Subsidieregeling Pilot Aanvullende Jeugdhulp Midden-Groningen 2026
Gemeente Midden-Groningen
Voor jeugdhulpaanbieders die bedrijfsmatig jeugdhulp verlenen onder verantwoordelijkheid van het college en deelnemen aan de pilots aanvullende jeugdhulp.
Ook bekend als Nadere regels subsidie pilots aanvullende jeugdhulp 2026, Pilot Aanvullende Jeugdhulp Midden-Groningen
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor jeugdhulpaanbieders die deelnemen aan pilots voor aanvullende jeugdhulp in gemeente Midden-Groningen. De pilots richten zich op laagdrempelige, specialistische jeugdhulp in de leefwereld van gezinnen en scholen. Aanvragen kunnen tot 30 januari 2026 worden ingediend.
Voor wie is het bedoeld?
Voor jeugdhulpaanbieders die bedrijfsmatig jeugdhulp verlenen onder verantwoordelijkheid van het college en deelnemen aan de pilots aanvullende jeugdhulp.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil subsidie aanvragen voor een pilot aanvullende jeugdhulp in het voortgezet onderwijs
- Ik ben jeugdhulpaanbieder en wil deelnemen aan de pilots van Midden-Groningen
- Ik wil weten welke kosten subsidiabel zijn voor de pilot aanvullende jeugdhulp
Voorwaarden
- Aanvragen moeten vóór 30 januari 2026 worden ingediend via het digitale aanvraagformulier
- Alleen ontwikkelkosten zijn subsidiabel; zorggebonden kosten worden gefinancierd via de Open House-overeenkomst met RIGG
- Aanvrager moet gecontracteerd zijn voor zorggebonden kosten onder de Open House-overeenkomst
- Aanvraag moet inhoudelijke uitwerking van de pilot bevatten met aanpak, methodiek en concrete activiteiten
- Beoordeling vindt plaats door commissie van deskundigen op basis van beoordelingskader
- Subsidie wordt verleend aan aanvrager met hoogste score
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
Er is op dit moment geen open ronde.
Documenten
- notitie-strategie-pilots-aanvullende-hulp-jeugd-en-gezin.pdf · 17 pag.
Toon documenttekst
1 Notitie strategie pilots aanvullende hulp jeugd en gezin gemeente Groningen en Midden-Groningen 10 december 2025 -- 1 of 17 -- 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding ........................................................................................................ 3 2. Leeswijzer ...................................................................................................... 4 3. Scope en doel pilots ........................................................................................ 4 4. Pilots ............................................................................................................. 6 4.1 Thema’s binnen de pilots .......................................................................... 6 4.2 Pilots Onderwijs–Specialistische jeugdhulp Groningen en Midden-Groningen ... 7 4.3 Pilot Aanvullende (Specialistische) hulp dichtbij ............................................ 9 4.4 Wat we willen leren met de pilots ............................................................ 10 5. Opdrachtverlening pilots ................................................................................ 11 5.1 Uitgangspunten partnerschap pilots ......................................................... 11 5.2 Keuze subsidie of inkoop pilots ................................................................ 11 5.3 Proces pilots .......................................................................................... 11 5.4 Looptijd pilots........................................................................................ 12 5.5 Gunningscriteria .................................................................................... 12 5.6 Bekostiging en dekking ........................................................................... 13 5.7 Besluitvorming pilots .............................................................................. 13 5.8 Positie pilots AH in het programma Langjarig Perspectief ............................. 13 5.9 Communicatie ....................................................................................... 14 5.10 Participatie ............................................................................................ 14 5.11 Risicoparagraaf pilots .............................................................................. 