Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026
Gedeputeerde Staten van Noord-Holland
Voor MKB-ondernemingen met een vestiging in Noord-Holland die een haalbaarheidsproject willen uitvoeren voor innovatieve producten, processen, diensten of technologieën.
Ook bekend als MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor MKB-ondernemingen in Noord-Holland voor het uitvoeren van haalbaarheidsprojecten gericht op innovatie in topsectoren. De subsidie bedraagt 35% van de subsidiabele kosten, maximaal €20.000 per project. Totaal beschikbaar budget: €2.570.400.
Voor wie is het bedoeld?
Voor MKB-ondernemingen met een vestiging in Noord-Holland die een haalbaarheidsproject willen uitvoeren voor innovatieve producten, processen, diensten of technologieën.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil subsidie voor onderzoek naar de haalbaarheid van een nieuw product
- Ik ben een MKB-bedrijf en wil financiering voor een innovatief project
- Ik zoek steun voor risicovol onderzoeks- en ontwikkelingstraject
Voorwaarden
- MKB-onderneming met vestiging in Noord-Holland waar merendeel bedrijfsactiviteiten plaatsvindt
- Haalbaarheidsproject gericht op nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, proces, dienst of technologie
- Project moet technisch en financieel risicovol zijn
- Bijdrage aan Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid (geldend 7 april 2026)
- Voldoende economisch perspectief en uitvoerbaarheid
- Personeelskosten maximaal €60 per uur
- Kosten derden maximaal €60 per uur
- Geen dubbele financiering toegestaan
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Zo vraagt u aan
Zoals beschreven door de verstrekker. Onvolledig? Controleer altijd het officiële loket.
Stappen
- Vul het aanvraagformulier in op www.noord-holland.nl/Loket/Subsidies
- Dien de aanvraag in voor 17:00 uur in de periode 7 april 2026 tot en met 15 september 2026
Benodigde documenten
- De-minimisverklaring
Aan te leveren gegevens
- Inhoudelijke beschrijving van de activiteiten van het haalbaarheidsproject
- Startdatum van het project
- Aangevraagd subsidiebedrag
- Beschrijving van het beoogde R&D-vervolgproject
- Doelstelling
- Beoogde resultaten
- Tijdsplanning
- Onderbouwing dat aan de criteria van artikel 3 en 8 wordt voldaan
- Begroting van de kosten per deelactiviteit
- Financieringsplan van de kosten
- Samenvatting van het haalbaarheidsproject
- Schriftelijke toestemming voor gebruik van samenvatting in publicaties
Aanvraag moet worden ingediend in de periode 7 april 2026 tot en met 15 september 2026 voor 17:00 uur; aanvragen buiten deze periode worden geweigerd.
Openstellingen en rondes
- Start
- 7 apr 2026
- Sluit
- 15 sep 2026
- Budget
- € 2,6 mln
- Verdeling
- -
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Documenten
- 34c97407-8397-4f89-8d55-ac109c43fb6c.pdf · 7 pag.
Toon documenttekst
1 Uitvoeringsregeling MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 (MIT) Toelichting op de Uitvoeringsregeling Alle informatie en formulieren voor het indienen van een subsidieaanvraag voor de Uitvoeringsregeling vindt u op: www.noord-holland.nl/Loket/Subsidies > Subsidie aanvragen > Economie & Landbouw > MKB innovatiestimulering topsectoren (MIT) Noord-Holland – Haalbaarheidsproject, subsidie. Hierna: Loket/Subsidies. I. Inleiding Deze toelichting geeft uitleg over de achtergrond, de procedure en de regelgeving die horen bij de Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 (Provinciaal Blad Nr. 3072, van 25 februari 2026), hierna: de Uitvoeringsregeling. Deze toelichting schept geen nieuwe regelgeving. De Uitvoeringsregeling MKB innovatiestimulering topsectoren (MIT) is voortgekomen uit een samenwerking tussen het Ministerie van Economische Zaken, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en provincies en regio’s. De MIT wordt door RVO en door de regionale uitvoeringsinstanties, waaronder provincie Noord-Holland, uitgevoerd op basis van door henzelf vastgestelde (zelfstandige) subsidieregelingen. Vraagt u subsidie aan op grond van de Uitvoeringsregeling van de provincie Noord-Holland, dan kunt u geen beroep doen op regels en bepalingen uit MIT-subsidieregelingen van andere uitvoerende instanties. De Uitvoeringsregeling heeft tot doel om door middel van subsidieverlening duurzame innovatie in het MKB in Noord-Holland te stimuleren. Hiertoe bestaat een tweetal instrumenten waarvoor subsidie kan worden aangevraagd, namelijk de onderdelen haalbaarheidsprojecten en R&D-samenwerkingsprojecten. Deze toelichting gaat specifiek over het onderdeel haalbaarheidsprojecten. NB: Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland maakt voor de inhoudelijke beoordeling van MIT-haalbaarheidsprojecten gebruik van advies van ROM InWest. II. Wet- en regelgeving. Op deze regeling is de volgende wet- en regelgeving van toepassing: • Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026, (Provinciaal Blad Nr. 3072, van 25 februari 2026), hierna: de Uitvoeringsregeling. • De (deel)programma’s en missies in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid voor de MIT 2026 worden gepubliceerd door het ministerie van Economische Zaken (EZ) in Bijlage 3.4.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies en in de Staatscourant. Op het moment dat dit document is opgesteld, heeft deze publicatie nog niet plaatsgevonden. Op het Loket/ Subsidies wordt daarom een conceptversie gepubliceerd. Zodra de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies en de Staatscourant zijn gepubliceerd, wordt dit op het Loket/Subsidies vermeld met een link naar de websites/documenten. • De algemene de-minimisverordening. • Voor de definitie van een MKB-onderneming wordt verwezen naar artikel 2, onder 2 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV). Links naar deze wet- en regelgeving vindt u op de webpagina van de MIT-haalbaarheidsprojecten op het Loket/Subsidies, onder het uitklapblokje ‘Wet- en Regelgeving’. -- 1 of 7 -- 2 Daarnaast is nog de volgende wet- en regelgeving van toepassing: • Algemene Wet Bestuursrecht (Awb). • Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011. Deze kunt u vinden op onze website, op de pagina Loket/Subsidies. III. Procedure Voor een nadere instructie met betrekking tot het indienen van de aanvraag, zie de informatie op het Loket/Subsidies. Indieningsperiode De indieningsperiode opent op 7 april 2026 en sluit op 15 september 2026 om 17.00 uur. Als uw aanvraag voor of na deze periode door ons wordt ontvangen, wordt deze geweigerd. Taal Aanvragen dienen te worden ingediend in het Nederlands. Als de aanvraag in een andere taal is geschreven, zullen wij u vragen deze te vertalen. Verplichte bijlagen bij subsidieaanvraag Een subsidieaanvraag bestaat uit een aanvraagformulier en een aantal (verplichte) bijlagen. Deze bijlagen staan vermeld in het aanvraagformulier. Indienen digitaal via Subsidieportaal of per post / afgeven aan de balie Subsidie kan op twee manieren worden aangevraagd: digitaal via eHerkenning, of per post dan wel per afgifte aan de balie van de provincie. Subsidieportaal Let op! Alhoewel het (voorlopig) mogelijk blijft om uw subsidieaanvraag in te dienen per post of aan de balie van het provinciekantoor, raden wij u ten zeerste aan om gebruik te maken van het nieuwe subsidieportaal. In dit subsidieportaal heeft u als subsidieaanvrager toegang tot informatie over uw eigen subsidieaanvra(a)g(en), zoals verleende subsidie(s), rapportagedata en correspondentie over uw aanvraag. Ook krijgt u meldingen voordat u bijvoorbeeld een rapportage moet indienen en op het moment dat de brief met het besluit over uw aanvraag in het dossier staat. Als u uw subsidieaanvraag indient per post of afgeeft bij de balie heeft u deze voordelen niet en heeft u gedurende de aanvraagprocedure geen inzicht in uw subsidiedossier. Aanvragen indienen per post of afgeven aan de balie van het provinciekantoor Indien u toch een papieren aanvraag wilt indienen, raden wij u aan deze af te geven aan de balie van het provinciekantoor omdat het belangrijk is dat wij de aanvraag precies op 7 april 2026 ontvangen. Aanvragen die wij eerder dan 7 april 2026 ontvangen, worden geweigerd. En, vanwege het grote aantal aanvragen dat doorgaans op de eerste dag wordt ingediend, is de kans op een beoordeling – en daarmee op subsidie – kleiner als wij uw aanvraag na 7 april 2026 ontvangen. Digitaal indienen via het Subsidieportaal Indien u de aanvraag digitaal wilt indienen, houd dan rekening met de volgende punten: U dient over een account voor eHerkenning te beschikken. Dienst: ‘Subsidieportaal’ van de provincie Noord-Holland. Betrouwbaarheidsniveau: ‘EH2+’. • Gebruik de eHerkenning van de onderneming die het haalbaarheidsproject gaat uitvoeren (subsidieaanvrager). Als het KvK-nummer waarop het eHerkenning-inlogmiddel betrekking heeft niet overeenkomt met het KvK-nummer van de onderneming die het haalbaarheidsproject gaat uitvoeren, is de aanvraag niet juist ondertekend en daarmee onvolledig. • Bent u intermediair en wilt u namens een andere organisatie digitaal een aanvraag voor subsidie indienen? Dit kan alleen via ketenmachtiging. • Digitaal indienen via het subsidieportaal is mogelijk vanaf 7 april 2026 tot 15 september 2026, 17.00 uur. • Om de aanvraag via het subsidieportaal te kunnen indienen, dient u alle vragen te hebben beantwoord, de noodzakelijke bijlagen te hebben geüpload, en het formulier te hebben ondertekend middels eHerkenning. • Welke bijlagen u moet uploaden in het subsidieportaal, en welke informatie u nog moet invullen nadat u bent ingelogd op het subsidieportaal, staat in het document ‘Informatie te -- 2 of 7 -- 3 verstrekken in subsidieportaal’, te vinden op de webpagina van de onderhavige regeling, onder ‘Meer informatie’. • U ontvangt niet direct een bevestiging van de indiening, maar kunt in het subsidieportaal zelf controleren of de aanvraag is ingediend. IV. de Uitvoeringsregeling Hieronder volgt artikelsgewijs, waar relevant, een toelichting op hetgeen is opgenomen in de Uitvoeringsregeling. Artikel 2 Doelgroep En artikel 1 sub a: Begripsbepaling MKB-onderneming Een aanvraag voor subsidie voor een MIT-haalbaarheidsproject kan worden ingediend door een MKB-onderneming die volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel is gevestigd in Noord- Holland, op die locatie het merendeel van de bedrijfsactiviteiten uitvoert en van plan is daar het haalbaarheidsproject uit te voeren in voorbereiding op een innovatief Research & Development vervolgtraject. Voor de definitie van een MKB-onderneming wordt verwezen naar artikel 2, onder 2 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening (AGVV). In dit artikel wordt verwezen naar Bijlage 1 (KMO-definitie = MKB-definitie) van de AGVV. Als onderneming wordt beschouwd iedere entiteit, ongeacht haar rechtsvorm, die een economische activiteit uitoefent. Indien sprake is van partner- of verbonden ondernemingen (zie de definities in Bijlage 1 van de AGVV) gelden deze als één MKB-onderneming bij toepassing van artikel 2, artikel 4, tweede lid, onder e en artikel 9, onder c, d en f van de uitvoeringsregeling. In overige artikelen waar de MKB-onderneming is genoemd gaat het specifiek om de onderneming die de subsidie aanvraagt en het haalbaarheidsproject zal uitvoeren. Artikel 3 Subsidiabele activiteit: haalbaarheidsproject En artikelen 1 sub b, 1 sub d en 1 sub e: Begripsbepalingen haalbaarheidsproject, experimentele ontwikkeling en industrieel onderzoek Het