Status onbekendProvincie · Subsidie

Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026

Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN)

Voor mkb-ondernemingen die innovatieve producten, processen of diensten willen ontwikkelen in de thema's klimaat & energie, circulaire economie, of landbouw, water en voedsel.

Ook bekend als MIT Noord-Nederland 2026, Mkb innovatiestimulering haalbaarheid, MIT haalbaarheid Noord-Nederland, SNN mkb innovatiestimulering

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor mkb-ondernemingen in Noord-Nederland (Drenthe, Fryslân, Groningen) voor haalbaarheidsprojecten gericht op innovatie in klimaat & energie, circulaire economie, en landbouw/water/voedsel. De regeling ondersteunt haalbaarheidsstudies en trial-and-error onderzoek.

Voor wie is het bedoeld?

Voor mkb-ondernemingen die innovatieve producten, processen of diensten willen ontwikkelen in de thema's klimaat & energie, circulaire economie, of landbouw, water en voedsel.

Ondernemingen

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil als mkb-bedrijf een haalbaarheidsonderzoek doen voor een innovatief product gericht op CO2-reductie
  • Ik zoek subsidie voor trial-and-error onderzoek naar technische haalbaarheid van een circulaire innovatie
  • Ik wil als landbouwbedrijf een innovatieproject starten in duurzame land- en tuinbouw

Voorwaarden

  • Haalbaarheidsproject moet bestaan uit een haalbaarheidsstudie, eventueel gecombineerd met trial and error onderzoek
  • Innovatie moet aansluiten bij één van de drie missies: Klimaat en Energie, Circulaire Economie, of Landbouw Water en Voedsel
  • Mkb-onderneming zoals gedefinieerd in bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening
  • Onderneming moet gevestigd zijn in Noord-Nederland (Drenthe, Fryslân of Groningen)

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een onderneming
U bent een mkb-onderneming
Uw sector/SBI valt onder: landbouw, energie, circulaire_economie
De definitieve beoordeling ligt bij Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN).

Openstellingen en rondes

Ronde 2026Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Staatssteun en de-minimis

Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026
    gelet op:
    Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    artikel 5, tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling SNN; en de Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    besluiten:
    vast te stellen de Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026 als volgt:
    
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening 651/2014 van de commissie van 17 juni 2014 (gewijzigd bij verordeningen van de commissie van 14 juni 2017 (EG) 2017/1084 en 2 juli 2020 (EG) nr. 2020/972), waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard;
    - ASR SNN 2019: Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    - Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen;
    - Haalbaarheidsstudie: definitie conform de Algemene groepsvrijstellingsverordening artikel 2 lid 87;
    - Haalbaarheidsproject: een project bestaande uit een haalbaarheidsstudie, eventueel gecombineerd met trial and error onderzoek;
    - KIA: Kennis en Innovatieagenda;
    - landbouw de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    - Missies en Sleuteltechnologieën: document beschreven in bijlage I van deze regeling;
    - mkb-onderneming: een onderneming zoals opgenomen in bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening;
    - reguliere de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    - SNN: het Samenwerkingsverband Noord-Nederland;
    - Trial and error: het onderzoek doen naar en uitvoeren van testen om antwoord te krijgen op technische haalbaarheidsvragen.
    
    Artikel 2 Doel van de regeling
    De subsidieregeling heeft als doel innovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen te stimuleren.
    
    Artikel 3 Doelgroep
    Subsidie wordt verstrekt aan een mkb-onderneming die op het moment van aanvragen een vestiging heeft in de provincies Drenthe, Fryslân of Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert.
    
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    1..
    Subsidie kan worden verstrekt voor een haalbaarheidsproject ten behoeve van een mkb-onderneming.
    2..
    Het haalbaarheidsproject past binnen een van de KIA's zoals die zijn beschreven in het document Missies en Sleuteltechnologieën.
    3..
    De te subsidiëren activiteiten dienen ten goede te komen aan de vestiging in de provincie Drenthe, Fryslân of Groningen.
    