14 Bijlage 1: Afwegingscriteria -- 2 of 17 -- 3 1. Inleiding Voor u ligt de notitie strategie pilots aanvullende hulp jeugd en gezin gemeente Groningen en Mid- den-Groningen. Dit document is een vervolg op de Startnotitie Aanvullende Hulp Jeugd en Gezin, die door de gemeenteraad van Groningen op 24 september 2025 is vastgesteld. De daarin beschreven uitgangspunten vormen het kader voor de pilots Aanvullende Hulp. Daar waar de startnotitie vooral de doelen en beoogde effecten voor inwoners beschrijft, richt deze notitie zich op de inhoudelijke, financiële, procesmatige en contractuele keuzes die nodig zijn om de pilots Aanvullende Hulp uit te voeren. De gemeente Groningen wil, samen met de andere Groninger gemeenten en netwerkpartners de jeugdhulp eenvoudig, laagdrempelig en toegankelijk organiseren. Dat doen we vanuit de visie ‘Voor het kind, vanuit het gezin’; en dat doen we omdat gezinnen recht hebben op ondersteuning die écht aansluit bij hun leefwereld en hun vragen. We willen de transformatie van de jeugdhulp daartoe ver- der versnellen, zodat de schaarse hulp snel beschikbaar is en blijft daar waar dat het meeste nodig is. Dat is extra belangrijk in een tijd waarin hulptrajecten eerder langer (en duurder) worden en de be- schikbare professionals en middelen beperkt zijn. Aanvullende hulp betreft hulp aan jeugdigen en ouders bij ingewikkelde, soms meervoudige, opvoed- en opgroeiproblemen, zoals mentale problemen en gedragsuitdagingen, angst- dwang- en stem- mingsproblematiek, scheidingsproblematiek en dergelijke. Deze hulp is zo mogelijk inzetbaar zonder indicatie. Ook professionals kunnen gebruik maken van de in de aanvullende hulp aanwezige deskun- digheid. De hulp is beschikbaar laagdrempelig en dichtbij/in de leefwereld van het gezin. Uiteindelijk gaat het om één doel: kinderen en gezinnen beter helpen, met minder bureaucratie en meer effect. Samenwerking gemeenten Groningen en Midden-Groningen De Aanvullende Hulp zal uiteindelijk als één overeenkomst regionaal worden afgesloten met daar- binnen een opdeling in drie percelen. De percelen sluiten aan op de onderverdeling van de 10 Gro- ninger gemeenten in drie subregio’s. (Langjarig perspectief transformatie jeugdhulp jeugdregio Gro- ningen, besproken en vastgesteld in het Regionaal Bestuurlijk Platform (RBOJ) 12 november 2024 en 14 februari 2025). Via afstemming in het RBOJ is op 26 september 2025 in de regio overeenstem- ming bereikt dat de gemeenten Midden-Groningen en Groningen hierin gezamenlijk optrekken als een subregio. De gemeente Midden-Groningen aangesloten bij de projectgroep AH van Groningen; vandaaruit zal Midden-Groningen werken aan een eigen pilot met het onderwijs. Dwarskijksessie Op 28 oktober 2025 reflecteerden deskundigen en andere regionale stakeholders tijdens een dwars- kijksessie op de inhoud en het proces van de Groninger jeugdhulp. Centrale vragen waren: waar moeten we bij de transformatie van het (gehele) jeugdhulplandschap rekening mee houden; wat wel en niet doen; en welke randvoorwaarden zijn cruciaal voor succes? De belangrijkste inzichten zijn als volgt: o Minder denken vanuit stoornissen, meer vanuit context en leefwereld. Hulp moet dichtbij, samenhangend en zo nodig langdurig zijn, met één vaste professional die het gezin onder- steunt. o Professionals hebben ruimte, vertrouwen en steun nodig van hun eigen organisatie en de opdrachtgever. o De gemeente moet rolvast blijven: kaders stellen, maar uitvoering aan het veld laten, met blijvende dialoog tijdens en na een aanbesteding. -- 3 of 17 -- 4 o Een integrale aanpak is essentieel; veel vragen raken ook aanpalende domeinen zoals Wmo, onderwijs en bestaanszekerheid. o Transformatie vraagt langdurige inzet; de eerste jaren staan in het teken van samenwerking, leren en ontwikkelen. Effecten volgen later, dus verwachtingen moeten realistisch blijven. o Neem de tijd voor de ontwikkeling, reflecteer en doe het samen met aanbieders en sta- keholders. o Realiseer je dat de kost voor de baat uitgaat, zowel qua tijd als qua inzet en middelen. Bijeenkomst over de pilots Op 2 december heeft een bijeenkomst plaatsgevonden met aanbieders en andere stakeholders, waaronder WIJ Groningen, onderwijs en huisartsen, over de pilots. De bijeenkomst was met ruim zestig deelnemers goed bezocht. Er zijn veel vragen gesteld over de inhoud van de pilots, de onder- zoeksvragen en het tempo van uitvoering van de pilots. De inzichten uit zowel de dwarskijksessie als de pilotbijeenkomst verwerken we in het vervolgproces van de pilots en de regionale inkoop Aanvullende Hulp, en nemen we nadrukkelijk mee in de verdere uitwerking. 