Algemene Subsidieverordening Leidschendam-Voorburg 2026
Gemeente Leidschendam-Voorburg
Maatschappelijke organisaties en ondernemingen die activiteiten uitvoeren die aansluiten op de doelstellingen van de diverse subsidieregelingen van de gemeente.
Ook bekend als ASV
Waar is deze subsidie voor?
Algemene subsidieverordening van de gemeente Leidschendam-Voorburg die het kader vormt voor het verstrekken van subsidies aan maatschappelijke organisaties en ondernemingen. De verordening regelt aanvraagprocedures, verdelingsregels, subsidieplafonds en verantwoordingseisen. Specifieke subsidieregelingen worden per onderwerp vastgesteld met eigen budgetten en criteria.
Voor wie is het bedoeld?
Maatschappelijke organisaties en ondernemingen die activiteiten uitvoeren die aansluiten op de doelstellingen van de diverse subsidieregelingen van de gemeente.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil als maatschappelijke organisatie subsidie aanvragen voor een activiteit in mijn gemeente
- Ik wil weten hoe de gemeente subsidies verdeelt en welke criteria gelden
- Ik wil als onderneming subsidie aanvragen en moet weten welke staatssteunregels gelden
Voorwaarden
- Aanvraag moet in de regel worden ingediend voordat de activiteit plaatsvindt
- Voor ondernemingen: overzicht van reeds ontvangen of nog te ontvangen subsidies/vergoedingen moet worden verstrekt
- Voor ondernemingen: de-minimisverklaring moet worden ingeleverd
- Subsidie van meer dan €5.000 wordt vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling
- Verdelingsregels bepalen welke aanvragen worden gehonoreerd op basis van criteria zoals bijdrage aan doelstelling, beschikbare expertise, samenwerking, lokale binding, prijs-kwaliteit en innovatie
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1: ALGEMENE BEPALINGEN Artikel Artikel 1. Begripsomschrijvingen Artikel 2. Reikwijdte verordening Artikel 3. Subsidieregelingen Artikel 4. Bevoegdheid college Artikel 5. Europees steunkader Artikel 6. Subsidieplafond, verdelingsregels en voorbehoud Hoofdstuk 2: AANVRAAG Artikel Artikel 7. Incidentele en jaarlijkse subsidies Artikel 8. Aanvraag Artikel 9. Aanvraagtermijn Artikel 10. Openstellen voor nieuwe aanvragen Hoofdstuk 3: VERLENING Artikel Artikel 11. Beslistermijn Artikel 12. Weigerings- en intrekkingsgronden Artikel 13. Subsidieverlening Hoofdstuk 4: VERPLICHTINGEN Artikel Artikel 14. Algemene verplichtingen Artikel 15. Bijzondere verplichtingen Artikel 16. Inrichting administratie en verstrekken gegevens Artikel 17. Tussentijdse rapportage Hoofdstuk 5: VERANTWOORDING EN VASTSTELLING Artikel Artikel 18. Verantwoording Artikel 19. Verantwoording subsidies tot en met € 5.000 Artikel 20. Verantwoording subsidies van € 5.000 tot en met € 100.000 Artikel 21. Verantwoording subsidies van € 100.000 of meer Artikel 22. Vaststelling subsidies van meer dan € 5.000 Artikel 23. Te laat ingediende verantwoording Hoofdstuk 6: OVERIGE EN SLOTBEPALINGEN Artikel Artikel 24. Uurtarieven Artikel 25. Reserves en vermogensvorming Artikel 26. Hardheidsclausule Artikel 27. Inwerkingtreding en overgangsbepaling Artikel 28. Citeertitel Artikel Ondertekening Bijlage Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR736181 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR736181/1 sluiten ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING LEIDSCHENDAM-VOORBURG 2026 Geldend van 01-01-2026 t/m heden Intitulé ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING LEIDSCHENDAM-VOORBURG 2026 De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 15 oktober 2024; gelet op de artikelen 149 en 156, derde lid, van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; besluit vast te stellen: Algemene subsidieverordening Leidschendam-Voorburg 2026: Hoofdstuk 1: ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze verordening betekent: a. College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leidschendam-Voorburg; b. De-minimisverordening: • verordening (EU) nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun (PB L 2023/2831 van 15.12.2023), • verordening (EU) nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun in de landbouwproductiesector (PB L 352 van 24.12.2013), • verordening (EU) nr. 717/2014 van de Commissie van 27 