haalbaarheidsproject kan ook experimentele ontwikkeling en industrieel onderzoek bevatten. Dit is echter niet noodzakelijk en er is ook geen maximumpercentage (meer) aan deze activiteiten gesteld. Belangrijk is dat u in het aanvraagformulier duidelijk maakt hoe de activiteiten van het haalbaarheidsproject bijdragen aan de beslissing om het beoogde vervolg-R&D-traject te starten. Artikel 4 Vereisten aanvraagformulier Maak voor het indienen van uw subsidieaanvraag gebruik van het door de provincie Noord- Holland beschikbaar gestelde aanvraagformulier. Met het gedetailleerd en volledig invullen van het aanvraagformulier en toevoegen van de verplichte bijlagen verstrekt u de informatie die nodig is voor de beoordeling van uw subsidieaanvraag (artikel 4, lid 2). Indien informatie ontbreekt of onvolledig is, kan dit aanleiding zijn uw aanvraag niet in behandeling te nemen of als onvoldoende te beoordelen en daarom te weigeren. Het aanvraagformulier is in 2026 gewijzigd ten opzichte van vorig jaar. Gebruik niet het aanvraagformulier van een eerder jaar, of van een andere instantie, provincie of regio. De projectbegroting dient u bij te voegen als Excel-document (en dus niet als een Pdf-bestand). Verder is het niet toegestaan inhoudelijk (bijna) identieke subsidieaanvragen (gebaseerd op hetzelfde projectplan) in te dienen. Ook niet als deze worden ingediend door verschillende (gelieerde) MKB-ondernemingen. Dit omdat door het indienen van meerdere subsidieaanvragen een hogere kans op een gunstige plek in de loting en dus een hogere kans op beoordeling van de aanvraag wordt gecreëerd. Ook kunnen wij geen twee keer subsidie verlenen voor dezelfde activiteiten. Indien wij na indiening ontdekken dat er toch meerdere aanvragen zijn ingediend met hetzelfde projectplan, dan zullen deze allemaal worden geweigerd. Zorg er ook voor dat alle informatie in de subsidieaanvraag specifiek is voor de onderneming en het project. Als hierover in de beoordeling twijfels ontstaan, zal subsidie worden geweigerd. Artikel 5 Openstelling Doorgaans ontvangen wij op de eerste dag van indiening een grote hoeveelheid aanvragen waarmee het totale aangevraagde subsidiebedrag het subsidieplafond overschrijdt. Het is daarom belangrijk om uw aanvraag zo snel mogelijk in te dienen. Indien u uw aanvraag na 7 april 2026 -- 3 of 7 -- 4 indient, beoordelen wij eerst de aanvragen die eerder zijn ingediend, en alleen als er nog budget over is, komen wij toe aan het beoordelen van aanvragen die wij later hebben ontvangen. De kans op beoordeling van uw subsidieaanvraag en op subsidie is kleiner bij een latere indiening. Artikel 7 Volgorde van behandeling Is uw aanvraag niet volledig en wordt u gevraagd aanvullende informatie in te dienen? Dan geldt de ontvangstdatum van de aanvullende informatie als indieningsdatum. De volgorde van behandeling wordt bepaald door de dag waarop de aanvraag is ingediend, niet door het tijdstip op de dag waarop de aanvraag is ingediend. Indien meerdere aanvragen op dezelfde dag worden ontvangen en door honorering van deze aanvragen het subsidieplafond zou worden overschreden, wordt de volgorde van behandeling van deze aanvragen bepaald door loting. Doorgaans ontvangen wij namelijk zoveel aanvragen op de eerste dag van indiening dat wij de volgorde van behandeling moeten bepalen via loting. Artikel 8 Subsidievereisten haalbaarheidsproject Om voor subsidie voor een haalbaarheidsproject in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende inhoudelijke vereisten: a. Vernieuwing: het haalbaarheidsproject is gericht op een nog te ontwikkelen concreet, nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, nieuw proces, nieuwe dienst of nieuwe technologie waarvan de ontwikkeling technisch en financieel risicovol is; b. Economisch perspectief: het product, het proces, de dienst of de technologie heeft voldoende en realistisch onderbouwd economisch perspectief; c. Uitvoerbaarheid: de ontwikkeling en het commercialiseren van het product, het proces, de dienst of de technologie is uitvoerbaar voor de MKB-onderneming; d. Impact: het product, het proces, de dienst of de technologie draagt bij aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid, geldend op 7 april 2026; en e. Kwaliteit: de subsidieaanvraag voor het haalbaarheidsproject is naar het oordeel van Gedeputeerde Staten van voldoende kwaliteit. Beoordeling met punten voor de criteria artikel 8 a t/m d: Voor de beoordeling van de vier inhoudelijke criteria van artikel 8 onder a t/m d worden punten toegekend aan projecten, volgens onderstaande tabellen. De toe te kennen punten laten zich globaal vertalen als: - Goed / zeer goed: maximaal aantal punten; - Voldoende: iets meer dan de helft van het maximum aantal punten; - Minimaal tot onvoldoende: minder dan de helft van het maximum aantal punten; - Ruim onvoldoende: geen punten. Om voor subsidie in aanmerking te komen, moet een haalbaarheidsproject op alle vier inhoudelijke criteria van artikel 8 a t/m d minimaal 3 punten (voldoende) scoren. Artikel 8 onder e wordt binair beoordeeld, zonder puntentelling. Artikel 8 onder a. Vernieuwing: Het haalbaarheidsproject is gericht op een nog te ontwikkelen concreet, nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, nieuw proces, nieuwe dienst of nieuwe technologie waarvan de ontwikkeling technisch en financieel risicovol is. Te waarderen met maximaal 5 punten Aantal punten 1) Het projectplan toont overtuigend aan dat het project gericht is op een nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, proces, dienst of technologie, met aanzienlijke technische en financiële risico’s. 5 2) Het projectplan toont aan dat het project enigszins concreet, nieuw en innovatief is en/of enige technische en financiële risico’s kent. 3 3) Het projectplan toont slechts minimaal vernieuwing aan of onderbouwt deze onvoldoende of de risico’s zijn beperkt. 1 4) Het projectplan toont geen duidelijke vernieuwing of risicovolle ontwikkeling aan. 0 -- 4 of 7 -- 5 Artikel 8 onder b. Economisch perspectief: Het product, het proces, de dienst of de technologie heeft voldoende en realistisch onderbouwd economisch perspectief. Te waarderen met maximaal 5 punten Aantal punten 1) Economisch perspectief is concreet beschreven en degelijk onderbouwd voor zowel de MKB-onderneming als mogelijke spin-off voor Noord-Holland. 5 2) Economisch perspectief enigszins concreet beschreven en aannemelijk onderbouwd voor de MKB-onderneming. 3 3) Economisch perspectief enigszins beschreven maar onvoldoende overtuigend onderbouwd, ((te)veel aannames) voor de MKB-onderneming, 1 4) Economisch perspectief niet voldoende of onduidelijk beschreven, matig of niet realistisch onderbouwd. 0 Artikel 8 onder c. Uitvoerbaarheid: De ontwikkeling en het commercialiseren van het product, het proces, de dienst of de technologie is uitvoerbaar voor de MKB-onderneming. Te waarderen met maximaal 5 punten Aantal punten 1) De te volgen aanpak en daarbij benodigde en beschikbare eigen en eventueel externe expertise zijn concreet en verifieerbaar uitgewerkt. 5 2) De te volgen aanpak en daarbij benodigde en beschikbare eigen en eventueel externe expertise zijn benoemd en iets uitgewerkt. 3 3) De te volgen aanpak, benodigde en beschikbare eigen en eventueel externe expertise zijn te beperkt beschreven en onvoldoende overtuigend uitvoerbaar. 1 4) De te volgen aanpak, benodigde en beschikbare eigen en eventueel externe expertise zijn onduidelijk of mogelijk niet toereikend voor project. 0 Artikel 8 onder d. Impact: Het product, het proces, de dienst of de technologie draagt bij aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid, geldend op 7 april 2026. Te waarderen met maximaal 5 punten Aantal punten 1) Het project draagt sterk inhoudelijk bij aan één of meer van de aangeduide missie(s); deze bijdrage is helder beschreven en verifieerbaar onderbouwd. 5 2) Het project draagt voldoende inhoudelijk bij aan één of meer van de aangeduide missie(s); deze bijdrage is beschreven en onderbouwd. 3 3) Het project draagt onvoldoende inhoudelijk bij aan één of meer van de aangeduide missie(s), en / of deze bijdrage is in onvoldoende mate beschreven en onderbouwd. 1 4) Een inhoudelijke bijdrage aan de aangeduide missie is nauwelijks beschreven en onderbouwd, of deze is niet aannemelijk. 0 Artikel 8 sub d Subsidiabele activiteit haalbaarheidsproject: aansluiting bij het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid De bijdrage van haalbaarheidsprojecten aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid wordt getoetst via het toetsingskader zoals dat wordt gepubliceerd door het ministerie van Economische Zaken in Bijlage 3.4.1 van de Regeling nationale EZ- en LNV-subsidies. De (deel)programma’s en missies in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid voor de MIT 2026 worden gepubliceerd door het ministerie van Economische Zaken (EZ) in Bijlage 3.4.1 van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies en in de Staatscourant. Op het moment dat dit document is opgesteld, heeft deze publicatie nog niet plaatsgevonden. Op het Loket/Subsidies wordt daarom een conceptversie gepubliceerd. Zodra de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies en de Staatscourant zijn gepubliceerd wordt dit op het Loket/Subsidies vermeld met een link naar de websites/documenten. -- 5 of 7 -- 6 Het toetsingskader is de samenvatting voor de MIT en het MKB uit de Kennis- en Innovatieagenda’s (KIA’s) van het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid en is daarmee leidend voor toetsing van de MIT-aanvragen. Een haalbaarheidsproject draagt alleen bij aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid als het bijdraagt aan (een van de) onderwerpen die worden genoemd in de tekst onder de betreffende KIA in het toetsingskader. Een algemene bijdrage van het project aan bijvoorbeeld Klimaat en Energie is niet voldoende. Lees de tekst in het toetsingskader daarom goed en onderbouw hoe uw project daarbij aansluit. Let op: - In het toetsingskader voor het Missiegedreven Topsectoren en Innovatiebeleid (bijlage 3.4.1) wordt de Nationale Technologie Strategie (NTS) genoemd. Deze NTS is alleen van toepassing op MIT-R&D-samenwerkingsprojecten, en is dus niet relevant voor MIT-haalbaarheidsprojecten. - In KIA 2. Circulaire Economie worden kritieke grondstoffen genoemd. De lijst voor deze kritieke grondstoffen te vinden via: https://single-market-economy.ec.europa.eu/sectors/raw- materials/areas-specific-interest/critical-raw-materials_en). - KIA 7.a. Digital Technologies: Artificiële intelligentie is uitsluitend bedoeld voor aanvragen voor R&D-samenwerkingsprojecten in het aparte landelijke AI-luik uitgevoerd door de RVO en dus niet voor haalbaarheidsprojecten. - KIA 8. Maatschappelijk verdienvermogen kan alleen van toepassing zijn als het project ook één van de maatschappelijke uitdagingen van de inhoudelijke programma’s 1 t/m 5 adresseert. Artikel 9 sub a Algemene weigeringsgronden: financiële haalbaarheid Het is belangrijk dat u een realistisch en aannemelijk beeld schetst van de financiële haalbaarheid voor uw onderneming van het haalbaarheidsproject en het beoogde vervolg-R&D-traject. Onderbouw de financiële gegevens met officiële documenten. Let er daarbij op dat naast de subsidie een eigen bijdrage wordt verwacht voor de uitvoering van het project waarvoor u subsidie vraagt. Uit de door u verstrekte (financiële) ge […tekst ingekort]
- 92ca7662-a5a7-4866-8a8f-0cddf33c9eed.pdf · 10 pag.
