Subsidieregeling toerisme in balans Zuid-Holland
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland
Voor overheden, ondernemingen, stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk die activiteiten uitvoeren met een toeristisch oogmerk.
Ook bekend als Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026, Toerisme in balans Zuid-Holland 2025, Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2025
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling voor activiteiten die toeristische druk verlagen of duurzaam toerisme bevorderen in Zuid-Holland. Voor overheden, ondernemingen, stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk. Maximaal €100.000 per project.
Voor wie is het bedoeld?
Voor overheden, ondernemingen, stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk die activiteiten uitvoeren met een toeristisch oogmerk.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor het veerkrachtiger maken van drukke toeristische bestemmingen
- Financiering voor duurzaam toerisme projecten in Zuid-Holland
- Steun voor natuurinclusieve herontwikkeling van musea en attracties
- Subsidie voor visievorming op duurzaam toerisme in gemeenten
- Spreiding van toeristische bezoekers over meerdere locaties
- Verlagen van toeristische druk op drukke bestemmingen
- Versterken van draagkracht van toeristische bestemmingen
- Ontwikkeling van duurzaam toerisme
- Vergroten van leefbaarheid in toeristische gebieden
- Natuurinclusief maken van toeristische attracties
- Verduurzaming van toeristische vervoermiddelen
Voorwaarden
- Activiteiten moeten aantoonbaar bijdragen aan het verlagen van toeristische druk of positieve impact op bestemming en inwoners
- Minimaal 50% cofinanciering voor overheden en ondernemingen; 25% voor stichtingen/verenigingen
- Niet meer dan 50% van subsidiabele kosten mag naar promotie/communicatie (uitgezonderd gedragscommunicatie)
- Activiteiten moeten openbaar toegankelijk of van openbaar nut zijn
- Maximaal één aanvraag per aanvrager per ronde
- Minimaal subsidiebedrag €5.000
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 800k
- Verdeling
- Tender
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Documenten
- algemene_de-minimisverklaring_1.pdf · 3 pag.
Toon documenttekst
1 Algemene de-minimisverklaring 24051400_invulbaarform_minimisverklaring_A Verklaring Hierbij verklaart ondergetekende, dat aan de hierna genoemde onderneming o geen de-minimissteun is verleend - In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is niet eerder de-minimissteun verleend. o wel de-minimissteun is verleend, maar het drempelbedrag niet wordt overschreden - In de 36 maanden voorafgaand aan de datum van ondertekening van deze verklaring is eerder de-minimissteun (in welke vorm of voor welk doel dan ook) verleend tot een bedrag van in totaal : - Of deze de-minimissteun al daadwerkelijk is uitbetaald, doet niet ter zake. - Een kopie van de stukken waaruit het verlenen van de-minimissteun blijkt, voegt u bij deze verklaring. o al andere staatssteun is verleend voor dezelfde in aanmerking komende kosten - Voor dezelfde in aanmerking komende kosten is al staatssteun verleend tot een bedrag van in totaal : - Deze staatssteun is verleend op grond van een vrijstellingsverordening, kaderregeling of een besluit van de Europese Commissie : - U voegt een kopie bij deze verklaring van de stukken waaruit het verlenen van de staatssteun voor dezelfde in aanmerking komende kosten blijkt. Aldus volledig en naar waarheid ingevuld door: Bedrijfsnaam : Inschrijfnummer KvK : NACE-classificatie1 : Naam functionaris en functie : Adres onderneming : Postcode en plaatsnaam : Handtekening : Datum : 1 De NACE-classificatie bestaat uit de eerste vier cijfers van de SBI-code. Vul bij meerdere SBI-codes de code van de hoofdactiviteit van de onderneming in. Lees eerst de uitleg voordat u de verklaring invult. -- 1 of 3 -- 2 Uitleg de-minimisverklaring Deze uitleg is een hulpmiddel bij het invullen van een de-minimisverklaring. Aan deze uitleg kunnen geen rechten worden ontleend. De Verordening (EU) Nr. 2023/2831 (hierna: de algemene de-minimisverordening is bepalend.2 Wanneer wordt de algemene de minimisverordening gebruikt? De algemene de-minimisverordening is in beginsel van toepassing op steun aan ondernemingen in alle sectoren, maar er gelden enkele specifieke regels voor bepaalde sectoren. Steun aan ondernemingen3 in de landbouw- of vis- serijsector valt buiten het bereik van deze verordening. De algemene de-minimisverordening is in bepaalde gevallen ook niet van toepassing op steun aan ondernemingen die actief zijn in de verwerking en afzet van landbouwpro- ducten, steun voor werkzaamheden die verband houden met de uitvoer naar derde landen of lidstaten en steun die afhangt van het gebruik van binnenlandse in plaats van ingevoerde goederen. Daarnaast valt compensatiesteun voor ondernemingen die activiteiten van algemeen economisch belang (hierna: DAEB) uitvoeren buiten de reikwijdte van deze verordening. Steun kan verleend worden op basis van de algemene de-minimisverordening als: - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren in het geheel geen de-minimissteun