Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland
Gedeputeerde staten van Zuid-Holland
Voor winkeliers- en ondernemersverenigingen, stichtingen, stichtingen BIZ, ondernemersfondsenen gemeenten die planvormingsprojecten uitvoeren in winkel- en centrumgebieden in Zuid-Holland.
Ook bekend als Planvorming detailhandel ZH
Waar is deze subsidie voor?
Provinciale subsidieregeling voor planvormingsprojecten in winkel- en centrumgebieden in Zuid-Holland. Gericht op winkeliers- en ondernemersverenigingen, stichtingen, BIZ-stichtingen, ondernemersfondsenen gemeenten. Maximale subsidie € 24.999.
Voor wie is het bedoeld?
Voor winkeliers- en ondernemersverenigingen, stichtingen, stichtingen BIZ, ondernemersfondsenen gemeenten die planvormingsprojecten uitvoeren in winkel- en centrumgebieden in Zuid-Holland.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor haalbaarheidsonderzoek in een winkelgebied
- Financiering van een businesscase voor centrumrevitalisering
- Steun voor quickscan van knelpunten in een centrumgebied
- Subsidie voor gebieds- of centrummanager in Zuid-Holland
Voorwaarden
- Activiteit moet betrekking hebben op winkel- of centrumgebied in Zuid-Holland aangewezen als te consolideren, te herpositioneren, te optimaliseren of overig centrum
- Winkel- of centrumgebied moet uit minimaal 5 winkels bestaan
- Offerte van derden voor inhuur vereist
- Activiteit moet binnen 13 weken na subsidieverlening in uitvoering zijn
- Voldoende steun nodig: commitmentbrief gemeente en vijf commitmentbrieven van winkeliers/ondernemers (of omgekeerd bij aanvraag door gemeente)
- Subsidiabele kosten zijn uitsluitend kosten van externe deskundige
- Minimaal aanvraagbedrag € 1.000
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- 1 jan 2027
- Budget
- € 300k
- Verdeling
- Wie het eerst komt
- Start
- 1 apr 2026
- Sluit
- 31 dec 2026
- Budget
- -
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
“50% van de subsidiabele kosten voor zover deze meer bedragen dan € 10.000,00, tot een maximum van in totaal € 24.999-”
Toon brontekst
Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 10 maart 2026, PZH-2026-886651457, tot openstelling van de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland (Openstellingsbesluit 2026 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland) Gedeputeerde staten Zuid-Holland, Gelet op artikel 1.3, vierde lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland en gelet op artikel 2.3 van de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland; Overwegende dat de provincie het in stand houden en verhogen van de kwaliteit en verbeteren van het functioneren van winkel- en centrumgebieden wil stimuleren; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Openstellingsbesluit 2026 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Artikel 1 Aanvraagperiode In afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv, worden subsidieaanvragen ingediend van 1 april 2026 tot en met 31 december 2026. Artikel 2 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin dit besluit wordt bekendgemaakt. Artikel 3 Werkingsduur Dit besluit vervalt op 1 januari 2027, met dien verstande dat dit besluit van kracht blijft voor subsidies die voor die datum zijn aangevraagd. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit 2026 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland. Den Haag, 10 maart 2026, Gedeputeerde staten van Zuid-Holland, drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter
Toon brontekst
Openstellingsbesluit 2024 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Gedeputeerde staten van de Provincie Zuid-Holland, Gelet op artikel 2.3, eerste lid, van de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland; Besluiten vast te stellen het: Openstellingsbesluit 2024 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Artikel 1 Aanvraagperiode Subsidie als bedoeld in paragraaf 2 van de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland, kan worden aangevraagd van 1 maart 2024 tot en met 31 december 2024. Artikel 2 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin dit besluit wordt geplaatst. Artikel 3 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit 2024 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland. Den Haag, 13 februari 2024, Gedeputeerde staten van Zuid-Holland Secretaris, drs. M.J.A. van Bijnen MBA Voorzitter, drs J. Smit
Toon brontekst
