GeslotenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Gecertificeerde Instellingen Achterhoekse gemeenten 2018

Gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk

Gecertificeerde instellingen (rechtspersonen met certificaat) die jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringswerkzaamheden uitvoeren voor de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk.

Ook bekend als SGIA 2018, Subsidieregeling Gecertificeerde Instellingen Achterhoek

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 7 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor gecertificeerde instellingen in acht Achterhoekse gemeenten voor het uitvoeren van jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringswerkzaamheden. Maximaal 3 jaar subsidie per instelling. Aanvragen dienden in te worden dienen uiterlijk 1 oktober 2018.

Voor wie is het bedoeld?

Gecertificeerde instellingen (rechtspersonen met certificaat) die jeugdbeschermings- en jeugdreclasseringswerkzaamheden uitvoeren voor de gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk.

Gecertificeerde_instelling

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor jeugdbeschermingsmaatregelen
  • Subsidie aanvragen voor jeugdreclasseringswerkzaamheden
  • Subsidie aanvragen voor preventieve werkzaamheden in jeugdzorg

Voorwaarden

  • Aanvrager moet een gecertificeerde instelling zijn (in bezit van certificaat of voorlopig certificaat als bedoeld in artikel 3.4 Jeugdwet)
  • Activiteiten moeten betrekking hebben op kinderbeschermingsmaatregelen, jeugdreclassering of preventie als bedoeld in artikel 1.1 Jeugdwet
  • Subsidieontvanger moet actief deelnemen aan casusoverleggen in de Veiligheidskamer en lokale teams
  • Subsidieontvanger moet door rechter uitgesproken kinderbeschermingsmaatregelen uitvoeren
  • Maximale subsidieduur: 3 jaar
  • Subsidie wordt in maandelijkse voorschotten uitgekeerd

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een gecertificeerde_instelling
Uw sector/SBI valt onder: zorg
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeenten Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk.

Openstellingen en rondes

Er is op dit moment geen open ronde.