2. Leeswijzer We werken in onderstaande notitie uit, welke inhoudelijke vragen wij hebben en hoe we deze binnen pilots willen onderzoeken. In de volgende hoofdstukken lichten we toe: o de scope, inhoudelijke thema’s en vraagstukken van de pilots; o hoe het proces, organisatie en besluitvorming rond de uitvoering van de pilots is ingericht; o hoe we de opdrachtverlening van de pilots vertalen in een subsidieregeling; o hoe we de aanbieders en stakeholders zoals onderwijs, WIJ Groningen betrekken bij dit pro- ces; o hoe we het perspectief en participatie van jongeren verwerken in het proces; o hoe we de verbinding met de regionale inkoop Aanvullende Hulp maken. Met deze notitie stellen we de hoofdlijnen van deze keuzes vast, zodat we hierover het gesprek kun- nen voeren met aanbieders en andere betrokkenen. Tegelijkertijd is het, zoals ook benadrukt tijdens de dwarskijksessie, belangrijk dat dit proces vanaf het begin samen met aanbieders, stakeholders en jongeren vormgeven. Op basis van hun inbreng kan het zijn dat we keuzes nog aanscherpen of ver- diepen. 3. Scope en doel pilots Aanvullende Hulp (AH) vormt samen met de Basisjeugdhulp (BJH) en de Hoogspecialistische Jeugd- hulp (HSJ) het geheel van de lokale en regionale jeugdhulp. Naast deze jeugdhulp vindt ondersteu- ning aan gezinnen ook plaats op andere manieren; voorliggend, preventief en vanuit andere domei- nen. Met de inkoop van AH geven we richting aan de verdere ontwikkeling en transformatie van dit onderdeel binnen het jeugd(hulp)landschap. AH wordt ingezet wanneer gespecialiseerde kennis of ervaring nodig is, aanvullend op en in samenhang met BJH en HSJ. Regionaal werken we uit hoe deze samenhang in de praktijk vorm krijgt. De AH biedt vroegtijdig en snel gespecialiseerde ondersteuning, dicht bij de leefomgeving van jeug- digen en gezinnen. Dat kan thuis, op school en/of in samenwerking met de lokale teams van WIJ Groningen en de BJH. Ook kan AH worden ingezet op verwijzing van huisartsen of andere professio- nals, bijvoorbeeld voor consultatie of om mee te denken in een casus. Zo voorkomen we waar moge- lijk dat onnodig zwaardere en/of langdurige hulp nodig is. Schematisch ziet er als volgt uit: -- 4 of 17 -- 5 De regionale indeling in BJH, AH en HSJ is begin 2025 vastgesteld in het Langjarig Perspectief Trans- formatie Jeugdhulp Regio Groningen. Op basis daarvan werken de Groninger gemeenten en aanbie- ders toe naar een vergelijkbare opbouw van het jeugdhulplandschap. Er is ruimte voor verschillen in ontwikkeltempo tussen de gemeenten, zodat we kunnen leren van ervaringen en de veranderingen voor aanbieders uitvoerbaar blijven. De pilots in de gemeente Groningen en Midden-Groningen zijn hierin een volgende stap. Binnen de pilots AH richten we ons op ondersteuning bij: • meervoudige opvoed- en opgroeiproblemen; • mentale problemen en externaliserende of internaliserende gedragsuitdagingen waarbij het kind en zijn omgeving onder druk staan; • opvoed- en opgroeiproblemen als gevolg van complexe scheidingen; • het voorkomen van terugval en het borgen van geboekte vooruitgang; • daginvulling in samenhang met opvoeding, onderwijs en mentale gezondheid. De pilots zijn nadrukkelijk bedoeld om te leren, te verbeteren en om stapsgewijs toe te werken naar een regionale inkoop van de volledige AH vanaf 2028. Wat we in de pilots leren, gebruiken we voor het aanscherpen van de regionale inkoop. Daarbij verwachten we naast inzicht in specifieke deel- vraagstukken in relatie tot het onderwijs en specialistische ondersteuning dichtbij, ook inzichten die behulpzaam zijn bij de volledige uitwerking van AH en bijvoorbeeld de samenhang / afbakening met basishulp. Bij de uitvoering van de pilots houden we rekening met lopende initiatieven en samenwerkingen, zodat we bestaande kennis en ervaring optimaal benutten en het wiel niet opnieuw uitvinden. Waar mogelijk sluiten we aan op reeds lopende pilots en trajecten. Positie dagbesteding ten opzichte van de Aanvullende hulp Het cluster dagbesteding/dagbehandeling bestaat uit verschillende componenten, gericht op ver- schillende doelgroepen met verschillende problematieken (Verwijsgids RIGG). Deze vormen van on- dersteuning hebben binnen het jeugdhulplandschap een eigen positie. De doelgroepen die hiermee worden bereikt vragen specifieke kennis en kunde. In principe valt dagbesteding niet onder de AH, deze afbakening is regionaal vastgesteld. Met de pilots willen we zicht krijgen op de vormen van groepsaanbod die dicht tegen dagbesteding aan liggen en hoe we gezamenlijk nieuwe vormen kun- nen ontwikkelen. We onderzoeken in het bijzonder groepsgericht en hybride aanbod, vooral wan- neer dit tijdelijk wordt ingezet als vervanging van onderwijs. De ervaringen uit de pilots helpen ons naar verwachting om beter te begrijpen waar de grens ligt tussen AH en dagbesteding. De uitkom- sten gebruiken we om de scope van de regionale inkoop scherper te bepalen. -- 5 of 17 -- 6 4. Pilots Op basis van onze ambities en de lokale en regionale koers in de transformatie van het jeugdhulp- landschap hebben we een aantal vraagstukken benoemd die we in de pilots verder willen onder- zoeken. De pilots helpen ons te leren wat in de praktijk werkt en wat