Toon documenttekst
Uitvoeringsregeling subsidie MIT MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 Loting aanvragen ingediend op 7 april 2026 Aanvraag-datum Dossier-nummer Projectnummer Lot-nummer 7-4-2026 2026/0849 130 1 7-4-2026 2026/0925 194 2 7-4-2026 2026/0991 210 3 7-4-2026 2026/0756 64 4 7-4-2026 2026/0743 53 5 7-4-2026 2026/0901 172 6 7-4-2026 2026/0907 177 7 7-4-2026 2026/0764 70 8 7-4-2026 2026/0695 13 9 7-4-2026 2026/0801 96 10 7-4-2026 2026/0885 157 11 7-4-2026 2026/0689 9 12 7-4-2026 2026/0826 113 13 7-4-2026 2026/0887 159 14 7-4-2026 2026/0833 118 15 7-4-2026 2026/0841 123 16 7-4-2026 2026/0924 193 17 7-4-2026 2026/0835 119 18 7-4-2026 2026/0839 122 19 7-4-2026 2026/0741 51 20 7-4-2026 2026/0899 170 21 7-4-2026 2026/0715 28 22 7-4-2026 2026/0696 14 23 7-4-2026 2026/0754 63 24 7-4-2026 2026/0870 144 25 7-4-2026 2026/0837 120 26 7-4-2026 2026/0745 55 27 7-4-2026 2026/0701 18 28 7-4-2026 2026/0702 19 29 7-4-2026 2026/0816 106 30 7-4-2026 2026/0855 133 31 7-4-2026 2026/0920 189 32 7-4-2026 2026/0729 42 33 7-4-2026 2026/0909 179 34 7-4-2026 2026/0872 145 35 7-4-2026 2026/0725 38 36 7-4-2026 2026/0876 148 37 7-4-2026 2026/0886 158 38 7-4-2026 2026/0884 156 39 7-4-2026 2026/0987 208 40 7-4-2026 2026/0765 71 41 7-4-2026 2026/0735 47 42 7-4-2026 2026/0723 36 43 7-4-2026 2026/0917 186 44 -- 1 of 10 -- 7-4-2026 2026/0928 197 45 7-4-2026 2026/0750 59 46 7-4-2026 2026/0796 94 47 7-4-2026 2026/0777 77 48 7-4-2026 2026/0804 98 49 7-4-2026 2026/0710 26 50 7-4-2026 2026/0767 73 51 7-4-2026 2026/0731 44 52 7-4-2026 2026/0783 83 53 7-4-2026 2026/0792 90 54 7-4-2026 2026/0785 84 55 7-4-2026 2026/0772 75 56 7-4-2026 2026/0908 178 57 7-4-2026 2026/0789 87 58 7-4-2026 2026/0819 108 59 7-4-2026 2026/0726 39 60 7-4-2026 2026/0926 195 61 7-4-2026 2026/0720 33 62 7-4-2026 2026/0684 4 63 7-4-2026 2026/0753 62 64 7-4-2026 2026/0880 152 65 7-4-2026 2026/0734 46 66 7-4-2026 2026/0683 3 67 7-4-2026 2026/0889 161 68 7-4-2026 2026/0748 57 69 7-4-2026 2026/0799 95 70 7-4-2026 2026/0921 190 71 7-4-2026 2026/0828 114 72 7-4-2026 2026/0807 99 73 7-4-2026 2026/0877 149 74 7-4-2026 2026/0868 142 75 7-4-2026 2026/0825 112 76 7-4-2026 2026/0687 7 77 7-4-2026 2026/0739 50 78 7-4-2026 2026/0983 204 79 7-4-2026 2026/0788 86 80 7-4-2026 2026/0912 181 81 7-4-2026 2026/0749 58 82 7-4-2026 2026/0923 192 83 7-4-2026 2026/0814 104 84 7-4-2026 2026/0688 8 85 7-4-2026 2026/0706 23 86 7-4-2026 2026/0685 5 87 7-4-2026 2026/0791 89 88 7-4-2026 2026/0780 80 89 7-4-2026 2026/0812 103 90 7-4-2026 2026/0761 68 91 7-4-2026 2026/0932 201 92 -- 2 of 10 -- 7-4-2026 2026/0747 56 93 7-4-2026 2026/0905 175 94 7-4-2026 2026/0893 164 95 7-4-2026 2026/0703 20 96 7-4-2026 2026/0856 134 97 7-4-2026 2026/0894 165 98 7-4-2026 2026/0874 147 99 7-4-2026 2026/0895 166 100 7-4-2026 2026/0890 162 101 7-4-2026 2026/0986 207 102 7-4-2026 2026/0915 184 103 7-4-2026 2026/0985 206 104 7-4-2026 2026/0914 183 105 7-4-2026 2026/0722 35 106 7-4-2026 2026/0733 45 107 7-4-2026 2026/0919 188 108 7-4-2026 2026/0892 163 109 7-4-2026 2026/0759 67 110 7-4-2026 2026/0830 115 111 7-4-2026 2026/0898 169 112 7-4-2026 2026/0817 107 113 7-4-2026 2026/0869 143 114 7-4-2026 2026/0820 109 115 7-4-2026 2026/0795 93 116 7-4-2026 2026/0851 131 117 7-4-2026 2026/0690 10 118 7-4-2026 2026/0897 168 119 7-4-2026 2026/0842 124 120 7-4-2026 2026/0896 167 121 7-4-2026 2026/0929 198 122 7-4-2026 2026/0717 30 123 7-4-2026 2026/0888 160 124 7-4-2026 2026/0844 126 125 7-4-2026 2026/0793 91 126 7-4-2026 2026/0737 48 127 7-4-2026 2026/0691 11 128 7-4-2026 2026/0792 88 129 7-4-2026 2026/0686 6 130 7-4-2026 2026/0859 136 131 7-4-2026 2026/0931 200 132 7-4-2026 2026/0879 151 133 7-4-2026 2026/0918 187 134 7-4-2026 2026/0906 176 135 7-4-2026 2026/0989 209 136 7-4-2026 2026/0865 139 137 7-4-2026 2026/0858 135 138 7-4-2026 2026/0808 100 139 7-4-2026 2026/0881 153 140 -- 3 of 10 -- 7-4-2026 2026/0933 202 141 7-4-2026 2026/0721 34 142 7-4-2026 2026/0845 127 143 7-4-2026 2026/0864 138 144 7-4-2026 2026/0787 85 145 7-4-2026 2026/0873 146 146 7-4-2026 2026/0900 171 147 7-4-2026 2026/0922 191 148 7-4-2026 2026/0758 66 149 7-4-2026 2026/0831 116 150 7-4-2026 2026/0838 121 151 7-4-2026 2026/0776 76 152 7-4-2026 2026/0757 65 153 7-4-2026 2026/0738 49 154 7-4-2026 2026/0846 128 155 7-4-2026 2026/0913 182 156 7-4-2026 2026/0883 155 157 7-4-2026 2026/0724 37 158 7-4-2026 2026/0752 61 159 7-4-2026 2026/0708 24 160 7-4-2026 2026/0916 185 161 7-4-2026 dummy 1 212 162 7-4-2026 2026/0781 81 163 7-4-2026 2026/0822 110 164 7-4-2026 2026/0815 105 165 7-4-2026 2026/0682 2 166 0-1-1900 dummy 2 213 167 7-4-2026 2026/0904 174 168 7-4-2026 2026/0843 125 169 7-4-2026 2026/0699 16 170 7-4-2026 2026/0802 97 171 7-4-2026 2026/0779 79 172 7-4-2026 2026/0742 52 173 7-4-2026 2026/0728 41 174 7-4-2026 2026/0782 82 175 7-4-2026 2026/0794 92 176 7-4-2026 2026/0861 137 177 7-4-2026 2026/0730 43 178 7-4-2026 2026/0778 78 179 7-4-2026 2026/0878 150 180 7-4-2026 2026/0762 69 181 7-4-2026 2026/0823 111 182 7-4-2026 2026/0692 12 183 7-4-2026 2026/0711 27 184 7-4-2026 2026/0718 31 185 7-4-2026 2026/0847 129 186 7-4-2026 2026/0751 60 187 7-4-2026 2026/0766 72 188 -- 4 of 10 -- 7-4-2026 2026/0882 154 189 7-4-2026 2026/0984 205 190 7-4-2026 2026/0700 17 191 7-4-2026 2026/0930 199 192 7-4-2026 2026/0716 29 193 7-4-2026 2026/0697 15 194 7-4-2026 2026/0981 203 195 7-4-2026 2026/0867 141 196 7-4-2026 2026/0769 74 197 7-4-2026 2026/0854 132 198 7-4-2026 2026/0709 25 199 7-4-2026 2026/0809 101 200 7-4-2026 2026/0727 40 201 7-4-2026 2026/0911 180 202 7-4-2026 2026/0719 32 203 7-4-2026 2026/0992 211 204 7-4-2026 2026/0681 1 205 7-4-2026 2026/0705 22 206 7-4-2026 2026/0832 117 207 7-4-2026 2026/0744 54 208 7-4-2026 2026/0810 102 209 7-4-2026 2026/0866 140 210 7-4-2026 2026/0902 173 211 7-4-2026 2026/0704 21 212 -- 5 of 10 -- -- 6 of 10 -- -- 7 of 10 -- -- 8 of 10 -- -- 9 of 10 -- -- 10 of 10 --
- 9b3b26df-8c08-41ba-bbff-207a12c84e72.pdf · 12 pag.