    Artikel 5 Subsidiabele kosten
    Als subsidiabele kosten, voor zover die betrekking hebben op de activiteiten als genoemd in artikel 4, komen in aanmerking:
    - het inschakelen van een onafhankelijke adviesorganisatie, die is ingeschreven in een handelsregister;
    - materiaalkosten die uitsluitend nodig zijn voor het haalbaarheidsproject;
    - een forfaitair tarief van € 60,00 voor de eigen arbeid en de loonkosten van personeel voor zover zij zich met het haalbaarheidsproject bezighouden;
    - huurkosten van apparatuur en uitrusting, voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 6 Staatssteun
    1..
    Subsidie in het kader van deze regeling wordt verstrekt met toepassing van de reguliere de-minimisverordening.
    2..
    Indien de aanvrager actief is in de primaire productie van landbouwproducten, wordt in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, subsidie verstrekt met toepassing van de op die sector van toepassing zijnde de-minimisverordening.
    
    Artikel 7 Weigeringsgronden
    Onverminderd het bepaalde in artikel 2.3 van de ASR SNN 2019 wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:
    - niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de van toepassing zijnde de-minimisverordening;
    - werkzaamheden die onderdeel zijn van het project zijn aangevangen vóór ontvangst van de aanvraag;
    - ter zake van de subsidiabele kosten verplichtingen zijn aangegaan vóór ontvangst van de aanvraag;
    - het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;
    - het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling;
    - de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft in technische of financiële zin onvoldoende risicovol zijn om het haalbaarheidsproject te rechtvaardigen;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in het economisch perspectief en/of de uitvoerbaarheid van de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft;
    - er onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om de voorgenomen activiteiten naar behoren uit te voeren;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in of onvoldoende impact realiseert met betrekking tot de verwachte bijdrage aan de programma’s of plannen die zijn opgenomen in bijlage I;
    - de aanvraag is ingediend in hetzelfde kalenderjaar als een eerdere ingediende aanvraag op basis waarvan de onderneming al subsidie verleend heeft gekregen op grond van deze regeling;
    - de onderneming de subsidie wil aanwenden voor een project waarvoor reeds door of namens een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt of dat deel uitmaakt van een dergelijk project.
    
    Artikel 8 Subsidieplafond
    1..
    Gedeputeerde Staten stellen het gezamenlijk subsidieplafond vast op € 3.216.000,00.
    2..
    Het dagelijks bestuur SNN verdeelt het in het vorige lid bedoelde bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen.
    3..
    Voor zover door verstrekking van subsidie ten behoeve van aanvragen die op dezelfde dag zijn ontvangen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de in het tweede lid bedoelde volgorde bepaald door middel van loting.
    
    Artikel 9 Aanvraagperiode
    Gedeputeerde Staten stellen gezamenlijk de aanvraagperiode vast op 7 april 2026 9:00 uur tot en met 15 september 2026 om 17:00 uur.
    
    Artikel 10 Subsidieaanvraag
    1..
    Een aanvraag kan worden ingediend bij het SNN via een daarvoor ontwikkeld webportal dat bereikbaar is via www.snn.nl.
    2..
    De aanvraag gaat in ieder geval vergezeld van een projectplan conform het door het SNN beschikbaar gestelde format.
    3..
    De aanvrager geeft in het webportal een beknopte samenvatting van het project waarvoor de subsidie wordt aangevraagd die kan worden gebruikt in voor eenieder toegankelijke publicaties.
    4..
    De aanvraag gaat vergezeld van een naar waarheid ingevulde de-minimisverklaring.
    
    Artikel 11 Subsidiepercentage
    De subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten.
    
    Artikel 12 Subsidiehoogte
    Het subsidiebedrag bedraagt ten hoogste € 20.000,00.
    
    Artikel 13 Subsidieverplichtingen
    1..
    Met de uitvoering van het haalbaarheidsproject wordt gestart binnen vier maanden na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening.
    2..
    Het haalbaarheidsproject wordt gerealiseerd binnen twaalf maanden na de start van het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 14 Bevoorschotting
    Binnen drie weken na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening wordt de subsidie ambtshalve voor 100% bevoorschot.
    
    Artikel 15 Vaststelling
    1..
    De subsidie wordt ambtshalve vastgesteld.
    2..
    De beschikking tot subsidieverlening vermeldt de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht en de subsidie uiterlijk ambtshalve wordt vastgesteld.
    3..
    De subsidieontvanger is verplicht, na het verstrijken van de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht, desgevraagd aan te tonen dat deze activiteit conform de aanvraag tot subsidieverlening heeft plaatsgevonden en dat aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan. Hiervoor verstrekt de subsidieontvanger de informatie die Gedeputeerde Staten van belang achten, waaronder in ieder geval een verslag van de uitgevoerde werkzaamheden en een urenregistratie.
    