beter kan, zowel zorginhoude- lijk als organisatorisch in de diverse (keten- en netwerk) samenwerkingen. De precieze vraagstukken scherpen we samen met aanbieders aan door direct na vaststelling van deze notitie het gesprek daarover te voeren. Hierbij betrekken we ook andere partijen in het netwerk zoals onze welzijnsor- ganisaties, onderwijs en huisartsen. Door de pilots op deze manier in te richten, krijgen we snel in- zicht in de werkzame factoren, wat helpt om aanvullende hulp effectief, samenhangend en uitvoer- baar te organiseren in de context van de gemeente Groningen, de gemeente Midden-Groningen en straks ook in de regio. De opbrengsten uit de pilots gebruiken we vervolgens ook om de regionale inkoop verder voor te bereiden. We starten met twee onderwerpen: o Onderwijs - Specialistische jeugdhulp; o Specialistische hulp dichtbij. Voor het onderwerp Onderwijs-Specialistische jeugdhulp zijn er twee pilots: één in de gemeente Groningen en één in de gemeente Midden-Groningen. In 4.1 volgt een toelichting op twee thema's die in alle pilots (Onderwijs- Specialistische jeugdhulp en Specialistische hulp dichtbij) aan de orde dienen te komen. Dit zijn groepsgericht werken en het werkproces toegang en verwijzing. We onder- zoeken hoe die kunnen bijdragen aan de doelen van de AH en welke vormen het beste aansluiten bij de lokale toegangen. We lichten de algemene uitgangspunten van deze pilots toe, evenals de lokale context waarin de pi- lots uitgevoerd worden. In 4.2 gaan we in op de pilots voor Onderwijs-Specialistische jeugdhulp en in 4.3 op de pilot Specialistische hulp dichtbij. 4.1 Thema’s binnen de pilots Binnen elke pilot willen we een tweetal thema’s verwerken die voor alle pilots van belang zijn, na- melijk: wat de meerwaarde is van groepsaanbod, en de ontwikkeling van een eenduidig werkproces voor toegang en verwijzing. a. Ontwikkeling groepsaanbod In de pilots willen we leren of en hoe groepsaanbod een passende vorm van ondersteuning kan zijn binnen de Aanvullende Hulp. Groepsgericht aanbod houdt in dat meerdere jongeren en/of ouders tegelijk begeleiding of behandeling ontvangen onder leiding van één of meerdere professionals. Met de pilots willen we leren: o voor welke vormen van ondersteuning groepsgericht aanbod passend is; o wanneer een groepsaanbod in het belang is van het kind en de ouders; o voor welke leeftijdsgroepen en doelgroepen dit goed werkt; o hoe groepen praktisch en organisatorisch het beste kunnen worden samengesteld; o welke resultaten groepsaanbod oplevert voor jongeren, ouders en professionals. Daarnaast willen we leren hoe groepsaanbod kan bijdragen aan lagere werkdruk voor de professio- nals, betere benutting van expertise en meer samenwerking tussen aanbieders. We kijken daarbij ook naar de voorwaarden voor kwaliteit en deskundigheid, zoals de inzet van SKJ-geregistreerde professionals en de rol van gedragswetenschappers of orthopedagogen. -- 6 of 17 -- 7 Specifiek kijken we in de pilots op welke wijze groepsgericht aanbod passend en uitvoerbaar is bin- nen de lichtere ambulante GGZ via de huisarts/OJG en bij gedragsproblematiek op school. We willen weten in welke situaties groepsgericht werken voldoende aansluit bij de behoefte van jeugdigen en ouders, hoe professionals dit ervaren, en onder welke voorwaarden groepsaanbod voorliggend kan zijn op individuele hulp. De inzichten hieruit helpen ons om te bepalen welke plek groepsgericht werken in de regionale inkoop AH kan krijgen. b. Werkproces toegang en verwijzing In de pilots gaan we leren op welke wijze een gezamenlijke werkwijze tussen het lokale team (voor Groningen is dat WIJ Groningen en Midden-Groningen het sociale team) en betrokken aanbieders kan bijdragen aan het beter bepalen van passende ondersteuning. Daarbij staat centraal hoe hulp- vragen en signalen in samenhang en systematisch kunnen worden geanalyseerd. We willen weten hoe een diagnostisch model daarbij kan helpen om daarbij onderbouwde keuzes te maken: zo licht als kan, zo zwaar als nodig is. Het perspectief van het kind en het gezin is leidend. We willen ook leren hoe deze werkwijze kan aansluiten bij het diagnostisch model dat wordt ge- bruikt binnen de nieuwe inkoop Hoogspecialistische Jeugdhulp (HSJ). Ook kijken we naar de rol van verwijzers zoals huisartsen en OJG’ers: hoe zij kunnen aanhaken, welke afspraken nodig zijn en hoe deze in de praktijk werken. Daarnaast willen we toetsen hoe de uitgangspunten van de Jeugdwet – zoals eigen kracht, inzet van algemene voorzieningen en het voorkomen van onnodig zware onder- steuning – binnen deze werkwijze kunnen worden toegepast. Samen met de aanbieders bepalen we welke onderdelen van bovenstaande vragen het meest