Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Harlingen 2025

Gemeente Harlingen

Voor kinderopvangorganisaties (aanbieders) in de gemeente Harlingen die peuteropvang en/of Voorschoolse Educatie aanbieden binnen een Integraal Kind Centrum en voldoen aan landelijke kwaliteitseisen en het gemeentelijk kwaliteitskader.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Jaarlijkse budgetsubsidie voor kinderopvangorganisaties in Harlingen voor het aanbieden van peuteropvang en Voorschoolse Educatie aan peuters van 2 jaar tot schoolleeftijd. Subsidie bestaat uit gemeentelijke bijdrage per uur en koptarief, aangevuld met subsidies voor pedagogisch beleidsmedewerker en aanvullende activiteiten.

Voor wie is het bedoeld?

Voor kinderopvangorganisaties (aanbieders) in de gemeente Harlingen die peuteropvang en/of Voorschoolse Educatie aanbieden binnen een Integraal Kind Centrum en voldoen aan landelijke kwaliteitseisen en het gemeentelijk kwaliteitskader.

Kinderopvangorganisatie

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor peuteropvang voor peuters van ouders zonder kinderopvangtoeslag
  • Financiering voor Voorschoolse Educatie ter voorkoming van onderwijsachterstanden
  • Subsidie voor pedagogisch beleidsmedewerker bij VE-aanbod
  • Subsidie voor aanvullende activiteiten zoals logopedie of extra pedagogische ondersteuning

Voorwaarden

  • Aanbieder moet in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) geregistreerd zijn
  • Aanbod moet plaatsvinden binnen een Integraal Kind Centrum (IKC)
  • Voldoen aan landelijke kwaliteitseisen en gemeentelijk kwaliteitskader
  • Peuteropvang: minimaal 2 dagdelen per week, maximaal 8 uur per week, maximaal 41 weken per jaar
  • Voorschoolse Educatie: minimaal 640 uur per jaar voor doelgroeppeuters
  • Groepsgrootte: minimaal 6 en maximaal 16 peuters
  • Voor aanvullende activiteiten: plan van aanpak met begroting indienen

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kinderopvangorganisatie
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Harlingen.

Openstellingen en rondes

Ronde 2025Open
Start
1 jan 2025
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Harlingen 2025
    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harlingen
    - gelezen de Algemene subsidieverordening gemeente Harlingen 2015 en Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;
    - overwegende dat het noodzakelijk is om regels te stellen voor de tegemoetkoming in de kosten van peuteropvang;
    besluit vast te stellen de Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Harlingen 2025:
    