Besluit van gedeputeerde staten van Zuid-Holland van 10 maart 2026, PZH-2026-886651457, tot vaststelling van het subsidieplafond voor 2026 voor de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland (Besluit subsidieplafond 2026 van de subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland) Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op de artikelen 4:25, eerste lid, en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1.4, eerste lid, van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; Besluiten vast te stellen het volgende besluit: Besluit subsidieplafond 2026 citeertitel Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Artikel 1 Hoogte subsidieplafond Het subsidieplafond voor 2026 voor de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland bedraagt € 300.000,-. Artikel 2 Wijze van verdeling Het subsidieplafond wordt over de aanvragen verdeeld op volgorde van datum van binnenkomst. Als een subsidieaanvraag niet volledig is, geldt zoals bepaald in artikel 2.8 van de Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland de datum van binnenkomst de dag waarop de subsidieaanvraag is aangevuld als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht. Op de dag dat verlening van subsidie voor gelijktijdig binnengekomen subsidieaanvragen zou leiden tot overschrijding van het subsidieplafond, wordt de subsidie verdeeld op basis van loting. Artikel 3 Inwerkingtreding en werkingsduur Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad waarin dit besluit wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2027. Artikel 4 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit subsidieplafond 2026 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland. Den Haag, 10 maart 2026. Gedeputeerde staten van Zuid-Holland, drs. M.J.A. van Bijnen MBA, secretaris mr. A.W. Kolff, voorzitter
Toon brontekst
Direct naar contentDirect zoeken Berichten over uw Buurt Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving Rondom uw woonadres Rondom een zelfgekozen adres Dienstverlening Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies. Naar dienstverlening Beleid & regelgeving Officiële publicaties van de overheid. Naar beleid & regelgeving Contactgegevens overheden Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties. Naar overheidsorganisaties U bent hier: Lokale wet- en regelgeving Uitgebreid zoeken Regeling Wetstechnische informatie Regeling tekst Inhoudsopgave Intitule Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen Paragraaf 2. Te consolideren, te herpositioneren, te optimaliseren en overige centra Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten Artikel 2.2 Doelgroep Artikel 2.3 Openstellingsbesluiten Artikel 2.4 Weigeringsgronden Artikel 2.5 Subsidievereisten Artikel 2.6 Subsidiabele kosten Artikel 2.6a Niet-subsidiabele kosten Artikel 2.7 Subsidiehoogte Artikel 2.8 Rangschikking Artikel 2.9 Verplichtingen van de subsidieontvanger Artikel 2.10 Verantwoording Paragraaf 3. Slotbepalingen Artikel 3.1 Inwerkingtreding Artikel 3.2 Werkingsduur en overgangsrecht Artikel 3.3 Citeertitel Ondertekening Permalink Printen Permanente link Naar de actuele versie van de regeling https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR609122 Naar de door u bekeken versie https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR609122/7 sluiten Regeling vervalt per 01-01-2028 Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Geldend van 28-03-2025 t/m 31-12-2027 Intitulé Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Gedeputeerde staten van Zuid-Holland; Gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Zuid-Holland 2013; Overwegende dat de provincie het in stand houden en verhogen van de kwaliteit en verbeteren van het functioneren van winkel- en centrumgebieden wil stimuleren; Besluiten vast te stellen de volgende regeling: Subsidieregeling planvorming detailhandel Zuid-Holland Paragraaf 1. Algemene bepalingen Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: - Asv: Algemene subsidieverordening Zuid-Holland; - businesscase: stuk waarin de financiële afweging om een project te beginnen beschreven wordt; - centrumgebied: veelal centraal gelegen en goed bereikbaar gebied in een stad of dorp waar naast een concentratie van detailhandelsvoorzieningen in veel gevallen ook andere commerciële en niet-commerciële voorzieningen zoals dienstverlening, horeca en cultuur aanwezig zijn; - centrumvisie: beschreven ambitie en toekomstbeeld op de (ruimtelijke) ontwikkeling van een winkel- of centrumgebied; - commitmentbrief: brief van een winkelier, ondernemer, winkeliers- of ondernemersvereniging, stichting of gemeente waaruit blijkt dat deze achter de activiteit staat waarvoor subsidie op grond van deze regeling wordt aangevraagd; - detailhandelsstructuurvisie: samenhangend (ruimtelijk) toekomstbeeld