Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Exploitatie Beheerde Speelvoorzieningen 2025-2027

Gemeente Maastricht

Publiekrechtelijke rechtspersonen zonder winstoogmerk die beheerde speelvoorzieningen exploiteren en statutair in Maastricht zijn gevestigd.

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026 · via subsidies.gemeentemaastricht.nl
Max. bedrag
€ 15k
per aanvraag
Deadline
Doorlopend
aan te vragen
Budget
€ 33k
totaal beschikbaar

Waar is deze subsidie voor?

Exploitatiesubsidie voor beheerde speeltuinen in Maastricht gericht op beweegparticipatie van kinderen. Maximaal €9.000 per jaar voor speeltuinen tot 10.000 m² en €15.000 voor grotere speeltuinen. Totaal subsidieplafond €33.000 per kalenderjaar.

Voor wie is het bedoeld?

Publiekrechtelijke rechtspersonen zonder winstoogmerk die beheerde speelvoorzieningen exploiteren en statutair in Maastricht zijn gevestigd.

Stichting

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor exploitatie van een beheerde speeltuin
  • Financiering van onderhouds- en vervangingskosten speeltoestellen
  • Ondersteuning van vrijwilligerswerk in speeltuinen

Voorwaarden

  • Beheerde speeltuin moet minimaal 3 dagen per week geopend zijn met minimum 18 uren per week in periode april tot oktober
  • Activiteiten moeten bijdragen aan minstens één van zes programmalijnen (aangepast bewegen, in beweging komen, beter bewegen, samen bewegen, spannender bewegen, eenvoudiger bewegen)
  • Activiteiten moeten toegankelijk zijn voor burgers en uitgevoerd met inzet van vrijwilligers
  • Aanvraag moet voor 1 november voorafgaand aan het jaar worden ingediend
  • Verdeling op volgorde van ontvangst (first-come-first-served) tot subsidieplafond bereikt

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een stichting
Uw rechtsvorm is: Stichting
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Maastricht.

Openstellingen en rondes

Ronde 2027Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt
Ronde 2026Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Documenten