bepa- lend zijn en op welke wijze deze de meeste en beste inzichten kan opleveren. De pilots moeten zo een helder beeld geven van wat in de praktijk werkt, welke randvoorwaarden nodig zijn en hoe dit kan worden vertaald naar de regionale inkoop AH. Kinderen met ander woonplaatsbeginsel dan gemeente Groningen Met name bij jeugdhulp aan jeugdigen op school is het denkbaar dat er een ander Woonplaatsbegin- sel dan gemeente Groningen geldt. Dit is met name het geval bij de pilot Onderwijs-jeugdhulp (para- graaf 4.1) in Groningen (in Midden-Groningen speelt dit niet). Een substantieel deel van de leerlin- genpopulatie van het voortgezet onderwijs in de gemeente Groningen is afkomstig uit andere ge- meenten (ongeveer 30-40%). Het streven is dat alle leerlingen onderdeel worden van de pilot als zij ook op die plek naar school gaan. We willen hier voor de start van de pilot afspraken over maken met de regiogemeenten. 4.2 Pilots Onderwijs–Specialistische jeugdhulp Groningen en Midden-Groningen De beschrijving van deze pilots begint met hoe we als gemeenten kijken naar de relatie tussen on- derwijs-jeugdhulp. De school is een belangrijk onderdeel van de leefwereld van jeugdigen. Goed on- derwijs is essentieel voor de toekomst van kinderen. Alle kinderen hebben recht op het best moge- lijke onderwijs, ongeacht hun achtergrond of het inkomen van de ouders. We vinden dat de school meer is dan een leerplek: het is een sociale omgeving, een tweede thuis. Een kind moet hier zichzelf kunnen zijn en zich stap voor stap ontwikkelen, zonder dat hulp of labels centraal staan. Onderwijs geldt als gelijkmaker zodat alle kinderen uiteindelijk met een diploma/startkwalificatie klaar staan om hun volwassen leven verder op te bouwen. Het kan voorkomen dat een kind niet goed in zijn/haar vel zit en/of er strubbelingen zijn rondom het opgroeien en ontwikkelen. We verwachten dat ouders en de school van het kind in eerste instantie dit zelf en/of samen oplossen. In veel geval- -- 7 of 17 -- 8 len is dit ook mogelijk. Ondersteuning vanuit onderwijs, wel-zijnsachtige activiteiten en (preven- tieve) jeugdhulp zouden dit gewone leven moeten ondersteunen, niet vervangen. We zien ook on- der ogen dat sommige kinderen -al dan niet tijdelijk- meer ondersteuning en (jeugd)hulp nodig heb- ben om zich te ontwikkelen thuis en op school. De gemeente Groningen en de gemeente Midden-Groningen willen daarom elk een eigen pilot op- zetten gericht op de uitvoering van aanvullende jeugdhulp in het voortgezet onderwijs voor leer- lingen van 12 tot 18 jaar. In deze pilots onderzoeken we samen met het voortgezet onderwijs of en hoe aanvullende hulp op school georganiseerd kan worden, en of dat wenselijk is. Ook willen we in de praktijk onderzoeken hoe een sterkere verbinding tussen gewenste jeugdhulp in/ voor de thuissi- tuatie en in relatie tot school georganiseerd kunnen worden. Belangrijke achterliggende redenen voor deze pilots zijn dat leerlingen en hun ouders ervaren dat onderwijs en jeugdhulp nog onvol- doende op elkaar aansluiten en dat professionals elkaars taal niet altijd spreken. Dit leidt tot versnip- pering, stress bij jeugdigen én ouders, en een […tekst ingekort]
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
- Subsidie Pilot Aanvullende jeugdhulp | Gemeente Midden-Groningen Overslaan en naar de inhoud gaan Subsidie Pilot Aanvullende jeugdhulp ## Assistentie Beluister ## Algemeen Aanbieders van jeugdhulp konden subsidie aanvragen voor het aanbieden van aanvullende jeugdhulp op het Aletta Jacobscollege te Hoogezand. Deze subsidie gold voor de duur van de pilot. ## Algemeen Aanbieders van jeugdhulp konden subsidie aanvragen voor het aanbieden van aanvullende jeugdhulp op het Aletta Jacobscollege in Hoogezand. Deze subsidie gold voor de duur van de pilot. ## Aanvullende jeugdhulp Onze gemeente werkt samen met alle andere Groninger gemeenten en jeugdhulppartners aan effectieve en makkelijk bereikbare jeugdhulp. Onderdeel van de transformatie van de jeugdhulp is de regionale inkoop van aanvullende jeugdhulp. Als eerste stap in die inkoop voeren Midden-Groningen en de gemeente Groningen voorbereidende pilots uit. In Midden-Groningen gaat het om de pilot aanvullende jeugdhulp in het voortgezet onderwijs (VO). De pilots helpen bij het maken van keuzes voor de definitieve regionale inkoop vanaf 1 januari 2029. De aanvullende hulp sluit straks aan op de basishulp jeugd. Midden-Groningen werkt op dit moment aan de organisatie van deze basishulp in een lokale voorziening. ## Pilot We ontwikkelen de pilot aanvullende hulp in het voortgezet onderwijs samen met jeugdhulpaanbieders en andere netwerkpartners. Denk aan verwijzers, het gemeentelijk sociaal team en