Status onbekendGemeente · Subsidie

Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014

Voor eigenaren, erfpachters, houders van opstalrecht of appartementsrecht van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden in de gemeente Borsele die restauratie- of instandhoudingswerkzaamheden willen uitvoeren.

Ook bekend als DVN2.0 Erfgoedzorg, Erfgoedzorg Borsele

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 30k
per aanvraag
Percentage
50%
van de kosten

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieverordening voor eigenaren van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden in Borsele ter ondersteuning van restauratie- en instandhoudingswerkzaamheden. Subsidies tot 50% van subsidiabele kosten met maxima variërend van €500 tot €30.000 afhankelijk van het type monument en werkzaamheden.

Voor wie is het bedoeld?

Voor eigenaren, erfpachters, houders van opstalrecht of appartementsrecht van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden in de gemeente Borsele die restauratie- of instandhoudingswerkzaamheden willen uitvoeren.

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Restauratie van een rijksmonument in Borsele financieel ondersteunen
  • Jaarlijkse instandhouding van een gemeentelijk monument subsidiëren
  • Herstel van bijzondere monumentale onderdelen (bv. welput, windwijzer) bekostigen
  • Onderhoud van rieten dak van agrarische boerderij-complex financieel ondersteunen

Voorwaarden

  • Werkzaamheden moeten omgevingsvergunningplichtig zijn en een omgevingsvergunning moet zijn verleend
  • Eigen investering minimaal 50% bij stapeling met andere regelingen
  • Geen financiering op basis van WMO 2015 of Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2015
  • Aanvraag moet vóór aanvang werkzaamheden worden ingediend
  • Vastgestelde subsidiabele instandhoudingskosten minimaal €1.000 of vastgestelde subsidie minimaal €500
  • Bij restauratie: restauratieplan/PIP voor één jaar; bij instandhouding kerkgebouw/molen: PIP voor zes jaar
  • Bij rijksmonumenten moet PIP goedgekeurd zijn door Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
  • Werkzaamheden door derden moeten door erkende aannemers/installateurs bekend met monumentenzorg worden uitgevoerd
  • Voltooiing van werkzaamheden moet binnen één maand worden gemeld voor subsidievaststelling