  • Uitvoeringsnota Sport- en Beweegstimulering 2020- 2025.pdf · 24 pag.
    Toon documenttekst
    Uitvoeringsnota Sport-
    en Bewegingsstimulering
    2020-2025 	| september 2020
    -- 1 of 24 --
    1 	Inleiding 	2
    2 	Hebben we onze doelstellingen bereikt? 	4
    2.1 	Inleiding 	4
    2.2 	De sport- en beweegdeelname in Maastricht 	4
    2.3 	Sporten en bewegen naar wijken 	6
    2.4 	Sporten en bewegen naar leeftijdsgroepen 	9
    2.5 	Vitale verenigingen 	11
    2.6 	Het programma van Maastricht Sport 	13
    2.7 	Conclusies 	14
    3 	Wat betekent dit voor sportstimulering in Maastricht tot 2025? 	15
    3.1 	Inleiding 	15
    3.2 	De ambities van Maastricht 	15
    3.3 	Onze uitgangspunten 	16
    3.4 	Zes programmalijnen 	18
    4 	Ons uitvoeringsprogramma 	22
    Inhoudsopgave
    -- 2 of 24 --
    2 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    1
    Inleiding
    DE CONTEXT
    In 2013 heeft de gemeenteraad de Sportnota 2020 Mee®bewegen vastgesteld. In die sportnota werd uitvoerig
    ingegaan op de sport- en beweegparticipatie van de Maastrichtenaren. Daaruit bleek dat onze inwoners gemid-
    deld minder bewegen dan inwoners van andere gemeenten en ook minder vaak. De hoofddoelstelling van de
    nota was daarom ook om de sport- en beweegparticipatie van de inwoners van onze stad te verhogen. Letter-
    lijk zijn de volgende doelstellingen in de nota opgenomen:
    • In 2020 moet de (gemiddelde) sportparticipatie in de gemeente Maastricht dichter bij het gemiddelde van
    vergelijkbare gemeenten zijn gekomen en minimaal 65% bedragen.
    • In 2020 moet de (gemiddelde) beweegparticipatie (Nederlandse Norm Gezond Bewegen) in gemeente Maas-
    tricht dichter bij het gemiddelde van vergelijkbare gemeenten zijn gekomen en minimaal 53% bedragen.
    Destijds is ‘handen en voeten’ gegeven aan deze doelstellingen door middel van vier pijlers, t.w.:
    • Pijler 1, sport- en beweegstimulering: De gedachte was om voor elke inwoner binnen een straal van 1.000
    meter vanaf de woning een veilig en toegankelijk beweegaanbod te bieden. Ook een breed en gevarieerd
    programma van stimuleringsmaatregelen en een specifieke inzet op jeugd, ouderen en buurten waar de
    sportdeelname het laagst was, behoorden tot deze pijler.
    • Pijler 2, Accommodaties: Gestreefd werd naar een goed accommodatieaanbod dat was afgestemd op de
    vraag/behoefte van de inwoners. In de nota werd ook ingezet op de ongeorganiseerde sport door recreanten
    voldoende ruimte te bieden op de sportparken en in de buitenruimte.
    • Pijler 3, Sportparkmanagement: Op de multifunctionele sportparken werd ingezet op sportparkmanagement.
    Dit om het gedeelde gebruik van voorzieningen in goede banen te leiden en ook om inwoners de gelegenheid
    te bieden om ongeorganiseerd te sporten/bewegen op deze parken.
    • Pijler 4, Verenigingsondersteuning: Sterke, vitale en financieel gezonde verenigingen werden als onmisbare
    schakel gezien in het verhogen van de sportdeelname. Daarom werd ondersteuning aan de verenigingen
    opgezet. Dit betrof zowel algemene ondersteuning (kennisoverdracht over thema’s zoals nieuwe wet- en
    regelgeving, fiscaliteit, trends, etc.) als ook maatwerkondersteuning.
    Pijler 1 en 4 zijn onderwerp van deze nota. Deze pijlers zijn elk jaar door Maastricht Sport vertaald naar een
    activiteitenprogramma dat telkens was ingedeeld naar de volgende programmalijnen:
    • Programmalijn Sport: Deze programmalijn was ingericht om de verenigingsondersteuning concreet te
    maken.
    • Programmalijn Onderwijs: Activiteiten binnen deze programmalijn waren erop gericht om kinderen in het
    primair onderwijs enthousiast te maken over sport en bewegen. De kern werd gevormd door ‘Basisschool in
    Beweging’, een maatwerkprogramma om per school sporten en bewegen te stimuleren.
    • Programmalijn Zorg en Participatie: De activiteiten van Maastricht Sport in de programmalijn Zorg en
    Participatie zijn grotendeels gericht op burgers en wijken in de stad Maastricht die een extra steun in de rug
    kunnen gebruiken. Een van de programma’s die zich richt op mensen met een extra hulpvraag is Zorg in
    Beweging. Met verschillende partners wordt samengewerkt om bewegen voor iedereen mogelijk te maken,
    -- 3 of 24 --
    3 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    ook voor wie dit niet vanzelfsprekend is. In de hele stad worden passende sportactiviteiten verzorgd voor
    iedereen: fanatiek sporter of beginner, met of zonder beperking, herstellende, jong en oud.
    • Programmalijn Gezondheid: Binnen de programmalijn Gezondheid werd ingezet op enkele sport- en beweeg-
    programma’s om de gezondheid en fysieke en mentale gesteldheid van de inwoners te verbeteren. Om duur-
    zaam bewegen te bevorderen werkt Maastricht Sport hierbij met name samen met de eerste- en tweedelijns
    gezondheidszorg en staat het plezier in bewegen centraal in de op maat gemaakte programma’s.
    • Programmalijn Activiteiten en evenementen: Om jong en oud te laten sporten en bewegen, organiseert
    Maastricht Sport jaarlijks diverse activiteiten en evenementen. Daarnaast wordt er aangehaakt bij sport-
    evenementen in de stad.
    UITVOERINGSNOTA SPORT EN BEWEGEN 2020-2025
    Voor u ligt de uitvoeringsnota Sport- en Bewegingsstimulering 2020 – 2025. Deze uitvoeringsnota is aan-
    gekondigd in de begroting 2020. In deze nota geven wij eerst een terugblik over de afgelopen jaren. We
    beantwoorden hierin de vraag of de doelstellingen rondom de sport- en beweegdeelname uit de sportnota zijn
    behaald en of en in welke mate de programma’s voor beweegstimulering daaraan hebben bijgedragen. Die
    terugblik eindigt met conclusies. Daarna geven we u inzicht in de uitgangspunten die ten grondslag liggen
    aan onze plannen voor 2020-2025. Vervolgens geven wij u een beeld van de activiteiten en programma’s die
    wij willen uitvoeren.
    Nogmaals, deze nota richt zich op de evaluatie van en vooruitblik op de pijlers 1 (sport- en beweegstimulering)
    en 4 (verenigingsondersteuning). De pijlers 3 en 4 komen aan de orde in andere nota’s die in 2021 gaan
    verschijnen: de nota 2e tranche binnensportaccommodaties en de nota Beweegvriendelijk Maastricht).
    De samenhang tussen al deze nota’s is neergelegd in de bouwstenenennotitie Sport en Bewegen.
    -- 4 of 24 --
    4 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    2
    Hebben we onze doelstellingen
    bereikt?
    2.1 	INLEIDING
    In het vorige hoofdstuk is vermeld dat de gemeente Maastricht in 2013 ambitieuze doelstellingen heeft gefor-
    muleerd voor de sport- en beweegdeelname in de stad. In dit hoofdstuk wordt beschreven of deze doelstel-
    lingen zijn behaald. Eerst wordt een beeld geschetst van de ontwikkeling van de sport- en beweegdeelname
    over de afgelopen jaren. Daarna wordt inzicht gegeven in de effectiviteit van de stimuleringsprogramma’s
    van Maastricht Sport. Daarbij is gebruik gemaakt van:
    • De Buurtmonitor, die per wijk zicht geeft op de sport- en beweegdeelname in 2010, 2014 en 2018 voor de
    18+ inwoners.
    • De evaluatie van de stimuleringsprogramma’s van Maastricht Sport die onlangs is uitgevoerd door het
    Kenniscentrum Sport en Bewegen (rapport als bijlage toegevoegd).
    Sport op de Kaart, een kennisbank met gegevens over de sportdeelname in Nederlandse gemeenten.
    2.2 	DE SPORT- EN BEWEEGDEELNAME IN MAASTRICHT
    Hoofddoelstelling van de sportnota van 2013 en alle activiteiten op het gebied van beweegstimulering van
    Maastricht Sport was om meer Maastrichtenaren te laten sporten en bewegen. Destijds zijn concrete doel-
    stellingen geformuleerd.
    • Doelstelling 1: 65% van de inwoners van Maastricht moet de RSO-norm halen (minimaal 12 keer per jaar
    sporten voor personen van 6 jaar en ouder).
    • Doelstelling 2: 53% van de inwoners moet voldoen aan de Nederlandse Norm Gezond Bewgen (volwassenen
    5 dagen per week minstens 30 minuten bewegen, voor kinderen 5 dagen per week minstens 60 minuten
    bewegen).
    De samenstelling van de bevolking in Maastricht
    Voor een juiste interpretatie van de cijfers over de sport- en beweegdeelname van de inwoners van Maastricht is
    het van belang om eerst inzicht te geven in de bijzondere samenstelling van de bevolking. De samenstelling van
    de Maastrichtse bevolking naar leeftijdsgroepen wijkt op twee punten fors af van het landelijke gemiddelde,
    t.w.:
    • Het aandeel kinderen (0 tot en met 14 jaar) is verhoudingsgewijs een stuk lager dan landelijk gemiddeld. In
    Maastricht is 10,5% van de bevolking jonger dan 15 jaar, landelijk is dat 15,9%. Juist deze groep is naar ver-
    houding vaak lid van een sportvereniging en sport en beweegt naar verhouding relatief vaker.
    • Het aandeel tieners en jong volwassenen (15 tot en met 24 jaar) is in Maastricht veel hoger dan landelijk
    gemiddeld. Dit vindt zijn oorzaak in de grote studentenpopulatie (Maastricht University en de HBO’s). Deze
    groep beweegt en sport veel, maar doorgaans niet bij de Maastrichtse sportverenigingen.
    In de volgende figuur is de Maastrichtse bevolkingssamenstelling weergegeven en vergeleken met die van
    Nederland.
    -- 5 of 24 --
    5 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Figuur 1: Bevolkingssamenstelling Maastricht naar leeftijdsklassen en vergeleken met Nederland.
    RSO-norm
    In 2010 behaalde 57% van de inwoners van 18+ in Maastricht de RSO-norm. Dat percentage was in 2014 gestegen
    naar 59% en in 2018 naar 60% (bron: Buurtmonitor). Dit is een behoorlijke stijging waar nog een aantal
    correcties op moet worden toegepast. De Buurtmonitor 2018 brengt namelijk uitsluitend de sport- en beweeg-
    deelname in kaart van de inwoners van 18 jaar en ouder. De sport- en beweegdeelname van kinderen en
    jongeren is – zoals al eerder vermeld – fors hoger dan die van de inwoners van 18 jaar en ouder. Als deze cijfers
    worden meegenomen, dan stijgt het percentage inwoners dat de RSO-norm haalt met 3 % tot 4%. Het Kennis-
    centrum Sport en Bewegen heeft dan ook de conclusie getrokken dat de doelstelling van 65% in 2020 waar-
    schijnlijk wordt behaald.
    Nederlandse Norm Gezond Bewegen (NNGB)
    In 2018 voldeed 58% van de inwoners van 18+ van Maastricht aan de NNGB-norm. Deze doelstelling (53%) is
    daarmee ruimschoots behaald.
    Andere indicatoren
    Voor de volledigheid geven wij u ook inzicht in andere indicatoren die landelijk en per gemeente op een uniforme
    manier in kaart worden gebracht. De eerste indicator is het percentage inwoners dat voldoet aan de beweeg-
    richtlijnen van de Gezondheidsraad. Die beweegrichtlijnen zijn verbijzonderd voor kinderen, volwassenen en
    ouderen en omschrijven de frequentie, de duur en het type bewegen. De tweede indicator is het percentage
    inwoners dat wekelijks sport.
    In de volgende figuur zijn de scores voor Maastricht weergegeven en vergeleken met andere gemeenten in
    Limburg en met het Nederlandse gemiddelde.
    Figuur 2: Sporten en bewegen in Maastricht vergleken met Limburgse gemeenten en Nederland (Bron: Sport op de Kaart).
    -- 6 of 24 --
    6 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Uit de figuur blijkt dat de Maastrichtse scores ongeveer gelijk zijn aan het Nederlandse gemiddelde. Ook blijkt
    dat Maastricht aanzienlijk beter scoort dan andere grotere gemeenten in Zuid Limburg en ook iets beter dan
    gemeenten in Midden en Noord Limburg.
    Samengevat geldt dat de sport- en beweegdeelname stadsbreed de toets der kritiek inmiddels ruimschoots kan
    doorstaan. De doelstellingen uit 2013 zijn bereikt en Maastricht kan zich inmiddels meten met het Nederlands
    gemiddelde. Dat was in 2013 nog beslist niet het geval.
    2.3 	SPORTEN EN BEWEGEN NAAR WIJKEN
    Verschillen tussen wijken
    De evaluatie heeft zich ook gericht op de sport- en beweegdeelname in de verschillende wijken van de gemeente.
    Die analyse geeft en beeld van grote onderlinge verschillen. In sommige wijken is de sport- en beweegdeelname
    zeer hoog, terwijl in andere wijken de scores zeer laag zijn. Deze verschillen zijn zichtbaar in alle grotere
    steden en Maastricht is daar geen uitzondering op. In de volgende grafieken wordt een beeld gegeven van deze
    verschillen.
    • In de eerste twee grafieken wordt het percentage inwoners 18+ dat de RSO-norm (minimaal 12 keer per jaar
    sporten) behaalt weergegeven. In die grafieken zijn de 10 wijken met de hoogste score (groen) en de 10
    wijken met de laagste score (rood) weergegeven.
    • De twee daarop volgende grafieken geven het percentage inwoners weer dat wekelijks sport, wederom voor
    de 10 wijken met de hoogste score en de 10 wijken met de laagste score.
    RSO-norm
    Wekelijks sporten
    Figuur 3: Sport- en beweegdeelname naar wijken. Bron: Buurtmonitor Gemeente Maastricht.
    -- 7 of 24 --
    7 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Bij het samenvoegen van alle scores ontstaat een beeld van wijken met een hoge sport- en beweegdeelname,
    wijken met een gemiddelde score en wijken met een lage score. In de volgende figuur is dat beeld schematisch
    naar wijken weergegeven (donkergroen = hoog, licht groen = gemiddeld, rood = laag).
    Uit de figuur blijkt dat de deelname het hoogst is in het centrum en zuidwest (Sint-Pieter, Jekerdal, Villapark,
    Biesland, Campagne en Wolder). De deelname is gemiddeld in Daalhof-Hazendans, zuidoost, Amby en Scharn.
    In de grootste delen van Noordwest en Noordoost is de sport- en beweegdeelname het laagst.
    Stijgers en dalers
    Deze verschillen tussen de wijken zijn niet nieuw. Ook in 2013 waren deze verschillen zichtbaar en werden
    vergelijkbare conclusies getrokken over wijken met hoge, gemiddelde en lage scores. Voor deze evaluatie is het
    daarom interessant om vast te stellen hoe de ontwikkeling in de verschillende wijken de afgelopen jaren is
    geweest. Immers, de inzet van Maastricht Sport is vooral gericht geweest op de wijken met de lage scores.