heeft ontvangen. - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren de-minimissteun heeft ontvangen, opgeteld bij het bedrag van de huidige voorgenomen steun wordt hiermee echter het bedrag van € 300.000,- niet overschreden. - uw onderneming gedurende de drie voorafgaande jaren voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige voorgenomen steun reeds andere vormen van staatssteun heeft ontvangen. Deze andere steun, opgeteld met de huidige verlening mag er niet toe leiden dat de hoogste toepasselijke steunintensiteit of het hoogste toepasselijke steunbedrag wordt overschreden. De algemene de-minimisverordening en staatssteun De staatssteunregels in het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (artikel 107 en 108 VWEU) stellen beperkingen aan overheden als zij steun willen verlenen aan ondernemingen. Deze de-minimisverklaring is nodig voor een overheidsinstantie4 om na te gaan of het voordeel dat uw onderneming door deze de-minimissteun krijgt, past binnen de voorwaarden die de Europese staatssteunregels stellen. In de de-minimisverordening regelt de Europese Commissie dat steunmaatregelen (zoals subsidieverlening) tot een bepaalde drempel het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig beïnvloeden en de mededinging niet ver- valsen en daarom niet beschouwd worden als staatssteun in de zin van het VWEU. Deze drempel is bij de algemene de-minimisverordening gesteld op een bedrag van € 300.000,-. Dit bedrag geldt per onderneming voor een periode van drie jaren. Steun die de genoemde drempelbedragen niet overschrijdt, wordt aangemerkt als ‘de-minimissteun’. Eén onderneming Het de-minimisplafond geldt voor één onderneming. Het kan voorkomen dat twee (of meer) ondernemingen een bepaalde band met elkaar onderhouden en onder deze verordening als één onderneming worden gezien. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het hebben van de meerderheid van de stemrechten van de aandeelhouders van een andere onderneming, het recht om onder meer bestuursleden van een andere onderneming te benoemen/ontslaan en het recht een overheersende invloed op een andere onderneming uit te oefenen. Bedrag van de de-minimissteun Door middel van deze verklaring geeft u aan dat met de huidige subsidieverlening voor uw onderneming de de-mini- misdrempel niet wordt overschreden. U moet daarom nagaan of gedurende de drie voorafgaande jaren enige vorm van de-minimissteun door een overheidsinstantie aan uw onderneming is verstrekt. 2 Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2024 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun. 3 Een onderneming in Europeesrechtelijke zin is een eenheid die een economische activiteit uitoefent. Een economische activiteit is het aanbieden van goederen en diensten op de markt. De rechtsvorm van deze eenheid of de wijze waarop zij wordt gefinancierd is hierbij niet van belang. Daarbij kunnen zowel privaatrechtelijke als publiekrechtelijke rechtspersonen een onderneming vormen. Dat er geen winstoogmerk is (zoals bij een stichting) is niet relevant. 4 Hier valt onder: de centrale overheid (een ministerie), de provincie, gemeente, waterschap of een van de (uitvoerings)organisaties die (namens hen) steun verlenen. -- 2 of 3 -- 3 Indien dit het geval is bent u hierover door de overheidsinstantie in kennis gesteld. Het gaat niet alleen om steun die u heeft ontvangen van een gemeente of een ministerie: alle de-minimissteun telt mee. Bij overschrijding van de drempel kan geen beroep meer worden gedaan op de de-minimisverordening. Handelen in strijd met de staats- steunregels kan leiden tot terugvordering van de verleende steun. Bij het invullen van de verklaring worden brutobedragen vóór aftrek van belastingen gebruikt. Behalve om subsidieverlening kan het daarbij gaan om leningen tegen gunstige voorwaarden, de verkoop van grond tegen een lagere prijs dan de marktwaarde, vrijstellingen, verlagingen of kwijtschelding van directe of indirecte belas- tingen etc. Onder voorwaarden is het mogelijk de verordening toe te passen op leningen en garanties. Als u twijfelt of andere steun die u hebt ontvangen goedgekeurde of vrijgestelde steun is, kunt u hierover contact opnemen met de overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen. De de-minimissteun wordt geacht te zijn verleend op het tijdstip waarop uw onderneming een wettelijke aanspraak op de steun verwerft, ongeacht de datum waarop de de-minimissteun aan de onderneming wordt betaald. Dit betekent concreet de datum waarop een besluit tot subsidieverlening (of verlening van een voordeel door bijvoorbeeld het aangaan van een lening of garantstelling) aan uw onderneming is genomen. Samenloop met andere staatssteun Mogelijk heeft uw onderneming voor dezelfde kosten die in aanmerking komen voor de huidige de-minimissteun al staatssteun ontvangen, die door de Europese Commissie is goedgekeurd of binnen het toepassingsgebied van de algemene groepsvrijstellingsverordening,5 de landbouwgroepsvrijstellingsverordening,6 de visserijvrijstellingsveror- dening7 of het vrijstellingsbesluit over de compensatie van kosten voor het beheer van DAEB’s8 valt. Het totaalbedrag