op de gewenste detailhandelsstructuur; - gebieds- of centrummanager: degene die in opdracht van de subsidieontvanger mogelijkheden onderzoekt voor het oplossen van knelpunten in een winkel- en/of centrumgebied, die kansen voor dat gebied inventariseert en die naar aanleiding van zijn bevindingen rapporteert aan de subsidieontvanger en aanbevelingen geeft en tot wiens professie deze werkzaamheden behoren; - haalbaarheidsonderzoek: onderzoek waarin scenario’s of opties met betrekking tot de gestelde eisen en het gedefinieerde eindresultaat van een project worden onderzocht en waaruit blijkt of die eisen en het eindresultaat al dan niet te verwezenlijken zijn alsmede een conclusie ten aanzien van het al dan niet starten van een project; - Omgevingsbeleid: provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving bestaande uit de Omgevingsvisie Zuid-Holland, het Omgevingsprogramma Zuid-Holland en de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening; - ondernemer: degene die zelfstandig werkzaamheden uitvoert en daar inkomsten uit heeft en ingeschreven is bij de Kamer van Koophandel, dan wel de eigenaar van het vastgoed van waaruit voornoemd persoon zijn onderneming drijft; - ondernemersfonds: stichting als bedoeld in artikel 285 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of vereniging als bedoeld in artikel 27 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek die de gezamenlijke belangen van winkeliers en ondernemers in een of meerdere winkel- of centrumgebieden behartigt; - planvormingsproject: activiteiten die leiden tot een businesscase, quickscan, haalbaarheidsonderzoek of inventarisatie; - quickscan: inventarisatie van probleem- en kwaliteitssituatie, knelpunten en oplossingsrichtingen; - stichting: stichting als bedoeld in artikel 285 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek die de gezamenlijke belangen van winkeliers en ondernemers in een of meerdere winkel- of centrumgebieden behartigt; - stichting BIZ: stichting als bedoeld in artikel 285 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek jo. artikel 7 van de Wet op de bedrijveninvesteringszones; - uitvoeringsproject: activiteiten die leiden tot de uitvoering van een businesscase, quickscan, haalbaarheidsonderzoek of inventarisatie; - winkelgebied: ruimtelijke concentratie van winkels, mogelijk onderdeel uitmakend van een centrumgebied; - winkeliers- of ondernemersvereniging: vereniging, als bedoeld in artikel 27 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, van winkeliers en ondernemers die de gemeenschappelijke belangen van winkeliers en ondernemers in één of meer winkel- of centrumgebieden behartigt. Paragraaf 2. Te consolideren, te herpositioneren, te optimaliseren en overige centra Artikel 2.1 Subsidiabele activiteiten 1. Subsidie kan worden verstrekt voor één of meer van de volgende activiteiten: a. het uitvoeren van een onderzoek of het opstellen van een plan of programma gericht op: 1° het oprichten of verder ontwikkelen van een winkeliers- of ondernemersvereniging; of 2° het verbeteren van de onderlinge samenwerking tussen betrokken actoren van een winkel- of centrumgebied; b. het uitvoeren van een oriënterend vooronderzoek, gericht op het doen van een in voldoende mate ondersteund verzoek aan een gemeente tot het vaststellen van een verordening als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de bedrijveninvesteringszones; c. een planvormingsproject ten behoeve van de kwaliteit en het functioneren van een winkel- of centrumgebied gericht op: 1° het compacter maken van een winkel- of centrumgebied; 2° het saneren van buiten een winkelgebied verspreid liggend winkelaanbod; 3° het saneren van detailhandel, of 4° de vergroening of het klimaat-adaptief maken van een winkel-of centrumgebied. d. een planvormingsproject door een gebieds- of centrummanager of daartoe gespecialiseerd adviesbureau op het gebied van ruimtelijke kwaliteit en ruimtelijk functioneren; e. een planvormingsproject door een gebieds- of centrummanager of daartoe gespecialiseerd adviesbureau in de vorm van een centrumvisie of een detailhandelsstructuurvisie. f. een uitvoeringsproject ten behoeve van de kwaliteit en het functioneren van een winkel- of centrumgebied door het: 1° compacter maken van een winkelgebied; 2° saneren van buiten een winkelgebied verspreid liggend winkelaanbod; of 3° saneren van detailhandel; g. een uitvoeringsproject door een gebieds- of centrummanager of daartoe gespecialiseerd adviesbureau op het gebied van ruimtelijke kwaliteit en ruimtelijk functioneren. 2. Subsidie als bedoeld in het eerste lid wordt verstrekt in de vorm van een projectsubsidie. 