    Juist daar was een verbetering van de sport- en beweegdeelname beoogd.
    Om deze vraag te beantwoorden zijn de Maastrichtse wijken in vier groepen verdeeld, t.w.:
    • Groep 1: De tien wijken met de hoogste scores op het gebied van sport- en beweegdeelname.
    • Groep 2: De tien daaropvolgende wijken
    • Groep 3: De tien daarop volgende wijken
    • Groep 4: De tien wijken met de laagste scores op het gebied van sport- en beweegdeelname.
    Voor elk van deze groepen is de sport- en beweegdeelname in 2018 berekend (RSO-norm, wekelijks sporten en
    het percentage inwoners dat voldoet aan de Nederlandse Norm Gezond Bewegen). Ook is voor elk van deze
    groepen becijferd hoe de sport- en beweegdeelname zich heeft ontwikkeld van 2010 tot 2018. In de volgende
    tabel zijn de resultaten weergegeven.
    Figuur 4: Sport- en beweegdeelname naar wijken.
    -- 8 of 24 --
    8 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Groep 1
    1-10
    Groep 2
    10-20
    Groep 3
    20-30
    Groep 4
    30-40 	Totaal*
    RSO 2018 	72% 	65% 	57% 	47% 	60%
    Verandering t.o.v. 2010 	4% 	1% 	1% 	-2% 	3%
    Wekelijks sporten 2018 	60% 	54% 	47% 	37% 	49%**
    Verandering t.o.v. 2010 	6% 	3% 	2% 	-2% 	3%
    NNGB 2018 	64% 	56% 	58% 	60% 	58%***
    Verandering t.o.v. 2010 	15% 	11% 	7% 	9% 	9%
    Tabel 1: Ontwikkeling sportdeelname naar groepen van wijken. Bron: Buurtmonitor Gemeente Maastricht.
    * 	De kolom totaal geeft het gewogen gemiddelde van de sport- en beweegdeelname van alle Maastrichtse wijken tezamen weer.
    ** 	Dit geeft het percentage weer van de inwoners van 18 jaar en ouder. In figuur 1 (waar 52% staat vermeld) is het percentage
    weergegeven vanaf 6 jaar.
    *** Dit geeft het percentage weer van de inwoners van 18 jaar en ouder.
    De tabel laat het volgende zien:
    • In de wijken met de hoogste sport- en beweegdeelname zijn de scores de afgelopen acht jaar het meest
    gestegen. Met andere woorden, in de wijken waar het toch al goed ging is de situatie sterk verbeterd.
    • In de wijken die min of meer gemiddeld scoren is de situatie ook verbeterd, zij het minder dan in groep 1
    (de 10 wijken met de hoogste sportdelname).
    • In de wijken met de laagste scores is het beeld gedifferentieerd. In die wijken is de score op het gebied van
    wekelijks sporten en de RSO-norm gedaald. Ondanks alle inspanningen die de afgelopen jaren zijn geleverd
    is de sport- en beweegdeelname niet hoger geworden. Echter, het percentage inwoners dat voldoet aan de
    Nederlandse Norm Gezond Bewegen is in die wijken toegenomen, zij het minder dan in de de 20 wijken met
    de hoogste score.
    In de volgende grafiek zijn de scores in 2018 en de ontwikkeling ten opzichte van 2010 per wijk weergegeven.
    De grafiek moet als volgt worden gelezen:
    • De blauwe stippen in de grafiek zijn de Maastrichtse wijken. De namen van de wijken zijn niet weergegeven
    omdat de grafiek anders onleesbaar zou worden.
    • De horizontale as geeft de score weer aan de hand van de RSO-norm (het percentage inwoners van de wijk
    dat de score behaalt).
    • De verticale as geeft de ontwikkeling weer van 2010 tot en met 2018 (met hoeveel procent is de score toe-
    of afgenomen de afgelopen jaren).
    • De rode stippellijn geeft de trend weer.
    .
    Figuur 5: Ontwikkeling RSO-
    scores per wijk 2010-2018.
    Bron: Buurtmonitor Gemeente
    Maastricht
    -- 9 of 24 --
    9 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Ook deze grafiek bevestigt het algemene beeld. De stippen aan de linkerkant van de grafiek (de wijken met de
    lage scores) laten in zijn algemeenheid een achteruitgang zien. De wijken aan de rechterkant (met de hogere
    scores) over het algemeen een verbetering.
    De prioriteitswijken
    In de nota van 2013 werden 16 wijken benoemd waar de aandacht vooral naar uit diende te gaan. In de volgende
    tabel is weergegeven wat de ontwikkeling is geweest van deze 16 wijken.
    Prioriteitswijken 2013
    RSO 2018 	55%
    Verandering t.o.v. 2010 	2%
    Wekelijks sporten 2018 	46%
    Verandering t.o.v. 2010 	3%
    Tabel 2: Ontwikkeling sportdeelname in de prioriteitswijken van 2013.Bron: Buurtmonitor Gemeente Maastricht.
    Uit de tabel blijkt dat de sportdeelname in de prioriteitswijken iets is toegenomen. De grootste stijgers
    en dalers zijn:
    Stijgers 	% stijging 	Dalers 	% stijging
    Heugem 	14% 	Malpertuis 	-7%
    Heugemerveld 	14% 	Wyckerpoort 	-6%
    Sint Maartenspoort 	12% 	Limmel 	-6%
    Mariaberg 	8% 	Caberg 	-3%
    Amby 	5%
    Tabel 3: Stijgers en dalers binnen de prioriteitswijken
    2.4 	SPORTEN EN BEWEGEN NAAR LEEFTIJDSGROEPEN
    Maastricht Sport heeft de afgelopen jaren ook specifiek ingezet op kinderen en op senioren. Met de evaluatie is
    ook nagegaan in welke mate de sport- en beweegdeelname binnen die groepen is verhoogd.
    Kinderen
    Voor deze leeftijdsgroep zijn geen specifieke cijfers voorhanden. De buurtmonitor richt zich op 18 jaar en ouder
    en ook de GGD beschikt niet over specifieke cijfers.
    Volwassenen
    De sport- en beweegdeelname onder de groep 19 tot 65 jaar is – stadsbreed – ronduit goed. Voor drie indicatoren
    (voldoen aan beweegrichtlijnen, wekelijkse sportdeelname en NNGB) geldt dat de scores binnen deze groep
    gelijk zijn aan of zelfs iets hoger dan het Nederlandse gemiddelde. In vergelijking tot de cijfers in Limburg,
    scoort Maastricht zelfs goed.
    -- 10 of 24 --
    10 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    Maastricht
    GGD
    Zuid-Limburg
    GGD
    Noord-Limburg
    Provincie
    Limburg 	Nederland
    Voldoen aan beweegrichtlijnen 	56,8% 	48,6% 	55,5% 	51,7% 	56,0%
    Wekelijkse sportdeelname 	57,7% 	51,2% 	52,9% 	55,9% 	56,3%
    NNGB 	60,5% 	53,8% 	58,6% 	52,0% 	60,3%
    Tabel 4: Sport- en beweegdeelname volwassenen Maastricht vergeleken met de regio en Nederland. Bron: Kenniscentrum Sport en Bewegen.
    Senioren
    Het beeld voor de Maastrichtse senioren is minder positief. Op dezelfde indicatoren zijn de scores (beduidend)
    lager dan die van de regio en het Nederlandse gemiddelde.
    Maastricht
    GGD
    Zuid-Limburg
    GGD
    Noord-Limburg
    Provincie
    Limburg 	Nederland
    Voldoen aan beweegrichtlijnen 	29,7% 	28,8% 	41,8% 	34,5% 	36,9%
    Wekelijkse sportdeelname 	31,5% 	31,1% 	36,3% 	33,4% 	34,8%
    NNGB 	64,1% 	64,9% 	75,2% 	69,4% 	72,1%
    Tabel 5: Sport- en beweegdeelname senioren Maastricht vergeleken met de regio en Nederland. Bron: Kenniscentrum Sport en Bewegen.
    -- 11 of 24 --
    11 UITVOERINGSNOTA SPORT- EN BEWEGINGSSTIMULERING 2020-2025
    2.5 	VITALE VERENIGINGEN
    Een belangrijke doelstelling van de sportnota was het thema ‘vitale verenigingen’. Vitale verenigingen werden
    gezien als belangrijke partner om de sport- en beweegdeelname te verhogen. In het kader van deze evaluatie is
    het dus van belang om een beeld te geven van ‘de staat van het verenigingsleven’ in Maastricht.
    In de volgende tabel is weergegeven welk percentage van de inwoners van Maastricht lid is van 
    