    Artikel 16 Bekendmaking en inwerkingtreding
    Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Provinciaal Blad en treedt in werking met ingang van 7 april 2026.
    
    Artikel 17 Overgangsrecht
    1..
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 wordt ingetrokken op de dag dat de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 in werking treedt.
    2..
    Op aanvragen die zijn ingediend op grond van de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025, blijft de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 van toepassing.
    
    Artikel 18 Citeertitel
    Deze regeling wordt aangehaald als: MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026.
    Groningen, 18 maart 2026
    Hoogachtend,
    Gedeputeerde Staten van Groningen,
    René Paas, voorzitter
    Hans Schrikkema, secretaris
    
    Toelichting
    Inleiding
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 sluit aan op de bestuurlijke keuze om het innovatiebeleid te richten op een viertal thematische missies, op ondersteunende sleuteltechnologieën en op maatschappelijk verdienvermogen. Deze aanpak is vastgesteld door het kabinet en is in grote lijnen overgenomen door alle provincies in hun economisch beleid en/of de Research and Innovation Strategies for Smart Specialisation (Regionale innovatiestrategieën; RIS3). Op nationaal niveau zijn de missies en de aanpak voor Sleuteltechnologieën uitgewerkt in een achttal Kennis- en Innovatieagenda’s (KIA’s). In november 2023 zijn deze agenda’s geconcretiseerd in het Kennis- en Innovatieconvenant (KIC), dat ook is ondertekend door de provincies.
    Missies & sleuteltechnologieën in de verschillende instrumenten binnen de MIT
    Voor de haalbaarheidsprojecten binnen de regeling voor 2026 geeft u in het projectplan aan op welke KIA het uiteindelijk te ontwikkelen product, proces of dienst is gericht, met een bondige toelichting.
    Relevantie voor MKB en MKB-innovaties
    Missies omvatten een breed scala aan veranderingen en aanpassingen in ons dagelijks leven en ons patroon van produceren en consumeren. Zoals ook in de voorwaarden is aangegeven is de regeling gericht op het stimuleren van technologische innovaties. Onderstaande opsommingen bevatten deels concrete vraagstukken binnen elk van de missies waarvoor technologische innovaties evident een bijdrage kunnen leveren. Andere vraagstukken beschrijven de noodzaak tot systeemveranderingen, een andersoortige aanpak of ander gedrag. Technologische innovaties zullen daar veelal een deeloplossing brengen of de veranderingen ondersteunen. Duidelijk moge zijn dat alleen subsidie wordt verstrekt voor het onderzoeken van de haalbaarheid van een innovatie, met het bijbehorende innovatierisico, en niet voor het toepassen van een innovatieve werkwijze of een innovatief product in bijvoorbeeld het agrarisch bedrijf, in het stedelijk gebied, rivieren en zeeën of in de zorg.
    Artikel 1. Aansluiting op bestaande kennis en op onderzoeksagenda’s
    Waar een innovatie is gericht op de missiethema’s zijn er geen verplichtingen ten aanzien van het gebruik van (sleutel)technologieën; de innovativiteit en de economische potentie zijn in dat opzicht doorslaggevend. Om vernieuwend en competitief te zijn is het in het algemeen relevant hoogwaardige actuele kennis en kunde in uw innovatie te benutten en/of te combineren. Om competitief te blijven is het een voordeel om aansluiting te (kunnen) vinden op verdere ontwikkeling van die kennis en kunde in eigen land of regio. Om die reden is het advies om goed kennis te nemen van recent binnen de KIA’s ontwikkelde kennis respectievelijk van lopende onderzoeksprogramma’s en -projecten.
    ASR 2019
    Op aanvragen is de Algemene subsidieregeling SNN 2019 (ASR SNN 2019) van toepassing. Daarin zijn onder ande
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026
    Gedeputeerde Staten van Drenthe;
    gelet op:
    Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    artikel 5, tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling SNN; en de Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    BESLUITEN:
    vast te stellen de Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026.
    