onderwijsorganisaties. Binnen de pilots zijn partijen samen verantwoordelijk voor de resultaten. We werken vanuit een gedeelde ambitie en gezamenlijke afspraken over samenwerking. Deze afspraken zijn aan het begin van de pilot gemaakt. Het benutten van kennis en expertise van alle betrokken partijen is belangrijk om passende en vernieuwende ondersteuning te bieden. Door stapsgewijs te ontwikkelen en verbeteren, leren we van ervaringen in de praktijk. ## Inhoud pilots De pilots in het kort: Onderwijs – Specialistische jeugdhulp: jeugdhulp in de context van het voortgezet onderwijs in de gemeente Midden-Groningen. Locatie: het Aletta Jacobs College. - Onderwijs – Specialistische jeugdhulp: jeugdhulp in de context van het voortgezet onderwijs in de gemeente Groningen. - Aanvullende (specialistische) hulp dichtbij in de gemeente Groningen: bedoeld om specialistische hulp toegankelijker te maken in de eigen leefomgeving van het kind. Voor een uitgebreide inhoudelijke toelichting op de inhoud en vraagstukken van de pilots verwijzen we naar onderstaand document. - Beoordeling en toekenning vinden plaats in februari en start van de pilot is voorzien in maart 2026. - De vereisten en beoordelingscriteria van de aanvraag vindt u in de Nadere regels subsidie pilot aanvullende jeugdhulp gemeente Midden-Groningen 2026. Voor een uitgebreide inhoudelijke toelichting op de pilots en de bijbehorende vraagstukken verwijzen wij naar onderstaand document. ### Notitie strategie pilots aanvullende hulp jeugd en gezin gemeente Groningen en Midden-Groningen - Notitie strategie pilots aanvullende hulp jeugd en gezin gemeente Groningen en Midden-Groningen ( PDF - 398.82 kB ) ## Subsidieaanvraag gesloten De termijn voor het indienen van een subsidieaanvraag is verstreken. Inschrijven voor deze pilot is niet meer mogelijk. ## Contact Heeft u vragen over de subsidie aanvraag of over de pilot? Ga voor meer informatie naar de webpagina van gemeente Groningen over inkoop aanvullende jeugdhulp . U vindt hier ook een e-mailadres waar u vragen kunt stellen. Terug naar boven
Toon brontekst
Nadere regels subsidie pilot aanvullende jeugdhulp gemeente Midden-Groningen 2026 Nadere regels subsidie pilots aanvullende jeugdhulp 2026 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Groningen; Gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Midden-Groningen 2025; Overwegende dat subsidieverlening op grond van artikel 4.34 van de Algemene wet bestuursrecht kan plaatsvinden; Besluit vast te stellen de Nadere regels subsidie pilots aanvullende jeugdhulp 2026 Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: - Aanvullende Hulp (AH): individuele jeugdhulp in kader van de gemeentelijke pilots, niet vallend binnen de huidige Open House-overeenkomst. - Basis jeugdhulp (BJH): de jeugdhulp zoals omschreven in de Verordening jeugdhulp gemeente Midden-Groningen. - Doelgroep: ouders en jeugdigen in de zin van de Jeugdwet, waaronder ook de verlengde jeugdhulp wordt verstaan. - Jeugdhulp: jeugdhulp in de zin van artikel 1.1 van de Jeugdwet. - Jeugdhulpaanbieder: de rechtspersoon die bedrijfsmatig jeugdhulp verleent onder verantwoordelijkheid van het college, zoals genoemd in de definitie van jeugdhulpaanbieder in artikel 1.1 van de Jeugdwet. - Notitie Strategie Pilots aanvullende hulp jeugd en gezin gemeente Groningen en Midden-Groningen: het document waarin de inhoudelijke, financiële en contractuele keuzes die nodig zijn om de pilots Aanvullende Hulp uit te voeren worden beschreven. - Open House-overeenkomst: Overeenkomst Open House uitvoering Diensten Jeugdwet tussen jeugdhulpaanbieder en de RIGG. - RIGG: Regionale Inkooporganisatie Groninger Gemeenten. - Specialistische Jeugdhulp in de huidige overeenkomst: individuele jeugdhulp op grond van de Open House-overeenkomst. - RBOJ: Regionaal Bestuurlijk Overleg Jeugd, zoals bedoeld in artikel 7 van de Centrum Regeling Jeugdregio Groningen 2025. Artikel 2. Subsidiabele activiteiten Er is subsidie beschikbaar voor: Pilot voortgezet onderwijs-specialistische jeugdhulp, zoals genoemd in paragraaf 4.1 van de Notitie strategie Pilots Aanvullende Hulp (Bijlage 1). Artikel 3. Subsidiabele kosten Onder de te subsidiëren ontwikkelkosten vallen alle kosten die nodig zijn om de pilot te ontwikkelen, organiseren, uitvoeren en monitoren, exclusief zorgkosten. Ontwikkelkosten zijn onder andere: - Ontwerp en uitwerking van de pilotaanpak en vertaling van onderzoeksvragen. - Projectmanagement, coördinatie en afstemming met gemeenten, WIJ Groningen, onderwijs en lokale teams. - Inrichting van nieuwe werkprocessen, interventies of samenwerkingsstructuren. - Monitoring, evaluatie, dataverzameling en rapportages. - Pilot-specifieke