    […tekst ingekort]

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
Een subsidie voor een beheerde speeltuin met een totale grondoppervlakte groter dan 10.000 m2 bedraagt maximaal €15.000,- per jaar.
Subsidieregeling Exploitatie Beheerde Speelvoorzieningen 2025-2027
  • Toon brontekst
    Overslaan en naar de inhoud gaan Menu Zoeken Subsidie aanvragen Lees eerst de subsidieregeling Mijn loket Voor wie? Publiekrechtelijke rechtspersonen zonder winstoogmerk, zijnde organisaties van beheerde speelvoorzieningen, die statutair gevestigd zijn in Maastricht en die actief zijn in Maastricht. Waarvoor? Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de exploitatie van beheerde speeltuinen. Voorwaarden Voorwaarden om een subsidie te kunnen krijgen zijn onder andere: Activiteiten dienen bij te dragen aan het bereiken van ten minste één van de zes programmalijnen (beleidsdoelen) zoals verder omschreven in de Uitvoeringsnota Sport- en Beweegstimulering 2020- 2025, namelijk: aangepast bewegen; in beweging komen; beter bewegen; samen bewegen; spannender bewegen; eenvoudiger bewegen. De activiteiten dienen: toegankelijk te zijn voor inwoners; uitgevoerd te worden met inzet van vrijwilligers; plaats te vinden in een beheerde speeltuin in de gemeente Maastricht tijdens reguliere openingstijden; gericht te zijn op het verbinden van inwoners aan de eigen stad en de eigen leefomgeving; gericht te zijn op het spelenderwijs in beweging te brengen van kinderen. Wanneer uiterlijk indienen? De aanvraag dient vóór 1 november voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft te zijn ingediend. Let op: kosten die vóór de indiening van de aanvraag zijn gemaakt zijn niet subsidiabel. Hoogte van de subsidie? Voor een beheerde speeltuin met een totale grondoppervlakte tot en met 10.000 m2: maximaal € 9.000,00 per jaar. Voor een beheerde speeltuin met een totale grondoppervlakte groter dan 10.000 m2: maximaal € 15.000,00 per jaar. Meesturen? In uw subsidieaanvraag dient u: inzichtelijk te maken hoe het project of de activiteit wordt uitgevoerd; inzichtelijk te maken hoe de activiteit bijdraagt aan de beoogde doelstellingen en actielijnen zoals omschreven in de Uitvoeringsnota Sport- en Beweegstimulering 2020-2025; een overzicht te geven van de aan de activiteit verbonden begrote inkomsten en uitgaven (begroting). Indien u een rechtspersoon bent en voor de eerste keer een subsidie aanvraagt: een exemplaar van de oprichtingsakte of de statuten; het jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar. Contact Heeft u inhoudelijke vragen? Neem dan contact op met de beleidsmedewerker Doy Sieben-Godinho via 06 46 14 20 07 of per e-mail via Doy.Sieben [at] maastricht.nl (Doy[dot]Sieben[at]maastricht[dot]nl) Heeft u vragen over de procedure? Dan kunt u contact opnemen met de subsidieverlener Palmyre Partouns via (043) 350 31 34 of Palmyre.Partouns [at] maastricht.nl (Palmyre[dot]Partouns[at]maastricht[dot]nl).
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Exploitatie Beheerde Speelvoorzieningen 2025-2027
    Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht;
    Gezien het voorstel van Burgemeester en Wethouders d.d. 9 september 2025;
    - De subsidieregeling Exploitatie beheerde speelvoorzieningen 2025-2027 vast te stellen.
    - De subsidieregeling Exploitatie beheerde speelvoorzieningen 2024-2026 in te trekken.
    - De subsidieregeling Vervanging beheerde speelvoorzieningen 2024-2026 in te trekken.
    Overwegende dat het gemeentebestuur streeft naar het ondersteunen van beheerde speelvoorzieningen en het verhogen van de beweegparticipatie van kinderen, door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen;
    Gelet op de Algemene subsidieverordening 2020 Maastricht;
    Besluit vast te stellen de Subsidieregeling Exploitatie Beheerde Speelvoorzieningen 2025-2027.
    