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

Uw rechtsvorm is: Particulier
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Het college kan voor de restauratie van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden een éénmalige subsidie verlenen tot 50% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 30.000.
Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014
  • Toon brontekst
    Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Hoofdstuk 1 Begripsbepaling Artikel 1 Hoofdstuk 2 Algemene bepalingen Artikel 2 Artikel 3 Artikel 4 Hoofdstuk 3 Toepassingsbereik Artikel 5 Hoofdstuk 4 Financiering Artikel 6 Artikel 7 Hoofdstuk 5 Aanvraag, advisering, toekenning en afwijzing Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Hoofdstuk 6 Intrekking Artikel 14 Hoofdstuk 7 Hardheidsclausule, slot- en overgangsbepalingen Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR346539 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR346539/2 sluiten Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014 Geldend van 06-10-2017 t/m heden Intitulé Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014 De gemeenteraad van Borsele, burgemeester en wethouders hebben een voorstel gedaan op 18 november 2014; in dit voorstel wordt geconcludeerd dat het van belang is, gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht, om regels te stellen met betrekking tot subsidieverlening ter verbetering van particuliere woningvoorraad in de gemeente Borsele in het kader van bouwtechnische staat, energetische woningkwaliteit en levensloopbestendigheid. Besluit vast te stellen de navolgende ‘Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014’ Hoofdstuk 1 Begripsbepaling Artikel 1 1. DVN2.0: dorpsvernieuwing 2.0; 2. gemeente: de gemeente Borsele; 3. raad: de gemeenteraad van de gemeente Borsele; 4. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele; 5. monumentencommissie: de commissie als bedoeld in artikel 9.1 van de Bouwverordening, met als taak het college op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over de toepassing van deze verordening; 6. aanvrager: de eigenaar, waar onder begrepen: a. de erfpachter; b. de houder van het recht van opstal; c. de eigenaar van het appartementsrecht; d. de toekomstig eigenaar, erfpachter, houder van een recht van opstal of eigenaar van het appartementsrecht; 7. rijksmonument: een monument, opgenomen in het Register als bedoeld in artikel 3.3 van de Erfgoedwet; 8. gemeentelijk monument: een object, pand of bij elkaar horende panden, geplaatst op de gemeentelijke monumentenlijst dat bij besluit, zoals bedoeld in artikel 5 van de Erfgoedverordening Borsele 2017 is aangewezen als gemeentelijk monument; 9. bijzondere monumentale onderdelen: onderdelen dan wel elementen van grote cultuurhistorische waarde die voor het nageslacht bewaard dienen te worden, zoals een aardappelkelder, makelaar, welput, windwijzer, sluisje, brug of toegangshek; 10. beeldbepalend pand: pand dat niet als monument is beschermd, maar wel naar het oordeel van het college een kenmerkend onderdeel vormt van een beschermend gezicht, als bedoeld in artikel 1 van de Erfgoedverordening Borsele 2017; 11. subsidiabele kosten: de kosten, zoals deze door of namens het college bij de beslissing tot subsidieverlening in aanmerking worden genomen; 12. restauratie: werkzaamheden die het onderhoud, zoals bedoeld in dit artikel, te boven gaan en noodzakelijk zijn voor de instandhouding van de monumentale waarde van het monument. Deze werkzaamheden zijn gericht op het opheffen van bouwtechnische gebreken. Bouwtechnische gebreken zijn gebreken aan een draagconstructie of de schil van een monument, die tot uitdrukking komen, hetzij door aantasting van het draagvermogen van onderdelen, hetzij door het verloren gaan van de samenhang tussen de onderdelen en wel zodanig, dat het directe voortbestaan van een monument in gevaar is gebracht en de bruikbaarheid van het casco ernstig wordt belemmerd. Onder de draagconstructie en de schil van een monument worden in dit verband verstaan: a. fundering; b. balklagen en vloeren; c. dragende binnenwanden, (halfsteens)muren en gevels; d. dakconstructie; 13. Instandhouding: periodieke werkzaamheden (onderhoud) aan een beschermd monument, welke dienen om het beschermde monument als zodanig te behouden; 14. zes-jaren-onderhoudsplan: periodiek instandhoudingsplan (PIP). Een door de aanvrager ingediend instandhoudingsplan, dat inzicht geeft in het voorgenomen instandhoudingswerk aan een monument, voor een periode van zes jaar en voorzien van een gespecifieerde begroting. Instandhoudingsplan en begroting volgens format Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed; 15. subsidie: financiële tegemoetkoming die wordt toegekend en verstrekt volgens de in deze verordening vastgestelde regels; 16. Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014: een verordening die ten doel heeft eigenaren van monumenten in de gemeente Borsele te stimuleren om hun monument in stand te houden; 17. subsidieplafond: het bedrag van de gemeente Borsele dat gedurende een bepaald tijdvak beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies ingevolge deze verordening; 18. subsidieregeling: de regels die staan omschreven in deze verordening. Hoofdstuk 2 Algemene bepalingen Artikel 2 1. De raad heeft de ‘Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014’ ingericht waaruit aan de eigenaar of bewoner, met toestemming van de eigenaar, een subsidie kan worden toegekend voor: a. het treffen van maatregelen ter instandhouding van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden; b. het restaureren van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten, beeldbepalende panden en van monumenten die niet in aanmerking komen voor een subsidie als bedoeld in artikel 7.3 van de Erfgoedwet; c. het herstellen van bijzondere monumentale onderdelen. Artikel 3 1. Op de subsidieregeling zijn van toepassing: ‘Subsidieverordening DVN2.0 Erfgoedzorg Borsele 2014’ en ‘Projectplan DVN2.0 2014’. Artikel 4 1. Het college is belast met de uitvoering van deze verordening. 