Status onbekendProvincie · Subsidie

Subsidieregeling water en bodem Noord-Brabant

Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant

Voor natuurlijke personen, rechtspersonen (geen waterschappen) en samenwerkingsverbanden die projecten uitvoeren op het gebied van water en bodem in Noord-Brabant.

Ook bekend als Subsidieregeling water en bodem NB, RWP 2022-2027

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Percentage
50%
van de kosten
Budget
€ 19,4 mln
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor projecten op het gebied van water en bodem in Noord-Brabant, gefinancierd via Deltafondsmiddelen. Richt zich op maatregelen in het kader van de Kaderrichtlijn water, Deltaplan Hoge Zandgronden en natuurbeheer. Totaal budget € 19.385.158,30 voor de periode 2022-2027.

Voor wie is het bedoeld?

Voor natuurlijke personen, rechtspersonen (geen waterschappen) en samenwerkingsverbanden die projecten uitvoeren op het gebied van water en bodem in Noord-Brabant.

Natuurlijke_persoonRechtspersoonSamenwerkingsverband

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor watermaatregelen in Noord-Brabant
  • Financiering voor bodemprojecten in het Deltaplan Hoge Zandgronden gebied
  • Steun voor natuurbeheer en Kaderrichtlijn water projecten
  • Cofinanciering van water- en bodembeheer met waterschappen

Voorwaarden

  • Project moet uiterlijk op 31 december 2028 worden afgerond
  • Voor projecten a-c: waterschap moet co-financieren voor gelijk bedrag als aangevraagde subsidie
  • Voor projecten d-f: minimale subsidie € 25.000, voor projecten a-c: minimale subsidie € 125.000
  • Project moet voldoende doelmatig zijn met redelijke verhouding tussen doelbereik en kosten
  • Activiteiten moeten tenminste 10 jaar na vaststelling in stand worden gehouden
  • Geen landbouwers als aanvrager of deelnemer samenwerkingsverband
  • Geen dubbele financiering uit provinciale middelen of Deltafonds

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een natuurlijke_persoon of rechtspersoon of samenwerkingsverband
Uw rechtsvorm is: Particulier
De definitieve beoordeling ligt bij Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant.

Openstellingen en rondes

Ronde 2022-2027Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
€ 19,4 mln
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
de subsidieaanvrager overlegt voor een project als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c, een verklaring van het waterschap waaruit blijkt dat deze het project co-financiert voor een zelfde bedrag als de aangevraagde subsidie
Regeling van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant van 1 november 2022, houdende regels omtrent de verstrekking van subsidies ten behoeve van projecten op het gebied van water en bodem in de provincie Noord-Brabant (Subsidieregeling water en bodem Noord-Brabant)
  • Toon brontekst
    Regeling van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant van 1 november 2022, houdende regels omtrent de verstrekking van subsidies ten behoeve van projecten op het gebied van water en bodem in de provincie Noord-Brabant (Subsidieregeling water en bodem Noord-Brabant)
    Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,
    Gelet op artikel 2 van de Algemene subsidieverordening Noord-Brabant;
    Overwegende dat op 3 december 2021 het Regionaal Water en Bodem Programma 2022-2027 door Provinciale Staten is vastgesteld en Deltafondsmiddelen vanuit de Minister van Infrastructuur en Waterstaat ter beschikking zullen worden gesteld ter stimulering van het nemen van maatregelen in het kader van de tweede fase van het Deltaprogramma zoetwater;
    Overwegende dat Gedeputeerde Staten deze middelen willen inzetten om maatregelen te stimuleren die bijdragen aan de doelstellingen van genoemde programma’s en daartoe een nieuwe subsidieregeling wensen vast te stellen;
    Besluiten vast te stellen de volgende regeling:
    