    Artikel 1. Definities
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - Asv: Algemene subsidieverordening 2020 Maastricht;
    - Beheerde speelvoorziening: of beheerde speeltuin die al dan niet vrij toegankelijk is en tijdens reguliere openingstijden voorzien is van een aanwezige beheerder. De beheerde speeltuin is een stichtingen zonder winstoogmerk en draagt de verantwoordelijkheid voor de uitbating en het onderhoud van de speeltuin;
    - Boekjaar: ofwel kalenderjaar; het boekjaar loopt vanaf 1 januari tot en met 31 december;
    - College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maastricht;
    - Exploitatiesubsidie: een subsidie in het exploitatietekort die wordt berekend op basis van (percentages van) de geraamde kosten van een organisatie.
    - Inhoudelijk verslag: een verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan.
    - Kinderen: kinderen in de leeftijd van 0 tot en met 12 jaar;
    - Programma van activiteiten: reeks van activiteiten binnen het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
    - Reguliere openingstijden: een beheerde speelvoorziening dient in de periode van begin april tot en met half/eind oktober minimaal 3 dagen per week met een minimum van 18 uren per week geopend te zijn;
    - Speeltuin: een vorm van formele speelruimte die is ingericht met veilige op de doelgroep afgestemde speeltoestellen zoals schommels, glijbanen, klimrekken etc., die aansluiten bij de ruimtelijke structuur van de omgeving;
    - Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies krachtens een bepaald wettelijk voorschrift;
    - Vrijwilligersbijdragen: de bijdrage voor vrijwilligers zoals door de Belastingdienst bepaald;
    - Vervanging: Het vervangen van een oud speeltoestel door een nieuw toestel en/of het plaatsen van een nieuw speeltoestel.
    
