Subsidieregeling Groen Zuid-Holland 2016
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland
Voor organisaties en ondernemers die projecten uitvoeren gericht op groenbeleving, biodiversiteit, natuurbeheer, agrarisch ondernemerschap en duurzame landbouwpraktijken.
Ook bekend als Groen Zuid-Holland 2016
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling van Zuid-Holland voor projecten die bijdragen aan groenbeleving, biodiversiteit en agrarisch ondernemerschap. Diverse activiteiten met verschillende minimale subsidiebedragen (€2.500 tot €25.000) en maximale bedragen per activiteit.
Voor wie is het bedoeld?
Voor organisaties en ondernemers die projecten uitvoeren gericht op groenbeleving, biodiversiteit, natuurbeheer, agrarisch ondernemerschap en duurzame landbouwpraktijken.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor natuurbeheer- en biotoopaanpassingsprojecten
- Financiering voor agrarische duurzaamheidsprojecten
- Steun voor aanleg van vogelakkers en natuurvriendelijke oevers
- Subsidie voor centrale wasplaatsen voor spuitapparatuur
- Financiering voor weidevogelbescherming met drones
- Subsidie aanvragen voor natuurbeheer en ecologische verbindingen
- Financiering voor klimaatadaptatieprojecten
- Steun voor waterkwaliteitsverbetering
- Ondersteuning van duurzame landbouwinitiatieven
- Subsidie aanvragen voor groene projecten in Zuid-Holland
- Inzicht in subsidieplafond en verdelingssystematiek
Voorwaarden
- Minimale subsidiebedragen variëren per activiteit: €2.500 voor bepaalde activiteiten, €10.000 voor andere, €25.000 voor centrale wasplaatsen
- Project mag niet betrekking hebben op grond waarvan reeds duurzaam geborgd is dat deze als natuur in stand wordt gehouden
- Pachtovereenkomst mag niet tegen het einde van de termijn door verpachter zonder vergoedingsplicht kunnen worden opgezegd
- Project mag niet de uitvoering betreffen van wettelijke taken, regelingen of verplichtingen uit convenanten
- Aanvrager mag geen ondernemer in moeilijkheden zijn
- Voor bepaalde activiteiten geldt de-minimissteun-regelgeving
- Rangschikking op basis van beoordelingscriteria met minimaal 9 punten vereist
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- 31 dec 2026
- Budget
- € 36,6 mln
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 42,9 mln
- Verdeling
- Wie het eerst komt
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“Het hoofdplafond voor 2026 voor de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 bedraagt € 36.646.851,-.”
Toon brontekst
Besluit subsidieplafond 2025 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op de artikelen 4:25, eerste lid, en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1.4, eerste lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Besluit subsidieplafond 2025 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 Artikel 1 Hoogte subsidieplafond Het subsidieplafond voor 2025 voor de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 bedraagt € 42.863.128,-. Artikel 2 Wijze van verdeling Het subsidieplafond wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst als bedoeld in artikel 1.3 van de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016, tenzij voor een specifieke paragraaf in de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 een andere verdelingswijze is opgenomen. Artikel 3 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst en werkt terug tot en met 18 september 2025. Artikel 4 werkingsduur Dit besluit vervalt op 1 januari 2027. Artikel 5 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit subsidieplafond 2025 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 Den Haag, 14 januari 2025 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland, ir. J.C. van Ginkel MCM, plv. secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter
- Subsidieregeling Groen Zuid-Holland 2016Officiële regelgeving (CVDR) · lokaleregelgeving.overheid.nl7 jul 2026
Toon brontekst
Subsidieregeling Groen Zuid-Holland 2016 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, Overwegende dat het wenselijk is om projectsubsidies te kunnen verstreken om activiteiten te stimuleren die bijdragen aan groenbeleving, biodiversiteit en agrarisch ondernemerschap, Gelet op: artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland 2013; Besluiten: Vast te stellen de "Subsidieregeling Groen Zuid-Holland 2016" Hoofdstuk 1 Algemeen Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - Asv: Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; - planvormingskosten: alle kosten die nodig zijn voor het maken van een ontwerp zoals arbeidskosten en materiaalkosten voor de verkenning, het ontwerp, overleg met de omgeving en belanghebbenden; - voorbereidingskosten: alle kosten om te komen tot uitvoering van een project zoals arbeidskosten en materiaalkosten voor het opstellen van een bestek, het opstellen van offertes voor de uitvoering, communicatie met de omgeving en andere belanghebbenden, aanbesteding en opdrachtverstrekking; - vrijwilliger: persoon die onverplicht en onbetaald werk verricht voor andere mensen of voor de samenleving. Artikel 1.2 Inzet vrijwilligers 1.. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komt de inzet van vrijwilligers voor subsidie in aanmerking. 2.. De inzet van vrijwilligers komt voor € 35,00 per uur voor subsidie in aanmerking. 3.. De inzet van vrijwilligers is subsidiabel indien de werkelijke arbeidstijd gecontroleerd kan worden. 4.. De totale subsidie inclusief de subsidie voor de inzet van vrijwilligers is niet hoger dan de totale subsidiabele kosten exclusief de subsidie voor de inzet van vrijwilligers. Artikel 1.3 Rangschikking 1.. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. 2.. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst. 3.. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting. Artikel 1.4 Subsidieverplichtingen 1.. In aanvulling op de artikelen 3.1 tot en met 3.5 en 6.2 van de Asv wordt aan de subsidieontvanger de volgende verplichting opgelegd: het project gaat uiterlijk binnen drie maanden na de subsidieverlening in uitvoering, tenzij in de beschikking een andere termijn wordt bepaald; 2.. Gedeputeerde Staten kunnen op verzoek van de subsidieontvanger de verplichtingen wijzigen bij beschikking. Artikel 1.5 Verantwoording Bij een subsidie van minder dan € 25.000,00 toont de subsidieontvanger desgevraagd aan dat de activiteiten zijn verricht door middel van een eigen verklaring. Artikel 1.6 bevoorschotting en betaling 1.. Het voorschot voor subsidies van € 25.000,- en hoger bedraagt maximaal 80% van de maximale subsidie. 2.. Het voorschot wordt op basis van prestaties, besteding en liquiditeitsbehoefte in termijnen uitgekeerd waarvan de hoogte en de tijdstippen in de beschikking tot subsidieverlening worden bepaald. Artikel 1.7 Instellen deelplafonds 1.. Gedeputeerde staten stellen bij afzonderlijk besluit deelplafonds vast voor de afzonderlijke onderdelen in deze regeling. 2.. Indien gedeputeerde staten voor een onderdeel in deze regeling geen deelplafond hebben vastgesteld bedraagt het deelplafond voor dat onderdeel € 0,00. Hoofdstuk 2 Projectsubsidies § 2.1 Ganzenrustgebieden Artikel 2.1.1 begripsbepalingen In deze paragraaf wordt verstaan onder: - ganzenrustgebied: door gedeputeerde staten van Zuid-Holland begrensde percelen landbouwgrond waar overwinterende beschermde inheemse ganzen ongehinderd kunnen foerageren gedurende de periode van 1 november tot 1 april, zoals weergegeven op de kaart in bijlage 1; - gewasperceel: een perceel landbouwgrond dat in gebruik is bij één grondgebruiker, op grond van één gebruikstitel en dat wordt beteeld met één gewas; - grondgebruiker: degene die op titel van eigendom, (erf)pacht dan wel een door de grondkamer goedgekeurde of ter registratie ingezonden (teelt)pachtovereenkomst gerechtigd is de als ganzenrustgebied aangewezen gewaspercelen in gebruik te hebben en die onderneming is actief in de primaire productie van landbouwproducten; - onderneming: een onderneming als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013; - schadehectare: (deel van een) hectare waarop een tegemoetkoming in de door beschermde inheemse ganzen aangerichte schade aan de landbouw als bedoeld in de Beleidsregel uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland wordt verstrekt; - verjaging: opzettelijke verontrusting van beschermde inheemse ganzen. Artikel 2.1.2 Subsidiabele activiteiten - Subsidie kan worden verleend voor het nalaten van de verjaging van beschermde inheemse ganzen in ganzenrustgebieden gedurende de periode van 1 november tot 1 april. - Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. - De activiteit, bedoeld in het eerste lid, leidt tot een min of meer aaneengesloten ganzenrustgebied gedurende de periode 1 november tot 1 april. Artikel 2.1.3 Doelgroep Subsidie als bedoeld in artikel 2.1.2 wordt uitsluitend verstrekt aan grondgebruikers. Artikel 2.1.4 Aanvraagperiode In afwijking van de artikelen 2.3, eerste lid, en 2.6, eerste lid, onder a, van de Asv wordt de aanvraag voor subsidie ingediend: - binnen zes weken na de datum van de verzending van het besluit op grond van Beleidsregel uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland omtrent de hoogte van de uit te betalen tegemoetkoming in de door de beschermde inheemse ganzen veroorzaakte schade in de periode waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft; of - in ieder geval uiterlijk op 1 december van het jaar waarin het besluit op grond van de Beleidsregel uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland is genomen. Artikel 2.1.5 Aanvraagvereisten [vervallen] Artikel 2.1.6 Weigeringsgrond In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt subsidie als bedoeld in artikel 2.1.2 geweigerd indien voor dezelfde activiteit reeds subsidie is verstrekt voor dezelfde periode. Artikel 2.1.7 Subsidievereiste Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2.1.2 in aanmerking te komen, wordt voldaan aan het vereiste dat de grondgebruiker voor de betreffende percelen op grond van de Beleidsregel uitvoering Wet natuurbescherming Zuid Holland in aanmerking komt voor een tegemoetkoming in de door beschermde inheemse ganzen aangerichte schade aan de landbouw in de periode van 1 november tot 1 april. Artikel 2.1.8 Subsidiehoogte - De subsidie bedraagt € 50,00 per schadehectare van als ganzenrustgebied begrensde gewaspercelen. - Indien toepassing van het eerste lid ertoe leidt dat de subsidie minder bedraagt dan € 50,- wordt de subsidie niet verstrekt. - De subsidie wordt verleend in de vorm van de-minimissteun en bedraagt per onderneming, tezamen met eventueel andere verleende de-minimissteun, vóór aftrek van belastingen of andere heffingen maximaal € 20.000,00 over een periode van drie belastingjaren. Artikel 2.1.8a Subsidievaststelling en betaling De subsidie wordt direct vastgesteld en de betaling van het subsidiebedrag vindt in één keer plaats. Artikel 2.1.9 staatssteun Indien de subsidie is aan te merken als steunmaatregel in de zin van artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is de volgende verordening van overeenkomstige toepassing: Verordening (EU) Nr. 1408/2013 van de Commissie van 18 december 2013 inzake de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun in de landbouwsector, PbEU, L 352 van 24 december 2013. Artikel 2.1.10 prestatieverantwoording [vervallen] § 2.2 Verduurzaming landbouw met agrarische structuurversterking Artikel 2.2.1 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor: - planvorming voor verbetering van de verkavelingsstructuur van landbouwbedrijven, gericht op de verbetering van de landbouwinfrastructuur waarbij een bijdrage wordt geleverd aan verduurzaming van de landbouw; of, - uitvoering van kavelruil, die: leidt tot verbetering van de verkaveling en van de ligging van kavels ten opzichte van elkaar; leidt tot verbetering van de toegankelijkheid van kavels en percelen in de grondgebonden landbouw; eneen bijdrage levert aan de verduurzaming van de landbouw. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. Artikel 2.2.2 Doelgroep Subsidie als bedoeld in artikel 2.2.1 wordt uitsluitend verstrekt aan agrarische ondernemingen en samenwerkingsverbanden daarvan, stichtingen voor kavelruil, landbouworganisaties, natuur- en landschapsorganisaties, waterschappen en gemeenten. Artikel 2.2.3 Subsidievereisten 1.. Om voor een subsidie als bedoeld in artikel 2.2.1 in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten: - de activiteit is gericht op:verbetering van de agrarische structuur in het gebied door verbeterde ligging van kavels die leidt tot een efficiëntere bedrijfsvoering voor de agrariër; enverbeterde verkeersveiligheid, vermindering van CO2-uitstoot en vermindering van wegonderhoud door vermindering in verkeersbewegingen door landbouwmachines; - de activiteit draagt bij aan minimaal twee van de volgende maatschappelijke doelen:toename biodiversiteit;verbetering waterkwaliteit en -kwantiteit;tegengaan stikstofuitstoot uit het agrarisch bedrijf;tegengaan bodemdaling;bijdragen aan landschappelijke kwaliteit;toename van de beweiding bij de grondgebonden veehouderij;vermindering gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen. 2.. Onverminderd het eerste lid wordt de activiteit beoordeeld op basis van de volgende beoordelingscriteria: - de mate van effectiviteit van de activiteit, waarbij wordt aangetoond of aannemelijk kan worden gemaakt wat het effect is op de maatschappelijke doelen; - de haalbaarheid van de activiteit, weergegeven in termen als doorlooptijd, cofinanciering en draagvlak; - de mate van efficiëntie van uitvoering van de activiteit. 3.. Het totaal aantal benodigde punten voor subsidiëring van het project bedraagt minimaal 12 en wordt berekend door de som te nemen van de punten behaald voor ieder afzonderlijk beoordelingscriterium, waarbij: - voor ieder van de beoordelingscriteria, genoemd in het tweede lid, 0, 1, 2, of 3 punten kunnen worden behaald; en - de beoordelingscriteria, bedoeld in het tweede lid, een wegingsfactor hebben van:3 voor het criterium, genoemd onder a;2 voor het criterium, genoemd onder b;1 voor het criterium, genoemd onder c. Artikel 2.2.4 Subsidiabele kosten Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: - de kosten voor het opstellen van een gebiedsinrichtingsplan gericht op maatschappelijk doelbereik; - de kosten van het tot stand brengen van een kavelruilplan; - de kosten van het tot stand brengen van een kavelruilovereenkomst; - de kosten van een kavelruilcoördinator; - de kosten voor inzet van onderzoeksinstellingen en experts; - de kosten van de te houden voorlichtingsbijeenkomsten of te maken voorlichtingsmateriaal; - kadaster- en notariskosten. Artikel 2.2.5 Subsidiehoogte 1.. De hoogte van de subsidie bedraagt voor publiekrechtelijke rechtspersonen ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten. 2.. De hoogte van de subsidie bedraagt voor overige aanvragers ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten. 3.. Indien toepassing van het eerste lid ertoe leidt dat de subsidie minder bedraagt dan € 10.000,--, wordt de subsidie niet verstrekt. 