    Artikel 1. Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Aanbieder: een in het LRK geregistreerde kinderopvangorganisatie die in de gemeente Harlingen peuteropvang en/of Voorschoolse Educatie aanbiedt;
    - ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Harlingen 2015.
    - Burgemeester en wethouders: burgemeester en wethouders van de gemeente Harlingen
    - Doelgroepdefinitie: een omschrijving van de voorwaarden waar peuters aan moeten voldoen om in aanmerking te komen voor aanvullend aanbod voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Deze definitie staat beschreven in het kwaliteitskader (bijlage 1).
    - Doelgroeppeuter: een bij de gemeente ingeschreven peuter in de leeftijd van 2 jaar tot de leeftijd bij start van de basisschool, die op indicatie van de Jeugd Gezondheidszorg (JGZ) in aanmerking komt voor een peuterplaats met Voorschoolse Educatie;
    - Gemeente: gemeente Harlingen.
    - Gemeentelijke subsidie peuteropvang: de subsidie die burgemeester en wethouders verstrekken aan aanbieders voor het bieden van peuteropvang aan peuters van ouders die niet in aanmerking komen voor Kinderopvangtoeslag;
    - Integraal Kind centrum (IKC): De samenwerking tussen basisonderwijs, voorzieningen voor Voorschoolse Educatie, kinderopvang en buitenschoolse opvang gebaseerd op één pedagogische visie en doorgaande lijn.
    - JGZ: jeugdgezondheidszorg in Harlingen, uitgevoerd door de GGD Fryslân;
    - Koptarief: subsidie die de gemeente aan de aanbieder toekent als tegemoetkoming voor het verschil tussen de kostprijs per uur en het door de Rijksoverheid vastgestelde maximum uurtarief voor de kinderopvang;
    - Kwaliteitseisen: de eisen waaraan de aanbieder van peuteropvang en Voorschoolse Educatie moet voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie.
    - Kwaliteitskader gemeente Harlingen: het kwaliteitskader zoals opgenomen in bijlage 1 bij deze subsidieregeling, waar aanbieders aan moeten voldoen om in aanmerking te komen voor subsidie;
    - Landelijke kwaliteitseisen: de geldende wet- en regelgeving en landelijke kwaliteitseisen voor peuterwerk en VVE; aanbieders worden hierop beoordeeld door de GGD.
    - LRK: Landelijk Register Kinderopvang - Een register met gegevens van alle gecertificeerde kinderopvangvoorzieningen in Nederland. Hierin staat tevens vermeld of Voorschoolse Educatie wordt aangeboden.
    - LEA: Lokaal Educatieve Agenda; Wettelijk verplicht overleg van instelling voor peuteropvang en Voorschoolse Educatie, primair onderwijs en gemeente.
    - Maximum uurtarief: het door de Rijksoverheid vastgestelde maximum uurtarief voor de kinderopvang;
    - OAB-budget: het geoormerkte budget Onderwijsachterstandenbeleid dat de gemeente van het Rijk ontvang om de onderwijsachterstanden terug te dringen. Uit dit budget worden onder meer de subsidies Voorschoolse Educatie bekostigd;
    - Ouder: de bloed- of aanverwant in opgaande lijn of de pleegouder/verzorger van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft conform de Wet Kinderopvang;
    - Ouderbijdrage: de inkomensafhankelijke bijdrage die ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag, betalen aan de aanbieder;
    - Ouderbijdragetabel: VNG adviestabel ouderbijdrage peuteropvang
    - Peuter: een bij de gemeente Harlingen in de basisregistratie ingeschreven kind van 2 jaar tot de leeftijd bij start van de basisschool;
    - Peuteropvang: opvang voor peuters van minimaal twee dagdelen per week tot een maximum van 8 uur per week gedurende maximaal 41 weken per subsidiejaar bij een aanbieder, zijnde niet VE-aanbod;
    - Subsidiejaar: het kalenderjaar, van 1 januari tot en met 31 december, waarop de subsidie peuterwerk en Voorschoolse Educatie betrekking heeft;
    - Voorschoolse Educatie: bereid doelgroeppeuters beter voor op de basisschool ter voorkoming van onderwijsachterstanden;
    - Voorschools Educatie aanbod: het aanbod Voorschoolse educatie dat minimaal 640 uur per jaar opvang betreft voor doelgroeppeuters, gericht op het verminderen van onderwijsachterstanden;
    - VVE: Voor- en vroegschoolse educatie, waarbij de Voorschoolse Educatie wordt uitgevoerd door een aanbieder VE en de vroegschoolse educatie wordt aangeboden door het primair onderwijs;
    - VVE-programma: Een erkend voor- en/of vroegschools programma dat is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut;
    
    Artikel 2. Doel van de subsidieverlening
    Met deze subsidiëring zorgen burgemeester en wethouders voor een voldoende en kwalitatief goed aanbod van peuteropvang en Voorschoolse Educatie, waar peuters gestimuleerd worden in hun ontwikkeling en zonder of met een zo klein mogelijke achterstand aan het basisonderwijs beginnen.
    
    Artikel 3. Doelgroep
    1..
    De subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders van peuteropvang en Voorschoolse Educatie binnen een IKC in de gemeente Harlingen die voldoen aan de landelijke kwaliteitseisen en het kwaliteitskader van de gemeente Harlingen.
    
