Subsidieregeling kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland
Publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen (stichtingen, verenigingen, ondernemingen, overheden) die recreatiemogelijkheden willen uitbreiden of verbeteren.
Ook bekend als Kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2025, Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls Zuid-Holland 2026, Kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2026
Waar is deze subsidie voor?
Projectsubsidie voor uitbreiding en verbetering van recreatiemogelijkheden in Zuid-Holland, inclusief waterrecreatie. Voor publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen met subsidies tot €300.000 (75% voor stichtingen/verenigingen, 50% voor ondernemingen/overheden).
Voor wie is het bedoeld?
Publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen (stichtingen, verenigingen, ondernemingen, overheden) die recreatiemogelijkheden willen uitbreiden of verbeteren.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Aantrekkelijker maken van recreatiegebieden
- Realiseren of verbeteren van stad-land-verbindingen
- Verbeteren van routes en routestructuren
- Verbeteren van toegankelijkheid van recreatievoorzieningen
- Oplossen van knelpunten door recreatiedrukte
- Stimuleren van waterrecreatie
- Aantrekkelijker maken van groengebieden en recreatiegebieden
- Realiseren van stad-land-verbindingen (wandel- en fietsroutes)
- Waterrecreatie-projecten
- Oplossen van recreatiedruk in gebieden
Voorwaarden
- Beheer en onderhoud voor minimaal zeven jaar geborgd (tenzij alleen voorlichting/communicatie)
- Gebied en activiteit vrij toegankelijk (tenzij alleen voorlichting/communicatie)
- Activiteiten starten binnen 9 maanden na subsidieverleningsbeschikking
- Activiteiten gerealiseerd binnen 3 jaar (onderdeel a-g) of 2 jaar (onderdeel h) na subsidieverleningsbeschikking
- Aanvrager moet eigenaar, erfpachter of gemachtigd zijn van het terrein
- Geen dubbele financiering via andere provinciale regelingen
- Niet op provinciale grond, vakantiepark of camping
- Geen waterkwaliteitsverbeteringen
- Geen één- of meerdaagse evenementen op/langs water
- Geen woon-werkvervoer over water
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- 16 mrt 2026
- Sluit
- 30 okt 2026
- Budget
- € 3,5 mln
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Bronnen en actualiteit
“Artikel 7 Subsidiehoogte: voor stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 300.000,-; voor ondernemingen en overheden 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 300.000,-.”
Toon brontekst
Tweede openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2025 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3 van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Gelet op artikel 2.2 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is om recreatiemogelijkheden uit te breiden of kwalitatief te verhogen, zowel in voor recreatie bestemde gebieden als daarbuiten en deze bereikbaar te maken, waarmee dit bijdraagt aan duurzame toename van recreatieve waarde met stimulans voor inspanning en ontspanning; Overwegende dat het wenselijk is om gastvrij en beleefbaar water te stimuleren, te werken aan een slim, aantrekkelijk en veilig waternetwerk van hoge kwaliteit en te werken aan een goede balans tussen waterrecreatie en natuur en milieu; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Tweede openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2025 Artikel 1 Begripsbepalingen In dit openstellingsbesluit wordt verstaan onder: - Asv: Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; - de-minimis verordening: Verordening (EU) Nr. 2023/2831, van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU, 2023/2831); - gebied: binnen de provincie gelegen grond, die als openbaar toegankelijk recreatie- of natuurgebied is ingericht inclusief stedelijk groen; - stad-land-verbinding: wandel- of fietsverbinding van een stadscentrum of woongebied met een groengebied of een routestructuur in het buitengebied; - waterrecreatie: alle vormen van recreatie op, aan en in het water. Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten in de provincie Zuid-Holland die gericht zijn op: - het aantrekkelijk of aantrekkelijker maken van gebieden voor inspannen en ontspannen; - het realiseren of verbeteren van een stad-land-verbinding; - het verbeteren van routes en routestructuren; - het verbeteren van toegankelijkheid en beleefbaarheid van een recreatievoorziening of gebied; - het oplossen van een knelpunt door de toegenomen recreatiedrukte weg te nemen in een gebied; - het stimuleren van spreiding van recreanten in een gebied; - het voorkomen van negatieve effecten van recreatie door middel van voorlichting en communicatie aan de recreant; - waterrecreatie. