Status onbekendProvincie · Subsidie

Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015

Gedeputeerde Staten van Zeeland, Noord-Brabant en Limburg

Voor MKB-ondernemingen in samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten uitvoeren in topsectoren van Zuid-Nederland

Ook bekend als MKB innovatiestimulering topsectoren, Subsidieregeling topsectoren Zuid-Nederland, Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 350k
per aanvraag
Budget
€ 7,3 mln
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor MKB-ondernemingen in samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten uitvoeren in de topsectoren van Zuid-Nederland (Zeeland, Noord-Brabant, Limburg). Maximaal subsidieplafond van €7.324.800 voor industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling.

Voor wie is het bedoeld?

Voor MKB-ondernemingen in samenwerkingsverbanden die innovatieve projecten uitvoeren in topsectoren van Zuid-Nederland

Mkb

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor innovatief product of productieproces in samenwerkingsverband
  • Financiering van industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling
  • Steun voor crossover-projecten tussen technologiedomeinen

Voorwaarden

  • Aanvrager neemt deel aan samenwerkingsverband van ten minste twee MKB-ondernemingen
  • Samenwerkingsverband opgericht ten behoeve van projectuitvoering
  • Samenwerkingsverband heeft geen rechtspersoonlijkheid
  • Geen deelnemer draagt meer dan 70% van subsidiabele kosten
  • Ten minste 50% van subsidiabele kosten gedragen door MKB-ondernemers gevestigd in Zuid-Nederland
  • Project gericht op industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling
  • Project draagt bij aan economische waarde voor deelnemers, topclusters/topsectoren of Zuid-Nederlandse economie
  • Project scoort minimaal 10 punten per afzonderlijk verdeelcriterium
  • Totale projectscore minimaal 50 punten

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een mkb
Uw rechtsvorm is: Zzp'er
U bent een mkb-onderneming
U vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist een consortium of meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Gedeputeerde Staten van Zeeland, Noord-Brabant en Limburg.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
€ 7,3 mln
Verdeling
Tender
Ronde 2021-2025Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
€ 7,8 mln
Verdeling
Tender

Staatssteun en de-minimis

Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
maximaal 50% van het subsidieplafond wordt toekend voor aanvragen met een subsidiehoogte van meer dan € 200.000 tot en met € 350.000
Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule § 1 Haalbaarheidsproject Artikel 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1.2 Doelgroep Artikel 1.3 Subsidievorm Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten Artikel 1.5 Weigeringsgronden Artikel 1.6 Subsidievereisten Artikel 1.7 Subsidiabele kosten Artikel 1.8 Niet subsidiabele kosten Artikel 1.9 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 1.10 Subsidieplafond Artikel 1.11 Subsidiehoogte Artikel 1.12 Verdeelcriteria Artikel 1.13 Beslistermijnen subsidieverlening Artikel 1.14 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 1.15 Verantwoording Artikel 1.16 Betaling Artikel 1.17 Vaststelling Artikel 1.18 Evaluatie § 2 R&D samenwerkingsproject Artikel 2.1 Begripsbepalingen Artikel 2.2 Doelgroep Artikel 2.3 Subsidievorm Artikel 2.4 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.5 Weigeringsgronden Artikel 2.6 Vereisten Artikel 2.7 Subsidiabele kosten Artikel 2.8 Niet subsidiabele kosten Artikel 2.9 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 2.10 Subsidieplafond Artikel 2.11 Subsidiehoogte Artikel 2.12 Verdeelcriteria Artikel 2.13 Externe adviescommissie Artikel 2.14 Beslistermijnen subsidieverlening Artikel 2.15 Verplichtingen Artikel 2.16 Beslistermijnen vaststelling Artikel 2.17 Verantwoording Artikel 2.18 Bevoorschotting Artikel 2.19 Subsidievaststelling Artikel 2.20 Evaluatie § 3 Slotbepalingen Artikel 3.1 Inwerkingtreding Artikel 3.2. Citeertitel Ondertekening Bijlage 1 bij de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 2 bij de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 3 bij artikel 2.12, eerste lid, van de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 4 bij artikel 2.12, tweede lid, van