Status onbekendGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Harderwijk 2020

Gemeente Harderwijk

Voor kindercentra in Harderwijk die peuteropvang en/of voorschoolse educatie aanbieden aan kinderen van 2 tot 4 jaar.

Ook bekend als SPVE Harderwijk 2020, Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor kindercentra in Harderwijk die peuteropvang aanbieden aan kinderen van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag, en voorschoolse educatie aan kinderen met een VVE-indicatie. Subsidie wordt verleend per kalenderjaar of gedeelte daarvan, per kwartaal, met jaarlijks vastgestelde subsidieplafonds.

Voor wie is het bedoeld?

Voor kindercentra in Harderwijk die peuteropvang en/of voorschoolse educatie aanbieden aan kinderen van 2 tot 4 jaar.

Kindercentrum

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Ik wil subsidie aanvragen voor peuteropvang in mijn kindercentrum
  • Ik wil subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie met VVE-indicatie
  • Ik wil weten hoe subsidieplafonds worden verdeeld

Voorwaarden

  • Kindercentrum moet geregistreerd zijn in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
  • Voor peuteropvang: kinderen van ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag
  • Voor voorschoolse educatie: kinderen met een VVE-indicatie afgegeven door het CJG
  • Kinderen moeten in de gemeente Harderwijk wonen
  • Peuteropvang: maximaal 7 uur per week, gedurende 40 schoolweken per jaar
  • Voorschoolse educatie: 240 uur per half jaar voor 2-2,5 jarigen; 640 uur per jaar voor 2,5-4 jarigen
  • Aanvraag moet uiterlijk 30 september in het jaar voorafgaand aan het jaar worden ingediend
  • Kwartaalgegevens moeten worden geüpload in de Peutermonitor

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kindercentrum
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Harderwijk.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk houdende regels omtrent subsidie op peuterspeelwerk (Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Harderwijk 2020)
    Burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk;
    gelet op het bepaalde in artikel 4:21 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikel 2 en 3 van de Algemene Subsidieverordening Harderwijk 2020 (Asv), de Wet kinderopvang en de Wet op het primair onderwijs;
    overwegende dat het een wettelijke plicht is om voorschoolse educatie te realiseren en het wenselijk is peuteropvang te subsidiëren;
    besluiten vast te stellen de navolgende regeling:
    ‘SUBSIDIEREGELING PEUTEROPVANG EN VOORSCHOOLSE EDUCATIE HARDERWIJK 2020’.
    
    Hoofdstuk 1: algemene bepalingen
    
    Artikel 1. Begripsomschrijvingen
    In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
    - Asv: de Algemene subsidieverordening Harderwijk 2020;
    - Aanvraag: een aanvraag om subsidie zoals bedoeld in deze regeling die de aanvrager indient;
    - Aanvrager: de houder van een kindercentrum die een aanvraag indient op grond van deze regeling;
    - Bestuursrechtelijke handhaving: handhaving in de vorm van een genomen besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom, bestuursdwang of een bestuurlijke boete;
    - CJG: het Centrum voor Jeugd en Gezin;
    - College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk;
    - Houder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een kindercentrum exploiteert die staat vermeld in het Landelijk Register Kinderopvang;
    - Inkomensverklaring: een officiële verklaring – indien mogelijk van de Belastingdienst – met daarop de inkomensgegevens van een bepaald belastingjaar;
    - Kindercentrum: een voorziening in de gemeente Harderwijk waar kinderopvang plaatsvindt, anders dan gastouderopvang en geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang;
    - Kinderopvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het voortgezet onderwijs voor die kinderen begint;
    - Kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van het Rijk aan ouders bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor in het LRK geregistreerde kinderopvang;
    - Kinderopvangtoeslagtabel: tabel op basis waarvan voor peuteropvang en/of voorschoolse educatie een inkomensafhankelijke tariefstelling kan worden vastgesteld. Deze is gelijk aan de door het Rijk vastgestelde kinderopvangtoeslagtabel. Deze tabel wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld;
    - Landelijk Register Kinderopvang (LRK): register, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang, waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke eisen;
    - Maximumuurtarief: het bedrag dat als maximum uurprijs voor dagopvang bij een kindercentrum is opgenomen in artikel 4, eerste lid, van het Besluit kinderopvangtoeslag. Dit tarief wordt jaarlijks door het ministerie van SZW vastgesteld;
    - Ouders: ouders, voogden of verzorgers van een peuter die naar de peuteropvang gaat;
    - Ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de afname van kinderopvang, afgestemd op het toetsingsinkomen van het huishouden;
    - Peutermonitor: het door het college bekostigd ICT-systeem, waarvan het gebruik kosteloos is voor de subsidieontvanger;
    - Peuteropvang: educatieve opvang in een kindercentrum van kinderen van 2 tot 4 jaar in een horizontale stamgroep; gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool, gedurende maximaal 7 uur per week, gedurende één of twee weekdagen van ieder maximaal 3,5 uur, gedurende 40 (school)weken per jaar; die voldoet aan de wettelijke eisen die aan kinderopvang worden gesteld;
    - Peuters: in de gemeente Harderwijk woonachtige kinderen van 2 tot 4 jaar;
    - SiSa: Single information, Single audit;
    - Toetsingsinkomen: het inkomen dat telt voor toeslagen.
    - Voorschoolse educatie (VE): educatieve opvang in een kindercentrum van kinderen van 2 tot 4 jaar met extra en intensieve begeleiding gericht op het verkleinen van (het risico op) een taalachterstand; in een stamgroep van 2- en 3-jarigen gericht op peuters met een VVE-indicatie van 240 uur per half jaar voor peuters vanaf 2 jaar tot 2,5 jaar en van 640 uur per jaar voor peuters vanaf 2,5 jaar tot 4 jaar. Voor kinderen vanaf 2 jaar tot 2,5 jaar te verdelen over minimaal 2 dagen per week en voor kinderen vanaf 2,5 tot 4 jaar te verdelen over minimaal 3 dagen per week met een maximum van 6 uur per dag;
    - VVE-indicatie: een door het CJG afgegeven indicatie die aangeeft dat een peuter in aanmerking komt voor een aanbod voorschoolse educatie.
    - VVE-gecertificeerde voorschoolse opvang: een voorziening voor kinderopvang in de gemeente Harderwijk die aan de geldende wettelijke eisen voldoet en in het LRK opgenomen met een VVE registratie;
    