van de-minimissteun en deze staatssteun mag dan de maximale percentages en bedragen niet overschrijden die op basis van het relevante besluit van de Europese Commissie of de betreffende vrijstellingsverordening zijn toegestaan. Het bewaren van gegevens De Europese Commissie kan onrechtmatige steun nog gedurende tien jaar na de verlening terug laten vorderen. De mogelijkheid bestaat dan ook dat de Europese Commissie naderhand bij (de) Nederland(se overheidsinstantie) informatie opvraagt over hoe de steun is besteed om na te kunnen gaan of er wellicht sprake is van onrechtmatige steun. De overheidsinstantie van wie u de steun heeft ontvangen kan – indien zij zelf niet over die informatie beschikt – in een dergelijk geval aan u vragen om documenten waarmee kan worden aangetoond dat de steun besteed is aan die activiteiten waarvoor deze is verleend. Het gaat daarbij dan om documenten die u ook op grond van de algemene administratie- en bewaarverplichting voor ondernemers moet bewaren.9 Let wel, in afwijking van de voornoemde artikelen hanteert de Europese Commissie een langere termijn van tien jaar10. 5 Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 6 Verordening (EU) Nr. 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 7 Verordening (EU) Nr. 2022/2473 van de Commissie van 14 December 2022 waarbij bepaalde categorieën steun voor ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en aquacultuurproducten, op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. 8 Besluit van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen. 9 Artikel 2:10, eerste lid, BW (rechtspersonen) en artikel 3:15i BW (ondernemingen en vrije beroepsbeoefenaren). 10 Verordening (EU) 2015/1589 van de Raad van 13 juli 2015 tot vaststelling van nadere bepalingen voor de toepassing van artikel 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. -- 3 of 3 --
- format_begrotings-en_financieringsplan_oktober_2017.pdf · 2 pag.
Toon documenttekst
Begroting: kosten 17 10 01270 | versie oktober 2017 * Graag toelichten waarop het tarief is gebaseerd en hoe deze is opgebouwd: • Zijn het directe loonkosten met vaste opslag voor de indirecte kosten of • Is het een uurtarief op basis van integrale kostprijsberekening (alle kosten voor personeel, huisvesting en voorzieningen gedeeld door het voor de activiteit in te zetten aantal arbeidsuren) of • Is het een vast uurtarief per gewerkt projectuur. ** Kosten ‘onvoorzien’ zijn niet subsidiabel, kosten dienen te zijn geoormerkt. *** Indien het om een meerjarig project gaat, splitst u de kosten over de jaren. NB: Er wordt geen subsidie verstrekt voor: - kosten die niet in redelijke verhouding staan tot de gestelde doelen of redelijkerwijs te verwachten prestaties van de activiteit; - verrekenbare of compensabele omzetbelasting/BTW; - kosten van boetes en sancties alsmede gemeentelijke leges bij aanvragen van gemeenten. Aantal uur Tarief* Loonkosten Materiaal/ Aantal uur Tarief* Kosten Communi- Overige** BTW Totale Kosten*** Kosten Kosten Enz. (loonkosten) (loonkosten) uur x tarief hulp- (inhuur) (inhuur) inhuur catie (s.v.p. (alleen projectkosten jaar jaar jaar middelen derden specificeren) invullen als per activiteit deze niet compensabel of niet verrekenbaar is) 1 € 2 € 3 € 4 € Enz. Totale € € € € € kosten -- 1 of 2 -- Totaal: Eigen bijdrage € Opbrengsten € Bijdragen van derden € Subsidie/ cofinanciering Rijk € Subsidie / cofinanciering gemeenten (specificeer per gemeente) € Subsidie / cofinanciering Europa € Overig € Gevraagde provinciale subsidie € Totaal € Begroting: baten / inkomsten NB: Indien u voor dezelfde activiteit eveneens subsidie heeft aangevraagd of zal aanvragen bij Gedeputeerde Staten of bij een ander bestuursorgaan, vermeldt u dit bij de toelichting op de begroting alsmede de stand van zaken met betrekking tot de beoordeling van de aanvraag. Toelichting op de begroting: Activiteit 1 Activiteit 2 Activiteit 3 Activiteit 4 -- 2 of 2 --
Bronnen en actualiteit
“De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de totale subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000,-”
Toon brontekst
Toerisme in balans | Provincie Zuid-Holland Lees voor # Toerisme in balans ## Doelgroep Organisatie ## Aanvraagperiode Gesloten (1 sep 2026 t/m 30 okt 2026) ## Totaal beschikbaar € 800.000,- ## Verplichte bijlagen Toelichting op Verplichte bijlagen Deze bijlagen dien je in te vullen en mee te sturen met de aanvraag. Format begrotings- en financieringsplan oktober 2017 (pdf, 89 kB) Algemene de-minimisverklaring (pdf, 96 kB) ## Subsidie voor projecten die ervoor zorgen dat gebieden toerisme beter aankunnen of zorgen voor meer duurzaam toerisme De provincie Zuid-Holland wil zorgen voor toerisme dat goed past bij de omgeving. Toerisme biedt namelijk kansen, maar soms ook nadelen. We willen daarom een goede verdeling (balans) vinden tussen alle gevolgen van toerisme en duurzaam toerisme sterker maken. Projecten kunnen bijvoorbeeld subsidie krijgen als ze helpen om bezoekers (toeristen en recreanten) beter te spreiden. Of als ze plekken verbeteren met voorzieningen waar ook bewoners voordeel van hebben, of waarmee de druk op natuur minder wordt. Werk