Toon documenttekst
Intern gebruik Bijlage 3.4.1. behorende bij artikel 3.4.2, eerste lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies 1. Klimaat en Energie Projecten dienen bij te dragen aan het pad naar een klimaatneutraal energiesysteem in 2050. Ze dragen daarmee automatisch bij aan de tussendoelen voor 2030 zoals nationaal en Europees zijn vastgesteld. De Kennis- en Innovatie Agenda (Hierna: KIA) Klimaat en Energie bevat 4 deelmissies: 1. Een volledig CO2-vrij elektriciteitssysteem in 2050; 2. Een CO2-vrije en toekomstbestendige gebouwde omgeving in 2050; 3. Een klimaatneutrale industrie met hergebruik van grondstoffen en producten in 2050; 4. Emissieloze en toekomstbestendige mobiliteit voor mensen en goederen in 2050. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of de dienst in relatie tot bovenstaande deelmissies gericht te zijn op: • Verlaging van het gebruik van fossiele energie c.q. van de uitstoot van CO2 of andere broeikasgassen. • Verhoging van de productie of benutting van duurzame energie en de integratie in het energiesysteem. • Vergroting van de efficiency door energiebesparende innovaties. 2. Circulaire Economie Projecten dienen bij te dragen aan het pad naar een circulaire economie in 2050. Voor deze missie zijn tussendoelen geformuleerd in het Nationaal Programma Circulaire Economie 2023-2030 en kansrijke thema’s om die tussendoelen te kunnen halen. De snelheid en het volume waarmee de beoogde innovatie impact zou kunnen maken, wegen mee in de beoordeling. In een circulaire economie past het totaal van alle productie en consumptie binnen de planetaire grenzen. Voor circulariteit dienen nieuwe producten en diensten te worden ontworpen, waarbij het potentieel voor hergebruik en recycling het uitgangspunt is. Om te komen tot circulaire grondstof- ketens en processen moet de levensduur van producten en materialen worden verlengd door producten en processen te ontwikkelen en geschikt te maken voor het uitvoeren van reparatie, refurbishing, remanufacturing en andere levensduurverlengende bewerkingen, worden materialen en (kritische) grondstoffen aan het einde van de levensduur van producten teruggewonnen, en worden productie-, collectie-, sorteer -, reparatie-, refurbishing- en recyclingsprocessen geoptimaliseerd. Maatschappelijk zal sprake moeten zijn van een systeemtransitie en van acceptatie. Dit vraagt om systeem- en sociale innovaties, zoals gedragsverandering van bedrijven en consumenten, meervoudige waarde creatie, ketenanalyse en ketensamenwerking, standaardisering en normering. MKB-innovaties zullen in deze ontwikkelingen moeten passen. -- 1 of 12 -- Intern gebruik Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of de dienst gericht te zijn op: 1. Vermindering van het gebruik van primaire grondstoffen. 2. Substitutie: vervanging van fossiele of anderszins belastende grondstoffen door hernieuwbare grondstoffen (secundaire grondstoffen of duurzaam geproduceerde biogrondstoffen). 3. Stimulering van levensduurverlenging, bijvoorbeeld via producten of processen die hergebruik, refurbishment en reparatie van apparatuur, installaties en infrastructuur stimuleren. 4. Beperking van de uitstoot van schadelijke stoffen naar het milieu dan wel vervanging van deze schadelijke stoffen door stoffen die veel minder schadelijk of onschadelijk worden geacht. 5. Hoogwaardige verwerking: schone en goed gesorteerde inzamelstromen en terugwinning van materialen. Ten slotte dienen de te ontwikkelen innovatieve producten, processen of diensten in relatie tot de bovenstaande deelmissie zich te richten op een (combinatie) van de volgende waardeketens: • Bouw: woningen, kantoren, viaducten en bruggen, wegverhardingen. • Consumptiegoederen: meubels, textiel, verpakkingen en wegwerpproducten; elektrische en elektronische apparatuur. • Kunststoffen: plastic verpakkingen, land- en tuinbouwplastic, plastic in de bouw. • Maakindustrie: capital equipment, windparken, zon-PV systemen, klimaatinstallaties. • Gezondheid en Zorg: wegwerpmaterialen en -instrumenten, geneesmiddelen, vastgoed • Water: grondstoffen uit afvalwater, zuivering van afvalwater na gebruik als grondstof • Kritieke grondstoffen: grondstoffen die nodig zijn voor de energietransitie, maakindustrie en defensie, maar een groot risico kennen ten aanzien van de leveringszekerheid. 3. Landbouw, Water en Voedsel Projecten dienen bij te dragen aan de zes deelmissies van de KIA Landbouw, Water en Voedsel (LWV). Ten slotte is er een apart programma voor sleuteltechnologieën voor de KIA LWV dat geen onderdeel is van de deelmissies van LWV maar waar projecten nog steeds aan bij kunnen dragen. De KIA LWV bevat 6 deelmissies: 1. Veerkrachtige natuur en vitale bodem 2. Duurzame land- en tuinbouw 3. Vitaal landelijk gebied in een klimaatbestendig Nederland 4. Duurzaam en gewaardeerd voedsel dat gezond, toegankelijk en veilig is 5. Duurzaam en veilig gebruik van de Noordzee en andere grote wateren 6. Veilige en weerbare delta Een belangrijk deel van de vraagstukken achter die deelmissies vraagt om onderzoek (kennis), om een eenmalige oplossing (een specifieke aanpak) of om oplossingen voor de inrichting van gebieden, en niet om een veelvuldig verkoopbaar MKB-product waarvoor de MIT-subsidie de haalbaarheid moet aantonen of de technische ontwikkelrisico’s moet reduceren. Dit geldt vooral de deelmissies 1, 3 en de systeemgerichte onderdelen van deelmissie 4. MKB-projecten liggen daarbij dus niet direct voor de hand, maar technologische oplossingen om kennis te verzamelen of in de praktijk te brengen zijn zeker niet ondenkbaar. Denk bijvoorbeeld aan innovaties ten behoeve van betere of gemakkelijker kennisverzameling, beheer (het bestrijden van exoten) of de ontwikkeling van sensoren. -- 2 of 12 -- Intern gebruik Hieronder worden de deelmissies en het programma sleuteltechnologieën voor Landbouw, Water en Voedsel (LWV) nader toegelicht. 1. Deelmissie veerkrachtige natuur en vitale bodem Deze deelmissie draait om innovaties die effectief bijdragen aan het ombuigen van de trend van natuur- en biodiversiteitsverlies. De sleutels liggen enerzijds bij biodiversiteitsherstel en het robuust maken van natuur binnen en buiten natuurgebieden, anderzijds bij de transitie naar een samenleving en economie die hier positief aan bijdragen. Het gaat ook om vernieuwde vormen van governance en waarderingssystemen en de innovatieve inzet van natuur als oplossing voor de maatschappelijke opgave om een veerkrachtige natuur en een vitale bodem te bewerkstelligen. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie bij te dragen aan de volgende vraagstukken: 1. Ombuigen van natuur- en biodiversiteitsverlies naar noodzakelijk herstel door kennis van biodiversiteit en natuurlijke processen en structuren, maar ook door kennis over de effectiviteit van maatregelen en herstelstrategieën. 2. Beter begrijpen hoe ecosysteemdiensten versterkt kunnen worden in stedelijk, landelijk en natuurlijk gebied. Er zijn innovatieve meetsystemen nodig van de economische en maatschappelijke waardering van deze diensten. 3. Mogelijkheden die digitale technologieën bieden voor een natuurinclusieve samenleving door het verzamelen van data en monitoring en de inzet daarbij van tools, apps, AI, remote sensing, drones en sensoren in het natuurdomein. 2. Deelmissie duurzame land- en tuinbouw Deze deelmissie beoogt de benodigde kennis, inzichten, innovaties en handelingsperspectieven te ontwikkelen om te komen tot een integraal duurzaam systeem van land- en tuinbouw, waarbij het systeem zowel de primaire bedrijven betreft als hun economische, maatschappelijke en ruimtelijke interacties. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie gericht te zijn op de volgende innovatieprogramma’s: 1. (Bouwstenen voor) veerkrachtige en weerbare plantaardige en dierlijke productiesystemen. 2. Circulariteit en natuurlijke hulpbronnen; verdere sluiting van de kringloop van water, nutriënten en andere (bio)grondstoffen. 3. Energietransitie in de land- en tuinbouw. 3. Deelmissie vitaal landelijk gebied in een klimaatbestendig Nederland Deze deelmissie draait om de kwaliteit van bodem en water die onder druk staat, en de beschikbaarheid van voldoende zoet water voor drinkwater, industrie, irrigatie en natuur die niet meer altijd vanzelfsprekend is. Dat geldt voor het platteland maar ook voor bebouwde gebieden, waarin bijvoorbeeld stedelijk groen bijdraagt aan leefbaarheid en vermindering van wateroverlast en hittestress. -- 3 of 12 -- Intern gebruik Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie gericht te zijn op: 1. (Hybride) groen-grijs-blauwe oplossingen voor de private en publieke ruimte die bijdragen aan biodiversiteit, het vasthouden en infiltreren van water en het verminderen van hittestress, de beheersing van het grondwaterpeil en het voorkomen van zettingen en bodemdaling. Duurzame en robuuste inrichting van ondergrondse leidingnetwerken voor drinkwater, hemelwater en afvalwater, rekening houdend met andere ondergrondse netwerken, klimaatverandering, de energietransitie en de woningbouwopgave. 2. Oplossingen voor het langer vasthouden van regenwater en gezuiverd afvalwater, waarbij landinrichting en -gebruik bijdragen aan het vasthouden van water. Inzet van technologische en natuurlijke zuivering om kwaliteit van zoetwatersystemen te beschermen (o.a. tegen verzilting) en te verbeteren. Het voorkomen van schadelijke emissies en lozingscalamiteiten. Duurzame alternatieven voor waterwinning en waterhergebruik. 