scholing of training. - Deelname aan gezamenlijke bijeenkomsten, leerkringen en reflectiesessies. - Communicatie- en implementatiekosten die direct betrekking hebben op de pilot. Niet toegestaan als ontwikkelkosten: - Zorgkosten. - Structurele formatie of reguliere bedrijfsvoering. - Investeringen die geen directe link hebben met de pilot. Ten aanzien van de kosten is artikel 2.3 van het Besluit Jeugdwet van toepassing, waarin regels zijn opgenomen met betrekking tot een reële prijsstelling en kostprijselementen. Artikel 4. Subsidieaanvrager Subsidie kan worden aangevraagd door een jeugdhulpaanbieder. Artikel 5. Subsidieverplichtingen Op de subsidieverlening zijn de onderstaande verplichtingen van toepassing, die de aanvrager binnen de pilot inhoudelijk moet vormgeven. De nadere uitwerking van de pilotopzet vindt in de eerste fase plaats door de partij aan wie de subsidie is toegekend, in samenwerking met de gemeente Midden-Groningen. De precieze inhoud, aanpak en onderzoeksopzet van de pilot worden in de Subsidiebeschikking vastgelegd. A. Eisen aan de inhoudelijke invulling van de pilot (pilotopzet & samenwerking): - Aanvrager werkt actief mee aan de inhoudelijke uitwerking en ontwikkeling van de pilot; - Aanvrager neemt structureel deel aan de gezamenlijke werkgroep met gemeenten Midden-Groningen ten behoeve van de doorontwikkeling van de pilot; - Aanvrager is gecontracteerd voor aanvullende hulp via het RIGG; - Aanvrager maakt gebruik van bestaande lokale en regionale structuren (zoals lokale teams, scholen en wijkprofessionals) en stemt de hulp vooraf en gedurende het traject af met de betreffende gemeente; - Aanvrager werkt samen met relevante netwerkpartners, waaronder onderwijsinstellingen, lokale teams en andere betrokken aanbieders; - Aanvrager hanteert de uitgangspunten zoals genoemd in bijlage 2, waaronder normaliseren, de-medicaliseren, vroegsignalering en een integrale gezinsbenadering - Aanvrager draagt zorg voor continuïteit van hulp gedurende de looptijd van de pilot, tenzij de gemeente anders beslist; - Aanvrager maakt leeropbrengsten actief beschikbaar en overdraagbaar voor de verdere regionale inkoop en doorontwikkeling van Aanvullende Hulp. B. Eisen aan de organisatie van de aanvrager (kwaliteit, verantwoording & bedrijfsvoering): Deze voorwaarden gaan over wat er organisatorisch van de aanvrager wordt verwacht om de pilot verantwoord en professioneel uit te voeren. - Aanvrager zorgt voor inzet van deskundig en gekwalificeerd personeel, passend bij de aard van de pilot en conform relevante wet- en regelgeving; - Aanvrager draagt bij aan monitoring, evaluatie en leeropbrengsten, en levert tijdig de benodigde gegevens aan volgens de regionale monitoringskaders; - Aanvrager werkt mee aan toetsen, casuïstiekbesprekingen en evaluatiemomenten; - Aanvrager biedt volledige transparantie in werkwijze, voortgang en resultaten, inclusief: tussentijdse voortgangsrapportages; inhoudelijke rapportages; financiële verantwoording betreffende de ontwikkelkosten, geen zorgkosten. - Aanvrager werkt volgens de afgesproken planning en mijlpalen en stemt eventuele afwijkingen vooraf af met de gemeente; - Aanvrager informeert de gemeente onverwijld over omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de uitvoering van de pilot, bijvoorbeeld: personele problemen, wijzigingen in partnerschappen of uitvoeringsrisico’s. Artikel 6. Subsidieaanvraag - De aanvraag wordt conform artikel 6 van de Algemene subsidieverordening Midden-Groningen ingediend en bevat een inhoudelijke uitwerking van de pilot, overeenkomstig de hieronder genoemde aanvullende indieningsvereisten, alsmede een op de activiteiten van de pilot gerichte begroting. - Aanvragen worden bij het college ingediend vóór 30 januari 2026 via het digitale aanvraagformulier. Aanvullende indieningsvereisten: De subsidieaanvraag bevat een bijlage waarin de aanvrager: - eerste reactie en reflectie geeft op de ambities en vraagstukken van de betreffende pilot (uit de Notitie strategie pilots); - uiteenzet op welke wijze deze onderzoeksvragen worden onderzocht, inclusief aanpak, methodiek en concrete activiteiten; - inzicht geeft in de relevante ervaring en deskundigheid voor het uitvoeren van de pilot; - beschrijft op welke manier wordt samengewerkt met de gemeente en belangrijke stakeholders waar van toepassing zoals betrokken onderwijsinstellingen en huisartsen. Begroting (ontwikkelkosten) - De subsidieaanvraag bevat een afzonderlijke begroting. Alleen ontwikkelkosten mogen worden opgenomen in de begroting. - Zorg gerelateerde kosten maken geen onderdeel uit van de subsidiabele kosten en worden gefinancierd vanuit de Overeenkomst uitvoering Diensten Jeugdwet