de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Toelichting behorende bij de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR655489 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR655489/5 sluiten Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Geldend van 06-03-2025 t/m heden Intitulé Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Gedeputeerde Staten van Zeeland, Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, Gedeputeerde Staten van Limburg, Gelet op artikel 8 van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2013; Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant; Gelet op artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2017 e.v.; Overwegende dat de 12 Nederlandse provincies, in landsdelig verband, op 11 november 2019 een Kennis- en Innovatieconvenant 2020-2023 hebben ondertekend tezamen met het Rijk, publiekrechtelijke wetenschappelijke organisaties en kennisinstellingen en Topsectoren waarin afspraken zijn gemaakt om de focus te leggen op de vier maatschappelijke thema’s van het missiegedreven kennis- en innovatiebeleid, de verdere ontwikkelingen van sleuteltechnologieën en het maatschappelijk verdienvermogen; Overwegende dat het Rijk middelen beschikbaar heeft gesteld voor een aantal gestandaardiseerde MKB-instrumenten die in alle regio’s van Nederland worden uitgevoerd; Overwegende dat beoogd wordt om op kwaliteit te sturen en hiertoe subsidieverstrekking op landsdelig niveau voor de drie Zuidelijke Provincies samen noodzakelijk is en dit een voorzetting is van de werkwijze in de afgelopen jaren; Besluiten in hun vergadering van 9 maart 2021 vast te stellen de volgende regeling: Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 § 1 Haalbaarheidsproject Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze paragraaf wordt verstaan onder: algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187); experimentele ontwikkeling: experimentele ontwikkeling als bedoeld in artikel 2, onder 86, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg; haalbaarheidsproject: project dat geheel of grotendeels bestaat uit haalbaarheidsstudie als bedoeld in artikel 2, onder 87, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; industrieel onderzoek: industrieel onderzoek als bedoeld in artikel 2, onder 85, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; innovatief product: technologisch nieuw product of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand product; innovatief productieproces: technologisch nieuw productieproces of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand productieproces; innovatieve dienst: technologisch nieuwe dienst of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaande dienst; KIA’s: kennis- en innovatieagenda’s als bedoeld in bijlage 1; MKB-onderneming: kleine en middelgrote onderneming als bedoeld in bijlage I van de algemene groepsvrijstellingsverordening; project: activiteit of samenhangend geheel van activiteiten die afgebakend zijn in tijd en gericht op een specifiek eindresultaat; projectsubsidie: subsidie in de vorm van een eenmalige aanspraak op financiële middelen, verleend voor een eenmalig project van een subsidieaanvrager, ten behoeve van de gehele of gedeeltelijke dekking van de begroting van dat project; Provinciale Staten: Provinciale Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg; Zuid-Nederland: grondgebied van de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Artikel 1.2 Doelgroep Subsidie op grond van deze paragraaf kan worden aangevraagd door MKB-ondernemingen. Artikel 1.3 Subsidievorm Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze paragraaf projectsubsidies in de vorm van een geldbedrag. Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze paragraaf kan worden verstrekt voor projecten gericht op het uitvoeren van een haalbaarheidsproject. Artikel 1.5 Weigeringsgronden Subsidie op grond van deze paragraaf wordt geweigerd indien: a. de aangevraagde subsidie minder bedraagt dan € 2.500; b. gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit in strijd met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; c. reeds voor de indiening van de aanvraag begonnen is met de uitvoering van het project; d. ten aanzien van de aanvrager een bevel tot terugvordering uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; e. de subsidieaanvrager een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 2, onder 18, van de algemene groepsvrijstellingsverordening of f. de aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds subsidie op grond van deze paragraaf heeft ontvangen. Artikel 1.6 Subsidievereisten 1. Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: a. aanvrager is gevestigd in Zuid-Nederland en de subsidiabele activiteit komt ten goede aan Zuid-Nederland; b. het project moet passen binnen of uitvoering geven aan een KIA zoals uitgewerkt in bijlage 1; c. de aanvraag betreft niet de reguliere bedrijfsvoering van de aanvrager; d. het project bestaat voor: 1°. tenminste 60% van de subsidiabele kosten uit haalbaarheidsstudie; 2°. ten hoogste 40% van de subsidiabele kosten uit industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling; e. het project wordt uitgevoerd ter voorbereiding van de ontwikkeling van een innovatief product, innovatief productieproces of innovatieve dienst; f. de voorgenomen activiteiten zijn in technische en financiële zin voldoende risicovol om het haalbaarheidsproject te rechtvaardigen; g. het haalbaarheidsproject geeft voldoende inzicht in het economisch perspectief van de voorgenomen activiteiten; h. er bestaat voldoende vertrouwen in de technische en economische haalbaarheid van de voorgenomen activiteiten; i. er bestaat voldoende vertrouwen dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om de voorgenomen activiteiten naar behoren uit te voeren. Artikel 1.7 Subsidiabele kosten 1. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de kosten voor het haalbaarheidsproject voor subsidie in aanmerking. 2. In afwijking van artikel 1.3.2 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 wordt als standaardberekeningswijze voor de berekening van loonkosten een forfaitair vastgesteld uurtarief gehanteerd van € 60 per gewerkt uur. 3. Het forfaitair vastgesteld uurtarief, bedoeld in het vorige lid, wordt gehanteerd voor alle direct bij de subsidiabele activiteit betrokken personen en omvat zowel directe arbeids- en loonkosten als de daaraan toegerekende indirecte kosten. 4. Artikel 1.3.3 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 blijft buiten toepassing. Artikel 1.8 Niet subsidiabele kosten Onverminderd artikel 11 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant, artikel 15 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2023 e.v. en artikel 1.3.1, tweede lid van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: a. kosten gemaakt voor de startdatum van het project; b. kosten van gerechtelijke procedures, boetes of sancties. Artikel 1.9 Vereisten subsidieaanvraag 1. Een subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het daartoe door Gedeputeerde Staten vastgestelde aanvraagformulier. 2. In afwijking van artikel 1.4.1 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 worden subsidieaanvragen ingediend van 8 april 2025, vanaf 09.00 uur tot en met 16 september 2025, tot 17.00 uur. 3. Een aanvrager kan per dag één aanvraag indienen. 4. Indien een aanvrager op dezelfde dag meerdere aanvragen indient, of indien meerdere aanvragers die verbonden partijen zijn op dezelfde dag een aanvraag indienen, nemen Gedeputeerde Staten uitsluitend de eerst ingediende aanvraag in behandeling. Artikel 1.10 Subsidieplafond Het subsidieplafond bedraagt: a. € 640.000 voor aanvragers die in de provincie Limburg zijn gevestigd; b. € 2.300.000 voor aanvragers die in de provincie Noord-Brabant zijn gevestigd; c. € 420.000 voor aanvragers die in de provincie Zeeland zijn gevestigd. Artikel 1.11 Subsidiehoogte 1. De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 20.000. 2. Voor het verrichten van haalbaarheidsstudie bedraagt de subsidie 35 % van de subsidiabele kosten. 3. Voor het verrichten van activiteiten gericht op industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling bedraagt de subsidie 35 % van de subsidiabele kosten. 4. Indien reeds door een bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Unie subsidie is verstrekt voor dezelfde subsidiabele kosten of een deel daarvan, wordt het bedrag dat door deze bestuursorganen is verstrekt in mindering gebracht op de subsidie waarvoor de aanvrager op grond van deze regeling in aanmerking komt. Artikel 1.12 Verdeelcriteria 1. Subsidie op grond van deze paragraaf wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. 2. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst. 3. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting. 4. De subsidie