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening 651/2014 van de commissie van 17 juni 2014 (gewijzigd bij verordeningen van de commissie van 14 juni 2017 (EG) 2017/1084 en 2 juli 2020 (EG) nr. 2020/972), waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard;
    - ASR SNN 2019: Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    - Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen;
    - Haalbaarheidsstudie: definitie conform de Algemene groepsvrijstellingsverordening artikel 2 lid 87;
    - Haalbaarheidsproject: een project bestaande uit een haalbaarheidsstudie, eventueel gecombineerd met trial and error onderzoek;
    - KIA: Kennis en Innovatieagenda;
    - landbouw de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    - Missies en Sleuteltechnologieën: document beschreven in bijlage I van deze regeling;
    - mkb-onderneming: een onderneming zoals opgenomen in bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening;
    - reguliere de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    - SNN: het Samenwerkingsverband Noord-Nederland;
    - Trial and error: het onderzoek doen naar en uitvoeren van testen om antwoord te krijgen op technische haalbaarheidsvragen.
    
    Artikel 2 Doel van de regeling
    De subsidieregeling heeft als doel innovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen te stimuleren.
    
    Artikel 3 Doelgroep
    Subsidie wordt verstrekt aan een mkb-onderneming die op het moment van aanvragen een vestiging heeft in de provincies Drenthe, Fryslân of Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert.
    
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    1..
    Subsidie kan worden verstrekt voor een haalbaarheidsproject ten behoeve van een mkb-onderneming.
    2..
    Het haalbaarheidsproject past binnen een van de KIA's zoals die zijn beschreven in het document Missies en Sleuteltechnologieën.
    3..
    De te subsidiëren activiteiten dienen ten goede te komen aan de vestiging in de provincie Drenthe, Fryslân of Groningen.
    
    Artikel 5 Subsidiabele kosten
    Als subsidiabele kosten, voor zover die betrekking hebben op de activiteiten als genoemd in artikel 4, komen in aanmerking:
    - het inschakelen van een onafhankelijke adviesorganisatie, die is ingeschreven in een handelsregister;
    - materiaalkosten die uitsluitend nodig zijn voor het haalbaarheidsproject;
    - een forfaitair tarief van € 60,-- voor de eigen arbeid en de loonkosten van personeel voor zover zij zich met het haalbaarheidsproject bezighouden;
    - huurkosten van apparatuur en uitrusting, voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 6 Staatssteun
    1..
    Subsidie in het kader van deze regeling wordt verstrekt met toepassing van de reguliere de-minimisverordening.
    2..
    Indien de aanvrager actief is in de primaire productie van landbouwproducten, wordt in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, subsidie verstrekt met toepassing van de op die sector van toepassing zijnde de-minimisverordening.
    
    Artikel 7 Weigeringsgronden
    Onverminderd het bepaalde in artikel 2.3 van de ASR SNN 2019 wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:
    - niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de van toepassing zijnde de-minimisverordening;
    - werkzaamheden die onderdeel zijn van het project zijn aangevangen vóór ontvangst van de aanvraag;
    - ter zake van de subsidiabele kosten verplichtingen zijn aangegaan vóór ontvangst van de aanvraag;
    - het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;
    - het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling;
    - de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft in technische of financiële zin onvoldoende risicovol zijn om het haalbaarheidsproject te rechtvaardigen;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in het economisch perspectief en/of de uitvoerbaarheid van de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft;
    - er onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om de voorgenomen activiteiten naar behoren uit te voeren;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in of onvoldoende impact realiseert met betrekking tot de verwachte bijdrage aan de programma’s of plannen die zijn opgenomen in bijlage I;
    - de aanvraag is ingediend in hetzelfde kalenderjaar als een eerdere ingediende aanvraag op basis waarvan de onderneming al subsidie verleend heeft gekregen op grond van deze regeling;
    - de onderneming de subsidie wil aanwenden voor een project waarvoor reeds door of namens een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt of dat deel uitmaakt van een dergelijk project.
    
    Artikel 8 Subsidieplafond
    1..
    Gedeputeerde Staten stellen het gezamenlijk subsidieplafond vast op € 3.216.000,--.
    2..
    Het dagelijks bestuur SNN verdeelt het in het vorige lid bedoelde bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen.
    3..
    Voor zover door verstrekking van subsidie ten behoeve van aanvragen die op dezelfde dag zijn ontvangen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de in het tweede lid bedoelde volgorde bepaald door middel van loting.
    
