Subsidieregeling 'Elke PEUTER een KANS!' 2023-2024
Gemeente Laren
Voor kinderopvangcentra (opvangvoorzieningen) in Laren die peuteropvang en/of VVE-programma's aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag of wel recht hebben op kinderopvangtoeslag.
Ook bekend als Elke PEUTER een KANS, EPEK
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor kinderopvangcentra in Laren die peuteropvang en/of voor- en vroegschoolse educatie (VVE) aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar. De gemeente subsidieert maximaal 8 uur per week peuteropvang en maximaal 16 uur per week VVE-peuteropvang. Regeling geldt voor 2023-2024.
Voor wie is het bedoeld?
Voor kinderopvangcentra (opvangvoorzieningen) in Laren die peuteropvang en/of VVE-programma's aanbieden aan peuters van 2 tot 4 jaar, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag of wel recht hebben op kinderopvangtoeslag.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor peuteropvang aan kinderen zonder recht op kinderopvangtoeslag
- Subsidie aanvragen voor VVE-peuteropvang (voor- en vroegschoolse educatie)
- Financiering van scholingskosten en VVE-gerelateerde programma's
- Ondersteuning van continuïteit voor kinderen die overgaan naar groep 1
Voorwaarden
- Opvangvoorziening moet ingeschreven zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Voor peuteropvang: ouders moeten aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag
- Voor VVE-peuteropvang: doelgroep peuters moeten een VVE-indicatie hebben van Jeugdgezondheidszorg regio Gooi & Vecht
- Peuteropvang: minimaal 8 uur per week, verdeeld over minimaal 2 dagdelen
- VVE-peuteropvang: minimaal 16 uur per week met gestructureerd VVE-programma
- Ouderbijdrage wordt berekend volgens VNG-advies tabel
- Opvangvoorziening moet administratie bijhouden en beschikbaar stellen voor controle
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- 1 jan 2025
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
SUBSIDIEREGELING ‘ELKE PEUTER EEN KANS’ vanaf 2025 GEMEENTE LAREN Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Laren; Overwegende dat: het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 2, lid 3 van de Algemene subsidieverordening Laren 2024, met het instellen van de nadere regeling ‘Elke PEUTER een KANS! 2025’ heeft besloten het mogelijk te maken dat een kinderopvangcentrum peuters een peuter- en/of vve-programma kan aanbieden tegen een gereduceerd tarief; deze regeling ten einde loopt indien er geen middelen meer vanuit het Rijk verstrekt worden en het daarmee geen gemeentelijke taak meer is; met onderstaande subsidieregeling een vervolg wordt gegeven aan genoemde nadere regeling; Gelet op: Artikel 2, lid 3 van de Algemene subsidieverordening Laren 2024 en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; B E S L U I T: Vast te stellen de Subsidieregeling ‘Elke PEUTER een KANS! vanaf 2025’, luidend als volgt: NIEUWE AFSPRAKEN SUBSIDIEREGELING ‘ELKE PEUTER EEN KANS’ vanaf 2025 GEMEENTE LAREN Artikel 1: Algemene bepalingen In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: 1 | Awb | De Algemene wet bestuursrecht 2 | Doelgroep peuter | Een peuter (leeftijdscategorie 2 tot 4 jaar) met een indicatie voor vroeg- en voorschoolse educatie (VVE) van Jeugdgezondheidszorg regio Gooi & Vecht. Deze indicatie is verstrekt aan de hand van criteria genoemd in bijlage 1. 3 | Inkomensverklaring | Een officiële verklaring van de Belastingdienst met daarin inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar. 4 | Kinderopvang | De opvang van kinderen in de zin van de Wet kinderopvang. 5 | Kinderopvangtoeslag | Een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang. De Belastingdienst betaalt deze tegemoetkoming iedere maand als voorschot uit. Het inkomen heeft invloed op de hoogte van de toeslag en wijziging dient te worden doorgegeven aan de belastingdienst. Als bij de definitieve berekening, na afloop van het toeslagjaar, blijkt dat dit voorschot te hoog of te laag was dan volgt een terug- of nabetaling. 6 | Kostwinnersgezinnen | Kostwinnersgezinnen is een term van de belastingdienst, deze ouders vallen niet onder de Wet Kinderopvang. Deze ouders zijn voor bekostiging afhankelijk van een gemeentelijke subsidiebijdrage aangevuld met de ouderbijdrage. 