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.. De activiteit als bedoeld in het eerste lid, draagt bij aan: - het uitbreiden en verbeteren van recreatiemogelijkheden; - het bereikbaar maken van voor recreatie bestemde gebieden; - een betere benutting en vergroting van de potentie van waterrecreatie. Artikel 3 Doelgroep Subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt uitsluitend verstrekt aan publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen. Artikel 4 Subsidievereisten 1.. Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: - beheer en onderhoud is voor minimaal zeven jaar geborgd, tenzij het een activiteit als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, betreft waarbij geen fysiek product wordt opgeleverd; - het gebied waar de activiteit plaatsvindt en de activiteit zijn vrij toegankelijk, tenzij het een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, betreft waarbij geen fysiek product wordt opgeleverd. 2.. Onverminderd het eerste lid wordt, om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder h, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten: - de activiteit draagt bij aan één of meer van de volgende speerpunten: Gastvrij en Beleefbaar water; Smart Waternetwerk; Groene Waterrecreatie; - de activiteit heeft een regionale meerwaarde voor het vaarnetwerk; - de activiteit komt in overwegende mate ten goede aan het maatschappelijk belang; - het resultaat van de activiteit is een fysiek of concreet product; Artikel 5 Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv worden subsidieaanvragen ingediend van 1 september tot en met 31 oktober 2025. Artikel 6 Plafond 1.. Gedeputeerde staten stellen het plafond voor de periode, genoemd in artikel 5, vast op € 1.700.000,-. 2.. Het plafond wordt als volgt verdeeld: - maximaal € 1.561.678,- is beschikbaar voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g; - maximaal €138.322,- is beschikbaar voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h. Artikel 7 Subsidiehoogte 1.. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g, bedraagt: - voor stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 300.000,-; - voor ondernemingen en overheden 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 300.000,-. 2.. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, bedraagt: - voor stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 50.000,-; - voor ondernemingen en overheden 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 50.000,-. 3.. Indien toepassing van het tweede lid er toe leidt dat de subsidie minder dan € 5.000,- bedraagt, wordt de subsidie niet verstrekt. Artikel 8 Verdelingswijze 1.. Subsidie als bedoeld in artikel 2, wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. 2.. Indien een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt voor het bepalen van de onderlinge rangschikking voor de verdeling van de subsidie de dag waarop de subsidieaanvraag volledig is als datum van binnenkomst. 3.. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting. Artikel 9 Subsidiabele kosten Voor activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, komen, zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie, in ieder geval de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: - proces- en ontwerpkosten; - de kosten van de fysieke investering; - de kosten van de voorlichting of communicatie; - personeelskosten tot maximaal € 90,00 per uur exclusief BTW. Artikel 10 Niet-subsidiabele kosten In aanvulling op de in artikel 2.5 van de Asv genoemde kosten, komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: - kosten voor achterstallig onderhoud; - kosten voor beheer en onderhoud; - kosten voor recreant-werende maatregelen; - kosten voor marketing en promotie; - kosten voor exploitatie; - kosten voor onderzoek en haalbaarheidsstudies. Artikel 11 Weigeringsgronden In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt de subsidie geweigerd indien: - de aanvraag alleen betrekking heeft op proces- en ontwerpkosten; - de activiteit niet uitvoerbaar is vanwege praktische belemmeringen; - de aanvrager niet de eigenaar of erfpachter van het terrein, waarop de werkzaamheden plaats vinden, is of gemachtigd is door deze; - voor dezelfde activiteit op grond van een andere provinciale regeling of ander openstellingsbesluit van