4. Deelmissie duurzaam en gewaardeerd voedsel, dat gezond, toegankelijk en veilig is Doel van deze deelmissie is dat in 2050 voedsel in Nederland en Europa op een duurzame manier wordt geproduceerd in transparante ketens, waarin alle ketenpartijen een bijdrage leveren aan de verduurzaming van het voedselsysteem als geheel en aan de voedselzekerheid. Het voedselsysteem is dan zo ingericht dat het bijdraagt aan de halvering van de ecologische voetafdruk. Het streven is dat er in 2030 de helft minder voedsel wordt verspild en dat er een verschuiving wordt gerealiseerd naar 50-50% dierlijke en plantaardige eiwitten. Ook worden zij- en reststromen maximaal verwaard. Er wordt toegewerkt naar een ecologisch, economisch en sociaal houdbaar systeem. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie bij te dragen aan de volgende ontwikkelingen: 1. Een ecologisch en economisch houdbaar landbouw en voedsel-systeem; dit betreft herinrichting van het landbouw- en voedselsysteem, transparante en duurzame voedselketens en de positie van Nederland in het internationale voedselsysteem. 2. Duurzame verwerking en voedselveiligheid, vers en verwerkt; dit betreft in (vers)ketens reductie en hergebruik van energie en water, verbeterde grondstofefficiëntie en flexibele voedselverwerking, het tegengaan van voedselverspilling, de verlenging van de houdbaarheid van producten. 3. Alternatieve eiwitten: keten en producten; dit betreft verhoogde productie van alternatieve eiwitten, meer en beter aanbod, verhoogde consumptie en effecten van de eiwittransitie. 4. Duurzaam en gezond voedselaanbod en consumentengedrag; dit betreft het aanbod van duurzame en gezonde producten, voedselkeuzegedrag van consumenten, een verbeterde voedselomgeving. 5. Voedselzekerheid nu en in de toekomst (mondiaal/EU/Nederland); dit betreft schokbestendige (toekomstige) voedselsystemen, het bevorderen van inclusieve en duurzame groei in de agrifood sector in lage- en middeninkomenslanden, het terugdringen van verspilling en voedselverlies en de transitie naar duurzame en gezonde diëten in lage – en middeninkomenslanden. 6. Meervoudige verwaarding vanaf de agrifoodsector naar food en non-food; dit betreft verwaarding van biogrondstoffen uit de voedselketen naar voedsel en hoogwaardige, veilige, bioafbreekbare non-food producten, het halveren van de footprint in bestaande en nieuwe voedselketens door het valoriseren van de rest- en zijstromen, de reductie van en efficiënter gebruik van water, energie en grondstoffen en de ontwikkeling van markten en waardeketens voor schone en veilige producten uit organische restromen en voor biobased producten. -- 4 of 12 -- Intern gebruik 5. Deelmissie duurzaam en veilig gebruik van de Noordzee en andere grote wateren Deze deelmissie richt zich op het doel dat in 2050 in Nederland de ecologische draagkracht en waterkwaliteit en –beschikbaarheid in balans is met de opgave voor hernieuwbare energie, voedsel, visserij en andere economische activiteiten. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie de volgende ontwikkelingen te ondersteunen: 1. Producten uit zee en grote wateren inclusief aquacultuur worden gewonnen met minimale ecologische impact. 2. Verwerkingsprocessen (aan boord) zijn geoptimaliseerd. 6. Deelmissie veilige en weerbare delta Deze deelmissie richt zich op het doel dat Nederland een veilige en weerbare delta blijft, ook bij een stijgende zeespiegel en sterkere schommelingen in de afvoer van rivieren door toegenomen weerextremen. Het achterliggend land wordt beschermd met betaalbare, circulaire, klimaatneutrale maatregelen die zoveel mogelijk werken vanuit het natuurlijk systeem (NBS, water en bodem sturend) dan wel rekening houden met de natuur (natuurinclusief). Havens blijven bereikbaar en rivieren, kanalen en de Noordzee blijven veilig bevaarbaar. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie de volgende ontwikkelingen te ondersteunen: 1. Innovatieve en duurzame oplossingen om de delta tegen overstroming en verdroging te beschermen en bevaarbaar te houden. 2. Innovatieve, duurzame (met name) circulaire harde en zachte oplossingen waarmee het gebruik van primaire bouwgrondstoffen fors gereduceerd wordt en/of een duurzame slibeconomie ontstaat. 3. Innovatieve oplossingen die bijdragen aan emissiereductie in de scheepvaart en leiden tot een digitale, modulaire en circulaire inrichting van de scheepsbouw. 7. Programma voor sleuteltechnologieën voor Landbouw, Water en Voedsel (LWV) Dit programma richt zich op het doel dat in 2030 sleuteltechnologieën zijn ontwikkeld die bijdragen aan de missies in ‘groenblauwe‘ sectoren zoals land- en tuinbouw en watersystemen. De toepassing van sleuteltechnologieën helpt deze sectoren hun missies en doelen effectiever, sneller en/of efficiënter te bereiken. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissie de volgende ontwikkelingen te ondersteunen: 1. ‘Smart Technology’: technologie die (op termijn) via digitalisering bijdraagt aan oplossingen voor maatschappelijke opgaven in het groen/blauwe domein, het maakt de sectoren efficiënter, intelligenter, transparanter, veiliger, adaptiever en weerbaarder. 2. Biotechnologie en veredeling draagt bij aan de beschikbaarheid van voldoende genetische variatie en innovatieve technologieën voor de veredeling en fokkerij zodat bedrijven sneller, efficiënter en effectiever hoogwaardig uitgangsmateriaal kunnen ontwikkelen dat geschikt is voor toepassing in de verschillende missieprogramma’s van de KIA Landbouw, Water, Voedsel. 3. Niet-fossiele, veilige producten door biologische conversies of fermentaties inclusief scheidingstechnologie. -- 5 of 12 -- Intern gebruik 4. Gezondheid en Zorg Projecten dienen bij te dragen aan het doel dat in 2040 alle mensen in Nederland ten minste vijf jaar langer in goede gezondheid leven en dat de gezondheidsverschillen tussen de laagste en hoogste sociaaleconomische groepen met 30% zijn afgenomen. De KIA Gezondheid en Zorg bevat de vijf deelmissies: 1. Leefstijl & leefomgeving. In 2040 is de ziektelast als gevolg van een ongezonde leefstijl en ongezonde leefomgeving met 30% afgenomen. 2. Verplaatsing van de zorg naar de leefomgeving. In 2030 wordt zorg 50% meer (of vaker) in de eigen leefomgeving georganiseerd, samen met het netwerk rond mensen die zorg nodig hebben. 3. Verhoging van de participatiegraad van mensen met een chronische ziekte of levenslange beperking. In 2030 is het deel van de mensen met een chronische ziekte of levenslange beperking dat naar wens en vermogen kan meedoen in de samenleving met 25% toegenomen; 4. Verhoging van de kwaliteit van leven van mensen met dementie. In 2030 is de kwaliteit van leven van mensen met dementie met 25% toegenomen; en 5. Betere bescherming tegen maatschappelijk ontwrichtende gezondheidsdreigingen. In 2035 is de bevolking beter beschermd tegen maatschappelijk ontwrichtende gezondheidsdreigingen. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of diensten in relatie tot de deelmissies daarvoor de volgende ontwikkelingen te ondersteunen: 1. Preventie van ziektes of aandoeningen. 2. Gezondheidswinst voor patiënten die lijden aan één of meer (chronische) ziektes of aandoeningen inclusief hersen- en /of psychische aandoeningen. 3. Verbetering van de opsporing of behandeling van ziektes of aandoeningen of van het herstel daarna. 4. Innovaties, bijvoorbeeld hulpmiddelen, die het organiseren van zorg in de eigen leefomgeving in plaats van in zorginstellingen vergemakkelijken. 5. Arbeidsbesparende technologie zowel intramuraal als in de leefomgeving. 6. Verhoging van deelname aan de samenleving van mensen met een chronische ziekte of levenslange beperking, naar wens en vermogen. 7. Verbetering van de kwaliteit van leven van mensen met dementie. 8. Betere bescherming tegen maatschappelijk ontwrichtende gezondheidsdreigingen. Ten slotte is voor de te ontwikkelen innovatieve producten, processen of diensten in relatie tot de bovenstaande deelmissies het volgende relevant: − Gezien de doelstelling in de missie om gezondheidsverschillen terug te dringen, is het een pré als de innovatie bruikbaar en beschikbaar is voor mensen in een lage sociaaleconomische positie. − Met het oog op de inpassing in bestaande systemen dient bij de te ontwikkelen innovaties rekening gehouden te worden met interoperabiliteit: producten, systemen of organisaties zijn interoperabel als ze zonder beperkingen kunnen communiceren en interacteren. -- 6 of 12 -- Intern gebruik 5. Veiligheid Projecten dienen bij te dragen aan de overkoepelende ambitie om (potentiële) tegenstanders steeds een stap vóór te blijven: 'always ahead of the threat’ met slimme oplossingen in dienst van een veilige maatschappij. Vertaald naar projecten voor het MKB binnen de subsidiemodule MIT dient het te ontwikkelen innovatief product, proces of de dienst daarvoor bij te dragen aan een van de volgende vijf deelmissies binnen de KIA veiligheid: 1. In 2030 is de georganiseerde ondermijnende criminaliteit in Nederland riskant en slecht lonend, door meer zicht op illegale activiteiten en geldstromen. − Zicht: Er is specifiek behoefte aan instrumentaria om criminele activiteiten waar te nemen en ontwikkelingen en patronen te herkennen zoals het ontstaan van criminele samenwerkingsverbanden en werkwijzen. Nieuwe, slimme sensoren (bijvoorbeeld uit de chemische industrie) kunnen ongebruikelijke activiteiten detecteren en gedragswetenschappelijke inzichten kunnen patronen herkennen en analyses versterken. Het waarnemend vermogen kan verhoogd worden door gebruik te maken van detectiemiddelen van andere publieke en p […tekst ingekort]
- c4a3f31e-1720-4354-adcd-a673ac038355.pdf · 5 pag.