    Artikel 9 Aanvraagperiode
    Gedeputeerde Staten stellen gezamenlijk de aanvraagperiode vast op 7 april 2026 9:00 uur tot en met 15 september 2026 om 17:00 uur.
    
    Artikel 10 Subsidieaanvraag
    1..
    Een aanvraag kan worden ingediend bij het SNN via een daarvoor ontwikkeld webportal dat bereikbaar is via www.snn.nl.
    2..
    De aanvraag gaat in ieder geval vergezeld van een projectplan conform het door het SNN beschikbaar gestelde format.
    3..
    De aanvrager geeft in het webportal een beknopte samenvatting van het project waarvoor de subsidie wordt aangevraagd die kan worden gebruikt in voor eenieder toegankelijke publicaties.
    4..
    De aanvraag gaat vergezeld van een naar waarheid ingevulde de-minimisverklaring.
    
    Artikel 11 Subsidiepercentage
    De subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten.
    
    Artikel 12 Subsidiehoogte
    Het subsidiebedrag bedraagt ten hoogste € 20.000,--.
    
    Artikel 13 Subsidieverplichtingen
    1..
    Met de uitvoering van het haalbaarheidsproject wordt gestart binnen vier maanden na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening.
    2..
    Het haalbaarheidsproject wordt gerealiseerd binnen twaalf maanden na de start van het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 14 Bevoorschotting
    Binnen drie weken na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening wordt de subsidie ambtshalve voor 100% bevoorschot.
    
    Artikel 15 Vaststelling
    1..
    De subsidie wordt ambtshalve vastgesteld.
    2..
    De beschikking tot subsidieverlening vermeldt de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht en de subsidie uiterlijk ambtshalve wordt vastgesteld.
    3..
    De subsidieontvanger is verplicht, na het verstrijken van de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht, desgevraagd aan te tonen dat deze activiteit conform de aanvraag tot subsidieverlening heeft plaatsgevonden en dat aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan. Hiervoor verstrekt de subsidieontvanger de informatie die Gedeputeerde Staten van belang achten, waaronder in ieder geval een verslag van de uitgevoerde werkzaamheden en een urenregistratie.
    
    Artikel 16 Bekendmaking en inwerkingtreding
    Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Provinciaal Blad en treedt in werking met ingang van 7 april 2026.
    
    Artikel 17 Overgangsrecht
    1..
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 wordt ingetrokken op de dag dat de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 in werking treedt.
    2..
    Op aanvragen die zijn ingediend op grond van de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025, blijft de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 van toepassing.
    
    Artikel 18 Citeertitel
    Deze regeling wordt aangehaald als: MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026.
    
