Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Voorne aan Zee
Gemeente Voorne aan Zee
Opvangorganisaties die peuteropvang en/of voor- en vroegschoolse educatie aanbieden in Voorne aan Zee; peuters van 2 jaar en 3 maanden tot 4 jaar (doelgroeppeuters met VVE-indicatie of zonder).
Ook bekend als VVE-subsidie Voorne aan Zee, Peuteropvang Voorne aan Zee
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieverordening voor peuteropvang en voor- en vroegschoolse educatie (VVE) in gemeente Voorne aan Zee. Subsidies voor opvangorganisaties voor reguliere kinderopvang en VVE-aanbod voor peuters van 2 jaar en 3 maanden tot 4 jaar, met differentiatie naar gezinsinkomen en recht op kinderopvangtoeslag.
Voor wie is het bedoeld?
Opvangorganisaties die peuteropvang en/of voor- en vroegschoolse educatie aanbieden in Voorne aan Zee; peuters van 2 jaar en 3 maanden tot 4 jaar (doelgroeppeuters met VVE-indicatie of zonder).
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor reguliere peuteropvang (max. 8 uur/week, 320 uur/jaar)
- Subsidie aanvragen voor VVE-aanbod (640-650 uur/jaar)
- Inkomensafhankelijke ouderbijdrage bepalen
- Subsidie voor peuters van niet-toeslagouders en toeslagouders
Voorwaarden
- Opvangorganisatie moet geregistreerd zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Peuters moeten tussen 2 jaar en 3 maanden en 4 jaar oud zijn
- Voor VVE-aanbod is een VVE-indicatie van jeugdgezondheidszorg vereist
- Reguliere kinderopvang: maximaal 8 uur per week, 320 uur per jaar
- VVE-aanbod: minimaal 640 en maximaal 650 uur per jaar
- Aanvraag moet voor 10 oktober van het voorafgaande jaar ingediend worden
- Ouders betalen inkomensafhankelijke ouderbijdrage (eerste 50% VVE)
- Gemeente subsidieert verschil tussen ouderbijdrage en normtarief/fiscaal maximum
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- 1 jan 2026
- Sluit
- 10 okt 2026
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Voorne aan Zee 2025 - 2026 Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen Artikel 1 Begripsomschrijvingen - College: het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Voorne aan Zee; - Doelgroeppeuters: peuters van 2 jaar en drie maanden tot 4 jaar die in aanmerking komen voor VVE op grond van de, door het college, vastgestelde criteria in de doelgroepdefinitie. - Indicatie VVE: een door de arts van de jeugdgezondheidszorg afgegeven verklaring aan ouder(s) waaruit blijkt dat deelname aan voor- en vroegschoolse educatie (VVE) geïndiceerd is. - Inkomensverklaring: een officiële verklaring van bijvoorbeeld de Belastingdienst met daarin inkomensvergegevens over een bepaald belastingjaar. - Kinderopvang: opvang opgenomen in het LRK volgens de vereisten van de Wet Kinderopvang; - KOT (Kinderopvangtoeslag): de tegemoetkoming van het Rijk (via de belastingdienst) aan ouders bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor de kinderopvang. - LRK: Landelijk Register Kinderopvang op grond van artikel 1.47b, eerste lid van de - Wet kinderopvang met gegevens van alle geregistreerde kinderopvangvoorzieningen. - Opvangvoorziening: voorziening waar VE-peuteropvang aangeboden wordt in halve of hele dagen, niet zijndezijnde gastouderopvang of buitenschoolse opvang. - Ouder(s): ouder(s) of verzorger(s) in de zin van de Wet kinderopvang. - Ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen oor de afname van opvang in de peuterperiode. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald door de opvangvoorziening. - Ouderverklaring geen recht op kinderopvangtoeslag: een verklaring van ouders waarin staat dat ze geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, zoals bedoeld in art. 1.1 van de wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzaalwerk. - Peuteropvang: een opvang, die valt binnen de definitie van de kinderopvang met een aanbod van voorschoolse opvang voor kinderen vanaf 2 jaar en drie maanden tot 4 jaar, bestaande uit 2-5 dagdelen van maximaal 4 uur per dag, met een maximum van 320 uur reguliere opvang per jaar. - SMI: sociaal medische indicatie. Dit is een tijdelijke tegemoetkoming om gezinnen, zonder kinderopvangtoeslag, bij medische problemen te ondersteunen in de kosten voor de kinderopvang. - Voorschoolsce voorzieningen: een opvanglocatie voor kinderen van 0 tot 4 jaar. - VVE: Voor- en Vroegschoolse Educatie; een integraal programma voorschoolse educatie, waarin op gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling van peuters van 2 jaar en drie maanden tot 4 jaar wordt gestimuleerd om met succes in te stromen in het basisonderwijs. - VVE-aanbod: Het aanbod is 960 uur over anderhalf jaar per doelgroeppeuter in de leeftijdsperiode 2½ tot 4 