Nadere regel Subsidie kinder- en peuteropvang 2026 gemeente Bunschoten
Gemeente Bunschoten
Voor aanbieders van kinder- en peuteropvang in Bunschoten die kwalitatieve voorschoolse educatie aanbieden aan geïndiceerde doelgroeppeuters met taalachterstand en/of reguliere opvang voor peuters zonder indicatie.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor aanbieders van kinder- en peuteropvang in Bunschoten voor het aanbod van kwalitatieve voorschoolse educatie aan geïndiceerde doelgroeppeuters (2,5-4 jaar) en reguliere opvang voor peuters zonder taalachterstand. Subsidie wordt verleend op basis van benutte kindplaatsen en omvat ondersteuning voor pedagogisch beleidsmedewerkers.
Voor wie is het bedoeld?
Voor aanbieders van kinder- en peuteropvang in Bunschoten die kwalitatieve voorschoolse educatie aanbieden aan geïndiceerde doelgroeppeuters met taalachterstand en/of reguliere opvang voor peuters zonder indicatie.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie aan doelgroeppeuters met taalachterstand
- Financiering van pedagogisch beleidsmedewerker in voorschoolse educatie
- Subsidie voor reguliere peuteropvang voor niet-doelgroeppeuters
Voorwaarden
- Aanbieder moet zijn opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Aanbieder moet voldoen aan kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang
- Doelgroeppeuters moeten een indicatie van de GGD hebben voor taalachterstand
- Doelgroeppeuters moeten 960 uur voorschoolse educatie over 1,5 jaar ontvangen (maximaal 6 uur per dag)
- Minimaal 5 kindplaatsen per aanbieder als ondergrens
- Pedagogisch beleidsmedewerker/coach moet worden ingezet (10 uur per jaar per geïndiceerde doelgroeppeuter)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Zo vraagt u aan
Zoals beschreven door de verstrekker. Onvolledig? Controleer altijd het officiële loket.
Aan te leveren gegevens
- Registratie in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Voldoen aan kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang
Subsidie-aanvraag kan enkel door een aanbieder (exploitant/houder van kindercentrum) worden ingediend.
Openstellingen en rondes
- Start
- 1 jan 2026
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Nadere regel Subsidie kinder- en peuteropvang 2026 gemeente Bunschoten Burgemeester en Wethouders van Bunschoten; overwegende dat - de gemeente sinds 1 augustus 2020 1 Op basis van ‘Besluit van 20 september 2019 tot wijziging van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie in verband met de verhoging van het minimaal aantal uren aanbod voorschoolse educatie en de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker’, gepubliceerd op 16 oktober 2019. ervoor dient te zorgen dat geïndiceerde doelgroeppeuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar een voorschools educatief aanbod van 960 uur2 Dit is gemiddeld 16 uur per week bij 40 weken per jaar. Deze uren mogen gevarieerd (maximaal 6 uur per dag) worden aangeboden. Bijvoorbeeld aan jongere peuters drie of kortere dagdelen en oudere peuters vijf of langere dagdelen. Het is aan de instellingen om hierin maatwerk aan te bieden zolang zij aan het kwalitatieve aanbod van de 960 uur (in 1,5 jaar) voldoen waarbij maximaal 6 uur per dag meetelt. Ouders/verzorgers zijn niet verplicht om dit aanbod volledig af te nemen. over 1,5 jaar krijgen (maximaal zes uur per dag) zodat alle peuters met een goede en gelijke start – zonder achterstand – aan het basisonderwijs beginnen. - de gemeente sinds 1 augustus 2020 een aanbod (maximaal 8 uur per week) organiseert voor peuters van alleenverdieners of niet-werkende ouders (huishoudens waarbij één van de partners werkt; de kostwinners, éénoudergezinnen waarbij de ouder niet werkt of huishoudens waarbij beide partners niet werken); - de gemeente sinds 1 januari 2022 de verplichte inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker / coach binnen de voorschoolse educatie dient te bekostigen; - de gemeente de startnotie over de harmonisatie van de peuteropvang en kinderopvang in Bunschoten3 ‘Wijzigen systematiek subsidieverlening peuterspeelzaalwerk / peuteropvang – harmonisatie peuterspeelzalen en kinderopvang in Bunschoten’, ingaande 1 januari 2017. heeft vastgesteld waarin de verschillende varianten voor subsidieverlening staan vermeld; gelet op artikel 2, tweede lid en artikel 4, tweede lid van de Algemene subsidieverordening gemeente Bunschoten 2022 besluiten de volgende nadere regel vast te stellen: Nadere regel Subsidie kinder- en peuteropvang 2026 gemeente Bunschoten. Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze nadere regel wordt verstaan onder: - College: het college van burgemeester en wethouders; - Algemene subsidieverordening: de Algemene subsidieverordening gemeente Bunschoten 2022; - Aanbieder: een exploitant / houder van een kindercentrum die kinder- en/of peuteropvang in de gemeente Bunschoten aanbiedt en is opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en voldoet aan de kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang en onderliggende regelgeving. Een subsidie-aanvraag kan enkel door een aanbieder worden ingediend. - Benutte kindplaats: rekeneenheid die overeenkomt met het aantal uren per kind per jaar dat een kind daadwerkelijk een aanbieder bezoekt. - Doelgroeppeuter4 Dit betreft de definitie van de doelgroep voor voorschoolse educatie (doelgroeppeuters) zoals het college deze voor Bunschoten heeft vastgesteld (voor het laatst op 6 juni 2017).: een kind van tweeënhalf tot en met drie jaar die een indicatie van de Jeugdgezondheidsdienst (GGD-regio Utrecht) heeft gekregen op basis van een van de volgende twee criteria:Een achterstand (of een risico op een achterstand) in de Nederlandse taalontwikkeling;Kinderen die in hun Nederlandse (taal)ontwikkeling worden bedreigd vanwege sociale factoren. - Deze kinderen worden uitsluitend door de jeugdgezondheidszorg geïndiceerd en hebben baat bij extra inzet van voorschoolse educatie. - Een doelgroeppeuter dient een kwalitatief voorschools aanbod (voorschoolse educatie) van 960 uur verspreid over 1,55 Hierbij geldt een maximum van 6 uur voorschools educatief aanbod per dag jaar te krijgen. - Voorschoolse educatie: uitvoering van een integraal effectief voorschools educatief aanbod aan geindiceerde doelgroeppeuters op de voorschool. Hierbij wordt tenminste voldaan aan de basisvoorwaarden voor kwaliteit uit het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie waarbij kinderen op gestructureerde en samenhangende wijze worden gestimuleerd bij hun ontwikkeling (taal, rekenen, sociaal-emotioneel en motorisch). Het educatieve aanbod is bedoeld voor kinderen vanaf 2,5 jaar tot de eerste dag dat zij de basisschool bezoeken. - Kinder- en peuteropvang: de verzorging, de opvoeding, het stimuleren van de ontwikkeling en het voorbereiden op de basisschool van peuters vanaf de leeftijd van twee jaar tot het tijdstip waarop die kinderen kunnen deelnemen aan het basisonderwijs; - Subsidienorm: een bedrag per benutte kindplaats, minimaal 5 kindplaatsen per aanbieder als ondergrens, 40 weken per jaar, zijnde de genormeerde kosten berekend volgens het maximum uurtarief conform de regeling voor de kinderopvangtoeslag voor dagopvang vastgesteld door de Belastingdienstvermeerderd met een opslag vanwege het aanbod van voorschoolse educatie wanneer het een geïndiceerde doelgroeppeuter betreft en verminderd met de eigen bijdrage van ouders volgens deze nadere regel. - Bij benutting van een kindplaats voor een gedeelte van het jaar wordt de subsidie naar rato van het aantal weken bepaald. - Eigen bijdrage van ouders van geïndiceerde doelgroeppeuters die voorschoolse educatie volgen en geen aanspraak maken op kinderopvangtoeslag (Variant 1): - De bijdrage die ouders van doelgroeppeuters kunnen betalen aan de aanbieder voor kinder- en peuteropvang voor de eerste 12 uur6 Deze uren moeten passen in de uitvoering van de eis van ‘960 uur over 1,5 jaar’. van het aantal uren voorschools educatief aanbod per week is gebaseerd op:de minimale eigen bijdrage op basis van de ‘VNG Adviestabel ouderbijdrage peuterwerk’ die elk kalenderjaar wordt aangepast;het maximale uurtarief dat de belastingdienst hanteert bij de kinderopvangtoeslag voor ouders die hiervoor in aanmerking komen en die elk kalenderjaar wordt aangepast. - Voor het 13e tot en met het 16e uur7 Deze uren moeten passen in de uitvoering van de eis van ‘960 uur over 1,5 jaar’. van het aantal uren voorschools aanbod per week heft de aanbieder geen eigen bijdrage voor zover er sprake is van een doelgroeppeuter met een geïndiceerd risico op taalachterstand. - Eigen bijdrage van ouders van geïndiceerde doelgroeppeuters die voorschoolse educatie volgen en aanspraak maken op kinderopvangtoeslag (Variant 2): - De bijdrage die ouders van doelgroeppeuters betalen aan de aanbieder voor kinder- en peuteropvang voor de eerste 12 uren8 Ouders vragen voor 12 uur kinderopvangtoelag aan (1e tot en met het 12e uur). Deze uren moeten passen in de uitvoering van de eis van ‘960 uur over 1,5 jaar’. van het aantal uren voorschools educatief aanbod per week is gebaseerd op:het maximale uurtarief dat de belastingdienst hanteert bij de kinderopvangtoeslag voor ouders die hiervoor in aanmerking komen en die elk kalenderjaar wordt aangepast. - Voor de laatste 4 uren9 Deze uren (13e tot en met het 16e uur) moeten passen in de uitvoering van de eis van ‘960 uur over 1,5 jaar’. van het aantal urenvoorschools-aanbod per week heft de aanbieder geen eigen bijdrage voor zover er sprake is van een doelgroeppeuter met een geïndiceerd risico op