2. Het college is bevoegd om met inachtneming van het bepaalde in deze verordening een subsidie toe te kennen aan de eigenaren. 3. Het college kan bij zijn beslissing op grond van het tweede lid van dit artikel rekening houden met financiële steun die op grond van enig andere regeling is of kan worden toegekend. 4. Het college kan aan de toekenning van de subsidie nadere voorwaarden verbinden. Hoofdstuk 3 Toepassingsbereik Artikel 5 1. Deze verordening is uitsluitend van toepassing op rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden in de gemeente. 2. Deze verordening is van toepassing op aanvragen van een eigenaar of bewoner, met toestemming van de eigenaar, van een rijksmonument, gemeentelijke monument of beeldbepalend pand in de gemeente met het doel maatregelen te treffen om het desbetreffende pand/object in stand te houden of te restaureren. Hoofdstuk 4 Financiering Artikel 6 1. Het college heeft de bevoegdheid om een subsidieplafond vast te stellen. 2. Het college kan voor de restauratie van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden een éénmalige subsidie verlenen tot 50% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 30.000. Hiervoor moet een restauratieplan worden ingediend, Periodiek Instandhoudings Plan, (PIP) als bedoeld in het Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten (Brim) voor een (restauratie)periode van één jaar. Bij rijksmonumenten moet het PIP goedgekeurd en beschikt zijn door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. 3. Het college kan voor de instandhouding van een kerkgebouw, die als rijksmonument is aangewezen en in gebruik is voor de eredienst, een jaarlijkse subsidie verlenen tot 15% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 2.500, mits er sprake is van een door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed goedgekeurd en beschikt Periodiek Instandhoudings Plan (PIP) voor een instandhoudingsperiode van zes jaar. 4. Het college kan voor de instandhouding van een molen, die als rijksmonument is aangewezen, een jaarlijkse subsidie verlenen tot 20% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 1.500, mits er sprake is van een door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed goedgekeurd en beschikt Periodiek Instandhoudings Plan (PIP) voor een instandhoudingsperiode van zes jaar. 5. Aanvullend op lid 4 kan het college een jaarlijkse subsidie van maximaal € 500 per jaar verlenen, onder de voorwaarde dat de molen op minimaal 30 zaterdagen in het betreffende jaar wordt gedraaid en in dat jaar met de molen 30.000 omwentelingen worden gemaakt. 6. Het college kan voor de instandhouding van een molen, die als rijksmonument is aangewezen, in het geval de leden 4 en 5 niet van toepassing zijn, een jaarlijkse subsidie verlenen tot 25% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 1.000 per jaar. 7. Het college kan voor onderhoud van een rieten dak van een gebouw, onderdeel van een als rijksmonument of gemeentelijk monument aangewezen agrarische boerderijencomplex een jaarlijkse subsidie verlenen tot 25% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 1.000 per jaar. 8. Het college kan voor de instandhouding van gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden, in het geval dat lid 2 niet van toepassing is, een jaarlijkse subsidie verlenen tot 25% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 1.000. 9. Het college kan voor herstel van bijzondere monumentale onderdelen een éénmalige subsidie verlenen tot 50% van de subsidiabele kosten met een maximum subsidie van € 1500. Artikel 7 1. Onder de subsidiabele kosten worden in elk geval begrepen de door of namens het college goedgekeurde en vastgestelde kosten van: a. de aanneemsom; b. eventueel noodzakelijk meerwerk; c. het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van toezicht; d. de verschuldigde omzetbelasting; e. een abonnement op de jaarlijkse inspectie door Monumentenwacht Zeeland. 2. a. de aanneemsom; b. eventueel noodzakelijk meerwerk; c. het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van toezicht; d. de verschuldigde omzetbelasting; e. een abonnement op de jaarlijkse inspectie door Monumentenwacht Zeeland. Hoofdstuk 5 Aanvraag, advisering, toekenning en afwijzing Artikel 8 1. Indien de werkzaamheden waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft voor omgevingsvergunningplichtig zijn wordt de subsidie alleen verleend als er een omgevingsvergunning is verleend voor het uitvoeren van die werkzaamheden. 2. Het stapelen met andere (gemeentelijke) regelingen/instrumenten is mogelijk, mits: a. de eigen investering minimaal 50% is en; b. er geen financiering op basis van de WMO 2015 (Wet maatschappelijke ondersteuning) en/of Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Borsele 2015 is of wordt toegekend voor maatregelen waarop beroep wordt gedaan in deze verordening. 3. Het college kan advies inwinnen over de te nemen maatregelen bij het in behandeling nemen van een aanvraag. Indien dit leidt tot uitvoering of toepassing van maatregelen volgens artikel 7 kan de aanvrager in aanmerking komen voor een subsidie voor de gemaakte kosten voortvloeiend uit dit advies. Artikel 9 1. Een aanvraag wordt schriftelijk bij het college ingediend middels een daartoe beschikbaar gesteld formulier en gaat vergezeld van een opgave van: a. de te treffen maatregelen; b. de werkelijke kosten van de te treffen maatregelen alsmede een financiële onderbouwing van deze opgave; c. een planning van de uitvoering van de werkzaamheden; d. een kopie van een eventuele benodigde omgevingsvergunning; e. een planning waaruit blijkt wanneer gestart wordt met de werkzaamheden en w
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.