    Artikel 2. Toepassingsbereik
    Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van exploitatiesubsidies door burgemeester en wethouders voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.
    
    Artikel 3. Activiteiten
    1..
    Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan de exploitatie van beheerde speeltuinen.
    2..
    Activiteiten dienen bij te dragen aan het bereiken van ten minste een van de zes programmalijnen (beleidsdoelen) zoals verder omschreven in de uitvoeringsnota Sport- en Beweegstimulering 2020-2025, namelijk:
    - Aangepast bewegen.
    - In beweging komen.
    - Beter bewegen.
    - Samen bewegen.
    - Spannender bewegen.
    - Eenvoudiger bewegen.
    3..
    De activiteiten dienen:
    - toegankelijk te zijn voor burgers;
    - uitgevoerd te worden met inzet van vrijwilligers;
    - plaats te vinden in een beheerde speeltuin in de gemeente Maastricht tijdens reguliere openingstijden;
    - gericht te zijn op het verbinden van inwoners aan de eigen stad en de eigen leefomgeving;
    - gericht te zijn op het spelenderwijs in beweging te brengen van kinderen.
    
    Artikel 4. Doelgroep
    Subsidie op grond van deze regeling kan uitsluitend worden aangevraagd door publiekrechtelijke rechtspersonen zonder winstoogmerk, zijnde organisaties van beheerde speelvoorzieningen, die statutair gevestigd zijn in Maastricht en die actief zijn in Maastricht.
    
    Artikel 5. Subsidieplafond
    1..
    Voor subsidiabele activiteiten zoals bedoeld in artikel 3 bedraagt het subsidieplafond in totaal per kalenderjaar € 33.000,-.
    2..
    Jaarlijks vindt er een indexering van het subsidieplafond plaats.
    3..
    Wijzigingen in het subsidieplafond worden door het college vastgesteld en openbaar gemaakt.
    
    Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
    1..
    Voor subsidie komen de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van het project of de activiteit als bedoeld in artikel 3.
    2..
    Kosten die voor subsidie in aanmerking komen:
    - Vrijwilligersbijdragen.
    - Verzekeringen.
    - Kosten huur.
    - Belastingen.
    - Kosten afvalverwerking.
    - Kosten betaalsysteem en bankkosten.
    - Onderhoudskosten aan de speeltoestellen.
    - Onderhoud dat ten goede komt aan het gebruik van de speeltoestellen
    - Vervanging van de speeltoestellen.
    - Kosten die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor de uit te voeren activiteit, zoals omschreven in artikel 3.
    3..
    Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten van:
    - Kosten die door de subsidieaanvrager zijn gemaakt vóór de indiening van de aanvraag.
    - Kosten die gesubsidieerd of gefinancierd worden vanuit een andere subsidie- of inkooprelatie.
    - Kosten waarop een andere gemeentelijke subsidieregeling reeds toeziet.
    - Kosten voor activiteiten die (reeds) uit eigen middelen worden verricht en gefinancierd.
    