3. De activiteiten, bedoeld in het eerste lid, leiden tot het in stand houden en verhogen van de kwaliteit en het beter functioneren van winkel- en centrumgebieden in de provincie Zuid-Holland. Artikel 2.2 Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan: a. een winkeliers- of ondernemersvereniging; b. een stichting; c. een stichting BIZ. d. een ondernemersfonds, of e. een gemeente. Artikel 2.3 Openstellingsbesluiten 1. Gedeputeerde staten stellen nadere regels in de vorm van openstellingsbesluiten vast voor de activiteiten, bedoeld in artikel 2.1; 2. GIn afwijking van artikel 2.3, eerste lid, van de Asv, wordt een aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling ingediend binnen de periode genoemd in het openstellingsbesluit. Artikel 2.4 Weigeringsgronden In aanvulling op artikel 2.6 van de Asv wordt subsidie als bedoeld in artikel 2.1 geweigerd voor zover: a. ten behoeve van het winkel- of centrumgebied waarop de aanvraag betrekking heeft, reeds een subsidie op grond van een in dezelfde aanvraagperiode ingediende aanvraag op grond van deze regeling is verstrekt; b. ten behoeve van het winkel- of centrumgebied waarop de aanvraag betrekking heeft, voor een gelijke subsidiabele activiteit in de drie jaren voorafgaand aan de aanvraag reeds subsidie op grond van deze regeling is verstrekt; c. een planvormingsproject of een uitvoeringsproject betrekking heeft op de toevoeging van 25 of meer woningen; d. het aangevraagde subsidiebedrag minder dan € 1.000,00 bedraagt. Artikel 2.5 Subsidievereisten 1. Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten: a. de activiteit heeft betrekking op een winkel- of centrumgebied dat is gelegen in de provincie Zuid-Holland en dat in het Omgevingsbeleid is aangewezen als te consolideren centrum, te herpositioneren centrum , te optimaliseren centrum of als overig centrum; b. het in onderdeel a genoemde winkel- of centrumgebied bestaat uit ten minste 5 winkels; c. uit een offerte voor de inhuur van derden blijkt dat deze betrekking heeft op het verrichten van een in artikel 2.1, eerste lid, genoemde activiteit; d. de activiteit kan binnen 13 weken na de datum van subsidieverlening in uitvoering zijn; e. er is voldoende steun voor de subsidiabele activiteit, blijkend uit: 1° als de subsidie wordt aangevraagd door een winkeliers- of ondernemersvereniging, een stichting, een stichting-BIZ of een ondernemersfonds: een commitmentbrief van de gemeente waarin het winkel- of centrumgebied, ten behoeve waarvan de subsidie wordt aangevraagd, ligt en vijf commitmentbrieven van in het winkel- of centrumgebied gevestigde winkeliers of ondernemers die niet in het bestuur van voornoemde winkeliers- of ondernemersvereniging, stichting, stichting-BIZ of ondernemersfonds zetelen; of 2° als de subsidie aangevraagd wordt door de gemeente waarin het winkel- of centrumgebied ligt: een commitmentbrief van de winkeliers- of ondernemersvereniging, stichting, stichting-BIZ of het ondernemersfonds en vijf commitmentbrieven van winkeliers of ondernemers die in het winkel- of centrumgebied, ten behoeve waarvan de subsidie wordt aangevraagd, zijn gevestigd en die niet in het bestuur van voornoemde winkeliers- of ondernemersvereniging, stichting, stichting-BIZ of ondernemersfonds zetelen. 2. Indien winkeliers of ondernemers met meerdere ondernemingen in een gebied zijn gevestigd of tussen meerdere in een gebied gevestigde winkels of ondernemingen van verschillende winkeliers of ondernemers een economische dan wel organisatorische samenhang bestaat, wordt maximaal één, al dan niet gezamenlijke, commitmentbrief van deze winkeliers of ondernemers betrokken in de berekening van het aantal benodigde commitmentbrieven als bepaald in het eerste lid, onderdeel e. Artikel 2.6 Subsidiabele kosten Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de kosten van een extern deskundige voor de te verrichten subsidiabele activiteiten in aanmerking voor subsidie. Artikel 2.6a Niet-subsidiabele kosten In aanvulling op artikel 2.5 van de ASV en in afwijking van artikel 9 komen de kosten die de subsidieontvanger zelf maakt, waaronder de door hemzelf gemaakte uren voor de subsidiabele activiteiten, in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking. Artikel 2.7 Subsidiehoogte 1. De hoogte van de subsidie bedraagt: a. 75% van de subsidiabele kosten voor zover deze niet meer bedragen dan € 10.000,00; en b. 50% van de subsidiabele kosten voor zover deze meer bedragen dan € 10.000,00, tot een maximum van in totaal € 24.999-. 2. Indien toe […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.