    Artikel 2. Asv
    Op deze regeling is de Asv van toepassing, tenzij hiervan in deze regeling nadrukkelijk wordt afgeweken.
    
    Artikel 3. Doel
    Deze subsidieregeling heeft als doelstelling voorschoolse educatie te realiseren c.q. te subsidiëren en peuteropvang te subsidiëren, zodat binnen de gemeente Harderwijk gelijke en optimale ontwikkelingskansen voor alle kinderen van 2 tot 4 jaar zijn.
    
    Artikel 4. Subsidiabele activiteiten
    Subsidie kan op aanvraag uitsluitend worden verstrekt onder de in deze regeling opgenomen voorwaarden, aan een houder:
    - voor het geven van peuteropvang aan kinderen van ouder(s) zonder recht op kinderopvangtoeslag, die in de gemeente Harderwijk wonen;
    - voor het geven van voorschoolse educatie aan kinderen met een VVE-indicatie, die in de gemeente Harderwijk wonen.
    
    Artikel 5. Subsidieplafonds en wijze van verdeling
    1..
    Het college stelt jaarlijks voor 1 oktober het subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie vast.
    2..
    Het college stelt op basis van artikel 5 Asv jaarlijks de subsidieplafonds vast voor de voorschoolse educatie en voor de peuteropvang.
    3..
    Jaarlijks wordt, naast de gebruikelijke bekendmaking, in het onderwijsplatform bekend gemaakt hoe hoog de subsidieplafonds zijn, hoe de verdeling zal plaatsvinden, en op welke wijze subsidieaanvragen kunnen worden ingediend.
    4..
    Deze bekendmaking van de in het tweede lid van dit artikel bedoelde subsidieplafonds, vindt plaats in het tweede kwartaal voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
    5..
    De subsidie wordt verleend per kalenderjaar of gedeelte daarvan, per kwartaal.
    6..
    Indien ten tijde van de subsidieaanvragen voor het nieuwe kalenderjaar op basis van de totale aanvraag zou leiden tot een overschrijding van het in de begroting van het betreffende kalenderjaar opgenomen beschikbare subsidiebedrag, het zogenaamde subsidieplafond, wordt de subsidie van alle in aanmerking komende organisaties naar rato van de aangevraagde subsidiebedragen gekort. Dit gebeurt door het in de begroting van het betreffende kalenderjaar opgenomen beschikbare subsidiebedrag te delen door het totaal van alle aangevraagde subsidiebedragen en de aangevraagde subsidiebedragen per kindercentrum te vermenigvuldigen met de uitkomst hiervan.
    