je aan zo’n project? Dan kun je een aanvraag doen voor de subsidie Toerisme in balans. ## Subsidie aanvragen je kunt subsidie aanvragen vanaf 1 september 2026 tot en met 30 oktober 2026. ## Waarvoor je subsidie kunt aanvragen Je kunt subsidie aanvragen voor een van de volgende activiteiten: Je project zorgt ervoor dat gebieden toerisme beter aankunnen (veerkrachtiger worden) of minder druk worden. Of dat gebieden die te druk dreigen te worden, minder druk blijven. Je project zorgt ervoor dat toerisme een positieve invloed heeft op het gebied, de omgeving en inwoners. Goed om te weten: In bijlage 1 van het openstellingsbesluit staat voor welke activiteiten je precies subsidie kunt aanvragen. ## Eisen voor de subsidie Dit zijn de eisen voor deze subsidie: Je project gaat over toerisme in Zuid-Holland. Je project gaat niet alleen maar om promotie en communicatie. Dit mag wel als het gaat om het veranderen van gedrag. Je vraagt subsidie aan als stichting, vereniging, overheid of bedrijf. De activiteit is toegankelijk voor iedereen en heeft meerwaarde (nut) voor de samenleving. Je activiteiten beginnen binnen een halfjaar nadat je officieel weet dat je subsidie krijgt. Je vraagt eerst subsidie aan, daarna mag je pas starten met de activiteiten. Je bent binnen 3 jaar klaar met je activiteiten. Gebruik je de subsidie voor het schrijven van een visie voor een gemeente of regio? Dan moeten er minstens 3 toeristische partijen meewerken uit dezelfde gemeente of regio. Een visie is een beschrijving van hoe een gemeente of regio een gebied wil inrichten. Je hebt nog niet eerder subsidie gekregen voor deze activiteiten. Je hebt een vergunning of toestemming voor je activiteiten (als dat nodig is). Bekijk het openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026 voor een compleet overzicht van alle eisen. ## Beschikbaar per aanvrager Stichtingen en verenigingen kregen in 2025 maximaal 75% van de kosten die ze maakten. Overheden, bedrijven en samenwerkingen kregen maximaal 50% van de kosten die ze maakten. We gaven geen subsidie minder dan € 5.000,- of meer dan € 100.000,-. ## Nodig om een aanvraag te doen projectplan met tijdsplanning kaart waarop te zien is waar de activiteiten zijn berekening en plan van de kosten (gebruik het format Begrotings- en financieringsplan) beschrijving van hoe je de activiteiten gaat beheren en onderhouden de-minimisverklaring: hierin staat of je de afgelopen jaren geld van de overheid (staatssteun) hebt gekregen machtiging: bewijs dat een persoon of organisatie namens jou zaken mag doen bewijs of je vergunningen nodig hebt: je stuurt vergunningen mee of je laat zien dat je die hebt aangevraagd ## Beoordeling aanvraag Hoe meer punten je aanvraag krijgt, hoe groter de kans op subsidie. In bijlage 1 van het openstellingsbesluit zie je voor welke onderdelen je punten kunt verdienen. Je moet minimaal 4 punten halen voor onderdeel a (criterium a). ## Na de aanvraag Je kunt eenvoudig alles rond je aanvraag volgen en regelen via het subsidieportaal . ## Contact Ben je van plan om subsidie aan te vragen en wil je meer informatie? Neem dan contact met ons op. Mail naar [email protected] of bel Edith Andriesse: 06 2572 1449. ## Wet- en regelgeving Openstellingsbesluit Toerisme in balans 2026 Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland Algemene subsidieverordening ## Bijgewerkt 14 april 2026
Toon brontekst
Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 31 maart 2026, PZH-2026-888647151 tot vaststelling van het Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026 (Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026) Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op artikel 2.2. van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is dat toerisme in Zuid-Holland in balans is met de omgeving en een positieve bijdrage levert aan het welzijn van de inwoners van Zuid-Holland; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026 Artikel 1 Begripsbepalingen In aanvulling op artikel 1.1. van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland wordt in dit openstellingsbesluit verstaan onder: - de-minimisverordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, 2023/2831); - draagkracht: het fysieke en sociale vermogen van een bestemming om de toeristisch-recreatieve druk en de effecten daarvan aan te kunnen; - duurzaam toerisme: toerisme dat volledig rekening houdt met de huidige en toekomstige ecologische, sociale en economische impact en dat zich richt op de behoeften van bezoekers, de toeristische sector, het milieu en de lokale bevolking; - economische activiteit: aanbieden van goederen of diensten op een markt waar sprake is van concurrentie; - gedragscommunicatie: strategisch gebruik van communicatie om een verandering in kennis, houding en gedrag te bevorderen dat bijdraagt aan duurzaam toerisme; - inclusie: inspanning die erop gericht is dat de activiteit voor zoveel mogelijk mensen toegankelijk is, ongeacht beperking, gender, geaardheid, culturele- of etnische achtergrond, vreemd- of laaggeletterdheid, leer- of werkniveau of armoede; - natuurinclusief: versterken van de streekgebonden natuur en biodiversiteit en het stimuleren van bewustzijn bij bezoekers van het belang hiervan; - onderneming: iedere entiteit die een economische activiteit uitoefent; - subsidieregeling: Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; - toeristisch oogmerk: stimuleren van vrijetijdsbesteding naar een unieke of reiswaardige bestemming buiten de eigen woonomgeving ten bate van de toeristische sector; - toeristisch-recreatieve druk: verhouding tussen de aantallen bezoekers, de invloed van hun activiteiten en het aantal inwoners op een bepaalde locatie; - triple helix: deelname door minimaal één publieke organisatie, één kennisorganisatie en één private onderneming. Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten met een toeristisch oogmerk die aantoonbaar en direct: - drukke en potentieel drukke toeristische locaties veerkrachtiger maken of de toeristische druk verlagen, of - een positieve impact hebben op de bestemming, haar omgeving en haar inwoners. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.. De activiteiten dragen bij aan: - het verlagen van druk op een toeristische bestemming; - het vergroten van de draagkracht van een toeristische bestemming, of - de ontwikkeling van duurzaam toerisme. Artikel 3 Doelgroep Subsidie op grond van dit openstellingsbesluit kan worden aangevraagd door eenieder, met uitzondering van natuurlijke personen. Artikel 4 Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv worden subsidieaanvragen ingediend van 1 september 2026 tot en met 30 oktober 2026. Artikel 5 Deelplafond Gedeputeerde staten stellen het deelplafond voor de periode, genoemd in artikel 4, vast op € 800.000,- Artikel 6 Weigeringsgronden 1.. In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt de subsidie geweigerd, indien: - meer dan 50% van de subsidiabele kosten wordt besteed aan promotie, communicatie, niet zijnde gedragscommunicatie, of het ontwikkelen en publiceren van content; - aan de aanvrager voor dezelfde activiteiten als bedoeld in artikel 2 reeds subsidie is verstrekt op grond van een door gedeputeerde staten vastgestelde subsidieregeling; - het te verstrekken subsidiebedrag minder dan € 5.000,- bedraagt; - de activiteit niet openbaar toegankelijk of van openbaar nut is; - per aanvrager meer dan één aanvraag is ingediend, waarbij uitsluitend de eerst ontvangen volledige aanvraag in behandeling wordt genomen; - er sprake is van een ongenoegzame aanvraag als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht; - geen punten worden toegekend aan criterium a als bedoeld in artikel 11, eerste lid. 2.. Onverminderd het eerste lid wordt de subsidie geweigerd indien de aanvraag betrekking heeft op het opstellen van een visie op duurzaam toerisme in de gemeente of de regio en aan de aanvrager in de periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraagdatum reeds subsidie is verleend voor een vergelijkbare activiteit. Artikel 7 Subsidievereisten Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: - activiteiten dragen aantoonbaar bij aan:het veerkrachtiger maken van drukke of potentieel drukke toeristische locaties door het verlagen van toeristische druk, ofeen positieve impact op de bestemming, haar omgeving en haar inwoners. - de financiering door de aanvrager of een derde bedraagt ten minste 50% van de subsidiabele kosten, indien de aanvrager een overheid of onderneming betreft; - de financiering door de aanvrager of derden bedraagt ten minste van 25% van de subsidiabele kosten, indien de aanvrager een stichting of vereniging zonder winstoogmerk betreft; - de activiteiten hebben een toeristisch oogmerk. Artikel 8 Subsidiabele kosten 1.. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: - investeringskosten in onroerende goederen, onder aftrek van de restwaarde op basis van economisch verkeer; - investeringskosten in roerende goederen, onder aftrek van de restwaarde op basis van economisch verkeer; - ontwerp- en begeleidingskosten tot een maximum van 20% van de subsidiabele kosten; - kosten van door de aanvrager in te kopen diensten die noodzakelijk zijn voor de realisatie van de activiteiten, bedoeld in artikel 2; - reparatiekosten die gericht zijn op het verlengen van de levensduur door herstel of vervanging van onderdelen, waaronder arbeidsloon en kosten voor onderdelen. 2.. In afwijking van het eerste lid, onder c, komen ontwerp- en begeleidingskosten tot een maximum van 100% van de totale subsidiabele kosten in aanmerking zover deze kosten betrekking hebben op projecten gericht op: - planvorming voor het natuurinclusief maken van een museum, attractie of verblijfsrecreatie, of - visievorming voor duurzaam toerisme in een gemeente of regio. Artikel 9 Niet subsidiabele kosten De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking: - kosten die betrekking hebben op het voorbereiden of indienen van de aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2; - kosten voor de verkrijging van de benodigde vergunningen, in- en toestemmingen; - exploitatiekosten; - vervangingsinvesteringen. Artikel 10 Subsidiehoogte 1.. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de totale subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000,- indien de aanvrager een overheid of een onderneming betreft; 2.. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 75% van de totale subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000,- indien de aanvrager een vereniging of stichting zonder winstoogmerk betreft. Artikel 11 Verdelingswijze 1.. Het beschikbare bedrag wordt verdeeld aan de hand van een weging op basis van de volgende criteria die nader uitgewerkt zijn in de bijlage 1 bij deze regeling: - criterium a: mate waarin de activiteiten, bedoeld in artikel 2, een bijdrage leveren aan de criteria zoals opgenomen in bijlage 1: ten hoogste 54 punten; - criterium b: mate waarin de activiteiten, bedoeld in artikel 2, een positieve bijdrage leveren aan onderstaande thema’s: ten hoogste 24 punten;door en voor de inwoners van Zuid-Holland;mate waarin de aanvraag een uniek karakter heeft en een voorbeeldfunctie kan vervullen voor andere regio’s of toeristische organisaties. 2.. Gedeputeerde staten rangschikken de aanvragen, die voldoen aan de aanvraagvereisten en subsidievereisten, hoger, naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend. 3.. Indien toepassing van het tweede lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt de rangorde van die aanvragen hoger naarmate de hoogte van de aangevraagde subsidie, bedoeld in artikel 10, eerste lid, lager is. 4.. Indien toepassing van het tweede en derde lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijke plaats eindigen, wordt de rangorde van die aanvragen bepaald door loting. Artikel 12 Verplichtingen van de subsidieontvanger 1.. In aanvulling op de verplichtingen, bedoeld in paragraaf 3 van de Asv, worden aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opgelegd: - binnen een half jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking wordt met de uitvoering van de activiteit begonnen; - binnen 3 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking is de activiteit, bedoeld in artikel 2, gerealiseerd; - bij externe communicatie en publicaties met betrekking tot de gesubsidieerde activiteit wordt vermeld dat deze mede mogelijk zijn gemaakt door de provincie Zuid-Holland, en zo mogelijk wordt daarbij het logo van de provincie vermeld. 2.. Indien de subsidieaanvraag betrekking heeft op het opstellen van een visie op duurzaam toerisme in de gemeente of de regio, geldt als aanvullende voorwaarde dat de visie: - praktische aanbevelingen voor een duurzame ontwikkeling van toerisme in de gemeente of de regio bevat, waarbij rekening wordt gehouden met de draagkracht en de identiteit van de bestemming; - tot stand komt in samenwerking met ten minste drie relevante stakeholders die actief zijn op het gebied van toerisme in de betreffende gemeente of regio; Artikel 13 Opschortende voorwaarde Als voor de realisatie van een activiteit een vergunning, in- of toestemming nodig is dan wordt de subsidie verstrekt onder de opschortende voorwaarde van de verkrijging hiervan. Artikel 14 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst. Artikel 15 Werkingsduur en overgangsrecht Deze regeling vervalt op 31 december 2027, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 16 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026. Den Haag, 31 maart 2026 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris M.E. van Leeuwen, plv. voorzitter Bijlage 1 behorende bij artikel 11, eerste lid, van het Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2026 Voor de rangschikking genoemd in artikel 11 wordt voor de verschillende criteria de volgende puntentelling gehanteerd: Criterium a. Bijdrage aan de provinciale beleidsopgave voor duurzaam toerisme: Maximaal 54 punten. I.Het veerkrachtiger maken van drukke of potentieel drukke toeristische bestemmingen of hetverlagen van toeristische druk: - Indien het project gericht is op spreiding van bezoekers, vraagsturing of gedragsbeïnvloeding op een toeristische bestemming: 4 punten. - Indien het project gericht is op het meten van impact van toeristisch bezoek inclusief opvolging: 4 punten. - Indien het project gericht is op het oplossen van knelpunten in bezoekersstromen op een publiekslocatie: 4 punten. - Indien het project gericht is op het versterken van de draagkracht van een toeristis […tekst ingekort]
Toon brontekst
Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2025 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op artikel 2.2. van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is dat toerisme in Zuid-Holland in balans is met de omgeving en een positieve bijdrage levert aan het welzijn van de inwoners van Zuid-Holland; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2025 Artikel 1 Begripsbepalingen In aanvulling op artikel 1.1. van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland wordt in dit openstellingsbesluit verstaan onder: - Asv: Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; - De-minimis verordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, 2023/2831); - draagkracht: het fysieke en sociale vermogen van de bestemming om de toeristisch-recreatieve druk en de effecten daarvan aan te kunnen; - duurzaam toerisme: toerisme dat volledig rekening houdt met