    Toelichting
    Inleiding
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 sluit aan op de bestuurlijke keuze om het innovatiebeleid te richten op een viertal thematische missies, op ondersteunende sleuteltechnologieën en op maatschappelijk verdienvermogen. Deze aanpak is vastgesteld door het kabinet en is in grote lijnen overgenomen door alle provincies in hun economisch beleid en/of de Research and Innovation Strategies for Smart Specialisation (Regionale innovatiestrategieën; RIS3). Op nationaal niveau zijn de missies en de aanpak voor Sleuteltechnologieën uitgewerkt in een achttal Kennis- en Innovatieagenda’s (KIA’s). In november 2023 zijn deze agenda’s geconcretiseerd in het Kennis- en Innovatieconvenant (KIC), dat ook is ondertekend door de provincies.
    Missies & sleuteltechnologieën in de verschillende instrumenten binnen de MIT
    Voor de haalbaarheidsprojecten binnen de regeling voor 2026 geeft u in het projectplan aan op welke KIA het uiteindelijk te ontwikkelen product, proces of dienst is gericht, met een bondige toelichting.
    Relevantie voor MKB en MKB-innovaties
    Missies omvatten een breed scala aan veranderingen en aanpassingen in ons dagelijks leven en ons patroon van produceren en consumeren. Zoals ook in de voorwaarden is aangegeven is de regeling gericht op het stimuleren van technologische innovaties. Onderstaande opsommingen bevatten deels concrete vraagstukken binnen elk van de missies waarvoor technologische innovaties evident een bijdrage kunnen leveren. Andere vraagstukken beschrijven de noodzaak tot systeemveranderingen, een andersoortige aanpak of ander gedrag. Technologische innovaties zullen daar veelal een deeloplossing brengen of de veranderingen ondersteunen. Duidelijk moge zijn dat alleen subsidie wordt verstrekt voor het onderzoeken van de haalbaarheid van een innovatie, met het bijbehorende innovatierisico, en niet voor het toepassen van een innovatieve werkwijze of een innovatief product in bijvoorbeeld het agrarisch bedrijf, in het stedelijk gebied, rivieren en zeeën of in de zorg.
    Aansluiting op bestaande kennis en op onderzoeksagenda’s
    Waar een innovatie is gericht op de missiethema’s zijn er geen verplichtingen ten aanzien van het gebruik van (sleutel)technologieën; de innovativiteit en de economische potentie zijn in dat opzicht doorslaggevend. Om vernieuwend en competitief te zijn is het in het algemeen relevant hoogwaardige actuele kennis en kunde in uw innovatie te benutten en/of te combineren. Om competitief te blijven is het een voordeel om aansluiting te (kunnen) vinden op verdere ontwikkeling van die kennis en kunde in eigen land of regio. Om die reden is het advies om goed kennis te nemen van recent binnen de KIA’s ontwikkelde kennis respectievelijk van lopende onderzoeksprogramma’s en -projecten.
    ASR 2019
    Op aanvragen is de Algemene subsidieregeling SNN 2019 (ASR SNN 2019) van toepassing. Daarin zijn onder andere weigeringsgronden opgenomen. Ook is daarin opgenomen dat, wanneer de aanvrager (met toepassing van artikel 4
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026
    Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân:
    gelet op:
    Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    artikel 5, tweede lid, van de gemeenschappelijke regeling SNN; en de
    Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    besluiten:
    vast te stellen de Subsidieregeling Mkb innovatiestimulering haalbaarheid Noord-Nederland 2026 als volgt:
    
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Algemene groepsvrijstellingsverordening: verordening 651/2014 van de commissie van 17 juni 2014 (gewijzigd bij verordeningen van de commissie van 14 juni 2017 (EG) 2017/1084 en 2 juli 2020 (EG) nr. 2020/972), waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard;
    - ASR SNN 2019: Algemene subsidieregeling SNN 2019;
    - Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen;
    - Haalbaarheidsstudie: definitie conform de Algemene groepsvrijstellingsverordening artikel 2 lid 87;
    - Haalbaarheidsproject: een project bestaande uit een haalbaarheidsstudie, eventueel gecombineerd met trial and error onderzoek;
    - KIA: Kennis en Innovatieagenda;
    - landbouw de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector (2013/ L252);
    - Missies en Sleuteltechnologieën: document beschreven in bijlage I van deze regeling;
    - mkb-onderneming: een onderneming zoals opgenomen in bijlage I van de Algemene groepsvrijstellingsverordening;
    - reguliere de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, L15-12-2023);
    - SNN: het Samenwerkingsverband Noord-Nederland;
    - Trial and error: het onderzoek doen naar en uitvoeren van testen om antwoord te krijgen op technische haalbaarheidsvragen.
    
    Artikel 2 Doel van de regeling
    De subsidieregeling heeft als doel innovatie bij het midden- en kleinbedrijf in de provincies Drenthe, Fryslân en Groningen te stimuleren.
    
    Artikel 3 Doelgroep
    Subsidie wordt verstrekt aan een mkb-onderneming die op het moment van aanvragen een vestiging heeft in de provincies Drenthe, Fryslân of Groningen en daar ondernemingsactiviteiten uitvoert.
    
    Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
    1..
    Subsidie kan worden verstrekt voor een haalbaarheidsproject ten behoeve van een mkb-onderneming.
    2..
    Het haalbaarheidsproject past binnen een van de KIA's zoals die zijn beschreven in het document Missies en Sleuteltechnologieën.
    3..
    De te subsidiëren activiteiten dienen ten goede te komen aan de vestiging in de provincie Drenthe, Fryslân of Groningen.
    