Toon documenttekst
Versie 2025 Verklaring A Algemene de-minimisverklaring Lees eerst de uitleg voordat u de verklaring invult. Gegevens Informatie over de onderneming Bedrijfsnaam Inschrijfnummer KvK NACE-classificatie Informatie over verbonden ondernemingen1 Bedrijfsnaam Inschrijfnummer KvK NACE-classificatie Bij meerdere verbonden ondernemingen voegt u een overzicht met informatie over de verbonden ondernemingen bij de verklaring. 1 De NACE-classificatie bestaat uit de eerste vier cijfers van de SBI-code. Vul bij meerdere SBI-codes de code in van de specifieke activiteit waarvoor de minimis steun wordt aangevraagd met behulp van deze verklaring. 1 Zie uitleg onder: Eén onderneming (verbonden ondernemingen voor de de-minimisverordening). -- 1 of 5 -- Versie 2025 Verklaring A Verklaring Hierbij verklaart ondergetekende dat aan de genoemde onderneming en eventueel verbonden ondernemingen als bedoeld in de de-minimisverordening ☐ geen de-minimissteun is verleend - In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is niet eerder de-minimissteun verleend. ☐ wel de-minimissteun is verleend, maar het drempelbedrag niet wordt overschreden - In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is eerder de-minimissteun (in welke vorm of voor welk doel dan ook) verleend tot een bedrag van in totaal € - Of deze de-minimissteun al daadwerkelijk is uitbetaald, doet niet ter zake. - De stukken waarop dit gebaseerd is, moet u kunnen overleggen als hierom wordt gevraagd. ☐ al andere staatssteun is verleend voor dezelfde in aanmerking komende kosten - Voor dezelfde in aanmerking komende kosten is al staatssteun verleend tot een bedrag van in totaal € - Deze staatssteun is verleend op grond van een vrijstellingsverordening, kaderregeling of een besluit van de Europese Commissie d.d. - De stukken waarop dit gebaseerd is, moet u kunnen overleggen als hierom wordt gevraagd. Daarnaast verklaart ondergetekende om onmiddellijk melding te doen bij de overheidsinstantie waar de steunaanvraag is ingediend, indien de onderneming vóór de ontvangst van de aan deze verklaring verbonden verleningsbeschikking/overeenkomst etc.2 alsnog de-minimissteun, of voor dezelfde in aanmerking komende kosten andere staatssteun, ontvangt. Aldus volledig en naar waarheid ingevuld door: Naam functionaris en functie Naam functionaris en functie Handtekening Datum Handtekening Datum 2 De-minimissteun kan op diverse manieren verleend worden, niet alleen in de vorm van direct geld/een subsidie. Zo kan ook (de- minimis)staatssteun verleend worden in de vorm van leningen of garanties met bijbehorende overeenkomsten i.p.v. besluiten/beschikkingen. 2 Bij private rechtspersonen is het bestuur in beginsel in zijn geheel tekenbevoegd (zie bijvoorbeeld art. 2:292 BW voor stichtingen). De statuten van een privaatrechtelijke rechtspersoon kunnen echter bepalen dat één bestuurder zelfstandig bevoegd is om te tekenen of dat er een gezamenlijke handtekening van twee of meer bestuurders is vereist om te tekenen. Voor dat laatste geval is een extra naam en handtekeningregel toegevoegd. 2 Idem. -- 2 of 5 -- Versie 2025 Verklaring A Adres onderneming Postcode en plaatsnaam Uitleg de-minimisverklaring Deze uitleg is een hulpmiddel bij het invullen van een de-minimisverklaring. Aan deze uitleg kunnen geen rechten worden ontleend. De Verordening (EU) Nr. 2023/2831 (hierna: de algemene de-minimisverordening) is bepalend.3 Wanneer wordt de algemene de-minimisverordening gebruikt? De algemene de-minimisverordening is in beginsel van toepassing op steun aan ondernemingen4 in alle sectoren, maar er gelden enkele specifieke regels voor bepaalde sectoren met name voor de landbouw- en visserijsector. Zo is de de-minimisverordening voor de landbouwsector van toepassing op steun aan ondernemingen die actief zijn in de primaire productie van landbouwproducten, Steun aan ondernemingen in de landbouw- of visserijsector valt dus in beginsel buiten het bereik van deze verordening. De algemene de-minimisverordening is in bepaalde gevallen ook niet van toepassing op steun aan ondernemingen die actief zijn in de verwerking en afzet van landbouwproducten, steun voor werkzaamheden die verband houden met de uitvoer naar derde landen of lidstaten en steun die afhangt van het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen. Daarnaast valt compensatiesteun voor ondernemingen die activiteiten van algemeen economisch belang (hierna: DAEB) uitvoeren buiten de reikwijdte van deze verordening. Steun kan verleend worden op basis van de algemene de-minimisverordening als: - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren in het geheel geen de- minimissteun heeft ontvangen. - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren de-minimissteun heeft ontvangen, opgeteld bij het bedrag van de huidige voorgenomen steun wordt hiermee echter het bedrag van € 300.000,- niet overschreden. - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige voorgenomen steun reeds andere vormen van staatssteun heeft ontvangen. Deze andere steun, opgeteld met de huidige verlening mag er niet toe leiden dat de hoogste toepasselijke steunintensiteit of het hoogste toepasselijke steunbedrag wordt overschreden. De algemene de-minimisverordening en staatssteun De staatssteunregels in het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (artikel 107 en 108 VWEU) stellen beperkingen aan overheden als zij steun willen verlenen aan ondernemingen. Deze de-minimisverklaring is nodig voor een overheidsinstantie5 om na te gaan of het voordeel dat uw onderneming door deze de-minimissteun krijgt, past binnen de voorwaarden die de Europese staatssteunregels stellen. 3 Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2024 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun. 4 Een onderneming in Europeesrechtelijke zin is een eenheid die een economische activiteit uitoefent. Een economische activiteit is het aanbieden van goederen en diensten op de markt. De rechtsvorm van deze eenheid of de wijze waarop zij wordt gefinancierd is hierbij niet van belang. Daarbij kunnen zowel privaatrechtelijke als publiekrechtelijke rechtspersonen een onderneming vormen. Dat er geen winstoogmerk is (zoals bij een stichting) is niet relevant. 5 Hier valt onder: de centrale overheid (een ministerie), de provincie, gemeente, waterschap of een van de (uitvoerings)organisaties die (namens hen) steun verlenen. -- 3 of 5 -- Versie 2025 Verklaring A In de de-minimisverordening regelt de Europese Commissie dat steunmaatregelen (zoals subsidieverlening) tot een bepaalde drempel het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig beïnvloeden en de mededinging niet vervalsen en daarom niet beschouwd worden als staatssteun in de zin van het VWEU. Deze drempel is bij de algemene de-minimisverordening gesteld op een bedrag van € 300.000,-. Dit bedrag geldt per onderneming voor een periode van drie jaren. Steun die de genoemde drempelbedragen niet overschrijdt, wordt aangemerkt als ‘de-minimissteun’. Eén onderneming (verbonden ondernemingen voor de de-minimisverordening) Het de-minimisplafond geldt voor één onderneming. Het kan voorkomen dat twee (of meer) ondernemingen een bepaalde band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als één onderneming worden gezien. Onder de algemene de-minimisverordening wordt als één onderneming beschouwd alle ondernemingen die enige zeggenschapsband met elkaar onderhouden. Het gaat om één van de volgende banden (artikel 2, tweede lid, van de algemene de-minimisverordening): - één onderneming heeft de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders of vennoten van een andere onderneming; - één onderneming heeft het recht de meerderheid van de leden van het bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan van een andere onderneming te benoemen of te ontslaan; - één onderneming heeft het recht een overheersende invloed op een andere onderneming uit te oefenen op grond van een met die onderneming gesloten overeenkomst of een bepaling in de statuten van laatstgenoemde onderneming; - één onderneming die aandeelhouder of vennoot is van een andere onderneming, heeft op grond van een met andere aandeelhouders of vennoten van die andere onderneming gesloten overeenkomst als enige zeggenschap over de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders of vennoten van die onderneming. - Ondernemingen die indirect (via een of meer andere ondernemingen) een van de bovenstaande banden onderhouden, worden ook als één onderneming beschouwd. Bedrag van de de-minimissteun Door middel van deze verklaring geeft u aan dat met de huidige subsidieverlening voor uw onderneming de de-minimisdrempel niet wordt overschreden. U moet daarom nagaan of gedurende de drie voorafgaande jaren enige vorm van de-minimissteun door een overheidsinstantie aan uw onderneming is verstrekt. Indien dit het geval is bent u hierover door de overheidsinstantie in kennis gesteld. Het gaat niet alleen om steun die u heeft ontvangen van een gemeente of een ministerie: alle de-minimissteun telt mee. Bij overschrijding van de drempel kan geen beroep meer worden gedaan op de de-minimisverordening. Handelen in strijd met de staatssteunregels kan leiden tot terugvordering van de verleende steun. Een onjuist ingevulde verklaring kan daarom als gevolg hebben dat de subsidiebeschikking wordt ingetrokken en eventueel verleende steun, inclusief onrechtmatigheidsrente, wordt teruggevorderd, wanneer blijkt dat andere steun is verleend waardoor het de-minimisplafond wordt overschreden. Bij het invullen van de verklaring worden brutobedragen vóór aftrek van belastingen gebruikt. Behalve om subsidieverlening kan het daarbij gaan om leningen tegen gunstige voorwaarden, de verkoop van grond tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, vrijstellingen, verlagingen of kwijtschelding van directe of indirecte belastingen etc. Onder voorwaarden is het mogelijk de verordening toe te passen op leningen en garanties. Als u twijfelt of andere steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen. De de-minimissteun wordt geacht te zijn verleend op het tijdstip waarop uw onderneming een wettelijke aanspraak op de steun verwerft, ongeacht de datum waarop de de-minimissteun aan de onderneming wordt betaald. Dit betekent concreet de datum waarop een besluit tot subsidieverlening (of verlening van een voordeel door bijvoorbeeld het aangaan van een lening of garantstelling) aan uw onderneming is genomen. -- 4 of 5 -- Versie 2025 Verklaring A Samenloop met andere staatssteun Mogelijk heeft uw onderneming voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige de- minimissteun al staatssteun ontvangen, die door de Europese Commissie is goedgekeurd of binnen het toepassingsgebied van de algemene groepsvrijstellingsverordening,6 de landbouwgroepsvrijstellingsverordening,7 de visserijvrijstellingsverordening8 of het vrijstellingsbesluit over de compensatie van kosten voor het beheer van DAEB’s9 valt. Het totaalbedrag van de-minimissteun en deze staatssteun mag dan de maximale percentages en bedragen niet overschrijden die op basis van het relevante besluit van de Europese Commissie of de betreffende vrijstellingsverordening zijn toegestaan. Een onjuist ingevulde verklaring kan daarom als gevolg hebben dat de subsidiebeschikking wordt ingetrokken en eventueel verleende steun, inclusief onrechtmatigheidsrente, wordt teruggevorderd, wanneer blijkt dat andere steun is verleend waardoor in strijd met de cumulatieregels wordt gehandeld. Als u twijfelt of bepaalde steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen. Het bewaren van gegevens De Europese Commissie kan onrechtmatige steun nog gedurende tien jaar na de verlening terug laten vorderen. De mogelijkheid bestaat dan ook dat de Europese Commissie naderhand bij (de) Nederland(se overheidsinstantie) informatie opvraagt over hoe de steun is besteed om na te kunnen gaan of er wellicht sprake is van onrechtmatige steun. De overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen kan – indien zij zelf niet over die informatie beschikt – in een dergelijk geval aan u vragen om documenten waarmee kan worden aangetoond dat de steun besteed is aan die activiteiten waarvoor deze is verleend. Het gaat daarbij dan om documenten die u ook op grond van de algemene administratie- en bewaarverplichting voor ondernemers moet bewaren.10 Let wel, in afwijking van de voornoemde artikelen hanteert de Europese Commissie een langere termijn van tien jaar.11 De-minimis register (eAidregister) Nederland is verplicht om bij het verlenen van de-minimis steun bepaalde informatie, zoals het toegekende steunbedrag en de identificatie van de begunstigde, vast te leggen in een openbaar toegankelijk centraal Europees register: het eAidregister. De informatie moet uiterlijk twintig werkdagen na de verlening van de steun worden ingevoerd en blijft tien jaar in het register staan. Door middel van dit register controleert de overheidsinstantie of het plafond van €300.000,- per onderneming per drie jaar niet wordt overschreden voor de verlening van staatssteun op grond van de algemene de-minimisverordening. Voor steun verleend op basis van de algemene de- minimisverordening en op basis van de DAEB de-minimisverordening geldt de registratieplicht voor alle de-minimissteun verleend na 1 januari 2026. Voor steun verleend op basis van de de- minimisverordening voor de landbouwsectorlandbouw de-minimisverordening geldt de registratieplicht voor alle de-minimissteun verleend na 1 januari 2027. Deze verklaring is bedoeld voor het verzamelen van informatie die nodig is voor de registratie van de-minimissteunverleningen in het register, in het bijzonder informatie over verbonden ondernemingen. 6 Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 7 Verordening (EU) Nr. 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 8 Verordening (EU) Nr. 2022/2473 van de Commissie van 14 December 2022 waarbij bepaalde categorieën steun voor ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en aquacultuurproducten, op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 9 Besluit van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. 10 Artikel 2:10, eerste lid, BW (rechtspersonen) en artikel 3:15i BW (ondernemingen en vrije beroepsbeoefenaren). 11 Verordening (EU) 2015/1589 van de Raad van 13 juli 2015 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van artikel 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. -- 5 of 5 --
Bronnen en actualiteit
“De subsidie voor het uitvoeren van een haalbaarheidsproject bedraagt 35% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 20.000,-.”