7 | Landelijk Register Kinderopvang (LRK) | Register waarin alle kindercentra, gastouderbureaus en voorzieningen voor gastouderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen. 8 | Maximumuurtarief | Het maximale uurtarief zoals vastgelegd in het (landelijke) Besluit kinderopvangtoeslag. 9 | Opvangvoorziening | Voorziening voor peuteropvang of peuteropvang VVE niet zijnde gastouderopvang of buitenschoolse opvang. 10 | Ouder | Ouder of de pleegouder van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft, volgens Wet Kinderopvang. 11 | Ouderbijdrage | Verplichte financiële bijdrage van ouders voor de afname van peuteropvang. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald aan de hand van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. 12 | Ouderverklaring geen recht op kinderopvangtoeslag | Een document waarop de ouder verklaart geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag. Als bewijsstuk kan hierbij een inkomensverklaring gevoegd worden. 13 | Peuteropvang | De opvang van peuters voor 8 uur per week in een voorschoolse voorziening, verdeeld over minimaal 2 dagdelen, waarbij een ontwikkeling stimulerend programma, ter voorbereiding op de basisschool, wordt aangeboden. 14 | Peuteropvang VVE | Peuteropvang van 16 uur per week waar doelgroep peuters een gestructureerd VVE programma wordt aangeboden ter voorbereiding op de basisschool, conform het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 15 | Subsidieregeling VVE | Een specifieke kind-volgende regeling aangaande peuteropvang en voorschoolse educatie waarin de beleidskaders en doelstellingen verwerkt zijn. 16 | Voor –en Vroegschoolse educatie (VVE) | Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) is een door het Nederlands Jeugdinstituut erkend educatief programma gericht op het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden. Deze programma’s starten in een voorschoolse voorziening en lopen door tot en met groep 2 van de basisschool. 17 | Voorschoolse Educatie | Voorschoolse Educatie is voor doelgroep peuters zoals bedoeld in de Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie en zoals bedoeld in artikel 166, eerste en tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, die voldoet aan de kwaliteitseisen van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie 2010. 18 | Voorschoolse voorziening | Een voorziening voor kinderen van 0 tot 4 jaar aangaande opvang en educatie. 19 | Vroegschoolse Educatie | Een vroegschool is groep 1 en 2 op de basisschool, waarin leerkrachten met een VVE-programma werken, zodat kinderen beter voorbereid aan groep 3 beginnen. Een voorschool werkt in doorgaande leerlijn samen met een basisschool. De basisschool is verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie. 20 | Warme overdracht | overdrachtsgesprek tussen ouder, de kinderopvang en de basisschool. 21 | Wet OKE | Wet Ontwikkelingskansen en Kwaliteit door Educatie. 22 | WKO | Wet kinderopvang. Artikel 2: Doelstellingen Deze regeling heeft ten doel het realiseren van een kwalitatief goed aanbod van peuteropvang met voorschoolse educatie, gericht op de stimulering van de ontwikkeling van peuters, en met een sterke doorgaande lijn met de basisscholen van Laren. Om het VVE beleid goed vorm te geven, voeren burgemeesters en wethouders ten minste jaarlijks overleg met kinderopvangorganisaties, het primair onderwijs en de GGD met betrekking tot afspraken over de inzet van voor- en vroegschoolse educatie met als uitgangspunten dat: A.. Peuters deel nemen aan een voorschoolse voorziening die voldoet aan de kwaliteitscriteria van de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang (wet IKK); Een zo groot mogelijke deelname van het aantal kinderen aan voorschoolse educatie wordt gerealiseerd. Er worden afspraken gemaakt over: - welke kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal in aanmerking komen voor een voorschoolse educatie, - de wijze van toeleiding naar voorschoolse en vroegschoolse educatie - de organisatie van de doorlopende leerlijn van voor- naar vroegschoolse educatie B.. Peuters met een VVE indicatie volgen een VVE programma dat voldoet aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie; C.. Het VVE programma zet in op het voorkomen, vroegtijdig opsporen en aanpakken van taal- en onderwijsachterstanden bij peuters; D.. Het VVE programma stimuleert de ontwikkeling van (doelgroep)peuters op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Om peuters een goede een kans te geven op een start in het onderwijs zonder achterstand. Artikel 3: Subsidiabele activiteiten De volgende activiteiten komen in aanmerking voor subsidie: 1.. Een aanbod van peuteropvang aan peuters van ouders die aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag op grond van afdeling 2 van de WKO - waarbij de gemeente maximaal 8 uur per week subsidieert. 