    § 1 Projecten ten behoeve van Kaderrichtlijn water en Deltaplan Hoge Zandgronden
    
    Artikel 1.1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    ambitiekaart: kaart als bedoeld in artikel 1.2, derde lid, van de Subsidieregeling natuur- en landschapsbeheer Noord-Brabant 2016;
    DAEB-vrijstellingsbesluit: Besluit 2012/21/EU van de Europese Commissie betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen, PbEU 2012, L7;
    Deltafonds: fonds als bedoeld in artikel 7.22a van de Waterwet;
    Deltaplan Hoge Zandgronden (DHZ): regionale uitwerking van het Deltaprogramma Zoetwater voor de zandgronden in Zuid-Nederland met als doel de zandgronden in Noord-Brabant weerbaar te maken tegen watertekort;
    DHZ-gebied: gebied als aangegeven op de kaart DHZ, opgenomen als bijlage 2 behorende bij deze regeling;
    KRW: Kaderrichtlijn water, zijnde richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid, PB EU L 327/1;
    landbouwer: natuurlijk persoon of rechtspersoon die producten van de bodem en van de veehouderij als bedoeld in bijlage I van het Verdrag betreffende de werking van de EU, produceert, fokt of teelt;
    medeoverheid: overheid als bedoeld in artikel 1, onder b, van de Regeling informatieverstrekking sisa;
    natte natuurparel: hydrologisch gevoelig gebied, dat vanwege specifieke omstandigheden van bodem en water hoge natuurwaarden vertegenwoordigt als opgenomen en begrensd in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant;
    Natuurnetwerk Brabant: samenhangend netwerk van natuurgebieden, dat van nationaal en internationaal belang is en het veiligstellen van ecosystemen als doel heeft als opgenomen en begrensd in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant;
    Regionaal water en bodemprogramma 2022-2027 (RWP): water- en bodembeleid van de provincie Noord-Brabant voor de periode 2022-2027, vastgesteld door Provinciale Staten van Noord-Brabant op 3 december 2021;
    spuk zoet water: specifieke uitkering van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat aan de provincie Noord-Brabant, gebaseerd op de Tijdelijke regeling stimuleren maatregelen tweede fase Deltaprogramma zoetwater;
    Vogel- of Habitatrichtlijn: richtlijn 2009/147/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 november 2009 inzake het behoud van de vogelstand (PbEU 2010 L 20) en richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (PbEU 1992 L 206).
    
    Artikel 1.2 Doelgroep
    1..
    Subsidie op grond van deze paragraaf kan worden aangevraagd door:
    - natuurlijke personen;
    - rechtspersonen, met uitzondering van waterschappen;
    - een samenwerkingsverband van natuurlijke personen of rechtspersonen, als bedoeld onder b, of een combinatie van beide.
    2..
    Indien het samenwerkingsverband, bedoeld in het eerste lid, geen rechtspersoonlijkheid bezit:
    - wordt subsidie aangevraagd door een deelnemer van het samenwerkingsverband met rechtspersoonlijkheid; en
    - draagt het project de instemming van alle deelnemers van het samenwerkingsverband.
    3..
    Indien het samenwerkingsverband, bedoeld in het eerste lid, alleen uit natuurlijke personen bestaat en geen rechtspersoonlijkheid bezit:
    - wordt subsidie aangevraagd door een deelnemer van het samenwerkingsverband;
    - draagt het project de instemming van alle deelnemers van het samenwerkingsverband.
    
    Artikel 1.3 Subsidievorm
    Gedeputeerde Staten verstrekken op grond van deze paragraaf projectsubsidies in de vorm van een geldbedrag.
    
    Artikel 1.4 Subsidiabele activiteiten
    1..
    Subsidie kan worden verstrekt voor projecten gericht op de navolgende activiteiten:
    - verdrogingsbestrijding;
    - beek- en kreekherstel;
    - opheffen van vismigratieknelpunten;
    - klimaatrobuuste watersystemen;
    - efficiënt watergebruik; of
    - ruimtelijke adaptatie.
    2..
    Voor zover de subsidie, bedoeld in het eerste lid, staatssteun bevat, worden de betreffende subsidiabele activiteiten aangewezen als een dienst van algemeen economisch belang in de zin van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie.
    
    Artikel 1.5 Weigeringsgronden
    Subsidie wordt geweigerd:
    - indien de subsidieaanvrager of een deelnemer aan het samenwerkingsverband een landbouwer is;
    - indien de aangevraagde subsidie voor een of meer activiteiten als bedoeld in artikel 1.4 onder a tot en met c, minder bedraagt dan € 125.000.
    - indien de aangevraagde subsidie voor een of meer activiteiten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f minder bedraagt dan € 25.000;
    - indien en voor zover voor activiteiten in het project reeds een provinciale subsidie of bijdrage is aangevraagd of verstrekt;
    - indien voor het project reeds een subsidie of bijdrage is aangevraagd of verstrekt uit het Deltafonds, anders dan op grond van de Tijdelijke regeling stimuleren maatregelen tweede fase Deltaprogramma zoetwater.
    
    Artikel 1.6 Subsidievereisten
    Om voor een subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende vereisten:
    - het project, bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c wordt uitgevoerd in de provincie Noord-Brabant;
    - het project, bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f wordt uitgevoerd in het DHZ-gebied, bedoeld in bijlage 2;
    - het project is gericht op een of meer van de activiteiten, bedoeld in artikel 1.4, en voldoet aan de vereisten zoals nader gespecificeerd in bijlage 1;
    - het project betreft:uitvoering van projecten als bedoeld in artikel 1.4, inclusief eventuele bijbehorende voorbereiding, planvorming en onderzoek;onderzoek gericht op projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f, mits gericht op innovaties die opschaalbaar of breed toepasbaar zijn;
    - het project, bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f, betreft maatregelen, die verder gaan dan de maatregelen die de subsidieaanvrager reeds op basis van wettelijke taken of afspraken in het kader van de KRW, het Natuur Netwerk Brabant en de Vogel- of Habitatrichtlijn verplicht is uit te voeren;
    - de subsidieaanvrager toont aan dat het project voldoende doelmatig is, blijkend uit een redelijke verhouding tussen de mate van doelbereik en de subsidiabele kosten;
    - de subsidieaanvrager overlegt voor een project als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c, een verklaring van het waterschap waaruit blijkt dat deze het project co-financiert voor een zelfde bedrag als de aangevraagde subsidie;
    - het project kan uiterlijk op 31 december 2028 worden afgerond, blijkend uit een realistische planning;
    - de subsidieaanvrager draagt zorg voor communicatie ter vergroting van het draagvlak van het project en voor verspreiding van de resultaten van het project, blijkend uit een beschrijving van de communicatieaanpak;
    - de subsidieaanvrager overlegt een projectplan, waarin in ieder geval is opgenomen:op welke wijze wordt voldaan aan de vereisten in dit artikel;een sluitende en realistische begroting.
    