    Artikel 5 Subsidiabele kosten
    Als subsidiabele kosten, voor zover die betrekking hebben op de activiteiten als genoemd in artikel 4, komen in aanmerking:
    - het inschakelen van een onafhankelijke adviesorganisatie, die is ingeschreven in een handelsregister;
    - materiaalkosten die uitsluitend nodig zijn voor het haalbaarheidsproject;
    - een forfaitair tarief van € 60,00 voor de eigen arbeid en de loonkosten van personeel voor zover zij zich met het haalbaarheidsproject bezighouden;
    - huurkosten van apparatuur en uitrusting, voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 6 Staatssteun
    1..
    Subsidie in het kader van deze regeling wordt verstrekt met toepassing van de reguliere de-minimisverordening.
    2..
    Indien de aanvrager actief is in de primaire productie van landbouwproducten, wordt in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, subsidie verstrekt met toepassing van de op die sector van toepassing zijnde de-minimisverordening.
    
    Artikel 7 Weigeringsgronden
    Onverminderd het bepaalde in artikel 2.3 van de ASR SNN 2019 wordt de subsidie in ieder geval geweigerd indien:
    - niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de van toepassing zijnde de-minimisverordening;
    - werkzaamheden die onderdeel zijn van het project zijn aangevangen vóór ontvangst van de aanvraag;
    - ter zake van de subsidiabele kosten verplichtingen zijn aangegaan vóór ontvangst van de aanvraag;
    - het project niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling;
    - het project niet in overeenstemming is met het doel van deze regeling;
    - de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft in technische of financiële zin onvoldoende risicovol zijn om het haalbaarheidsproject te rechtvaardigen;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in het economisch perspectief en/of de uitvoerbaarheid van de voorgenomen activiteiten waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft;
    - er onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om de voorgenomen activiteiten naar behoren uit te voeren;
    - het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in of onvoldoende impact realiseert met betrekking tot de verwachte bijdrage aan de programma’s of plannen die zijn opgenomen in bijlage I;
    - de aanvraag is ingediend in hetzelfde kalenderjaar als een eerdere ingediende aanvraag op basis waarvan de onderneming al subsidie verleend heeft gekregen op grond van deze regeling;
    - de onderneming de subsidie wil aanwenden voor een project waarvoor reeds door of namens een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt of dat deel uitmaakt van een dergelijk project.
    
    Artikel 8 Subsidieplafond
    1..
    Gedeputeerde Staten stellen het gezamenlijk subsidieplafond vast op € 3.216.000,00.
    2..
    Het dagelijks bestuur SNN verdeelt het in het vorige lid bedoelde bedrag op volgorde van ontvangst van de aanvragen.
    3..
    Voor zover door verstrekking van subsidie ten behoeve van aanvragen die op dezelfde dag zijn ontvangen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de in het tweede lid bedoelde volgorde bepaald door middel van loting.
    
    Artikel 9 Aanvraagperiode
    Gedeputeerde Staten stellen gezamenlijk de aanvraagperiode vast op 7 april 2026 9:00 uur tot en met 15 september 2026 om 17:00 uur.
    
    Artikel 10 Subsidieaanvraag
    1..
    Een aanvraag kan worden ingediend bij het SNN via een daarvoor ontwikkeld webportal dat bereikbaar is via www.snn.nl.
    2..
    De aanvraag gaat in ieder geval vergezeld van een projectplan conform het door het SNN beschikbaar gestelde format.
    3..
    De aanvrager geeft in het webportal een beknopte samenvatting van het project waarvoor de subsidie wordt aangevraagd die kan worden gebruikt in voor eenieder toegankelijke publicaties.
    4..
    De aanvraag gaat vergezeld van een naar waarheid ingevulde de-minimisverklaring.
    
    Artikel 11 Subsidiepercentage
    De subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten.
    
    Artikel 12 Subsidiehoogte
    Het subsidiebedrag bedraagt ten hoogste € 20.000,00.
    
    Artikel 13 Subsidieverplichtingen
    1..
    Met de uitvoering van het haalbaarheidsproject wordt gestart binnen vier maanden na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening.
    2..
    Het haalbaarheidsproject wordt gerealiseerd binnen twaalf maanden na de start van het haalbaarheidsproject.
    
    Artikel 14 Bevoorschotting
    Binnen drie weken na de bekendmaking van het besluit tot subsidieverlening wordt de subsidie ambtshalve voor 100% bevoorschot.
    