de Subsidieregeling recreatie, sport en gezondheid Zuid-Holland subsidie is gevraagd of verstrekt; - de activiteit op provinciale grond wordt uitgevoerd; - de activiteit op het terrein van een vakantiepark of camping wordt uitgevoerd; - de activiteit betrekking heeft op het verbeteren van de waterkwaliteit; - de activiteit blijkens de begroting reeds geheel uit eigen of andere middelen is of wordt gefinancierd; - de activiteit betrekking heeft op de organisatie of uitvoering van één of meerdaagse evenementen op of langs het water; - de activiteit uitgevoerd wordt ten behoeve van vervoer over water met als hoofddoel woon-werk vervoer. Artikel 12 Opschortende voorwaarde Als voor de realisatie van een activiteit een vergunning, in- of toestemming nodig is dan wordt de subsidie verstrekt onder de opschortende voorwaarde van de verkrijging hiervan. Artikel 13 Verplichtingen van de subsidieontvanger 1.. In aanvulling op het bepaalde in de artikelen 3.1 tot en met 3.5 en 6.2 van de Asv heeft de subsidie ontvanger in ieder geval de volgende verplichtingen: - de activiteiten starten binnen 9 maanden na bekendmaking van de subsidieverleningsbeschikking; - de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g, worden binnen 3 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking gerealiseerd; - de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, worden binnen 2 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking gerealiseerd. 2.. In afwijking van het eerste lid geldt, indien de subsidie wordt vastgesteld zonder voorafgaande subsidieverleningsbeschikking, de dagtekening van de subsidievaststellingsbeschikking; 3.. Gedeputeerde staten kunnen op verzoek van de subsidieontvanger de termijnen, genoemd het eerste lid, onderdeel b en c, verlengen tot maximaal 4 jaar respectievelijk 3 jaar. Artikel 14 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking op 1 september 2025. Artikel 15 Werkingsduur en overgangsrecht Dit openstellingsbesluit vervalt op 31 december 2026 met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 16 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Tweede openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2025. Den Haag, 8 juli 2025 Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter
Toon brontekst
Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 3 maart 2026, PZH-2026-886717249 tot vaststelling van het Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls Zuid-Holland 2026 onder de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland (Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls Zuid-Holland 2026) Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland en gelet op artikel 2.2 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland; Overwegende dat het wenselijk is om recreatiemogelijkheden uit te breiden of kwalitatief te verhogen, zowel in voor recreatie bestemde gebieden als daarbuiten en deze bereikbaar te maken, waarmee dit bijdraagt aan duurzame toename van recreatieve waarde met stimulans voor inspanning en ontspanning; Overwegende dat het wenselijk is om gastvrij en beleefbaar water te stimuleren, te werken aan een slim, aantrekkelijk en veilig waternetwerk van hoge kwaliteit en te werken aan een goede balans tussen waterrecreatie en natuur en milieu; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2026 Artikel 1 Begripsbepalingen In aanvulling op artikel 1.1 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland wordt in dit openstellingsbesluit verstaan onder: - gebied: binnen de provincie gelegen grond, die als voor eenieder, binnen reguliere openingstijden, kosteloos toegankelijk recreatie- of natuurgebied is ingericht, inclusief stedelijk groen; - onderneming: iedere entiteit, ongeacht haar rechtsvorm, die goederen of diensten op een markt aanbiedt waarop sprake is van concurrentie; - stad-land-verbinding: wandel- of fietsverbinding van een stadscentrum of woongebied met een groengebied of een routestructuur in het buitengebied; - waterrecreatie: alle vormen van recreatie op, aan en in het water. Artikel 2 Subsidiabele activiteiten 1.. Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten in de provincie Zuid-Holland die gericht zijn op: - het aantrekkelijk of aantrekkelijker maken van gebieden voor inspannen en ontspannen; - het realiseren of verbeteren van een stad-land-verbinding; - het verbeteren van routes en routestructuren; - het verbeteren van toegankelijkheid en beleefbaarheid van een recreatievoorziening of gebied; - het oplossen van een knelpunt door de toegenomen recreatiedrukte weg te nemen in een gebied; - het stimuleren van spreiding van recreanten in een gebied; - het voorkomen van negatieve effecten van recreatie door middel van voorlichting en communicatie aan de recreant; - waterrecreatie. 