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling gecertificeerde instellingen Achterhoekse gemeenten 2018
    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten
    gelet op artikel 2, lid 1 sub g van de Algemene Subsidieverordening gemeente Aalten 2015;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Berkelland;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Berkelland 2018;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bronckhorst;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Bronckhorst 2014;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Doetinchem;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Doetinchem 2015;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montferland;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Montferland 2018;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oost Gelre;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening 2013 Oost Gelre;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oude IJsselstreek;
    gelet op artikel 1.3 tweede lid van de Algemene Subsidieregeling 2008 gemeente Oude IJsselstreek;
    het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Winterswijk;
    gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening Winterswijk 2017;
    gelet op
    - de hoofdstukken 2 en 3 van de Jeugdwet;
    - titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;
    - de wens van de Achterhoekse colleges om subsidie te kunnen verlenen aan één of meerdere gecertificeerde instelling(en) voor taken op het terrein van Jeugdbescherming en Jeugdreclassering;
    besluit vast te stellen de “Subsidieregeling Gecertificeerde Instellingen Achterhoekse gemeenten 2018”.
    Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    Certificaat: een certificaat als bedoeld in artikel 3.4 van de Jeugdwet.
    Het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek en Winterswijk.
    Gecertificeerde instelling: de rechtspersoon, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, die in het bezit is van een certificaat of voorlopig certificaat.
    Jeugdige: een jeugdige persoon als bedoeld in artikel 1.1 van de jeugdwet.
    Jeugdreclassering: de reclasseringswerkzaamheden, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
    Kinderbeschermingsmaatregel: een kinderbeschermingsmaatregel als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
    Subsidieontvanger: de gecertificeerde instelling die op basis van deze subsidieregeling subsidie ontvangt.
    Artikel 2 Toepassingsbereik
    2.1 Het college kan subsidie verstrekken aan gecertificeerde instellingen voor het uitvoeren van activiteiten ten behoeve van jeugdigen ten aanzien van wie het college gehouden is voorzieningen op grond van de Jeugdwet te treffen. Dit betreft de (wettelijke) taken ten aanzien van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering als bedoeld in artikel 1.1 Jeugdwet en werkzaamheden in het kader van preventie als bedoeld in artikel 1.1 Jeugdwet.
    2.2 Het college kan het aantal subsidie ontvangers beperken tot een door het college te selecteren aantal subsidieontvangers. Deze selectie vindt plaats op basis van een nader door het college te bepalen systematiek.
    2.3 In aanvulling op artikel 2.1 kunnen de activiteiten ook innovatieve en aanvullende pilots en projecten omvatten met betrekking tot de taken, die raken aan (de doelgroepen van) de betreffende taken. Deze kunnen worden opgestart dan wel beëindigd en daarmee de toestroom van cliënten beïnvloeden.
    2.4 Voor zover het betreft een gecertificeerde instelling die direct voorafgaand aan 1 januari 2019, in opdracht van de gemeente Aalten, Berkelland, Bronckhorst, Doetinchem, Montferland, Oost Gelre, Oude IJsselstreek of Winterswijk activiteiten als bedoeld in artikel 2.1 uitvoerde, kan met ingang van de datum waarop de daarvoor gesloten overeenkomst van rechtswege of met wederzijds instemming is beëindigd, ook subsidie worden verstrekt voor het uitvoeren van taken die hun aanvang hebben gevonden in de periode voorafgaand aan 1 januari 2019, bedoeld in artikel 4, eerste lid, dan wel in die periode bij rechterlijk bevel of oordeel zijn opgelegd.
    2.5 Het college stelt de hoogte van de subsidie vast.
    Artikel 3 Toepassingsperiode en duur
    Op basis van deze regeling kan voor maximaal 3 jaar subsidie worden verstrekt.
    Artikel 4 Minimale eisen voor subsidieverstrekking
    4.1 De subsidie wordt slechts verstrekt als in ieder geval aan de volgende vereisten is voldaan:
    a. de gecertificeerde instelling is in staat om alle activiteiten uit te voeren, ter uitvoering van de
    taken;
    b. de gecertificeerde instelling kan beschikken over voldoende professionals met bijzondere expertise voor de taken waarvoor op grond van deze regeling subsidie wordt verstrekt.
    c. op de gecertificeerde instelling zijn de Uitsluitingsgronden van afdeling 2.3.5 van de Aanbestedingswet 2012 niet van toepassing.
    4.2 Het college kan nadere eisen stellen aan de aanvragers voor subsidie.
    Hoofdstuk 2 Incidentele subsidies
    Artikel 5 Incidentele subsidie bij wijziging woonplaats
    5.1. Op basis van deze regeling kan incidenteel subsidie worden verstrekt aan gecertificeerde instellingen voor jeugdigen waarvan de kinderbeschermingsmaatregel is aangevangen op het moment dat het college op grond van het woonplaatsbeginsel niet verantwoordelijk was en waarvoor het college op grond van het woonplaatsbeginsel, bijvoorbeeld in verband met een verhuizing, op enig moment verantwoordelijk wordt.
    5.2. De subsidie kan enkel gaan over de periode dat het college op grond van het woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is voor de jeugdige.
    5.3. Als subsidietarief geldt het bedrag aan subsidie voor de desbetreffende maatregel dat het college in dat jaar hanteert.
    5.4. Indien het college een gedeelte van een jaar verantwoordelijk is voor de jeugdige, wordt de subsidie bepaald aan de hand van het aantal maanden dat het college op grond van het woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is voor de jeugdige. Maanden waarvan het college minder dan 15 dagen verantwoordelijk is voor de jeugdige, komen niet voor subsidiëring in aanmerking.