    Artikel 4. Grondslag
    1..
    De grondslag voor de subsidie is het aantal (doelgroep)peuters dat gebruik maakt van de peuteropvang en de Voorschoolse Educatie.
    2..
    Er wordt gewerkt in groepen van minimaal 6 en maximaal 16 peuters. Bestaande groepen die in de loop van het subsidiejaar onder een deelnemersaantal van 6 zakken, kunnen dat jaar blijven bestaan en mogen als groep van 6 worden doorberekend voor de subsidie. Hierover vindt altijd overleg plaats met de gemeente.
    3..
    De subsidietarieven peuteropvang en Voorschoolse Educatie en de subsidie pedagogisch medewerker worden jaarlijks geïndexeerd met de index die wordt gebruikt door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor het landelijk maximum uurtarief, tenzij er gegronde redenen voor burgemeester en wethouders zijn om hiervan af te wijken;
    4..
    Het subsidietarief aanvullende activiteiten wordt jaarlijks door burgemeester en wethouders vastgesteld, mede op basis van het beschikbare OAB-budget.
    
    Artikel 5. Activiteiten
    1..
    Burgemeester en wethouders kunnen een jaarlijkse budgetsubsidie verlenen aan aanbieders in de gemeente voor het aanbieden van peuteropvang.
    2..
    Burgemeester en wethouders kunnen een jaarlijkse budgetsubsidie verlenen aan aanbieders in de gemeente voor het aanbieden van Voorschoolse Educatie.
    3..
    Burgemeester en wethouders kunnen een jaarlijkse subsidie toekennen aan aanbieders Voorschoolse Educatie voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker.
    4..
    Burgemeester en wethouders kunnen een jaarlijkse subsidie toekennen aan aanbieders Voorschoolse Educatie voor het uitvoeren van aanvullende activiteiten.
    
    Artikel 6. Subsidie peuteropvang
    1..
    De subsidie, zoals bedoeld in artikel 5 lid 1, die burgemeester en wethouders verstrekken aan aanbieders bestaat uit:
    - Een gemeentelijke subsidie peuteropvang per uur voor geplaatste peuters van ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag;
    - Een koptarief per uur voor alle geplaatste peuters.
    2..
    De subsidie wordt verstrekt voor maximaal 8 uur per week, verdeeld over minimaal 2 dagdelen, gedurende maximaal 41 weken per subsidiejaar.
    3..
    De hoogte van de subsidie peuteropvang zoals bedoeld in lid 1 onder a bedraagt het maximum uurtarief van de toeslagregeling voor dagopvang (€ 10,25 in 2024) minus de ontvangen ouderbijdrage.
    4..
    De hoogte van het koptarief zoals bedoeld in lid 1 onder bedraagt in 2024 € 0,61 per uur.
    
    Artikel 7. Subsidie Voorschoolse Educatie
    1..
    De subsidie, zoals bedoeld in artikel 5 lid 2, die burgemeester en wethouders verstrekken aan aanbieders bestaat per bezette peuterplaats met Voorschoolse Educatie van 16 uur per week, uit:
    - Een gemeentelijke subsidie Voorschoolse Educatie per uur voor geplaatste doelgroeppeuters van ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag voor de eerste 8 uur per week;
    - Een gemeentelijke subsidie Voorschoolse Educatie per uur voor alle geplaatste doelgroeppeuters voor de tweede 8 uur per week;
    - Een koptarief Voorschoolse Educatie per uur voor alle geplaatste doelgroeppeuters voor 16 uur per week;
    2..
    De subsidie wordt verstrekt voor maximaal 41 weken per subsidiejaar.
    3..
    De hoogte van de subsidie Voorschoolse Educatie zoals bedoel in lid 1 onder a bedraagt het maximum uurtarief van de toeslagregeling voor dagopvang (€ 10,25 in 2024) minus de ontvangen ouderbijdrage.
    4..
    De hoogte van de subsidie zoals bedoel in lid 1 onder b bedraagt het maximum uurtarief van de toeslagregeling voor dagopvang (€ 10,25 in 2024)
    5..
    De hoogte van het koptarief zoals bedoel in lid 1 onder c bedraagt in 2024 € 1,20.
    