    Artikel 1.7 Subsidiabele kosten
    1..
    Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie, komen de volgende kosten voor een subsidie in aanmerking:
    - kosten voor uitvoering van maatregelen;
    - kosten voor onderzoek, voorbereiding of planvorming van maatregelen;
    - kosten voor communicatie ter vergroting van het draagvlak voor het project en ter verspreiding van de resultaten van het project;
    - kosten voor aanleg en inrichting van monitoring;
    - kosten voor het opstellen van een accountantsverklaring, indien noodzakelijk voor het vaststellen van de subsidie;
    - kosten derden voor de inhuur van externe, tijdelijke capaciteit ten behoeve van het project tot een maximum van € 99 per uur, vermeerderd met niet-verrekenbare en niet-compensabele btw;
    - kosten voor arbeids- en personeelsuren, uitgezonderd die van publiekrechtelijke rechtspersonen, gemaakt voor coördinerende taken van de aanvrager ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f.
    2..
    Voor de berekening van subsidiabele uurtarieven van arbeids- en personeelsuren past de subsidieaanvrager de berekeningswijze, genoemd in artikel 3, eerste lid, onder c, van de Regeling uniforme kostenbegrippen en berekeningswijzen uurtarieven subsidies Noord-Brabant toe en hanteert daarbij het uurtarief van € 50.
    
    Artikel 1.8 Niet-subsidiabele kosten
    In afwijking van artikel 1.7 komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking:
    - kosten voor de uitvoering van maatregelen, gemaakt voor de indiening van de aanvraag;
    - kosten voor onderzoek, voorbereiding en planvorming gemaakt voor 1 januari 2015 voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c;
    - kosten voor onderzoek, voorbereiding en planvorming gemaakt voor 1 januari 2022 voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f;
    - kosten voor het opstellen van een milieueffectrapport voor planvorming;
    - kosten van regulier beheer en onderhoud;
    - kosten van rente, bankdiensten, financieringen, verzekeringspremies, gerechtelijke procedures, boetes of sancties;
    - interne personeels- of bedrijfskosten van de subsidieontvanger, anders dan kosten als bedoeld in artikel 1.7, eerste lid, onder g;
    - kosten voor de aankoop of afschrijving van gebouwen of machines;
    - kosten voor de aankoop van dierrechten, stikstofrechten of fosfaatrechten;
    - kosten verband houdende met grondverwerving of waardedaling van grond.
    
    Artikel 1.9 Aanvraagtijdvak
    Subsidieaanvragen worden ingediend van 14 november 2022 tot en met 1 april 2027.
    
    Artikel 1.10 Subsidieplafond
    Gedeputeerde Staten stellen het subsidieplafond voor de periode, genoemd in artikel 1.9.
    - voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c, vast op € 6.000.000.
    - voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f, vast op:€ 5.115.660,00 voor projecten die worden uitgevoerd in het beheergebied van het Waterschap Aa en Maas;€ 5.541.555,95 voor projecten die worden uitgevoerd in het beheergebied van het Waterschap Dommel;€ 2.727.942,35 voor projecten die worden uitgevoerd in het beheergebied van het Waterschap Brabantse Delta;€ 0 voor projecten die worden uitgevoerd in het beheergebied van Waterschap Rivierenland.
    
    Artikel 1.11 Subsidiehoogte
    1..
    De hoogte van de subsidie bedraagt:
    - 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 6.000.000 voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder a tot en met c;
    - 40% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 500.000 voor projecten als bedoeld in artikel 1.4, onder d tot en met f.
    2..
    In afwijking van het eerste lid, wordt de subsidie zoveel lager verstrekt als noodzakelijk is om, in overeenstemming met artikel 5 van het DAEB-vrijstellingsbesluit, een compensatie boven de werkelijke kosten of de maximaal toelaatbare steun te voorkomen.
    
    Artikel 1.12 Verdelingswijze
    1..
    Subsidie wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de subsidieaanvrag
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.