    5.5. Op de subsidie bestaat geen recht indien de aanvrager op andere wijze reeds een vergoeding gekregen heeft voor de desbetreffende maatregel.
    5.6 Een incidentele subsidie wordt niet verstrekt aan een gecertificeerde instelling aan wie op grond van artikel 2.1 een reguliere subsidie op grond van deze regeling verstrekt is.
    Artikel 6 Overige incidentele subsidies
    6.1 Een incidentele subsidie kan worden verstrekt aan een gecertificeerde instelling die niet op grond van artikel 2.1 wordt gesubsidieerd en die toch door een rechtbank is aangewezen voor de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel met betrekking tot een jeugdige waarvoor het college op grond van het woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is.
    6.2 Een incidentele subsidie kan worden verstrekt aan een gecertificeerde instelling die niet op grond van artikel 2.1 wordt gesubsidieerd voor de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel met betrekking tot een jeugdige waarvoor het college verantwoordelijk is en waarvan de maatregel is aangevangen voor 1 januari 2019. De incidentele subsidie kan slechts worden verstrekt voor zover de dienstverleningsovereenkomst die tussen de gemeente en de gecertificeerde instelling geldt tot 1-1-2019, niet voorziet in bekostiging van die maatregel na 1-1-2019.
    Artikel 7 Eisen incidentele subsidies
    7.1. In afwijking van het bepaalde in deze regeling kan een verzoek om incidentele subsidie op grond van artikel 5 worden ingediend binnen 4 weken nadat het college op grond van het woonplaatsbeginsel verantwoordelijk is geworden voor de jeugdige.
    7.2 In afwijking van het bepaalde in deze regeling kan een verzoek om een incidentele subsidie op grond van artikel 6 lid 1 worden ingediend binnen 4 weken nadat de rechtbank de gecertificeerde instelling heeft aangewezen voor de uitvoering van de kinderbeschermingsmaatregel.
    7.3 In afwijking van het bepaalde in deze regeling kan een verzoek om een incidentele subsidie op grond van artikel 6 lid 2 worden ingediend tot uiterlijk 1 maart 2019.
    7.4 In afwijking van het bepaalde in deze regeling vindt geen bevoorschotting plaats bij een incidentele subsidie op grond van artikel 5 of 6.
    7.5 Het bepaalde in artikel 13 en 14 is niet van toepassing op de vaststelling van een incidentele subsidie als bedoeld in artikel 5 en 6. Vaststelling van de subsidie vindt plaats na het einde van de maatregel die voor subsidie in aanmerking komt of, op het moment dat het college niet meer verantwoordelijk is voor de jeugdige, na het eindigen van die verantwoordelijkheid.
    7.6 Betaling van de subsidie vindt plaats bij vaststelling en binnen 4 weken na verantwoording van de subsidie door de aanvrager.
    7.7 Het college kan nadere eisen stellen omtrent de wijze waarop de verantwoording door aanvrager dient plaats te vinden.
    Hoofdstuk 3 Subsidieverlening
    Artikel 8 Termijn indienen subsidieaanvraag
    De aanvraag voor verlening van een subsidie wordt elektronisch via www.TenderNed.nl ingediend uiterlijk op 1 oktober 2018.
    Artikel 9 Indieningsvereisten
    9.1 Subsidieaanvragen worden elektronisch via www.TenderNed.nl ingediend bij het college van de gemeente Oude IJsselstreek.
    9.2. Subsidieaanvragen worden ingediend, door middel van een door het college vastgesteld aanvraagformulier. Het college kan (nadere) eisen stellen aan door een aanvrager aan te leveren gegevens en bescheiden.
    9.3 Het aanvraagformulier wordt ondertekend door een persoon die bevoegd is de rechtspersoon van de subsidieontvanger rechtsgeldig te vertegenwoordigen.
    9.4 Als een onvolledige aanvraag is ingediend, kan het college de aanvrager elektronisch via www.TenderNed.nl een hersteltermijn geven om de aanvraag te completeren.
    9.5 Aanvragen voor subsidie kunnen eerst elektronisch worden ingediend via www.TenderNed.nl vanaf een nader door het college te bepalen datum.
    Artikel 10 Beslistermijn
    Het college neemt uiterlijk binnen 13 weken na datum van ontvangst van een volledige subsidieaanvraag een besluit omtrent subsidieverlening.
    Artikel 11 Omvang van de subsidie
    11.1 De omvang van de subsidie wordt bepaald door het geprognosticeerde aantal maatregelen voor 2019 te vermenigvuldigen met de subsidietarieven die door het college per maatregel zijn bepaald. De subsidietarieven zijn in bijlage 1 van deze subsidieregeling opgenomen.
    11.2 De subsidietarieven bedoeld in artikel 11 lid 1, kunnen jaarlijks op 1 januari en voor het eerst op 1 januari 2020, worden geïndexeerd.
    11.3 Per subsidiejaar wordt bezien of de prognose voor het komende subsidiejaar moet worden bijgesteld. Het college kan in dit verband van de subsidie ontvanger nadere gegevens vragen.
    11.4 Indien de subsidie ontvanger gedurende het subsidiejaar voorziet dat het feitelijke aantal maatregelen in een subsidiejaar hoger komt te liggen dan het aantal geprognosticeerde maatregelen, stelt de subsidie ontvanger het college hiervan tijdig, doch uiterlijk 2 maanden voor het einde van het kalenderjaar, in kennis.
    11.5 Indien de subsidie ontvanger gedurende het subsidiejaar voorziet dat het feitelijke aantal maatregelen in een subsidiejaar substantieel lager (minimaal 20%) komt te liggen dan het aantal geprognosticeerde maatregelen, stelt de subsidie ontvanger het college hiervan tijdig in kennis.
    11.6 Indien het college conform het bepaalde in artikel 11.4 tijdig in kennis is gesteld, kan het college besluiten de beschikking tot subsidieverlening voor dat boekjaar te verhogen.
    Artikel 12 Bevoorschotting
    12.1 De subsidie wordt in maandelijkse voorschotten uitgekeerd.
    12.2 De voorschotten worden gelijkmatig over de periode waarop het recht op subsidie bestaat verstrekt.
    12.3 Het college kan afwijken van het bepaalde in dit artikel.
    12.4 De subsidieontvanger kan gedurende de looptijd van de subsidie een aanvraag om aanpassing van het bevoorschottingsregime indienen middels een door het college ter beschikking gesteld formulier.
    12.5 Per kwartaal k
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.