    Artikel 15 Vaststelling
    1..
    De subsidie wordt ambtshalve vastgesteld.
    2..
    De beschikking tot subsidieverlening vermeldt de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht en de subsidie uiterlijk ambtshalve wordt vastgesteld.
    3..
    De subsidieontvanger is verplicht, na het verstrijken van de datum waarop de activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht, desgevraagd aan te tonen dat deze activiteit conform de aanvraag tot subsidieverlening heeft plaatsgevonden en dat aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan. Hiervoor verstrekt de subsidieontvanger de informatie die Gedeputeerde Staten van belang achten, waaronder in ieder geval een verslag van de uitgevoerde werkzaamheden en een urenregistratie.
    
    Artikel 16 Bekendmaking en inwerkingtreding
    Deze regeling wordt bekendgemaakt in het Provinciaal Blad en treedt in werking met ingang van 7 april 2026.
    
    Artikel 17 Overgangsrecht
    1..
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 wordt ingetrokken op de dag dat de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 in werking treedt.
    2..
    Op aanvragen die zijn ingediend op grond van de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025, blijft de MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2025 van toepassing.
    
    Artikel 18 Citeertitel
    Deze regeling wordt aangehaald als: MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026.
    Leeuwarden, 17 maart 2026
    Gedeputeerde Staten voornoemd:
    CdK Drs. A.A.M. Brok,
    voorzitter.
    De heer J. Algra
    secretaris.
    
    Toelichting
    Inleiding
    De MIT haalbaarheid Noord-Nederland 2026 sluit aan op de bestuurlijke keuze om het innovatiebeleid te richten op een viertal thematische missies, op ondersteunende sleuteltechnologieën en op maatschappelijk verdienvermogen. Deze aanpak is vastgesteld door het kabinet en is in grote lijnen overgenomen door alle provincies in hun economisch beleid en/of de Research and Innovation Strategies for Smart Specialisation (Regionale innovatiestrategieën; RIS3). Op nationaal niveau zijn de missies en de aanpak voor Sleuteltechnologieën uitgewerkt in een achttal Kennis- en Innovatieagenda’s (KIA’s). In november 2023 zijn deze agenda’s geconcretiseerd in het Kennis- en Innovatieconvenant (KIC), dat ook is ondertekend door de provincies.
    Missies & sleuteltechnologieën in de verschillende instrumenten binnen de MIT
    Voor de haalbaarheidsprojecten binnen de regeling voor 2026 geeft u in het projectplan aan op welke KIA het uiteindelijk te ontwikkelen product, proces of dienst is gericht, met een bondige toelichting.
    Relevantie voor MKB en MKB-innovaties
    Missies omvatten een breed scala aan veranderingen en aanpassingen in ons dagelijks leven en ons patroon van produceren en consumeren. Zoals ook in de voorwaarden is aangegeven is de regeling gericht op het stimuleren van technologische innovaties. Onderstaande opsommingen bevatten deels concrete vraagstukken binnen elk van de missies waarvoor technologische innovaties evident een bijdrage kunnen leveren. Andere vraagstukken beschrijven de noodzaak tot systeemveranderingen, een andersoortige aanpak of ander gedrag. Technologische innovaties zullen daar veelal een deeloplossing brengen of de veranderingen ondersteunen. Duidelijk moge zijn dat alleen subsidie wordt verstrekt voor het onderzoeken van de haalbaarheid van een innovatie, met het bijbehorende innovatierisico, en niet voor het toepassen van een innovatieve werkwijze of een innovatief product in bijvoorbeeld het agrarisch bedrijf, in het stedelijk gebied, rivieren en zeeën of in de zorg.
    Aansluiting op bestaande kennis en op onderzoeksagenda’s
    Waar een innovatie is gericht op de missiethema’s zijn er geen verplichtingen ten aanzien van het gebruik van (sleutel)technologieën; de innovativiteit en de economische potentie zijn in dat opzicht doorslaggevend. Om vernieuwend en competitief te zijn is het in het algemeen relevant hoogwaardige actuele kennis en kunde in uw innovatie te benutten en/of te combineren. Om competitief te blijven is het een voordeel om aansluiting te (kunnen) vinden op verdere ontwikkeling van die kennis en kunde in eigen land of regio. Om die reden is het advies om goed kennis te nemen van recent binnen de KIA’s ontwikkelde kennis respectievelijk van lopende onderzoeksprogramma’s en -projecten.
    ASR 2019
    Op aanvragen is de Algemene subsidieregeling SNN 2019 (ASR SNN 2019) van to
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.