Toon brontekst
Wij gebruiken op onze website cookies zodat u de website goed kunt gebruiken. Dit zijn analytische cookies en cookies van YouTube. Wilt u deze website bezoeken? Dan gaat u akkoord met het gebruik van deze cookies. Ik ga akkoord Voorkeuren instellen Contactgegevens Contactgegevens Telefoon: 0800 - 020 06 00 (gratis) E-mail: post@noord-holland.nl Fax: (023) 514 30 30 Postadres Postbus 3007 2001 DA Haarlem Bezoekadres provinciehuis Dreef Dreef 3, 2012 HR Haarlem Openingstijden: maandag tot en met vrijdag van 8.00 uur tot 17.00 uur Bezoekadres provinciekantoor Houtplein Houtplein 33, 2012 DE Haarlem Openingstijden: maandag tot en met vrijdag van 8.00 uur tot 18.00 uur Bekijk informatie over bereikbaarheid, parkeren en voor de pers. MKB innovatiestimulering topsectoren (MIT) Noord-Holland - Haalbaarheidsproject, subsidie Loting aanvragen 7 april 2026 Op 7 april 2026 hebben wij meer subsidieaanvragen ontvangen dan wij op grond van de Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 zouden kunnen honoreren, gelet op het beschikbare subsidieplafond. Daarom hebben wij door loting de volgorde van behandeling bepaald van de aanvragen die op 7 april 2026 zijn ingediend. De lotinglijst vindt u onder het kopje ‘Meer informatie’, onderaan deze pagina. Indien u uw aanvraag heeft ingediend op 7 april 2026, dan kunt u de positie van uw aanvraag op de lotinglijst vinden op basis van het dossiernummer waaronder uw aanvraag bij ons is geregistreerd (zie de kolom waar ‘Dossier-nummer’ boven staat). Het dossiernummer vindt u in het subsidieportaal dan wel in de ontvangstbevestiging (voor aanvragen die per post of bij de balie zijn ingediend). In de kolom ‘Lot-nummer’ ziet u welke positie de aanvraag bij de loting heeft gekregen. De aanvragen worden dus op volgorde van lotnummer behandeld, beginnend bij lotnummer 1. Let wel: een hoge plaats op de lotinglijst geeft nog geen garantie op subsidie. Aanvragen worden op volgorde van de lotinglijst getoetst op zowel formele als inhoudelijke eisen. Een aanvraag moet voldoen aan de uitvoeringsregeling om voor subsidie in aanmerking te komen. Aanvragen die ná 7 april zijn ingediend, worden (op volgorde van binnenkomst) behandeld nadat de behandeling heeft plaatsgevonden van de aanvragen die op 7 april door ons zijn ontvangen, indien het subsidieplafond dan nog niet is bereikt. Webinar op dinsdag 24 maart 2026 Op dinsdag 24 maart 2026, van 16.00 tot 17.00 uur, organiseerde de provincie Noord-Holland in samenwerking met ROM InWest een webinar over de Uitvoeringsregeling MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten 2026. De presentatie van dit webinar is te vinden onder 'Meer informatie', hieronder op deze pagina. Indienen via subsidieportaal De provincie Noord-Holland hanteert een subsidieportaal. Correspondentie verloopt digitaal via dit portaal. Hiervoor heeft u nodig: eHerkenning met veiligheidsniveau EH2+ en met dienst ‘Subsidieportaal’. Voor intermediairs is gebruik van ketenmachtiging verplicht. Op Subsidies - Provincie Noord-Holland vindt u hierover meer informatie. stap 1: vul eerst de bijlagen in Vul eerst de verplichte bijlagen in. Sla deze bijlagen eerst op op uw computer, en vul ze daarna in. stap 2: log in met eherkenning op het Subsidieportaal De link om in te loggen op het subsidieportaal (‘Digitaal indienen via subsidieportaal’) vindt u onder ‘Formulieren’. In het document ‘Informatie te verstrekken in subsidieportaal’ (onder ‘Meer informatie’) vindt u een overzicht van de gegevens die in het subsidieportaal moeten worden verstrekt. Lees de informatie op deze webpagina volledig door. Door op de uitklapblokjes per onderwerp te klikken, opent u de desbetreffende informatie. De Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren (MIT) haalbaarheidsprojecten Noord-Holland en het bijhorende aanvraagformulier zijn gewijzigd ten opzichte van vorig jaar. Lees daarom deze pagina en ook: De volledige tekst van de Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 (Provinciaal Blad Nr, 3072, van 25 februari 2026), onder het uitklapblokje ‘Wet- en regelgeving’. De (deel)programma’s en missies in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid. Deze worden door het ministerie van EZ gepubliceerd in de Staatscourant en in Bijlage 3.4.1 van de Regeling nationale EZ- en LNV-subsidies. Deze documenten zijn op dit moment nog niet gepubliceerd. Onder het uitklapblokje ‘Meer informatie’ vindt u nu nog een conceptversie van het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid voor 2026. Zodra publicatie van het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid voor 2026 in de Regeling nationale EZ- en LNV-subsidies en de Staatscourant heeft plaatsgevonden, wordt dit op deze pagina vermeld met een link naar de websites/documenten. Het document ‘Toelichting op de uitvoeringsregeling’ (onder ‘Meer informatie’). Let op: bij de beoordeling van de subsidieaanvragen maken wij ook gebruik van openbare informatie, zoals websites van de subsidieaanvrager en concurrenten. Zorg er dus voor dat de informatie in de aanvraag niet in tegenspraak is met openbaar beschikbare informatie. Doel Bevorderen van innovaties in het MKB om een bijdrage te leveren aan een duurzame, vernieuwende en ondernemende economie. Doelgroep MKB-onderneming die volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel een vestiging in de provincie Noord-Holland heeft waar het merendeel van de bedrijfsactiviteiten, inclusief het haalbaarheidsproject, plaatsvinden. Activiteiten De provincie geeft subsidie voor het uitvoeren van een haalbaarheidsproject dat de risico’s concretiseert die het ontwikkelen van een nieuw product, nieuw proces, nieuwe dienst of nieuwe technologie met zich meebrengt voor de innoverende MKB-onderneming. Beantwoording van de binnen het project gestelde haalbaarheidsvragen moet voor de MKB-onderneming effectief bijdragen aan het onderbouwd nemen van een besluit tot het wel of niet starten van het beoogde Research & Development-vervolgtraject en de invulling van dit beoogde vervolgtraject. Om voor subsidie voor een haalbaarheidsproject in aanmerking te komen, moet onder meer worden voldaan aan de volgende inhoudelijke vereisten: Vernieuwing: het haalbaarheidsproject is gericht op een nog te ontwikkelen concreet, nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, nieuw proces, nieuwe dienst of nieuwe technologie waarvan de ontwikkeling technisch en financieel risicovol is. Economisch perspectief: het product, het proces, de dienst of de technologie heeft voldoende en realistisch onderbouwd economisch perspectief. Uitvoerbaarheid: de ontwikkeling en het commercialiseren van het product, het proces, de dienst of de technologie is uitvoerbaar voor de MKB-onderneming. Impact: het product, het proces, de dienst of de technologie draagt bij aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid, geldend op 7 april 2026. Kwaliteit: de subsidieaanvraag voor het haalbaarheidsproject is naar het oordeel van Gedeputeerde Staten van voldoende kwaliteit. Berekening subsidie 35% van de subsidiabele kosten tot maximaal € 20.000,-. Subsidieplafond Voor deze regeling is in totaal € 2.570.400,- (het subsidieplafond) beschikbaar. Voorwaarden Belangrijkste weigeringsgronden De provincie geeft géén subsidie als: de activiteit niet financieel haalbaar is; de uitvoering van de activiteit is gestart voordat de aanvraag is ontvangen; de aanvrager in financiële moeilijkheden verkeert; tegen aanvrager een terugvorderingsbevel is gegeven omdat eerdere steun onrechtmatig en onverenigbaar is verklaard met de interne markt; de MKB-onderneming de subsidie wil aanwenden voor activiteiten waarvoor reeds door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt, of voor activiteiten die daarmee samenhangen of daaruit voortvloeien; de MKB-onderneming (dat is de groep, inclusief partner- en verbonden ondernemingen) in dezelfde openstellingsperiode al een subsidieaanvraag heeft ingediend op grond van deze uitvoeringsregeling. Alle voorwaarden en weigeringsgronden voor een haalbaarheidsproject vindt u in de uitvoeringsregeling. Aanvragen dienen te worden ingediend in het Nederlands. Indien de aanvraag in een andere taal is geschreven, zullen wij u vragen deze alsnog te vertalen. Het is niet toegestaan inhoudelijk (bijna) identieke subsidieaanvragen (gebaseerd op hetzelfde projectplan) in te dienen. Ook niet als deze worden ingediend door verschillende (gelieerde) MKB-ondernemingen. Dit omdat door het indienen van meerdere subsidieaanvragen een hogere kans op een gunstige plek in de loting en dus een hogere kans op beoordeling van de aanvraag wordt gecreëerd. Indien wij na indiening ontdekken dat toch meerdere aanvragen zijn ingediend met hetzelfde projectplan, dan zullen deze allemaal worden geweigerd. Zorg er ook voor dat alle informatie in de subsidieaanvraag specifiek is voor de onderneming en het project. Als hierover in de beoordeling twijfels ontstaan, zal subsidie worden geweigerd. Aanpak Volgorde van ontvangst Aanvragen worden behandeld op volgorde van ontvangst. Deze volgorde wordt bepaald door de dag waarop de aanvraag is ingediend, niet door het tijdstip op de dag waarop de aanvraag is ingediend. Moet u aanvullende informatie indienen? De ontvangstdatum van de aanvullende informatie geldt dan als ontvangstdatum. Het is mogelijk dat het subsidieplafond dit jaar zal worden overschreden met de aanvragen die worden ingediend op 7 april 2026. Dit betekent dat wij de volgorde van behandeling zullen bepalen via loting van alle aanvragen die 7 april zijn ingediend en volledig zijn. Aanvragen die na 7 april worden ingediend, of aanvragen die op 7 april niet volledig zijn, komen mogelijk niet meer voor beoordeling in aanmerking. Daarom is het van het grootste belang dat de aanvraag zo concreet, helder en volledig mogelijk door u wordt ingediend. Gebruik hiervoor de formats (aanvraagformulier én begroting!) die u vindt op deze pagina onder ‘Formulieren’, beantwoord alle vragen zo concreet en volledig mogelijk en voeg alle bijlagen toe. Openstelling De regeling staat open van 7 april 2026 tot en met 15 september 2026 voor 17:00 uur. Let op Als uw aanvraag voor of na bovengenoemde periode door ons wordt ontvangen, wordt deze geweigerd. Advies ROM InWest ROM InWest (de Regionale Ontwikkelingsmaatschappij in Noord-Holland) adviseert de provincie Noord-Holland over de inhoudelijke beoordeling van de aanvragen. Indienen subsidieaanvraag Let op! Alhoewel het (voorlopig) mogelijk blijft om in te dienen per post of aan de balie van het provinciekantoor, raden wij u ten zeerste aan om gebruik te maken van het subsidieportaal. In dit subsidieportaal heeft u als subsidieaanvrager toegang tot informatie over uw eigen subsidieaanvra(a)g(en), zoals verleende subsidie(s), rapportagedata en correspondentie over uw aanvraag. Ook krijgt u meldingen voordat u bijvoorbeeld een rapportage moet indienen en ontvangt u het besluit over uw aanvraag digitaal. STAP 1: Bepaal hoe u de aanvraag wilt indienen en gebruik het juiste aanvraagformulier: Digitaal indienen via subsidieportaal (na inlog met eHerkenning): ‘Subsidieaanvraagformulier – bijlage 1 bij digitale indiening subsidieportaal’ Indienen per post dan wel afgeven aan de balie: formulier ‘Subsidie aanvragen per post of afgeven aan balie’ De aanvraagformulieren vindt u onder het uitklapblokje ‘Formulieren’ op deze pagina. STAP 2: Maak eerst het aanvraagformulier en alle bijlagen gereed. Welke bijlagen u moet meesturen, staat in het aanvraagformulier. Het aanvraagformulier is één van de verplichte documenten van uw subsidieaanvraag. STAP 3a: digitaal indienen: Log in met eHerkenning via de link ‘Digitaal indienen via subsidieportaal’ onder het uitklapblokje ‘Formulieren’. De gegevens zoals bekend bij het handelsregister van de Kamer van Koophandel worden automatisch ingevuld in het formulier. Vul de rest aan. Hierna kunt u de bijlagen uploaden en d […tekst ingekort]