    Artikel 7. Hoogte van de subsidie
    1..
    Een subsidie voor een beheerde speeltuin met een totale grondoppervlakte tot en met 10.000 m2 bedraagt maximaal € 9.000,- per jaar.
    2..
    Een subsidie voor een beheerde speeltuin met een totale grondoppervlakte groter dan 10.000 m2 bedraagt maximaal €15.000,- per jaar.
    3..
    Jaarlijks vindt er een indexering van het subsidiebedrag plaats.
    
    Artikel 8. Wijze van verdeling
    1..
    Verdeling van subsidie vindt plaats op volgorde van ontvangst van complete aanvragen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgestelde subsidieplafond is bereikt.
    2..
    Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.
    3..
    Indien het vastgestelde subsidieplafond dreigt te worden overschreden of wordt overschreden als gevolg van het aantal aanvragen, worden de aanvragen gerangschikt op basis van het aantal jaren dat de beheerde speelvoorziening bestaat (van meeste jaren naar minste jaren).
    
    Artikel 9. Aanvraag
    1..
    De aanvraag dient:
    - inzichtelijk te maken hoe het project of de activiteit wordt uitgevoerd;
    - inzichtelijk te maken hoe de activiteit bijdraagt aan de beoogde doelstellingen en actielijnen zoals omschreven in de Uitvoeringsnota Sport- en Beweegstimulering 2020-2025;
    - een overzicht te geven van de aan de activiteit verbonden begrote inkomsten en uitgaven (begroting).
    2..
    Een rechtspersoon die voor de eerste keer subsidie aanvraagt, legt tevens over: een exemplaar van de oprichtingsakte of de statuten, alsmede van het jaarverslag, de jaarrekening of de balans van het voorgaande jaar.
    
    Artikel 10. Aanvraagtermijn
    In afwijking van artikel 7, eerste lid van de Asv, wordt een aanvraag om een subsidie die per kalenderjaar wordt verstrekt, ingediend voor 1 november voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.
    
    Artikel 11. Beslistermijn
    In afwijking van artikel 8, eerste lid van de Asv, beslissen burgemeester en wethouders op een aanvraag om een subsidie binnen 8 weken nadat de volledige aanvraag is ingediend.
    
    Artikel 12. Aanvullende weigeringsgronden
    Overeenkomstig artikel 9, derde lid, aanhef en onder f, van de Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht (ASV) 2020, kan subsidieverlening worden geweigerd als:
    - De subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente.
    - De middelen niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld.
    - Voor de activiteit of programma van activiteiten reeds subsidie is verleend door het college.
    - De aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met het algemeen belang of de openbare orde.
    - De activiteiten een politieke, godsdienstige of levensbeschouwelijke boodschap hebben.
    
    Artikel 13. Verplichtingen
    Burgemeester en wethouders kunnen in de verleningsbeschikking specifieke verplichtingen opleggen.
    
    Artikel 14. Verantwoording en subsidievaststelling2
    1..
    Conform artikel 13, tweede lid van de Asv, wordt bij subsidies tot en met €5.000,- in de verleningsbeschikking de wijze van verantwoording opgenomen.
    2..
    De verantwoording zoals bedoeld in lid 1 vindt plaats binnen 13 weken nadat de in de verleningsbeschikking gevraagde inlichtingen zijn verstrekt.
    3..
    Bij subsidies van meer dan € 5.000,- dient de subsidieontvanger uiterlijk 13 weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in.
    4..
    De aanvraag tot vaststelling zoals bedoeld in lid 3 bevat:
    - een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan; en
    - een jaarrekening of een financieel verslag bestaande uit een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten.
    5..
    De subsidie wordt vastgesteld op basis van de daadwerkelijk gemaakte kosten.
    6..
    Het vastgestelde bedrag kan niet hoger zijn dat het verleende bedrag.
    
    Artikel 15. Bevoorschotting
    1..
    In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 5.000,- wordt een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende subsidie.
    2..
    In geval van verlening van een subsidie van meer dan € 5.000,- wordt een voorschot verleend van 90%.
    
    Artikel 16. Hardheidsclausule
    1..
    In gevallen, de uitvoering van deze subsidieregeling betreffend, waarin deze subsidieregeling niet voorziet, beslist het college.
    2..
    Het college kan afwijken van de bepalingen in deze subsidieregeling, indien toepassing van deze subsidieregeling gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn in verhouding tot de daarmee te dienen belangen.
    
    Artikel 17. Slotbepalingen
    1..
    Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 oktober 2025.
    2..
    Deze subsidieregeling vervalt op 31-12-2027.
    3..
    Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Exploitatie Beheerde Speelvoorzieningen gemeente Maastricht 2025-2027.
    Aldus besloten door het College van Burgemeester en Wethouders van Maastricht d.d. 9 september 2025.
    De Secretaris,
    G.J.C. Kusters
    De Burgemeester,
    W.A.G. Hillenaar

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.