2.. Subsidie als bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3.. De activiteit als bedoeld in het eerste lid, draagt bij aan: - het uitbreiden en verbeteren van recreatiemogelijkheden; - het bereikbaar maken van voor recreatie bestemde gebieden; - een betere benutting en vergroting van de potentie van waterrecreatie. Artikel 3 Doelgroep Subsidie op grond van dit openstellingsbesluit kan uitsluitend worden aangevraagd door publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen en ondernemingen zonder rechtspersoonlijkheid. Artikel 4 Subsidievereisten 1.. Om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: - beheer en onderhoud is voor minimaal zeven jaar geborgd, tenzij het een activiteit als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, betreft waarbij geen fysiek product wordt opgeleverd; - het gebied waar de activiteit plaatsvindt en de activiteit zijn voor eenieder, binnen reguliere openingstijden, kosteloos toegankelijk, tenzij het een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, betreft waarbij geen fysiek product wordt opgeleverd. 2.. Onverminderd het eerste lid wordt, om voor subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, in aanmerking te komen, voldaan aan de volgende vereisten: - de activiteit draagt bij aan één of meer van de volgende speerpunten:Gastvrij en Beleefbaar water;Smart Waternetwerk;Groene Waterrecreatie. - de activiteit heeft een regionale meerwaarde voor het vaarnetwerk; - de activiteit komt in overwegende mate ten goede aan het maatschappelijk belang; - het resultaat van de activiteit is een fysiek of concreet product. Artikel 5 Weigeringsgronden In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt de subsidie geweigerd als: - de aanvraag alleen betrekking heeft op proces- en ontwerpkosten; - de activiteit niet uitvoerbaar is vanwege praktische belemmeringen; - de aanvrager niet de eigenaar of erfpachter van het terrein, waarop de werkzaamheden plaatsvinden, is, of bij de aanvraag voor subsidieverlening een machtiging van de eigenaar of erfpachter ontbreekt; - voor dezelfde activiteit op grond van een andere provinciale regeling of ander openstellingsbesluit van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland subsidie is aangevraagd of verstrekt; - de activiteit op provinciale grond wordt uitgevoerd; - de activiteit op het terrein van een vakantiepark of camping wordt uitgevoerd; - de activiteit betrekking heeft op het verbeteren van de waterkwaliteit; - de activiteit blijkens de begroting reeds geheel uit eigen of andere middelen is of wordt gefinancierd; - de activiteit betrekking heeft op de organisatie of uitvoering van één of meerdaagse evenementen op of langs het water; - de activiteit uitgevoerd wordt ten behoeve van vervoer over water met als hoofddoel woon-werk vervoer; - een onderneming niet voldoet aan de De-minimisverordening. Artikel 6 Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv, worden subsidieaanvragen ingediend van 16 maart tot en met 30 oktober 2026. Artikel 7 Deelplafond 1.. Gedeputeerde staten stellen het deelplafond voor de periode, genoemd in artikel 7, vast op € 3.500.000,-. 2.. Het deelplafond wordt als volgt verdeeld: - maximaal € 3.250.000,- is beschikbaar voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g; - maximaal € 250.000,- is beschikbaar voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h. Artikel 8 Subsidiehoogte 1.. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g, bedraagt: - voor stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 450.000,-; - voor ondernemingen en overheden ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 450.000,-. 2.. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, bedraagt: - voor stichtingen en verenigingen zonder winstoogmerk ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 50.000,-; - voor ondernemingen en overheden ten hoogste 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 50.000,-. 3.. Indien de subsidie minder dan € 10.000,- bedraagt, wordt de subsidie niet verstrekt. Artikel 9 Verdelingswijze 1.. Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvragen. 