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule § 1 Haalbaarheidsproject Artikel 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1.2 Doelgroep Artikel 1.3 Subsidievorm Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten Artikel 1.5 Weigeringsgronden Artikel 1.6 Subsidievereisten Artikel 1.7 Subsidiabele kosten Artikel 1.8 Niet subsidiabele kosten Artikel 1.9 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 1.10 Subsidieplafond Artikel 1.11 Subsidiehoogte Artikel 1.12 Verdeelcriteria Artikel 1.13 Beslistermijnen subsidieverlening Artikel 1.14 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 1.15 Verantwoording Artikel 1.16 Betaling Artikel 1.17 Vaststelling Artikel 1.18 Evaluatie § 2 R&D samenwerkingsproject Artikel 2.1 Begripsbepalingen Artikel 2.2 Doelgroep Artikel 2.3 Subsidievorm Artikel 2.4 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.5 Weigeringsgronden Artikel 2.6 Vereisten Artikel 2.7 Subsidiabele kosten Artikel 2.8 Niet subsidiabele kosten Artikel 2.9 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 2.10 Subsidieplafond Artikel 2.11 Subsidiehoogte Artikel 2.12 Verdeelcriteria Artikel 2.13 Externe adviescommissie Artikel 2.14 Beslistermijnen subsidieverlening Artikel 2.15 Verplichtingen Artikel 2.16 Beslistermijnen vaststelling Artikel 2.17 Verantwoording Artikel 2.18 Bevoorschotting Artikel 2.19 Subsidievaststelling Artikel 2.20 Evaluatie § 3 Slotbepalingen Artikel 3.1 Inwerkingtreding Artikel 3.2. Citeertitel Ondertekening Bijlage 1 bij artikel 1.6, eerste lid, onder b, van de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 2 bij de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 3 bij artikel 2.12, eerste lid, van de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Bijlage 4 bij artikel 2.12, tweede lid, van de Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR655455 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR655455/5 sluiten Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Geldend van 07-03-2025 t/m heden Intitulé Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2021-2025 Gedeputeerde Staten van Zeeland, Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, Gedeputeerde Staten van Limburg, Gelet op artikel 8 van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2013; Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant; Gelet op artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2017 e.v.; Overwegende dat de 12 Nederlandse provincies, in landsdelig verband, op 11 november 2019 een Kennis- en Innovatieconvenant 2020-2023 hebben ondertekend tezamen met het Rijk, publiekrechtelijke wetenschappelijke organisaties en kennisinstellingen en Topsectoren waarin afspraken zijn gemaakt om de focus te leggen op de vier maatschappelijke thema’s van het missiegedreven kennis- en innovatiebeleid, de verdere ontwikkelingen van sleuteltechnologieën en het maatschappelijk verdienvermogen; Overwegende dat het Rijk middelen beschikbaar heeft gesteld voor een aantal gestandaardiseerde MKB-instrumenten die in alle regio’s van Nederland worden uitgevoerd; Overwegende dat beoogd wordt om op kwaliteit te sturen en hiertoe subsidieverstrekking op landsdelig niveau voor de drie Zuidelijke Provincies samen noodzakelijk is en dit een voorzetting is van de werkwijze in de afgelopen jaren; Besluiten vast te stellen de volgende regeling: § 1 Haalbaarheidsproject Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze paragraaf wordt verstaan onder: algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU 2014, L 187); experimentele ontwikkeling: experimentele ontwikkeling als bedoeld in artikel 2, onder 86, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg; haalbaarheidsproject: project dat geheel of grotendeels bestaat uit haalbaarheidsstudie als bedoeld in artikel 2, onder 87, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; industrieel onderzoek: industrieel onderzoek als bedoeld in artikel 2, onder 85, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; innovatief product: technologisch nieuw product of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand product; innovatief productieproces: technologisch nieuw productieproces of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand productieproces; innovatieve dienst: technologisch nieuwe dienst of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaande dienst; KIA’s: kennis- en innovatieagenda’s als bedoeld in bijlage 1; MKB-onderneming: kleine en middelgrote onderneming als bedoeld in bijlage I van de algemene groepsvrijstellingsverordening; project: activiteit of samenhangend geheel van activiteiten die afgebakend zijn in tijd en gericht op een specifiek eindresultaat; projectsubsidie: subsidie in de vorm van een eenmalige aanspraak op financiële middelen, verleend voor een eenmalig project van een subsidieaanvrager, ten behoeve van de gehele of gedeeltelijke dekking van de begroting van dat project; Provinciale Staten: Provinciale Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg; Zuid-Nederland: grondgebied van de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Artikel 1.2 Doelgroep Subsidie op grond van deze paragraaf kan worden aangevraagd door MKB-ondernemingen. Artikel 1.3 Subsidievorm Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze paragraaf projectsubsidies in de vorm van een geldbedrag. Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten Subsidie op grond van deze paragraaf kan worden verstrekt voor projecten gericht op het uitvoeren van een haalbaarheidsproject. Artikel 1.5 Weigeringsgronden Subsidie op grond van deze paragraaf wordt geweigerd indien: a. de aangevraagde subsidie minder bedraagt dan € 2.500; b. gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit in strijd met de wet, het algemeen belang of de openbare orde; c. reeds voor de indiening van de aanvraag begonnen is met de uitvoering van het project; d. ten aanzien van de aanvrager een bevel tot terugvordering uitstaat als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; e. de subsidieaanvrager een onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in artikel 2, onder 18, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; of f. de aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds subsidie op grond van deze paragraaf heeft ontvangen. Artikel 1.6 Subsidievereisten 1. Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: a. aanvrager is gevestigd in Zuid-Nederland en de subsidiabele activiteit komt ten goede aan Zuid-Nederland; b. het project moet passen binnen of uitvoering geven aan een KIA zoals uitgewerkt in bijlage 1; c. de aanvraag betreft niet de reguliere bedrijfsvoering van de aanvrager; d. het project bestaat voor: 1°. tenminste 60% van de subsidiabele kosten uit haalbaarheidsstudie; 2°. ten hoogste 40% van de subsidiabele kosten uit industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling; e. het project wordt uitgevoerd ter voorbereiding van de ontwikkeling van een innovatief product, innovatief productieproces of innovatieve dienst; f. de voorgenomen activiteiten zijn in technische en financiële zin voldoende risicovol om het haalbaarheidsproject te rechtvaardigen; g. het haalbaarheidsproject geeft voldoende inzicht in het economisch perspectief van de voorgenomen activiteiten; h. er bestaat voldoende vertrouwen in de technische en economische haalbaarheid van de voorgenomen activiteiten; i. er bestaat voldoende vertrouwen dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om de voorgenomen activiteiten naar behoren uit te voeren. 2. Aan het project ligt een projectplan ten grondslag waarin in ieder geval is opgenomen: a. op welke wijze wordt voldaan aan de vereisten uit deze regeling; b. een begroting en sluitend financieringsplan; c. een samenvatting van het project ten behoeve van een voor eenieder toegankelijke publicatie. Artikel 1.7 Subsidiabele kosten 1. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de kosten voor het haalbaarheidsproject voor subsidie in aanmerking. 2. In afwijking van artikel 1.3.2 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 wordt als standaardberekeningswijze voor de berekening van loonkosten een forfaitair vastgesteld uurtarief gehanteerd van € 60 per gewerkt uur. 3. Het forfaitair vastgesteld uurtarief, bedoeld in het vorige lid, wordt gehanteerd voor alle direct bij de subsidiabele activiteit betrokken personen en omvat zowel directe arbeids- en loonkosten als de daaraan toegerekende indirecte kosten. 