taalachterstand waarbij ouders aanspraak maken op kinderopvangtoeslag. - Eigen bijdrage van ouders van peuters zonder (risico op een) taalachterstand (Variant 3): de bijdrage die ouders van peuters zonder een indicatie van de GGD voor een risico op een taalachterstand kunnen betalen aan de aanbieder voor kinder- en peuteropvang voor het eerste en tweede dagdeel (maximaal 8 uur per week); deze ouders 10 Dit worden ook wel de ‘kostwinnersgezinnen’ genoemd. kunnen geen aanspraak maken op een kinderopvangtoeslag of op een tegemoetkoming in het kader van arbeidsintegratie of voorliggende voorziening. Artikel 2 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen 1.. Subsidie op grond van deze nadere regel kan worden verleend voor activiteiten van aanbieders kinder- en peuteropvang die zijn gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van peuters in de gemeente Bunschoten. Deze activiteiten voldoen aan de door de rijksoverheid gestelde eisen. We onderscheiden de volgende activiteiten: - Activiteiten met een aanbod van kwalitatieve voorschoolse educatie die op gestructureerde en samenhangende/integrale wijze in de groep worden aangeboden aan geïndiceerde doelgroeppeuters; - Activiteiten die op gestructureerde en samenhangende/integrale wijze in de groep worden aangeboden aan peuters zonder een (geïndiceerd risico op een) taalachterstand. 2.. Subsidie op grond van deze nadere regel kan worden verleend voor verplichte inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker/coach per 1 januari 2022 teneinde de kwaliteit van de voorschoolse educatie te verhogen. Artikel 3 Doelgroepen 1.. Doelgroeppeuters die conform de doelgroepdefinitie van de gemeente Bunschoten een indicatie van de GGD hebben gekregen voor een (risico op een) taalachterstand en 960 uur verspreid over 1,5 jaar kwalitatieve voorschoolse educatie 11 Hierbij geldt een maximum van 6 uur per dag krijgen aangeboden; 2.. Peuters zonder een indicatie van de GGD voor (een risico op) een taalachterstand, waarvoor geen aanspraak bestaat op de kinderopvangtoeslag of een tegemoetkoming in het kader van arbeidsintegratie en maximaal 8 uur per week naar een aanbieder van kinder- en peuteropvang gaan. Artikel 4 Hoogte van de subsidie 1.. De subsidie bestaat uit een bijdrage aan de aanbieder per benutte kindplaats tot aan maximaal de subsidienorm. Het maximale uurtarief dat voor subsidiëring in aanmerking komt, overschrijdt nooit het uurtarief dat de betreffende aanbieder hanteert; 2.. Als subsidienorm geldt: - het maximum uurtarief conform de regeling van de belastingdienst voor de kinderopvangtoeslag voor dagopvang (€ 11,23 per 1 januari 2026) vermeerderd met - een opslag (maximaal € 3,89 per 1 januari 2025 12 Dit bedrag is gebaseerd op een eerder advies van Sociaal Werk Nederland / inventarisatie Oberon over hoogtes van de verschillen bij gemeenten in hoogte van deze bedragen van voor deze opslagen. Het overgenomen bedrag behoort tot het gemiddelde.) wanneer het een geïndiceerde doelgroeppeuter betreft vanwege het kwalitatief aanbod van voorschoolse educatie. . Aanbieders dienen uit deze opslag alle (meer)kosten die voortvloeien uit het kwalitatief aanbod van voorschoolse educatie alsmede om aan de wet- en regelgeving te voldoen zoals deskundigheidsbevordering, scholing, observatie- en volgsystemen, registratie- en administratiesystemen, etc. te voldoen. . . . De jaarlijkse indexering van de subsidies conform het door de raad vastgestelde indexeringspercentage voor subsidies van de gemeentelijke begroting is op deze opslag van toepassing. Wanneer het percentage van de CAO hoger is dan dit indexeringspercentage, dan kan de opslag op basis van deze CAO worden aangepast. . . Voor verplichte inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker/coach (hbo werk en/of denkniveau) wordt subsidie verleend op basis van de telling van de geindiceerde doelgroeppeuters vanaf 2,5 jaar op peildatum 1 januari x 10 uur per kalenderjaar x uurtarief (€ 50,- per uur per 1 januari 2025). De jaarlijkse indexering van de subsidies conform het door de raad vastgestelde indexeringspercentage voor subsidies van de gemeentelijke begroting is hierop van toepassing. Indien de procentuele stijging van de personeelskosten op grond van de CAO hoger is, kan het uurtarief hiermee worden aangepast. 3.. De bedragen, waarnaar in deze nadere regel gerefereerd wordt, kunnen jaarlijks door het college worden vastgesteld in een collegevoorstel met bijlagen en/of een subsidielijst. 4.. Mocht gedurende het jaar blijken dat er wachtlijsten ontstaan voor doelgroeppeuters 13 Dit kan ontstaan als ouders meer gaan werken, er meer doelgroeppeuters worden geindiceerd in een bepaalde cohort of dat dit bij instroom van anderstalige peuters […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.