2.. Als een subsidieaanvraag nog niet volledig is, geldt als datum van binnenkomst de dag waarop de subsidieaanvraag aangevuld en gecompleteerd is als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht. 3.. Wordt het deelplafond op enige dag overschreden, dan wordt de volgorde van binnenkomst van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen bepaald door middel van loting, waarbij: - de eerst getrokken aanvraag als hoogste wordt gerangschikt; - de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst in aanmerking komt voor subsidie; - subsidie wordt verdeeld over opeenvolgende aanvragen die verleend kunnen worden. Artikel 10 Subsidiabele kosten In aanvulling op artikel 1.2 van de Subsidieregeling recreatie, toerisme, sport en gezondheid Zuid-Holland komen voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie de volgende kosten voor subsidie in aanmerking: - onderzoekskosten die noodzakelijk zijn voor realisatie van een concreet fysiek eindresultaat binnen het project; - proces- en ontwerpkosten; - de kosten van de fysieke investering; - de kosten van de voorlichting of communicatie; - personeelskosten tot maximaal € 120,00 per uur exclusief BTW. Artikel 11 Niet-subsidiabele kosten In aanvulling op artikel 2.5 van de Asv en in afwijking van artikel 10 komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking: - kosten voor achterstallig onderhoud; - kosten voor beheer en onderhoud; - kosten voor recreant-werende maatregelen; - kosten voor marketing en promotie; - kosten voor exploitatie; - kosten voor haalbaarheidsstudies. Artikel 12 Opschortende voorwaarde Als voor de realisatie van een activiteit een vergunning, in- of toestemming nodig is dan wordt de subsidie verstrekt onder de opschortende voorwaarde van de verkrijging hiervan. Artikel 13 Verplichtingen van de subsidieontvanger 1.. In aanvulling op het bepaalde in de artikelen 3.1 tot en met 3.5 en 6.2 van de Asv heeft de subsidieontvanger in ieder geval de volgende verplichtingen: - de activiteiten starten binnen 9 maanden na bekendmaking van de subsidieverleningsbeschikking; - de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a tot en met g, worden binnen 3 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking gerealiseerd; - de activiteiten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel h, worden binnen 2 jaar na dagtekening van de subsidieverleningsbeschikking gerealiseerd 2.. In afwijking van het eerste lid geldt, indien de subsidie wordt vastgesteld zonder voorafgaande subsidieverleningsbeschikking, de dagtekening van de subsidievaststellingsbeschikking. 3.. Gedeputeerde staten kunnen op verzoek van de subsidieontvanger de termijnen, genoemd het eerste lid, onderdeel b en c, verlengen tot maximaal 4 jaar respectievelijk 3 jaar. Artikel 14 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin het besluit wordt geplaatst. Artikel 15 Werkingsduur en overgangsrecht Dit openstellingsbesluit vervalt op 31 december 2027 met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 16 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2026. Den Haag, 3 maart 2026 Gedeputeerde staten van Zuid-Holland drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris M.E. van Leeuwen, plv. voorzitter Toelichting behorende bij het Openstellingsbesluit subsidie kwaliteitsimpuls recreatie Zuid-Holland 2026 I. Algemeen Zuid-Holland wil een aantrekkelijke, gezonde, veilige en concurrerende provincie zijn waar mensen, zowel bewoners, forensen als toeristen, met plezier wonen, werken en recreëren. Graslanden, water, bomen, bossen, strand en duinen vormen het decor voor recreatie in Zuid-Holland. Een kwaliteitsimpuls in de beleving van het groen zelf en/of de recreatieve voorzieningen (denk aan voorzieningen als speelplaatsen, speelbossen, bootcamp, hindernisbanen of trimroutes) kan bijdragen aan een meer aantrekkelijk en beweegvriendelijk leefomgeving. Het doel van dit openstellingsbesluit is om projecten te ondersteunen waarmee de kwaliteit en kwantiteit van recreatiemogelijkheden wordt verhoogd. Dit sluit aan bij de ontwikkeling waarbij inwoners meer naar buitengaan om te bewegen en te sporten. Hierdoor neemt de druk op deze groengebieden toe. De huidige voorzieningen in de gebieden zijn niet overal toereikend om deze stroom recreanten op te vangen. Hierbij is van belang dat recreatiemogelijkheden lopend of fietsend vanuit huis goed bereikbaar zijn, waardoor parkeeroverlast en files naar groengebieden worden verminderd. Dit kan zorgen voor een duurzame toename van de recreatieve waarde. Deze kwaliteitsimpuls is een uitwerking van het Recreatieperspectief Zuid-Holland 2030. Het Recreatieperspectief Zuid-Holland 2030 vormt de basis voor het […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.