4. Artikel 1.3.3 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 blijft buiten toepassing. Artikel 1.8 Niet subsidiabele kosten Onverminderd artikel 11 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant, artikel 15 van de Algemene Subsidieverordening Provincie Limburg 2017 e.v. en artikel 1.3.1, tweede lid van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: a. kosten gemaakt voor de startdatum van het project; b. kosten van gerechtelijke procedures, boetes of sancties. Artikel 1.9 Vereisten subsidieaanvraag 1. Een subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het daartoe door Gedeputeerde Staten vastgestelde aanvraagformulier. 2. In afwijking van artikel 1.4.1 van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2023 worden subsidieaanvragen ingediend van 8 april 2025, vanaf 09.00 uur tot en met 16 september 2025, tot 17.00 uur. 3. Een aanvrager kan per dag één aanvraag indienen. 4. Indien een aanvrager op dezelfde dag meerdere aanvragen indient, of indien meerdere aanvragers die verbonden partijen zijn op dezelfde dag een aanvraag indienen, nemen Gedeputeerde Staten uitsluitend de eerst ingediende aanvraag in behandeling. Artikel 1.10 Subsidieplafond Het subsidieplafond bedraagt: a. € 640.000 voor aanvragers die in de provincie Limburg zijn gevestigd; b. € 2.300.000 voor aanvragers die in de provincie Noord-Brabant zijn gevestigd; c. € 420.000 voor aanvragers die in de provincie Zeeland zijn gevestigd. Artikel 1.11 Subsidiehoogte 1. De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal € 20.000. 2. Voor het verrichten van een haalbaarheidsstudie bedraagt de subsidie 35 % van de subsidiabele kosten. 3. Voor het verrichten van activiteiten gericht op industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling bedraagt de subsidie 35 % van de subsidiabele kosten. 4. Indien reeds door een bestuursorgaan of de Commissie van de Europese Unie subsidie is verstrekt voor dezelfde subsidiabele kosten of een deel daarvan, wordt het bedrag dat door deze bestuursorganen is verstrekt in mindering gebracht op de subsidie waarvoor de aanvrager op grond van deze regeling in aanmerking komt. Artikel 1.12 Verdeelcriteria 1. Subsidie op grond van deze paragraaf wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. 2. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst. 3. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vin
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule § 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen Artikel 1.2 Doelgroep Artikel 1.3 Subsidievorm Artikel 1.4 Weigeringsgronden algemeen Artikel 1.5 Vereisten algemeen Artikel 1.6 Berekeningswijze subsidiabele kosten Artikel 1.7 Niet subsidiabele kosten Artikel 1.8 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 1.9 Beslistermijnen subsidieverlening Artikel 1.10 Verplichtingen algemeen Artikel 1.11 Verantwoording Artikel 1.12 Bevoorschotting en betaling § 2 Haalbaarheidsproject Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.2 Weigeringsgronden Artikel 2.3 Vereisten haalbaarheidsproject Artikel 2.4 Subsidiabele kosten Artikel 2.5 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 2.6 Subsidieplafond Artikel 2.7 Subsidiehoogte Artikel 2.8 Verdeelcriteria Artikel 2.9 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 2.10 Prestatieverantwoording Artikel 2.11 Betaling § 3 R&D samenwerkingsproject Artikel 3.1 Subsidiabele activiteiten Artikel 3.1a Weigeringsgrond Artikel 3.2 Vereisten Artikel 3.3 Subsidiabele kosten Artikel 3.4 Vereisten subsidieaanvraag Artikel 3.5 Subsidieplafond Artikel 3.6 Subsidiehoogte Artikel 3.7 Verdeelcriteria Artikel 3.8 Externe adviescommissie Artikel 3.9 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 3.10 Bevoorschotting § 4 Slotbepalingen Artikel 4.1 Evaluatie Artikel 4.2 Inwerkingtreding Artikel 4.3 Citeertitel Ondertekening Toelichting Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR367335 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR367335/6 sluiten Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015 Geldend van 20-02-2020 t/m heden Intitulé Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015 Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015 Gedeputeerde Staten van Zeeland; Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant; Gedeputeerde Staten van Limburg; Gelet op artikel 8 van de Algemene subsidieverordening Zeeland 2013; Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant; Gelet op artikel 5 van de Algemene Subsidieverordening 2012 Provincie Limburg; Overwegende dat de 12 Nederlandse