juni 2014 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun in de visserij- en aquacultuursector (PB L 190 van 28.6.2014) • verordening (WU) nr. 2023/2832 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag op de-minimissteun op diensten van algemeen economisch belang verrichtende ondernemingen (PB L 2023/2832 van 15.12.2023), dan wel later daarvoor in de plaats tredende Europese regelgeving; c. Europees steunkader: een mededeling, richtsnoer, kaderregeling, besluit of vrijstellingsverordening op het gebied van staatssteun die de Europese Commissie of de Raad van de Europese Unie, gelet op de artikelen 106, derde lid, 107, 108 of 109 van het Verdrag heeft vastgesteld; d. Gemeente: de gemeente Leidschendam-Voorburg; e. Incidentele subsidie: een subsidie bedoeld voor eenmalige activiteiten die niet expliciet behoren tot de in de verschillende subsidieregelingen opgenomen activiteiten; f. Jaarlijkse subsidie: een subsidie die voor meerdere aaneengesloten kalenderjaren (meerjarig) wordt verstrekt voor activiteiten die zijn opgenomen in de verschillende subsidieregelingen. Bij een jaarlijkse subsidie geldt het kalenderjaar als uitgangspunt voor de subsidieverlening; g. Onderneming: ieder eenheid, ongeacht haar rechtsvorm of wijze van financiering, die een economische activiteit uitvoert; h. Raad: de gemeenteraad van de gemeente Leidschendam-Voorburg; i. Subsidieverlening; een voorlopige toekenning van een subsidie, op basis waarvan voorschotten worden verstrekt; j. Verleningsbeschikking: de beschikking waarin de subsidieverlening kenbaar wordt gemaakt aan de aanvrager; k. Verdrag; het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie; l. Wet: de Algemene wet bestuursrecht. Artikel 2. Reikwijdte verordening 1. Deze verordening is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college, met uitzondering van: a. subsidies waarvoor bij afzonderlijke verordening een uitputtende regeling is getroffen; of b. subsidies zoals bedoeld in artikel 4:23, derde lid, van de wet. 2. In afwijking van het eerste lid onder b kan het college bij de subsidieverlening bepalen dat deze verordening daarop geheel of gedeeltelijk van toepassing is. 3. Als het college subsidie verstrekt voor activiteiten die ook door andere bestuursorganen worden gesubsidieerd, kan het college afwijken van de in deze verordening opgenomen bepalingen. 4. Als het college subsidie verstrekt waarbij gebruik wordt gemaakt van extern door de gemeente ontvangen subsidiegelden, kan het college afwijken van de in deze verordening opgenomen bepalingen. Artikel 3. Subsidieregelingen Het college kan bij nadere regeling (hierna: subsidieregeling) vaststellen welke activiteiten in aanmerking komen voor subsidie. Voor zover van toepassing worden hierin ook overige bepalingen opgenomen die nodig zijn voor het verstrekken van een subsidie, zoals aan welke doelstelling(en) de subsidie bij dient te dragen en welke doelgroepen in aanmerking komen. De raad wordt door het college tijdig geïnformeerd over voorgenomen (wijzigingen van) subsidieregelingen, zodat de raad in de gelegenheid is om desgewenst zijn wensen en bedenkingen over het voornemen kenbaar te maken. Door het college vastgestelde subsidieregelingen worden ter kennisname aan de raad aangeboden. Artikel 4. Bevoegdheid college Het college is bevoegd om op grond van deze verordening subsidies te verstrekken, alsook tot het nemen van alle daarmee samenhangende besluiten op grond van titel 4.2 van de wet en deze verordening. Subsidies kunnen slechts worden verstrekt voor de activiteiten die vallen onder een door het college vastgestelde subsidieregeling en met inachtneming van deze verordening, de door de gemeenteraad in het kader van de vaststelling van de gemeentebegroting vastgestelde kaders en de in de gemeentebegroting opgenomen financiële middelen. Artikel 5. Europees steunkader 1. Voor zover dat ten behoeve van het voldoen aan een Europees steunkader noodzakelijk is, kan het college bij subsidieregeling afwijken van deze verordening en deze aanvullen. 2. Bij subsidieregelingen waarbij is bepaald dat toepassing kan worden gegeven aan een Europees steunkader, verwijst de subsidieregeling naar het betreffende steunkader. 3. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, verwijst de verleningsbeschikking naar de toepasselijke bepaling van het steunkader. 4. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen alleen de activiteiten, doelstellingen, resultaten en kosten die voldoen aan de eisen van het desbetreffende steunkader voor vergoeding in aanmerking. 5. Bij subsidies waarop een Europees steunkader van toepassing is, komen ondernemingen alleen in aanmerking voor zover de subsidieverstrekking voldoet aan de voorwaarden van het desbetreffende steunkader. Artikel 6. Subsidieplafond, verdelingsregels en voorbehoud 1. De raad stelt via de planning- en control-producten de totale budgetruimte voor de verschillende subsidieregelingen vast. Het college stelt de subsidieplafonds per subsidieregeling vervolgens binnen deze budgetruimte vast. 2. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging van het subsidieplafond en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende aanvragen. 3. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd door de raad, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen. 4. Bij bekendmaking van het subsidieplafond wordt verwezen naar de diverse subsidieregelingen waarin de wijze van (budget)verdeling is opgenomen. In iedere subsidieregeling worden verdelingsregels opgenomen om het voor de regeling maximaal beschikbare bedrag te verdelen, op basis waarvan soortgelijke aanvragen dan wel voor gelijksoortige activiteiten met elkaar worden vergeleken en beoordeeld. Deze verdelingsregels bevatten in ieder geval de volgende criteria: a. de mate waarin de aanvrager bij kan dragen aan de te realiseren doelstelling(en) van de subsidieregeling; b. de mate waarin al aanbod aanwezig is dat voorziet in de realisatie van de doelstelling(en) van de subsidieregeling; c. de mate waarin de aanvrager aantoonbaar beschikt over de benodigde kennis en expertise om de activiteiten uit te kunnen voeren; d. de mate waarin de aanvrager beoogt samen te werken dan wel samenwerkt met andere partijen; e. de mate van lokale binding; f. de prijs-kwaliteitverhouding; g. innovatie. 5. Het college kan in de subsidieregelingen afwijken van, of nadere bepalingen dan wel criteria opnemen ten aanzien van, de verdelingsregels zoals bedoeld in het vierde lid. Hoofdstuk 2: AANVRAAG Artikel 7. Incidentele en jaarlijkse subsidies 1. Het college maakt bij het verstrekken van subsidies onderscheid tussen incidentele en jaarlijkse subsidies: a. Incidentele subsidies kunnen worden aangevraagd voor eenmalige activiteiten die niet expliciet zijn opgenomen in de verschillende subsidieregelingen en die zijn afgebakend in tijd. Incidentele subsidies kunnen voor een periode van maximaal 48 maanden, zijnde aaneengesloten kalenderjaren, worden verstrekt; b. Een jaarlijkse subsidie kan worden aangevraagd voor activiteiten die zijn opgenomen in de verschillende subsidieregelingen of die bijdragen aan de hierin omschreven doelstelling(en); c. In het geval van een jaarlijkse subsidie maakt het college onderscheid tussen eenjarige en meerjarige subsidies. Eenjarige subsidies kunnen voor maximaal 12 maanden, zijnde één kalenderjaar, worden verstrekt. Meerjarige subsidies kunnen voor minimaal 12 maanden en maximaal 48 maanden, zijnde aaneengesloten kalenderjaren, worden verstrekt. d. Ten aanzien van sub a en c kan het college bij subsidieregeling bepalen op welke manier een activiteit waarvan de uitvoering meer dan 24 maanden in beslag neemt, tussentijds kan worden bijgesteld om aan te blijven sluiten op de maatschappelijke behoefte waar de activiteit in voorziet. 2. Het college geeft bij het openstellen van de mogelijkheid tot het indienen van een aanvraag dan wel in de verschillende subsidieregelingen aan welk soort subsidie, te weten eenjarig of jaarlijks, het betreft. Artikel 8. Aanvraag 1. De aanvraag voor een subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het college, met behulp van een digitaal aanvraagformulier dat het college hiervoor beschikbaar stelt. 2. Bij een aanvraag om subsidie verstrekt de aanvrager de volgende gegevens: a. Een plan waarin in ieder geval de volgende onderdelen terugkomen: i. Een beschrijving van de activiteit(en) waar subsidie voor wordt aangevraag […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.