    Artikel 6. Voorwaarden en verplichtingen
    1..
    De houder zorgt er voor dat het kindercentrum dat peuteropvang en/of voorschoolse educatie uitvoert:
    - werkt met een erkend integraal ontwikkelingsgericht programma dat is opgenomen in de databank Effectieve jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut;
    - werkt met een kind- of ontwikkelvolgsysteem (zoals KIJK) en de gegevens vanuit dit systeem overdraagt aan de basisschool waar dit kind is aangemeld; in dit systeem moet zowel de eigen groei als de groei ten opzichte van het gemiddelde zichtbaar zijn;
    - intercultureel werkt (erkenning van waarden van verschillende culturen die elkaar wederzijds beïnvloeden) en integratie bevordert;
    - goed contact onderhoudt en/of samenwerkt met één of meer basisscholen (overdracht en doorgaande leerlijn), de Jeugdgezondheidszorg (vroegsignalering) en jeugdhulp;
    - ouders betrekt en ondersteunt bij de opvoeding en stimulering van de ontwikkeling van hun kind;
    2..
    De houder, die peuteropvang en/of voorschoolse educatie uitvoert, werkt op verzoek en naar vermogen, mee aan onderzoek, overleg, beleidsontwikkeling en de uitvoering daarvan in het kader van de Jeugdwet en de Wet Primair Onderwijs.
    3..
    Houders innen zelf de ouderbijdragen en zijn verantwoordelijk voor het bijbehorende risico van niet-betalers.
    4..
    De houder bewaart alle documenten en gegevens die dienen voor berekening of herberekening van de subsidie in zijn administratie, totdat de subsidie definitief is vastgesteld door de gemeente;
    5..
    De houder brengt bij de ouder(s) zonder recht op kinderopvangtoeslag maximaal de ouderbijdrage in rekening;
    6..
    De subsidieontvanger is verplicht een aansluitovereenkomst af te sluiten met de leverancier van de Peutermonitor.
    7..
    De volgende gegevens dienen via de Peutermonitor aangeleverd te worden, aan de hand waarvan de hoogte van de subsidie wordt bepaald:
    - Naam van de locatie
    - LRK ID van de locatie
    - Of de locatie geregistreerd is als voorschoolse educatie in het LRK
    - BSN van de peuter
    - Of er een VVE-Indicatie aanwezig is
    - Of de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag
    - Voornaam en achternaam van de peuter
    - Postcode, huisnummer (toevoeging) en woonplaats
    - Geboortedatum van de peuter
    - Of het een eerste kind betreft (alleen voor subsidie peuteropvang)
    - Startdatum en einddatum voorschoolse educatie en/ of peuteropvang
    - Aantal contracturen regulier
    - Aantal contracturen voorschoolse educatie
    - Inkomen ouders (alleen voor subsidie peuteropvang)
    8..
    De houder neemt de datum waarop ouders recht krijgen op kinderopvangtoeslag als einddatum voor subsidie peuteropvang op in het eerstvolgende kwartaaloverzicht, zoals bedoeld in artikel 14.
    9..
    Voor de subsidie peuteropvang dient in het contract tussen de houder en de ouder(s) een verklaring van de ouders opgenomen te zijn dat:
    - zij geen recht hebben op kinderopvangtoeslag;
    - zij geen recht hebben op vergoeding van de kosten op basis van de verordening Wet Kinderopvang (sociaal medische indicatie);
    - zij direct bij de houder melden als zij wel recht krijgen op kinderopvangtoeslag of vergoeding op basis van de verordening Wet Kinderopvang;
    - hun kind peuteropvang volgt bij één kindercentrum;
    - zij akkoord gaan met inzage in en verstrekking van documenten en gegevens genoemd in dit artikel aan de gemeente t.b.v. de subsidieverstrekking;
    10..
    Het college kan bij de subsidieverlening aanvullende verplichtingen opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.
    
    Artikel 7. Indiening aanvraag
    1..
    Een aanvraag om subsidie peuteropvang en/of voorschoolse educatie wordt ingediend uiterlijk 30 september in het jaar voorafgaand aan het jaar, of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.
    2..
    Een aanvraag om subsidie wordt, in afwijking van lid 1, ingediend tussen 26 en 13 weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.
    
    Artikel 8. Beslistermijn
    1..
    Het college beslist, in afwijking van artikel 8, tweede lid, van de Asv, binnen 13 weken na 30 september op de volledige aanvraag.
    2..
    Het college beslist, in afwijking van artikel 8, tweede lid, van de Asv, binnen 13 weken na de datum van ontvangst van de in artikel 7, tweede lid bedoelde aanvraag.
    3..
    Het college kan deze termijn eenmalig met vier weken verlengen.
    4..
    Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (subsidie van rechtswege) is niet van toepassing.
    
    Artikel 9. Vereisten aanvraag
    1..
    De subsidie wordt aangevraagd door de houder van de kinderopvang, waarbij voor de subsidie voorschoolse educatie geldt dat het een VVE-gecertificeerde kinderopvang moet zijn.
    2..
    Voor een nieuw gevestigde kinderopvang wordt de subsidieaanvraag uiterlijk drie maanden voor de start van de activiteiten ingediend.
    3..
    De aanvraag bevat in ieder geval:
    - Een volledig ingevuld aanvraagformulier, te vinden op w
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.