4.. In afwijking van het eerste en tweede lid geldt voor de kosten, bedoeld in artikel 2.2.4, onder g, een maximum van 500,00 euro per geruilde hectare. Artikel 2.2.6 Niet subsidiabele kosten In aanvulling op artikel 2.5 van de Asv komen de volgende kosten nie […tekst ingekort]
Toon brontekst
Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 18 november 2025, PZH-2025-882003266, tot vaststelling van het hoofdplafond en deelplafonds voor 2026 voor de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 (Besluit hoofdplafond en deelplafonds 2026 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016) Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op de artikelen 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 1.4, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland en artikel 1.7 van de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Besluit hoofdplafond en deelplafonds 2026 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 Artikel 1 Het hoofdplafond voor 2026 voor de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 bedraagt € 36.646.851,-. Artikel 2 Hoogte deelplafonds en wijze van verdeling De deelplafonds voor de paragrafen, genoemd in de tabel, opgenomen in de bij dit besluit behorende bijlage, worden vastgesteld op de daarbij in die tabel behorende bedragen en verdeeld op grond van de daarbij in die tabel gestelde wijze. Artikel 3 Inwerkingtreding en werkingsduur Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 juli 2027. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit hoofdplafond en deelplafonds 2026 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016. Den Haag, 18 november 2025, Gedeputeerde staten van Zuid-Holland drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter Bijlage behorende bij het Besluit hoofdplafond en deelplafonds 2026 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 Tabel deelplafonds Subsidieregeling en nummer | Paragraaf | Bedrag deelplafond | Tijdvak | Wijze van verdeling Nummer 1.6.76 Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 | 2.1 Ganzenrustgebieden | € 130.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.6 Ecologische verbindingen en NNN-gronden(zoals deze luidde tot 16 april 2026) | € 0 | Van 16 april tot en met 31 december 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.6 Pachtafkoop en grondverwerving NNN(zoals deze luidt vanaf 16 april 2026) | € 5.525.000 | Van 16 april tot en met 31 december 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.7 Beschermde natuurmonumenten | € 10.380 | Vanaf de inwerkingtreding van het Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 2 juni 2026, PZH-2026-891481403, tot wijziging van de Subsidieregeling groen Zuid-Holland 2016 in verband met het actualiseren van de paragrafen 2.6, 2.7 en 2.13, tot en met 31 december 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.8 Innovatieve pilots Groene Cirkels | € 77.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.10 Initiatieven voor Vitale Landbouw | € 100.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.13 Verbeteren waterkwaliteit | € 300.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.14 Klimaatadaptatie Het deelplafond wordt verdeeld over de volgende sub-deelplafonds: | € 800.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst a. Procesondersteuning van een werkregio: | a. € 50.000 b. Procesondersteuning van een gemeente ten behoeve van samenwerking met één of meerdere woningcorporaties: c. Onderzoeken die bijdragen aan één van de zeven ambities uit het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie: | c. € 50.000 d. Grootschalige uitvoeringsprojecten: | d. € 500.000 e. Kleinschalige innovatieve pilots: | e. € 200.000 2.16 Verbeteren leefgebied boerenlandvogels | € 2.000.000 | 2026 | Op rangschikking 2.17 Ondersteuning wildbeheereenheden | € 150.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.18 Waterinfiltratiesystemen en verduurzamingsmaatregelen in veenweidegebieden | € 16.816.887 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.19 Landbouwadvies | € 88.000 | 2026 | Op volgorde van binnenkomst 2.20 Centrale wasplaatsen | € 2.483.000,-- | 2026 | Op rangschikking
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.