jaar. Het komt neer op maximaal 650 uur per jaar. Hierbij mag maximal 6 uur per dag VE meetellen voor deze urennorm. Waar nodig worden de uren gevarieerd naar leeftijd aangeboden. Peuters van 2 jaar en 3 maanden tot 2½ jaar mogen ook deelnemen aan de VE, maar die uren tellen niet mee in de urennorm van totaal 960 uur. De bekostiging valt wel onder deze subsidieverordening. - VVE-methodiek: een programma waarin, aantoonbaar en positief beoordeeld door de GGD, systematisch en samenhangend wordt gewerkt aan de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek, en de sociaal-emotionele ontwikkeling. - Toeslagouder(s): ouder(s) die recht heeft/hebben op de kinderopvangtoeslag van de rijksoverheid. - Niet-toeslagouder(s): ouder(s) die geen recht heeft/hebben op de kinderopvangtoeslag van het Rijk. - Normtarief: een door de gemeente te bepalen beoogde opbrengst per uur peuteropvang, ook wel de subsidienormprijs genoemd. Het werkelijke uurtarief van de aanbieder kan hiervan afwijken. - Wet IKK: Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang. Hoofdstuk 2. Doelstellingen Artikel 2 Algemene subsidieverordening De voorliggende subsidieverordening is opgesteld voor (kinder)opvangorganisaties die voorschoolse educatie of die kortdurende reguliere kinderopvang aanbieden. Dit is een aanvulling op de Algemene subsidieverordening (Asv) van de gemeente. Artikel 3 Doelstelling, doelgroep en toepassingsbereik De doelgroep voor deze subsidieregeling zijn peuters van 2 jaar en 3 maanden tot 4 jaar oud, woonachtig in de gemeente Voorne aan Zee. Subsidie hiervoor wordt aangevraagd door de VE-aanbieders met locaties in de gemeente Voorne aan Zee. Deze subsidieverordening heeft tot doel: - Het financieel toegankelijk maken van voorschoolse educatie bij de peuteropvang in gemeente Voorne aan Zee voor peuters in de leeftijd van 2 jaar en 3 maanden tot 4 jaar. - Het toekennen van subsidies voor voorschoolse educatie aan gecertificeerde voorschoolse voorzieningen. - Ouders stimuleren om hun kind een gecertificeerde voorschoolse voorziening te laten bezoeken en te laten deelnemen aan de voorschoolse educatie. Artikel 4 Gemeentelijke doelstellingen voor het verstrekken van subsidie aan voorscholen De activiteiten moeten een bijdrage leveren aan één of meerdere van onderstaande doelstellingen: - Peuters met een VVE-indicatie volgen voorschoolse educatie, dat voldoet aan het ‘Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie’; - Gestreefd wordt naar voldoende opvangaanbod voor peuters (met en zonder VVE-indicatie) en naar een groot bereik en intensieve toeleiding van peuters naar een voorschoolse voorziening; - Het voorkomen, vroegtijdig opsporen en aanpakken van taal- en onderwijsachterstanden bij peuters; - De ontwikkeling van doelgroeppeuters wordt op een gestructureerde en samenhangende wijze gestimuleerd op het gebied van spraak, taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling. Hierdoor wordt de kans vergroot op een start in het basisonderwijs zonder achterstanden. Een goede aansluiting van de voorschool op de basisschool is een voorwaarde om dit te kunnen bereiken. Hoofdstuk 3. Subsidiemogelijkheden Artikel 5 Subsidie voor deelname peuters 1.. Het college kan subsidie verstrekken aan een opvangorganisatie voor: - Reguliere kinderopvang van max. 8 uur per week voor een peuter van niet-toeslagouders (zonder KOT). Er geldt een maximum per kind van 320 uur per jaar voor deze peuters zonder VVE-indicatie; - VVE-kinderopvang (van maximaal 6 uur per dag) voor een peuter van niet-toeslagouders. Er geldt een maximum per kind van 975 uur in de leeftijd van 2½-4 jaar voor geïndiceerde peuters; - VVE-kinderopvang (van maximum 6 uur per dag) voor een peuter van toeslagouders (met KOT). Er geldt een maximum per kind van 975 uur in de leeftijd van 2½-4 jaar voor geïndiceerde peuters. 2.. De verleende subsidie kan, bij uitzondering, deels ingezet worden om de peuter na de vierde verjaardag langer op de VVE-kinderopvang te laten verblijven. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden: - Er is sprake van een speciale zorgbehoefte, onderbouwd door een zorgprofessional, waardoor het kind nog niet kan starten op het primair onderwijs; - De mogelijkheid voor de inzet van een Sociaal Medische Indicatie (smi) wordt in kaart gebracht; - De VVE-peuteropvang maakt samen met de ouders, de school en andere betrokken professionals een plan voor het kind; - De gemeente wordt betrokken bij het toepassen van deze uitzondering, waarbij rekening gehouden wordt met het beschikbare budget. Artikel 6 Subsidie voor pedagogisch coach voor VVE-kinderopvang Het college kan subsidie verstrekken ten behoeve van certificering van medewerers en de inzet van de VE-coach of pedagogische beleidsmedewerker op de VE-groep, conform het ‘Besluit bassisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie’. Hiervoor gelden de volgende uitganspunten: - Doel: het verhogen van de kwaliteit van het aanbod van voorschoolse educatie. - Norm: inzet pedagogisch beleidsmedewerker voor 10 uur per doelgroeppeuter per locatie per jaar. - Bedrag: per kind met VVE-indicatie geldt een toeslag van € 500,- op jaarbasis voor de inzet van de coach/perdagogisch beleidsmedewerker. Dit is gebaseerd op de norm van 10 uur per kind per jaar. - De norm van 10 uur betreft een rekenregel. Dat betekent dat de werkzaamheden niet één op één zijn terug te brengen op 10 uur per doelgroepkind. Het totaal aantal voorgschreven uren per locatie mag naar eigen inzicht worden ingezet, zolang de inzet gericht is op kwaliteitsverbetering van beroepskrachten en het VE-aanbod waar doelgroeppeuters aan deelnemen. - Profiel: Hbo of Mbo-4 werk- en denkniveau, gelijk aan de eisen zoals gesteld in de Wet IKK en zoals ze zijn uitgewerkt in de CAO Kinderopvang. Artikel 7 Subsidie voor zorgondersteuning op de VE-groep (korte dagdelen setting) Het college kan subsidie verlenen ten behoeve van de inzet van zorgondersteuning op de VE-groep. Hiervoor gelden de volgende uitgangspunten: - Doel: verhogen van de zorgondersteuning van VE-doelgroepkinderen. - Norm: inzet voor 5 uur per peuter met VVE-indicatie per locatie per jaar (peildatum 1 jan.) - Bedrag: per kind met VVE-indicatie geldt een toeslag van € 250,- per jaar voor de inzet van de coach/ pedagogisch beleidsmedewerker op de groep. Dit is gebaseerd op de norm van 5 uur per jaar. - De norm van 5 uur betreft een rekenregel. Dat betekent dat de werkzaamheden van de pedagogisch beleidsmedewerker niet één op één zijn terug te brengen op 5 uur per doelgroepkind. Het totaal aantal vooregschreven uren per locatie mag naar eigen inzicht worden ingezet, zolang de inzet gericht is op de zorgondersteuning van doelgroeppeuters. - Profiel: Hbo of Mbo-4 werk- en denkniveau. Artikel 8 Groepssubsidie (korte dagdelen setting) Het college verleent subsidie aan een opvangorganisatie waarbij VE-groepen bestaan met doelgroeppeuters, zodat de pedagogisch medewerkers extra uren kunnen inzetten voor begeleiding van de doelgroepkinderen en hun ouders. - Doel: extra ondersteuning bieden voor groepen met (verhoudingsgewijs veel) doelgroeppeuters. - Bedrag: de maximum aan te vragen subsidie voor deze VE-groepen is € 8.000,- euro per kalenderjaar voor 4 dagdelen per week. Dit heeft ook betrekking op maatwerk en ondersteuning van VE-locaties in kleine kernen, net opstartende VE-locaties en certificering van personeel. - Aanvullend op lid b wordt een subsidie van maximaal € 5.000,- verstrekt voor 4 dagdelen van maximaal 5,5 uur per week bij meer dan 50% doelgroeppeuters in de VE-groep. - De locatie moet aantonen dat deze het hele jaar als VE-locatie geregistreerd staat in het LRK. Artikel 9 Subsidie voor VE in kinderopvangsetting (lange dagdelen) VE-kinderopvangorganisaties in een setting van lange dagdelen van meer dan 5,5 uur per dag kunnen subsidie aanvragen. Er wordt bij deze organisaties niet gewerkt met een vast aantal dagdelen waarop de doelgroepkinderen komen. Hier maken enkel ouders gebruik van mét recht op kinderopvangtoeslag. - Doel: voorschoolse voorzieningen zonder opvang in dagdelen ondersteunen bij het bieden van VE-aanbod aan doelgroeppeuters. - Bedrag: de maximaal aan te vragen subsidie voor dagdelen van meer dan 5,5 uur bedraagt € 23.500,- per staffel van acht VVE-peuters, ingeschreven op 1 januari van het subsidiejaar. Hoofdstuk 4. Subsidieverlening In art. 5, lid 1, staat benoemd voor welke peuters subsidie aangevraagd kan worden. In dit hoofdstuk wordt dit nader uitgewerkt. Artikel 10 Aanvraag subsidie reguliere kinderopvang 1.. Een opvangorganisatie dient voor 10 oktober een subsidieaanvraag in voor het (kalender)jaar daarop. 2.. Een opvangorganisatie kan subsidie aanvragen voor deelname van een peuter aan reguliere kinderopvang, bestaande uit een aantal dagdelen per week. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: - aanbod kinderopvang van maximaal 320 uur per jaar; - ouders zonder rechtop KOT van het Rijk geven de opvangorganisatie (aanbieder) inzicht in het gezamenlijk jaarinkomen. Op basis hiervan wordt de inkomensafhankelijke bijdrage door de aanbieder vastgesteld, conform de tabel ouderbijdragen van de kinderopvangtoeslag. De gemeente subsidieert het overige deel aan de aanbieder, dus het bedrag tussen de ouderbijdrage en het geldende fis […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.