de huidige en toekomstige ecologische, sociale en economische impact en dat zich richt op de behoeften van bezoekers, de toeristische sector, het milieu en de lokale bevolking; - economische activiteit: aanbieden van goederen of diensten op een markt waar sprake is van concurrentie; - gedragscommunicatie: strategisch gebruik van communicatie om een verandering in kennis, houding en gedrag te bevorderen dat bijdraagt aan duurzaam toerisme; - inclusie: inspanning die erop gericht is dat de activiteit voor zoveel mogelijk mensen toegankelijk is, ongeacht beperking, gender, geaardheid, culturele- of etnische achtergrond, vreemd- of laaggeletterdheid, leer- of werkniveau of armoede; - natuurinclusief: versterken van de streekgebonden natuur en biodiversiteit en het stimuleren van bewustzijn bij bezoekers van het belang hiervan; - onderneming: iedere entiteit die een economische activiteit uitoefent; - subsidieregeling: Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; - toeristisch oogmerk: stimuleren van vrijetijdsbesteding naar een unieke of reiswaardige bestemming buiten de eigen woonomgeving ten bate van de toeristische sector; - toeristisch-recreatieve druk: verhouding tussen de aantallen bezoekers, de invloed van hun activiteiten en het aantal inwoners op een bepaalde locatie; - triple helix: deelname door minimaal één publieke organisatie, één kennisorganisatie en één private onderneming. Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten met een toeristisch oogmerk die aantoonbaar en direct: - drukke en potentieel drukke toeristische plekken veerkrachtiger maken of de toeristische druk verlagen, of - een positieve impact hebben op de bestemming, haar omgeving en haar inwoners. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.. De activiteiten dragen bij aan: - het verlagen van druk op een toeristische bestemming; - het vergroten van de draagkracht van een toeristische bestemming, of - de ontwikkeling van duurzaam toerisme. Artikel 3 Doelgroep Subsidie op grond van dit openstellingsbesluit kan worden aangevraagd door een ieder, met uitzondering van natuurlijke personen. Artikel 4 Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv worden subsidieaanvragen ingediend van 1 september 2025 tot en met 31 oktober 2025. Artikel 5 Deelplafond Gedeputeerde staten stellen het deelplafond voor de periode, genoemd in artikel 4, vast op €1.050.000,-. Artikel 6 Weigeringsgronden 1.. In aanvulling op artikel 2.6, van de Asv wordt de subsidie geweigerd, indien: - meer dan 50% van de subsidiabele kosten wordt besteed aan promotie, communicatie (niet zijnde gedragscommunicatie) of het ontwikkelen en publiceren van content; - aan de aanvrager voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, reeds subsidie is verstrekt op grond van een door gedeputeerde staten vastgestelde subsidieregeling; - het te verstrekken subsidiebedrag minder dan € 5.000,- bedraagt; - de activiteit niet openbaar toegankelijk of van openbaar nut is; - per aanvrager meer dan één aanvraag is ingediend; - er sprake is van een ongenoegzame aanvraag als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht; - geen punten worden toegekend aan criterium a als bedoeld in artikel 11, eerste lid; 2.. Onverminderd het eerste lid, wordt de subsidie geweigerd indien de aanvraag betrekking heeft op het opstellen van een visie op duurzaam toerisme in de gemeente of de regio en aan de aanvrager in de periode van vijf jaar voorafgaand aan de aanvraagdatum reeds subsidie is verleend voor een vergelijkbare activiteit. Artikel 7 Subsidievereisten Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: - activiteiten dragen aantoonbaar bij aan:het veerkrachtiger maken van drukke of potentieel drukke toeristische plekken door het verlagen van toeristische druk, ofeen positieve impact op de bestemming, haar omgeving en haar inwoners. - tenminste een bijdrage of medefinanciering van 50% aan de subsidiabele kosten indien de aanvrager een overheid of onderneming betreft; - tenminste een bijdrage of medefinanciering van 25% aan de subsidiabele kosten indien de aanvrager een stichting of vereniging zonder winstoogmerk betreft; - de activiteiten hebben een toeristisch oogmerk. Artikel 8 Subsidiabele kosten 1.. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: - investeringskosten in onroerende goederen onder aftrek van de restwaarde op basis van economisch verkeer; - investeringskosten in roerende goederen onder aftrek van de restwaarde op basis van economisch verkeer; - ontwerp- en begeleidingskosten tot een maximum van 20% van de subsidiabele kosten; - kosten voor door aanvrager in te kopen diensten noodzakelijk voor realisatie van deze activiteiten; 2.. In afwijking van het eerste lid, onder c, komen ontwerp- en begeleidingskosten tot een maximum van 100% van de totale subsidiabele kosten in aanmerking zover deze kosten betrekking hebben op projecten gericht op: - planvorming voor het natuurinclusief maken van een museum, attractie of verblijfsrecreatie, of - visievorming voor duurzaam toerisme in een gemeente of regio. Artikel 9 Niet subsidiabele kosten De volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking: - kosten die betrekking hebben op het voorbereiden of indienen van de aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 2; - kosten voor de verkrijging van de benodigde vergunningen, in- en toestemmingen; - reguliere exploitatiekosten, waaronder beheer- en onderhoudskosten; - vervangingsinvesteringen. Artikel 10 Subsidiehoogte 1.. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de totale subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000,- indien de aanvrager een overheid of een onderneming betreft; 2.. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 75% van de totale subsidiabele kosten tot een maximum van € 100.000,- indien de aanvrager een vereniging of stichting zonder winstoogmerk betreft. Artikel 11 Verdelingswijze 1.. Het beschikbare bedrag wordt verdeeld aan de hand van een weging op basis van de volgende criteria die nader uitgewerkt zijn in de bijlage 1 bij deze regeling: - criterium a: mate waarin de activiteiten, bedoeld in artikel 2, een bijdrage leveren aan de criteria zoals opgenomen in bijlage 1: ten hoogste 50 punten; - criterium b: mate waarin de activiteiten, bedoeld in artikel 2, een positieve bijdrage leveren aan onderstaande thema’s: ten hoogste 24 punten;door en voor de inwoners van Zuid-Holland;mate waarin de aanvraag een uniek karakter heeft en een voorbeeldfunctie kan vervullen voor andere regio’s of toeristische organisaties. 2.. Gedeputeerde staten rangschikken de aanvragen, die voldoen aan de aanvraagvereisten en subsidievereisten, hoger, naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend. 3.. Indien toepassing van het tweede lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijk puntenaantal eindigen, wordt de rangorde van die aanvragen hoger naarmate de hoogte van de aangevraagde subsidie, bedoeld in artikel 10, eerste lid, lager is. 4.. Indien toepassing van het tweede en derde lid ertoe leidt dat aanvragen op een gelijke plaats eindigen, wordt de rangorde van die aanvragen bepaald door loting. Artikel 12 Verplichtingen van de subsidieontvanger 1.. In aanvulling op de verplichtingen, bedoeld in paragraaf 3 van de Asv, worden aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opgelegd: - binnen een half jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking wordt met de uitvoering van de activiteit begonnen; - binnen 3 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking is de activiteit, bedoeld in artikel 2, gerealiseerd; 2.. Indien de subsidieaanvraag betrekking heeft op het opstellen van een visie op duurzaam toerisme in de gemeente of de regio, geldt als aanvullende voorwaarde dat de visie: - praktische aanbevelingen voor een duurzame ontwikkeling van toerisme in de gemeente of de regio bevat, waarbij rekening wordt gehouden met de draagkracht en de identiteit van de bestemming; - tot stand komt in samenwerking met ten minste drie relevante stakeholders die actief zijn op het gebied van toerisme in de betreffende gemeente of regio. Artikel 13 Opschortende voorwaarde Als voor de realisatie van een activiteit een vergunning, in- of toestemming nodig is dan wordt de subsidie verstrekt onder de opschortende voorwaarde van de verkrijging hiervan. Artikel 14 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst. Artikel 15 Werkingsduur en overgangsrecht Deze regeling vervalt op 31 december 2026, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 16 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2025. Den Haag, 10 juni 2025 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter Bijlage 1 behorende bij artikel 11, eerste lid, van het Openstellingsbesluit subsidie toerisme in balans Zuid-Holland 2025 Voor de rangschikking genoemd in artikel 11 wordt voor de verschillende criteria de volgende puntentelling gehanteerd: Criterium a. Bijdrage aan de provinciale beleidsopgave voor duurzaam toerisme: Maximaal 50 punten. - Het veerkrachtiger maken van drukke of potentieel drukke toeristische bestemmingen of het verlagen van toeristische druk:Indien het project gericht is op spreiding van bezoekers, vraagsturing of gedragsbeïnvloeding: 4 punten.Indien het project gericht is op impact meten van toeristisch bezoek inclusief opvolging: 4 punten.Indien het project gericht is op het oplossen van knelpunten in bezoekersstromen: 4 punten.Indien het project gericht is op het versterken van de draagkracht van een toeristische bestemming: 6 punten.Indien het project gericht is op visievorming voor duurzaam toerisme in een gemeente of regio: 6 punten. - Bijdragen aan een positieve impact op de plek, de omgeving en haar inwoners:Indien het project stimuleert dat bezoekers een positieve sociaal-maatschappelijke of ecologische bijdrage leveren aan de plek en haar inwoners: 6 punten.Indien het project zich richt op gemeenschappelijke voorzieningen voor zowel inwoners als bezoekers: 4 punten.Project gericht op bewustzijn en educatie van klimaat of natuurlijke en culturele waarden van een gebied: 4 punten.Indien het project gericht is op planvorming ten behoeve van het natuurinclusief maken van een attractie, museum of verblijfsrecreatie: 4 punten.In […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.