Open House met de RIGG. Dat betekent dat de subsidieaanvrager hiervoor gecontracteerd dient te zijn. Artikel 7. Beoordeling subsidieaanvraag - De beoordeling van op tijd ingediende en complete aanvragen wordt uitgevoerd door een commissie van deskundigen (o.a. beleidsadviseur, contractmanager, business controller en inhoudelijk specialist). Alle aanvragen worden eerst verzameld en en vervolgens na sluiting van de indieningstermijn gelijktijdig beoordeeld. - De commissie bestaat uit een oneven aantal leden van minimaal 5 (vijf) en maximaal 7 (zeven). - De ingediende subsidieaanvragen worden beoordeeld aan de hand van het in artikel 7 opgenomen beoordelingskader - De beoordeling vindt plaats in twee stappen: Individuele beoordeling – iedere beoordelaar kent zelfstandig een score toe per onderdeel. Consensusgesprek – de commissie bespreekt de individuele beoordelingen en komt tot een gezamenlijke, uniforme beoordeling. - Per onderdeel van het beoordelingskader zoals genoemd in artikel 7 wordt een cijfer toegekend tussen 0 en 10. - De subsidie wordt verleend aan de jeugdhulpaanbieder met de subsidieaanvraag die conform het vierde lid de hoogste score behaalt. - Na toewijzing/toekenning van de pilot kunnen geen nieuwe aanvragen worden ingediend. Artikel 8. Beoordelingskader pilot AH De ingediende pilotvoorstellen worden beoordeeld op basis van onderstaand beoordelingskader. Per onderdeel wordt een score toegekend van 0, 2, 4, 6, 8 of 10 punten. Naarmate een voorstel beter aansluit bij het afwegingskader van de gemeente Midden-Groningen (bijlage 1: Notitie strategie Pilots Aanvullende Hulp), worden meer punten toegekend. Let op: de tekst tussen haakjes bij de onderdelen 1 t/m 4 verwijst rechtstreeks naar de corresponderende onderdelen in bijlage 1 van de Notitie Strategie Pilots Aanvullende Hulp. 1. Vraagstukken pilot (Doelbereik, Samenhang en relevantie– conform bijlage I) Gewogen op volledigheid, scherpte en aansluiting op de pilotdoelen. Ga in uw beantwoording in ieder geval in op de volgende onderdelen: - De aanvrager geeft antwoord op de ambities en vraagstukken van de pilot uit de Notitie strategie pilots Aanvullende Hulp en reflecteert hierop; - De aanvrager geeft een duidelijke schets van de uitvoering van de pilot; - Het voorstel toont een duidelijke relevantie voor de pilot en de regionale ontwikkelopgave. Score: 0 – 10 punten 2. Relevante ervaring en deskundigheid (Legitimiteit – conform bijlage I) Beoordeling van de organisatie en professionaliteit van de aanvrager. Ga in uw beantwoording in ieder geval in op de volgende onderdelen: - De aanvrager heeft ervaring met aanvullende hulp, vergelijkbare pilots of relevante methodieken. - Deskundigheid van het personeel is passend bij de aard en doelgroep van de pilot. Score: 0 – 10 punten 3. Samenwerking met gemeente en stakeholders (Betrouwbaarheid en uitvoerbaarheid – conform bijlage I) Beoordeling van kwaliteit, betrokkenheid en realisme van samenwerkingsrelaties. Ga in uw beantwoording in ieder geval in op de volgende onderdelen: - De samenwerking met de gemeente is helder beschreven en realistisch geborgd. - Indien van toepassing: samenwerking met onderwijsinstellingen, huisartsen, lokale teams en andere betrokken professionals is overtuigend uitgewerkt. - Het voorstel toont begrip van het regionale speelveld en benut bestaande structuren. Score: 0 – 10 punten 4. Begroting (Uitvoerbaarheid – conform bijlage I) Beoordeling van de financiële onderbouwing. Ga in uw beantwoording in ieder geval in op de volgende onderdelen: - De subsidieaanvraag bevat een afzonderlijke begroting die aansluit bij de beschreven activiteiten; - Alleen ontwikkelkosten zijn opgenomen in de begroting; - De begroting is realistisch, transparant en logisch opgebouwd. Score: 0 – 10 punten Artikel 9. Subsidieplafond Het subsidieplafond van deze subsidieregeling is gelijk aan het bedrag dat daartoe in de geldende jaarlijkse begroting is opgenomen. Artikel 10. Aanvullende weigeringsgronden De aanvragen moet minimaal twee jaar ervaring hebben met het daadwerkelijk verlenen van gecontracteerde jeugdhulp binnen de Open House-overeenkomst. Artikel 11. Bevoegdheid college Op grond van bijzondere omstandigheden kan het college gemotiveerd afwijken van een van bovenstaande bepalingen. Artikel 12. Verplichtingen De verplichtingen zoals benoemd in artikel 11 en 13 tot en met 15 van de Algemene subsidieverordening Midden-Groningenzijn van overeenkomstige toepassing. Artikel 13. Inwerkingtreding, duur en citeertitel - Deze regeling treedt inwerking met ingang van de dag na bekendmaking in het Gemeenteblad. - De subsidieregeling geldt tot en met het […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.