen een gezamenlijk subsidieplafond vast op € 3.216.000,00. 2.. Maximaal 50% van het subsidieplafond zoals genoemd in lid 1 is beschikbaar voor aanvragen van meer dan € 200.000,00 subsidie. 3.. Het dagelijks bestuur van het SNN verdeelt het in het eerste lid bedoelde bedrag op volgorde van rangschikking conform artikel 13 lid 4. Indien het subsidieplafond zou worden overschreden bij subsidieverlening aan meerdere aanvragen die gelijk zijn gerangschikt, wordt de onderlinge rangschikking van die aanvragen vastgesteld door middel van loting. 4.. Indien het subsidieplafond voor aanvragen van meer dan € 200.000,00 subsidie, als bedoeld in lid 2, bij subsidieverlening zou worden overschreden, maar het totale subsidieplafond zoals genoemd in lid 1 zou bij subsidieverlening nog niet zijn overschreden, geldt het resterende subsidieplafond voor aanvragen van meer dan € 200.000,00 en minder dan € 350.000,00. Artikel 10 Aanvraagperiode Gedeputeerde Staten stellen gezamenlijk de aanvraagperiode vast op 9 juni 2026 9:00 uur tot 15 september 2026 17:00 uur. Artikel 11 Subsidieaanvraag 1.. Een aanvraag kan worden ingediend bij het SNN via een daarvoor ontwikkeld webportal dat bereikbaar is via www.snn.nl. 2.. De subsidieaanvraag wordt ingediend met alle verplichte bijlagen, volgens voorgeschreven formats. De formats worden beschikbaar gesteld door het SNN. Artikel 12 Subsidiehoogte 1.. De subsidie bedraagt maximaal 35% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 350.000,00 per R&D-samenwerkingsproject. 2.. Een deel van de subsidie dat aan een samenwerkingspartner in het samenwerkingsverband toekomt bedraagt: - niet meer dan € 100.000,00 indien het subsidiebedrag maximaal € 200.000,00 is; - niet meer dan € 175.000,00 indien het subsidiebedrag hoger dan € 200.000,00 is. Artikel 13 Rangschikking 1.. De activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd worden beoordeeld op basis van de volgende vier beoordelingscriteria: - Technologische vernieuwing of wezenlijk nieuwe toepassingenHierbij wordt met name gelet op de elementen:de mate waarin het te ontwikkelen product, proces, dienst of de toepassing hiervan nieuw is;de mate waarin gebruik wordt gemaakt van bestaande technieken, ontwerpen, proces- sen, en diensten die worden toegepast;de haalbaarheid van de innovatie;de technologische risico’s die er in het project zijn;hoe technische ontwikkelrisico’s worden beperkt;de ontwikkelingen die op de markt gaande zijn in relatie tot het ingediende project, zowel nationaal als internationaal;de aanwezigheid van nationale of internationale concurrentie en de wijze waarop het ingediende project zich onderscheidt van de activiteiten van de concurrentie. - Economische waardeHierbij wordt met name gelet op de elementen:hoe het project aansluit bij de strategische doelstellingen van de onderneming(en) van de samenwerkingspartner(s);de effecten van het project en de mate waarin deze ten goede komen aan de Noord-Nederlandse en de Nederlandse economie;gevolgen voor de concurrentiepositie van de samenwerkingspartners bij slagen van het project;bedreigingen, economische, commerciële risico’s of andere externe factoren die van invloed zijn op het project;de wijze waarop risico’s worden beperkt;de wijze waarop iedere samenwerkingspartner zijn aandeel in de projectkosten financiert;bereidheid van de samenwerkingspartners om een eigen bijdrage aan de financiering van het project te leveren;de mate waarin reguliere bedrijfsactiviteiten van de samenwerkingspartners doorgang kunnen vinden;stappen die na afloop van het project moeten worden gezet tot de marktintroductie. - Kwaliteit van de MIT-R&D samenwerkingHierbij wordt met name gelet op de elementen:kennis en ervaring van de samenwerkingspartners en de mate waarin de samenwerkingspartners elkaar aanvullen;resources van de samenwerkingspartners;inzet van derden en de expertise die deze met zich mee brengen;de projectorganisatie;de verdeling van de resultaten van het project over de samenwerkingspartners;of en hoe er afspraken zijn gemaakt over intellectueel eigendom die uit het project voortkomen. - De mate waarin het project impact heeft op een KIA zoals beschreven in het document Missies en SleuteltechnologieënHierbij wordt met name gelet op de elementen:de impact van het project op de Kennis- en Innovatie agenda en bijbehorende missie;raakvlakken met één andere KIA;tot welke maatschappelijke impact het project in de markt gaat leiden. 2.. De aanvragen worden door het dagelijks bestuur SNN in eerste instantie kwalitatief beoo […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.