2.. Een aanbod van minimaal 16 uur per week peuteropvang VVE aan doelgroep peuters vanaf 2 tot 4 jaar van zowel ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag als ouders met recht op kinderopvangtoeslag waarbij de gemeente maximaal 16 uur per week subsidieert. - Voor doelgroep peuters tussen 2 en 2,5 jaar oud kan de peuteropvang, in afstemming met de gemeente, besluiten om een doelgroep peuter op minder dan 16 uur per week te laten starten. Maatwerk ligt hieraan ten grondslag. Wanneer een doelgroep peuter de leeftijd van 2,5 jaar bereikt; moet volgens de landelijke norm een VVE-programma van 960 uur worden aangeboden door de opvangvoorziening. 3.. De verleende subsidie is inclusief de kosten ten behoeve van een kwaliteitsimpuls. Hieronder vallen scholingskosten VVE en VVE gerelateerde programma’s. 4.. De verleende subsidie kan ingezet worden om een doelgroep peuter die 4 tot maximaal 6 weken voor de vakantie vier jaar wordt, tot aan de vakantie te laten overbruggen om continuïteit te waarborgen voor het kind. Vanaf de leeftijd van 4 jaar gaat in doorgaande lijn de voorschoolse educatie binnen de kinderopvang over in vroegschoolse educatie binnen groep 1 en 2 van het onderwijs. Vanaf aanmelding heeft de school een zorgplicht voor aangemelde kinderen; - Om bij een zorgvraag een goede doorgaande lijn te waarborgen maakt de peuteropvang VVE samen met ouders, school en andere betrokken professionals een plan rondom het kind (wat het kind nodig heeft om te kunnen starten in het primair onderwijs, welke extra zorg/begeleiding om het kind heen georganiseerd, hoe wordt de financiering vormgegeven). Artikel 4: Basisvoorwaarden De opvangvoorziening komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking wanneer: 1.. De opvangvoorziening gevestigd is in de gemeente Laren en opvang verzorgt aan (doelgroep) peuters woonachtig in de gemeente Laren. - In afstemming met de gemeente Laren is ook plaatsing van (doelgroep) peuters uit omringende gemeenten mogelijk. 2.. De opvangvoorziening op 1 januari van het betreffende kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, ingeschreven staat als kinderdagverblijf in het LRK. 3.. Voor doelgroep peuters de aantekening voorschoolse educatie ‘ja’ aanwezig is bij de opvangvoorziening in het LRK. 4.. Voor doelgroep peuters een aanbod wordt gerealiseerd van minimaal 960 uur over 1,5 jaar voor peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. 5.. De opvangvoorziening voldoet aan de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van kinderopvang en de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van voorschoolse educatie zoals opgenomen in de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 6.. De opvangvoorziening werkt met een kind-volgsysteem en een erkend VVE programma. 7.. De opvangvoorziening die een subsidie peuteropvang of VVE peuteropvang ontvangt stelt voorafgaande aan de plaatsing van de peuter vast of de ouders geen recht op kinderopvangtoeslag hebben en daarmee recht op peuteropvang. 8.. De opvangvoorziening factureert en int de ouderbijdrage zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en is verantwoordelijk voor het daadwerkelijk ontvangen van deze bijdrage. 9.. De opvangvoorziening sluit met de ouders een overeenkomst voor de peuterplaats waarin rechten en plichten zijn vastgelegd. 