Toon brontekst
Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 Gedeputeerde Staten van Noord-Holland; Overwegende dat het gewenst is om door middel van subsidieverlening innovaties in het midden- en kleinbedrijf (MKB) te bevorderen teneinde een bijdrage te leveren aan een duurzame, vernieuwende en ondernemende economie; Overwegende dat Gedeputeerde Staten in het kader van rechtvaardiging van staatssteun de Verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (De-minimisverordening) van toepassing achten; Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Holland 2011; Besluiten vast te stellen: Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - MKB-onderneming: een onderneming als bedoeld in artikel 2, onder 2 van de Algemene groepsvrijstellingsverordening (EU-verordening nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014). Onder MKB-onderneming wordt mede begrepen:“partnerondernemingen” als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van Bijlage 1 behorende bij de Algemene groepsvrijstellingsverordening, en ”verbonden ondernemingen” als bedoeld in artikel 3, derde lid, van Bijlage 1 behorende bij de Algemene groepsvrijstellingsverordening.Partnerondernemingen en verbonden ondernemingen worden geacht onderdeel uit te maken van de aanvragende MKB-onderneming en het geheel van deze ondernemingen wordt als één onderneming gezien bij de toepassing van artikel 2, artikel 4, tweede lid, onder e en artikel 9, eerste lid, onder c, d, e, f; - haalbaarheidsproject: een haalbaarheidsproject concretiseert de risico’s die het ontwikkelen van een nieuw product, proces, dienst of nieuwe technologie met zich meebrengt voor de innoverende MKB-onderneming. Beantwoording van de binnen het project gestelde haalbaarheidsvragen moet voor de MKB-onderneming effectief bijdragen aan het onderbouwd nemen van een besluit tot het wel of niet starten van het beoogde Research & Development vervolgtraject en de invulling van dit beoogde vervolgtraject. Een haalbaarheidsproject kan experimentele ontwikkeling of industrieel onderzoek bevatten; - Research & Development (R&D): het creatief, systematisch en planmatig zoeken naar oplossingen voor praktische problemen. Verder wordt het ontwikkelen van ideeën of prototypes tot bruikbare processen en productierijpe producten tot R&D gerekend. In een R&D-project wordt gestreefd naar oorspronkelijkheid én vernieuwing. Een R&D-project bestaat uit industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling of een combinatie hiervan; - experimentele ontwikkeling: het verwerven, combineren, vormgeven en gebruiken van wetenschappelijke, technologische, zakelijke en andere relevante kennis en vaardigheden gericht op het ontwikkelen van nieuwe of verbeterde producten, processen of diensten. Onder experimentele ontwikkeling wordt niet verstaan routinematige of periodieke wijziging van bestaande producten, productielijnen, fabricageprocessen, diensten en andere courante activiteiten, zelfs indien die wijzigingen verbeteringen kunnen inhouden; - industrieel onderzoek: planmatig of kritisch onderzoek dat is gericht op het opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden met het oog op de ontwikkeling van nieuwe producten, processen of diensten, of om bestaande producten, processen of diensten aanmerkelijk te verbeteren; - Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid: programma’s en plannen in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid, te vinden in Bijlage 3.4.1 van de Regeling nationale EZ- en LNV-subsidies, geldend op 7 april 2026 - Algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU, L187); - Startdatum: de datum waarop daadwerkelijk en aantoonbaar is aangevangen met de uitvoering van een project. Artikel 2 Doelgroep Subsidie kan worden verstrekt aan een MKB-onderneming die volgens het uittreksel van de Kamer van Koophandel een vestiging in de provincie Noord-Holland heeft waar het merendeel van de bedrijfsactiviteiten, inclusief het haalbaarheidsproject, plaatsvinden. Artikel 3 Subsidiabele activiteit Subsidie kan worden verstrekt voor het uitvoeren van een haalbaarheidsproject. Artikel 4 Vereisten aan de subsidieaanvraag 1.. Een aanvraag om subsidie wordt ingediend door middel van het voor deze uitvoeringsregeling op www.noord-holland.nl/Loket/Subsidies beschikbaar gestelde aanvraagformulier. 2.. Een aanvraag om subsidie bevat tenminste: - een inhoudelijke beschrijving van de activiteiten van het haalbaarheidsproject, de startdatum, het aangevraagde subsidiebedrag, een beschrijving van het beoogde R&D-vervolgproject, de doelstelling, de beoogde resultaten, een tijdsplanning en een onderbouwing dat aan de criteria van artikel 3 en 8 wordt voldaan; - een begroting van de kosten per deelactiviteit; - een financieringsplan van de kosten van de activiteiten; - een samenvatting van het haalbaarheidsproject waarvoor subsidie wordt aangevraagd en een schriftelijke toestemming dat de samenvatting kan worden gebruikt in publicaties die voor iedereen toegankelijk zijn; en - een door een daartoe bevoegd persoon ondertekende de-minimisverklaring voor de MKB-onderneming. Artikel 5 Openstellingsperiode en beslistermijn 1.. Een aanvraag om subsidie op grond van deze uitvoeringsregeling is tijdig ingediend indien de aanvraag in de periode van 7 april 2026 tot en met 15 september 2026 voor 17:00 uur is ontvangen. 2.. Een aanvraag om subsidie die buiten de in het vorige lid genoemde periode wordt ontvangen, wordt geweigerd. 3.. Gedeputeerde Staten beslissen binnen 16 weken na ontvangst van een aanvraag om subsidieverlening op grond van deze uitvoeringsregeling. Artikel 6 Subsidieplafond Het subsidieplafond bedraagt € 2.570.400,-. Artikel 7 Volgorde van behandeling 1.. Aanvragen om subsidie op grond van deze uitvoeringsregeling worden behandeld op volgorde van ontvangst. 2.. Wanneer de MKB-onderneming op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag, de datum waarop de aanvraag aangevuld en compleet is ingediend. 3.. Indien meerdere aanvragen op dezelfde dag worden ontvangen, wordt de volgorde van behandeling van die aanvragen bepaald door loting. Artikel 8 Subsidievereisten haalbaarheidsproject Om voor subsidie voor een haalbaarheidsproject in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten: - Vernieuwing: het haalbaarheidsproject is gericht op een nog te ontwikkelen concreet, nieuw, innovatief en nog niet bewezen product, nieuw proces, nieuwe dienst of nieuwe technologie waarvan de ontwikkeling technisch en financieel risicovol is; - Economisch perspectief: het product, het proces, de dienst of de technologie heeft voldoende en realistisch onderbouwd economisch perspectief; - Uitvoerbaarheid: de ontwikkeling en het commercialiseren van het product, het proces, de dienst of de technologie is uitvoerbaar voor de MKB-onderneming; - Impact: het product, het proces, de dienst of de technologie draagt bij aan het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid, geldend op 7 april 2026; en - Kwaliteit: de subsidieaanvraag voor het haalbaarheidsproject is naar het oordeel van Gedeputeerde Staten van voldoende kwaliteit. Artikel 9 Weigeringsgronden 1.. Subsidie wordt geweigerd indien: - het haalbaarheidsproject niet financieel haalbaar is; - de startdatum is gelegen vóór het tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen; - de MKB-onderneming een onderneming is die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in paragraaf 2.2 van de Communautaire richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden (PbEU, 2014/C 249/01); - tegen de MKB-onderneming een terugvorderingsbevel is gegeven omdat eerdere steun onrechtmatig en onverenigbaar is verklaard met de interne markt; - de MKB-onderneming de subsidie wil aanwenden voor activiteiten waarvoor reeds door een bestuursorgaan of de Europese Commissie subsidie is verstrekt; of - reeds een aanvraag door de MKB-onderneming is ingediend op grond van deze uitvoeringsregeling 2.. Het bepaalde in het eerste lid, onder f, is niet van toepassing voor zover het een MKB-onderneming of daarmee verbonden onderneming betreft die aantoonbaar kapitaal verschaft aan jonge, startende ondernemingen of jonge, startende ondernemingen bouwt en ondersteunt. Artikel 10 Subsidiabele kosten Subsidie voor het uitvoeren van een haalbaarheidsproject wordt verstrekt voor onderstaande kosten: - personeelskosten van onderzoekers, technici en ander ondersteunend personeel van de MKB-onderneming, voor zover zij zich met het haalbaarheidsproject bezighouden. Personeelskosten van eigen personeel hebben uitsluitend betrekking op medewerkers die in dienst zijn bij de deelnemende MKB-onderneming. De personeelskosten worden berekend op basis van een vast uurtarief van ten hoogste € 60,-; - kosten van derden waarbij sprake is van de inzet van uren van medewerkers van deze derde partijen die uitsluitend voor het project worden gebruikt. Deze kosten worden berekend op basis van een vast uurtarief van ten hoogste € 60,-; - kosten van apparatuur, uitrusting, materiaal, leveranties en dergelijke, die rechtstreeks uit het project voortvloeien en voor zover en zolang zij worden gebruikt voor het project. Wanneer apparatuur en uitrusting niet tijdens hun volledige levensduur voor het project worden gebruikt, worden alleen de afschrijvingskosten overeenstemmend met de looptijd van het project, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, als subsidiabele kosten beschouwd. Artikel 11 Subsidiebedrag 1.. De subsidie voor het uitvoeren van een haalbaarheidsproject bedraagt 35% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 20.000,-. 2.. Gedeputeerde Staten verstrekken geen subsidies van minder dan € 5.000,-. Artikel 12 Verplichtingen In de subsidieverlening kunnen Gedeputeerden Staten verplichtingen opnemen omtrent de datum waarop de gesubsidieerde activiteiten moeten zijn afgerond en het verstrekken van informatie ten behoeve van de monitoring van de gesubsidieerde activiteit. Artikel 13 Vaststelling 1.. Een aanvraag tot vaststelling wordt ingediend binnen 13 weken na voltooiing van het haalbaarheidsproject. 2.. De aanvraag tot vaststelling dient, naast de in het formulier vaststelling subsidie en de beschikking tot subsidieverlening genoemde zaken, te zijn voorzien van een urenregistratie per persoon, per week, per deelactiviteit, die gekoppeld is aan de deelactiviteiten en de begroting van de subsidieaanvraag. 3.. De MKB-onderneming kan worden uitgenodigd de resultaten van het haalbaarheidsproject aan Gedeputeerde Staten te presenteren. 4.. Gedeputeerde Staten beslissen binnen 16 weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie. Artikel 14 Slotbepalingen 1.. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin zij wordt geplaatst. 2.. Deze regeling vervalt met ingang van 1 juni 2027. 3.. Deze regeling wordt aangehaald als Uitvoeringsregeling subsidie MKB innovatiestimulering topsectoren haalbaarheidsprojecten Noord-Holland 2026. Haarlem, 17 februari 2026. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, A.Th.H. van Dijk, voorzitter. M.J.H. van Kuijk, provinciesecretaris.
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.