    Artikel 8. Ouderbijdrage
    1..
    Ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag betalen aan de aanbieder zowel voor peuteropvang als voor Voorschoolse Educatie voor maximaal 8 uur per week een ouderbijdrage aan de aanbieder.
    2..
    Deze ouderbijdrage wordt berekend op basis van de ‘VNG-adviestabel ouderbijdragen peuteropvang’ van het betreffende subsidiejaar.
    3..
    Deze ouderbijdrage wordt verrekend in het uurtarief voor peuteropvang en Voorschoolse Educatie.
    
    Artikel 9. Subsidie pedagogisch beleidsmedewerker
    1..
    Burgemeester en wethouders verstrekken aan de aanbieder een subsidie, zoals bedoeld in artikel 5 lid 3, voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker ten behoeve van de verhoging van de kwaliteit van de Voorschoolse Educatie in de gemeente.
    2..
    De hoogte van de subsidie wordt bepaald aan de hand van het gemiddeld aantal doelgroeppeuters tussen de tweeënhalf en vier jaar bij de aanbieder in het betreffende subsidiejaar;
    3..
    Bij het bepalen van de hoogte van de subsidie hanteren burgemeester en wethouders een uurtarief van € 50 per uur. Per doelgroeppeuter, wordt voor 10 uur inzet pedagogisch beleidsmedewerker per jaar subsidie verleend.
    4..
    De aanbieder mag naar eigen inzicht de pedagogisch beleidsmedewerker inzetten, zolang de inzet gericht is op de kwaliteitsverbetering van het aanbod Voorschoolse Educatie en de beroepskrachten.
    
    Artikel 10. Subsidie aanvullende activiteiten
    1..
    Burgemeester en wethouders verstrekken aan de aanbieder een subsidie, zoals bedoeld in artikel 5 lid 4, voor het uitvoeren van aanvullende activiteiten die de kwaliteit van de Voorschoolse Educatie in de gemeente verhogen.
    2..
    De subsidie bestaat uit een vastgesteld bedrag per doelgroeppeuter ingeschreven bij de aanbieder op 1 januari van het betreffende subsidiejaar;
    3..
    Bij aanvullende activiteiten staat de doelgroeppeuter centraal. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:
    - het inzetten van (extra) uren logopedie;
    - het inzetten van extra uren pedagogisch medewerker;
    - het versterken van de doorgaande leerlijn.
    Maar ook andere activiteiten zijn mogelijk, mits deze worden ingezet voor het verbeteren van de kwaliteit van de Voorschoolse Educatie voor de doelgroeppeuters.
    4..
    Aanbieders dienen bij de aanvraag van deze subsidie een plan van aanpak in, inclusief begroting.
    5..
    De hoogte van de subsidie van de aanvullende activiteiten bedraagt € 1.500,- per doelgroeppeuter.
    
    Artikel 11. De subsidieaanvraag
    1..
    De aanvraag voor subsidie peuteropvang, Voorschoolse Educatie, pedagogisch beleidsmedewerker en aanvullende activiteiten, moet worden ingediend vóór 1 november voorafgaand aan het subsidiejaar waarvoor de subsidie wordt gevraagd. Voor de aanvraag wordt gebruik gemaakt van het formulier ‘Aanvraag subsidie peuteropvang en Voorschoolse Educatie’.
    2..
    Naast het aanvraagformulier moet het volgende worden ingediend:
    - een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten;
    - een werkplan voor het subsidiejaar waarin de te leveren prestaties en beoogde resultaten worden beschreven, zoals beschreven in bijlage 1, artikel 2 lid 2;
    - een plan van aanpak aanvullende activ
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.