10.. De opvangvoorziening is verplicht de ouders te stimuleren daadwerkelijk gebruik te maken van de gesubsidieerde plaats peuteropvang en/of VVE peuteropvang en bij structureel geen gebruik maken van de plaats de plaatsing te beëindigen. Dit laat onverlet dat de ouders verplicht zijn de eigen bijdrage over de periode dat zij een overeenkomst met de opvangvoorzieningen hebben te betalen. Deze gefactureerde of te factureren ouderbijdrage wordt altijd in mindering gebracht op de vast te stellen subsidie voor de peuterplaats. Artikel 5: Kwaliteitseisen De opvangvoorziening komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking wanneer: 1.. Op de kwaliteit van de opvangvoorziening wordt toegezien door de GGD. De GGD wordt op de hoogte gesteld van de aanvullende gemeentelijke kwaliteitscriteria en het aangeboden VVE programma. De GGD voert inspectie op locatie uit. 2.. De opvangvoorziening biedt alle peuters op hetzelfde moment een educatief programma aan. Het programma betreft 4 uur per dag en sluit aan op het startmoment van de basisschool. 3.. De opvangvoorziening beschrijft in hun beleidsplan de wijze waarop: - de organisatie investeert in het permanent leren van personeel en bevat daarbij de investering in tijd; - pedagogisch medewerkers met regelmaat worden bijgeschoold en daarnaast de mogelijkheid krijgen te leren en reflecteren continue op de eigen praktijk. - de organisatie investeert in oudersamenwerking. 4.. De opvangvoorziening stelt een voorleesbeleid op waarin staat beschreven op welke wijze er wordt ingezet op leesbevordering en de organisatie: - investeert in een positief v […tekst ingekort]
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Artikel Artikel 1: Algemene bepalingen Artikel 2: Doelstellingen Artikel 3: Subsidiabele activiteiten Artikel 4: Basisvoorwaarden Artikel 5: Kwaliteitseisen Artikel 6: Aanvraagprocedure Artikel 7: Subsidiabele kosten Artikel 8: Facturatie Artikel 9: Rapportageverplichtingen Artikel 10: Citeertitel Artikel 11: Inwerkingtreding Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR683417 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR683417/1 sluiten SUBSIDIEREGELING ‘ELKE PEUTER EEN KANS’ 2023-2024 GEMEENTE LAREN Geldend van 15-11-2022 t/m heden Intitulé SUBSIDIEREGELING ‘ELKE PEUTER EEN KANS’ 2023-2024 GEMEENTE LAREN Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Laren; Overwegende dat: het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 2, lid 3 van de Algemene subsidieverordening Laren 2011, met het instellen van de nadere regeling ‘Elke PEUTER een KANS! 2020-2022’ heeft besloten het mogelijk te maken dat een kinderopvangcentrum peuters een peuter- en/of vve-programma kan aanbieden tegen een gereduceerd tarief; deze regeling met ingang van 1 januari 2023 ten einde loopt; met onderstaande subsidieregeling een vervolg wordt gegeven aan genoemde nadere regeling; Gelet op: Artikel 2, lid 3 van de Algemene subsidieverordening Laren 2011 en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht; B E S L U I T: Vast te stellen de Subsidieregeling ‘Elke PEUTER een KANS! 2023 – 2024’, luidend als volgt: NIEUWE AFSPRAKEN SUBSIDIEREGELING ‘ELKE PEUTER EEN KANS’ 2023-2024 GEMEENTE LAREN Artikel 1: Algemene bepalingen In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: 1 Awb De Algemene wet bestuursrecht 2 Doelgroep peuter Een peuter (leeftijdscategorie 2 tot 4 jaar) met een indicatie voor vroeg- en voorschoolse educatie (VVE) van Jeugdgezondheidszorg regio Gooi & Vecht. Deze indicatie is verstrekt aan de hand van criteria genoemd in bijlage 1. 3 Inkomensverklaring Een officiële verklaring van de Belastingdienst met daarin inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar. 4 Kinderopvang De opvang van kinderen in de zin van de Wet kinderopvang. 5 Kinderopvangtoeslag Een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang. De Belastingdienst betaalt deze tegemoetkoming iedere maand als voorschot uit. Het inkomen heeft invloed op de hoogte van de toeslag en wijziging dient te worden doorgegeven aan de belastingdienst. Als bij de definitieve berekening, na afloop van het toeslagjaar, blijkt dat dit voorschot te hoog of te laag was dan volgt een terug- of nabetaling. 6 Kostwinnersgezinnen Kostwinnersgezinnen is een term van de belastingdienst, deze ouders vallen niet onder de Wet Kinderopvang. Deze ouders zijn voor bekostiging afhankelijk van een gemeentelijke subsidiebijdrage aangevuld met de ouderbijdrage. 7 Landelijk Register Kinderopvang (LRK) Register waarin alle kindercentra, gastouderbureaus en voorzieningen voor gastouderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen. 8 Maximumuurtarief Het maximale uurtarief zoals vastgelegd in het (landelijke) Besluit kinderopvangtoeslag. 