provincies, in landsdelig verband, op 11 december 2014 een Samenwerkingsagenda hebben ondertekend met de minister van Economische Zaken en vertegenwoordigers van de nationale topsectoren en MKB-Nederland, waarin onder andere is afgesproken om te komen tot stroomlijning van het financiële instrumentarium om innovatie bij het MKB te stimuleren; Overwegende dat het Rijk in 2016 opnieuw middelen beschikbaar heeft gesteld voor een aantal gestandaardiseerde MKB-instrumenten die in alle regio’s van Nederland worden uitgevoerd; Overwegende dat beoogd wordt om op kwaliteit sturen en hiertoe subsidieverstrekking op landsdelig niveau voor de drie Zuidelijke provincies samen noodzakelijk is; Overwegende dat ter rechtvaardiging van deze subsidie daar waar sprake is van staatssteun, in het kader van rechtvaardiging van staatssteun, de volgende steunmaatregelen van toepassing worden geacht: a. de artikelen 25 en 28 van verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, Pb L 187/1 van 26 juni 2014 (algemene groepsvrijstellingsverordening); b. Verordening (EG) Nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, Pb L 352/1 van 24 december 2013 (de-minimisverordening); Besluiten, ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft, vast te stellen de gewijzigde Subsidieregeling MKB innovatiestimulering topsectoren Zuid-Nederland 2015: § 1 Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. adviesorganisatie: organisatie, niet zijnde een kennisinstelling, die deskundigheid heeft op het gebied van de op grond van deze regeling te subsidiëren activiteiten en die als bedrijfsactiviteit adviesopdrachten uitvoert; b. algemene groepsvrijstellingsverordening: Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, Pb L 187/1 van 26 juni 2014; c. Awb: Algemene wet bestuursrecht; d. crossover: samenwerkingsverbanden tussen partijen uit verschillende technologiedomeinen, waarin innovatieve producten en diensten worden ontwikkeld; e. experimentele ontwikkeling: experimentele ontwikkeling als bedoeld in artikel 2, onder 86 van de algemene groepsvrijstellingsverordening; f. Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg; g. haalbaarheidsstudie: haalbaarheidsstudie als bedoeld in artikel 2, onder 87, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; h. industrieel onderzoek: industrieel onderzoek als bedoeld in artikel 2, onder 85, van de algemene groepsvrijstellingsverordening; i. innovatief product: technologisch nieuw product of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand product; j. innovatief productieproces: technologisch nieuw productieproces of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaand productieproces; k. innovatieprogramma’s Topsectoren: thema’s zoals omschreven in de innovatieprogramma’s als bedoeld in artikel 3.4.2 van de Regeling nationale EZ-subsidies voor de topsectoren; l. innovatieadviesdienst: innovatieadviesdienst als bedoeld in artikel 2, onder 94 van de algemene groepsvrijstellingsverordening; m. innovatieve dienst: technologisch nieuwe dienst of wezenlijk nieuwe toepassing van een bestaande dienst; n. internationale topclusters: drie in het RIS3 voor Zuid-Nederland aangewezen technologiedomeinen waarin bedrijfsleven en kennisinstellingen de potentie hebben om internationaal uit te blinken, te weten: 1. High Tech System & Materialen; 2. Chemie & Materialen; 3. Agrofood en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen; o. kennisinstelling: 1. onder a, b, c, g of h van de bijlage van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek genoemde instelling voor hoger onderwijs en een onder j van de bijlage bij die wet bedoeld academisch ziekenhuis en Nyenrode Business Universiteit; 2. andere dan onder 1º bedoelde geheel of gedeeltelijk, meerjarig door de overheid gefinancierde onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke of technische kennis uit te breiden; 3. een geheel of gedeeltelijk, meerjarig door een andere lidstaat van de Europese Unie gefinancierde: a) openbare instelling voor hoger onderwijs of een daaraan verbonden ziekenhuis gelijkwaardig aan een instelling respectievelijk academisch ziekenhuis als bedoeld onder 1º, b) onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke en technische kennis uit te breiden; 4. een rechtspersoon ten aanzien waarvan een instelling als bedoeld onder 1º, 2º of 3º direct of indirect: a) meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft; b) volledig aansprakelijk vennoot is; of, c) overwegende zeggenschap heeft; 5. een onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk met eigen medewerkers in loondienst, die tot doel heeft om via het structureel doen van eigen onderzoek en het ontwikkelen en testen van technische toepassingen door haar medewerkers, de technologische kennis op een specifiek terrein te bevorderen, die geen instelling is als bedoeld onder 1º tot en met 4º; p. MKB-onderneming: kleine en middelgrote onderneming als bedoeld in artikel 1, onder 28 van Verordening 1303/2013 en bijlage I van Aanbeveling van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (2003/361/EG); q. nationale topclusters: vier in het RIS3 voor Zuid-Nederland aangewezen technologiedomeinen die sterk zijn op bovenregionaal niveau en specifieke potenties op internationaal niveau hebben, te weten: 1º. Logistiek; 2º. Life Sciences & Health; 3º. Biobased; 4º. Maintenance; r. project: activiteit of samenhangend geheel van activiteiten die afgebakend zijn in tijd en gericht op een specifiek eindresultaat; s. projectsubsidie: subsidie voor een project in de vorm van een eenmalige aanspraak op financiële middelen; t. Provinciale Staten: Provinciale Staten van Zeeland, Noord-Brabant of Limburg u. RIS3: Regionale Innovatie Strategie voor Slimme Specialisaties, vastgesteld op 24 september 2013 door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant in de hoedanigheid van beoogd managementautoriteit van het OPZuid; v. topsectoren: sectoren uit het landelijke Topsectorenbeleid waar Zuid-Nederland op wil excelleren, te weten: 1º. Logistiek; 2º. Agri & Food; 3º. Chemie & Biobased; 4º. Hightech Systemen & Materialen inclusief ICT en Solar; 5º. Life Sciences & Health; 6º. Tuinbouw & Uitgangsmaterialen; w. Zuid-Nederland: grondgebied van de provincies Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Artikel 1.2 Doelgroep Subsidie op grond van deze regeling kan worden verstrekt aan MKB-ondernemingen. Artikel 1.3 Subsidievorm 1 Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze regeling projectsubsidies. 2 Subsidies als bedoeld in het eerste lid worden verstrekt in de vorm van een geldbedrag. Artikel 1.4 Weigeringsgronden algemeen Subsidie op grond van deze regeling wordt geweigerd indien: a. het aangevraagde bedrag minder bedraagt dan € 2.500; b. gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit in strijd met de wet, het algemeen belang of openbare orde; c. de subsidie geen stimulerend effect, als bedoeld in artikel 6 van de algemene groepsvrijstellingverordening, heeft; d. ten aanzien van aanvrager een bevel tot terugvordering als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder a, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, uitstaat; e. de aanvrager een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in artikel 2, onder 18, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, is. Artikel 1.5 Vereisten algemeen 1 Om voor subsidie op grond van deze regeling in aanmerking te komen wordt voldaan aan de volgende vereisten: a. aanvrager is gevestigd in Zuid-Nederland dan wel de subsidiabele activiteit komt ten goede aan Zuid-Nederland; b. aanvrager, de uitvoerder van het project dan wel het te ontwikkelen innovatief product, productieproces of dienst maakt onderdeel uit van dan wel is gericht op: 1. internationale topclusters; 2. nationale topclusters; of, 3. crossovers van een of meerdere topclusters als bedoeld onder 1° of 2°; c. het project past binnen een of meerdere thema’s uit de innovatieprogramma’s Topsectoren; d. de aanvraag betreft een eenmalig project; e. de aanvraag betreft niet de reguliere bedrijfsvoering van de aanvrager. 2 Aan de aanvraag ligt ten grondslag: a. een projectplan waarin in ieder geval is opgenomen op welke wijze wordt voldaan aan de vereisten uit deze regeling; b. een begroting en sluitend financieringsplan; c. een samenvatting van het project ten behoeve van een voor eenieder toegankelijke publicatie. Artikel 1.6 Berekeningswijze subsidiabele kosten 1 In afwijking van artikel 1.3.2. van het Algemeen subsidiebesluit Zeeland 2013 zijn ten aanzien van de berekening van de subsidiabele kosten de Nadere regels met betrekking tot uniforme berekeningswijzen uurtarieven in het kader van het verstrekken 
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.