9 Opvangvoorziening Voorziening voor peuteropvang of peuteropvang VVE niet zijnde gastouderopvang of buitenschoolse opvang. 10 Ouder Ouder of de pleegouder van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft, volgens Wet Kinderopvang. 11 Ouderbijdrage Verplichte financiële bijdrage van ouders voor de afname van peuteropvang. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald aan de hand van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst. 12 Ouderverklaring geen recht op kinderopvangtoeslag Een document waarop de ouder verklaart geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag. Als bewijsstuk kan hierbij een inkomensverklaring gevoegd worden. 13 Peuteropvang De opvang van peuters voor 8 uur per week in een voorschoolse voorziening, verdeeld over minimaal 2 dagdelen, waarbij een ontwikkeling stimulerend programma, ter voorbereiding op de basisschool, wordt aangeboden. 14 Peuteropvang VVE Peuteropvang van 16 uur per week waar doelgroep peuters een gestructureerd VVE programma wordt aangeboden ter voorbereiding op de basisschool, conform het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 15 Subsidieregeling VVE Een specifieke kind-volgende regeling aangaande peuteropvang en voorschoolse educatie waarin de beleidskaders en doelstellingen verwerkt zijn. 16 Voor –en Vroegschoolse educatie (VVE) Voor- en vroegschoolse educatie (VVE) is een door het Nederlands Jeugdinstituut erkend educatief programma gericht op het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden. Deze programma’s starten in een voorschoolse voorziening en lopen door tot en met groep 2 van de basisschool. 17 Voorschoolse Educatie Voorschoolse Educatie is voor doelgroep peuters zoals bedoeld in de Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie en zoals bedoeld in artikel 166, eerste en tweede lid, van de Wet op het primair onderwijs, die voldoet aan de kwaliteitseisen van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie 2010. 18 Voorschoolse voorziening Een voorziening voor kinderen van 0 tot 4 jaar aangaande opvang en educatie. 19 Vroegschoolse Educatie Een vroegschool is groep 1 en 2 op de basisschool, waarin leerkrachten met een VVE-programma werken, zodat kinderen beter voorbereid aan groep 3 beginnen. Een voorschool werkt in doorgaande leerlijn samen met een basisschool. De basisschool is verantwoordelijk voor de vroegschoolse educatie. 20 Warme overdracht overdrachtsgesprek tussen ouder, de kinderopvang en de basisschool. 21 Wet OKE Wet Ontwikkelingskansen en Kwaliteit door Educatie. 22 WKO Wet kinderopvang. Artikel 2: Doelstellingen Deze regeling heeft ten doel het realiseren van een kwalitatief goed aanbod van peuteropvang met voorschoolse educatie, gericht op de stimulering van de ontwikkeling van peuters, en met een sterke doorgaande lijn met de basisscholen van Laren. Om het VVE beleid goed vorm te geven, voeren burgemeesters en wethouders ten minste jaarlijks overleg met kinderopvangorganisaties, het primair onderwijs en de GGD met betrekking tot afspraken over de inzet van voor- en vroegschoolse educatie met als uitgangspunten dat: A. Peuters deel nemen aan een voorschoolse voorziening die voldoet aan de kwaliteitscriteria van de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang (wet IKK); Een zo groot mogelijke deelname van het aantal kinderen aan voorschoolse educatie wordt gerealiseerd. Er worden afspraken gemaakt over: 1. welke kinderen met een risico op een achterstand in de Nederlandse taal in aanmerking komen voor een voorschoolse educatie, 2. de wijze van toeleiding naar voorschoolse en vroegschoolse educatie 3. de organisatie van de doorlopende leerlijn van voor- naar vroegschoolse educatie B. Peuters met een VVE indicatie volgen een VVE programma dat voldoet aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie; C. Het VVE programma zet in op het voorkomen, vroegtijdig opsporen en aanpakken van taal- en onderwijsachterstanden bij peuters; D. Het VVE programma stimuleert de ontwikkeling van (doelgroep)peuters op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling. Om peuters een goede een kans te geven op een start in het onderwijs zonder achterstand. Artikel 3: Subsidiabele activiteiten De volgende activiteiten komen in aanmerking voor subsidie: 1. Een aanbod van peuteropvang aan peuters van ouders die aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag op grond van afdeling 2 van de WKO - waarbij de gemeente maximaal 8 uur per week subsidieert. 2. Een aanbod van minimaal 16 uur per week peuteropvang VVE aan doelgroep peuters vanaf 2 tot 4 jaar van zowel ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag als ouders met recht op kinderopvangtoeslag waarbij de gemeente maximaal 16 uur per week subsidieert. • Voor doelgroep peuters tussen 2 en 2,5 jaar oud kan de peuteropvang, in afstemming met de gemeente, besluiten om een doelgroep peuter op minder dan 16 uur per week te laten starten. Maatwerk ligt hieraan ten grondslag. Wanneer een doelgroep peuter de leeftijd van 2,5 jaar bereikt; moet volgens de landelijke norm een VVE-programma van 960 uur worden aangeboden door de opvangvoorziening. 3. De verleende subsidie is inclusief de kosten ten behoeve van een kwaliteitsimpuls. Hieronder vallen scholingskosten VVE en VVE gerelateerde programma’s. 4. De verleende subsidie kan ingezet worden om een doelgroep peuter die 4 tot maximaal 6 weken voor de vakantie vier jaar wordt, tot aan de vakantie te laten overbruggen om continuïteit te waarborgen voor het kind. Vanaf de leeftijd van 4 jaar gaat in doorgaande lijn de voorschoolse educatie binnen de kinderopvang over in vroegschoolse educatie binnen groep 1 en 2 van het onderwijs. Vanaf aanmelding heeft de school een zorgplicht voor aangemelde kinderen; • Om bij een zorgvraag een goede doorgaande lijn te waarborgen maakt de peuteropvang VVE samen met ouders, school en andere betrokken professionals een plan rondom het kind (wat het kind nodig heeft om te kunnen starten in het primair onderwijs, welke extra zorg/begeleiding om het kind heen georganiseerd, hoe wordt de financiering vormgegeven). Artikel 4: Basisvoorwaarden De opvangvoorziening komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking wanneer: 1. De opvangvoorziening gevestigd is in de gemeente Laren en opvang verzorgt aan (doelgroep) peuters woonachtig in de gemeente Laren. • In afstemming met de gemeente Laren is ook plaatsing van (doelgroep) peuters uit omringende gemeenten mogelijk. 2. De opvangvoorziening op 1 januari van het betreffende kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, ingeschreven staat als kinderdagverblijf in het LRK. 3. Voor doelgroep peuters de aantekening voorschoolse educatie ‘ja’ aanwezig is bij de opvangvoorziening in het LRK. 4. Voor doelgroep peuters een aanbod wordt gerealiseerd van minimaal 960 uur over 1,5 jaar voor peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. 5. De opvangvoorziening voldoet aan de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van kinderopvang en de basisvoorwaarden voor de kwaliteit van voorschoolse educatie zoals opgenomen in de Wet Kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. 6. De opvangvoorziening werkt met een kind-volgsysteem en een erkend VVE programma. 7. De opvangvoorziening die een subsidie peuteropvang of VVE peuteropvang ontvangt stelt voorafgaande aan de plaatsing van de peuter vast of de ouders geen recht op kinderopvangtoeslag hebben en daarmee recht op peuteropvang. 8. De opvangvoorziening factureert en int de ouderbijdrage zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders en is verantwoordelijk voor het daadwerkelijk ontvangen van deze bijdrage. 9. De opvangvoorziening sluit met de ouders een overeenkomst voor de peuterplaats waarin rechten en plichten zijn vastgelegd. 10. De opvangvoorziening is verplicht de ouders te stimuleren daadwerkelijk gebruik te maken van de gesubsidieerde plaats peuteropvang en/of VVE peuteropvang en bij structureel geen gebruik maken van de plaats de plaatsing te beëindigen. Dit laat onverlet dat de ouders verplicht zijn de eigen bijdrage over de periode dat zij een overeenkomst met de opvangvoorzieningen hebben te betalen. Deze gefactureerde of te factureren ouderbijdrage wordt altijd in mindering gebracht op de vast te stellen subsidie voor de peuterplaats. Artikel 5: Kwaliteitseisen De […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.