Open voor aanvragenGemeente · Subsidie

Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Hoofddorp-Centrum 2022

Gemeente Haarlemmermeer

Voor Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum die activiteiten uitvoert gericht op leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling in de BI-zone.

Ook bekend als Verordening Bedrijveninvesteringszone Hoofddorp-Centrum 2022, BIZ Hoofddorp-Centrum

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Deadline
Doorlopend
aan te vragen

Waar is deze subsidie voor?

Verordening voor heffing van BIZ-bijdragen (0,1% van waarde onroerende zaak) en subsidieverlening aan Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum voor activiteiten ter bevordering van leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling in de BI-zone Hoofddorp-Centrum. Subsidie bedraagt de netto opbrengst van BIZ-bijdragen verminderd met perceptiekosten.

Voor wie is het bedoeld?

Voor Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum die activiteiten uitvoert gericht op leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling in de BI-zone.

Stichting

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor activiteiten in openbare ruimte in Hoofddorp-Centrum
  • Inzicht in BIZ-bijdrage heffing voor bedrijven in Hoofddorp-Centrum
  • Meerjarige subsidieregeling voor ondernemersorganisatie

Voorwaarden

  • Aanvraag voor subsidieverlening vóór 1 augustus voorafgaand aan het subsidiejaar
  • Aanvraag vergezeld van projectplan en begroting
  • Subsidie aangewend voor activiteiten in openbare ruimte en op internet gericht op leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit of economische ontwikkeling
  • Meerjarige subsidie maximaal vijf jaar
  • Meerjarige subsidie onder voorbehoud dat jaarlijks voldoende middelen ter beschikking worden gesteld

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een stichting
Uw rechtsvorm is: Stichting
U vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist een consortium of meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Haarlemmermeer.

Openstellingen en rondes

Ronde 2022Open
Start
1 jan 2022
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Hoofddorp-Centrum 2022
    De raad van de gemeente Haarlemmermeer;
    gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 oktober 2021, 2021.0002364.
    gelet op artikel 1, eerste lid en artikel 7, vierde lid van de Wet op de bedrijveninvesteringszones;
    gelet op de tussen de gemeente Haarlemmermeer en Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum gesloten Uitvoeringsovereenkomst van 12 oktober 2021
    overwegende dat er een wens is bij Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum en de gemeente om het ondernemersklimaat te versterken voor en door collectieve ondernemers in Hoofddorp-Centrum op basis van een gemeenschappelijk gedragen toekomstvisie;
    besluit vast te stellen de volgende verordening:
    Verordening op de heffing en de invordering van een BIZ-bijdrage en op de subsidie voor de BI-zone Hoofddorp-Centrum 2022 (hierna te noemen 'Verordening Bedrijveninvesteringszone Hoofddorp-Centrum 2022')
    
    HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
    
    Artikel 1 Definities
    Deze verordening verstaat onder:
    - BI-zone: het bij deze verordening aangewezen gebied in de gemeente waarbinnen de BIZ-bijdrage wordt geheven. Het aangewezen gebied is vermeld op de bij deze verordening behorende en daarvan deeluitmakende kaart;
    - wet: Wet op de bedrijveninvesteringszones;
    - college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer;
    - Uitvoeringsovereenkomst: de tussen de gemeente Haarlemmermeer en Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum gesloten overeenkomst van 12 oktober 2021;
    - reglement draagvlakmeting: verzameling van regels die dienen ter uitvoering van de in artikel 4 van de wet genoemde meting waaruit moet blijken of er bij bijdrageplichtigen sprake is van voldoende draagvlak voor inwerkingtreding van de onderhavige verordening;
    - perceptiekosten: kosten die benodigd zijn voor de heffing en invordering van de BIZ-bijdragen.
    
    Artikel 2 Aanwijzing BI-Zone
    Als BI-Zone wordt aangewezen het gebied waarin bedrijven zijn gelegen die hun adres hebben in de volgende straten in Hoofddorp:
    - Burgemeester van Stamplein;
    - Concourslaan;
    - Dik Tromplein;
    - Hoofdweg-Oostzijde 662 tot en met 774 (alleen even nummers);
    - Hoofdweg-Westzijde 669 B, C, D & E;
    - Kruisweg 624 tot en met 666 (even nummers);
    - Kruisweg 937 tot en met 1065 (oneven nummers);
    - Marktlaan;
    - Marktplein;
    - Melis Spaansweg;
    - Nieuweweg (oneven nummers vanaf nummer 55);
    - Nieuweweg (even nummers);
    - Polderplein;
    - Raadhuisplein;
    - Tuinweg;
    - Tussenweg;
    - Burgemeester van der Willigenlaan;
    - Prins Hendriklaan (nummers 2, 4 en 6).
    - En verder zullen alle eventuele nieuwe adressen, die binnen de BI-Zone vallen, worden toegevoegd in het kader van de ontwikkeling naar Stadscentrum Hoofddorp.
    
    Artikel 3 Draagvlakmetingreglement
    Het college stelt een reglement draagvlakmeting vast.
    
    HOOFDSTUK II BELASTINGBEPALINGEN
    
    Artikel 4 Belastbaar feit en aard van de belasting
    1..
    Onder de naam ‘BIZ-bijdrage’ wordt jaarlijks een directe belasting geheven ter zake van binnen de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaken die op grond van artikel 220a Gemeentewet niet in hoofdzaak tot woning dienen.
    2..
    De BIZ-bijdrage wordt geheven ter bestrijding van de kosten die verbonden zijn aan activiteiten in de openbare ruimte en op het internet, die zijn gericht op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de bedrijveninvesteringszone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de bedrijveninvesteringszone.
    
    Artikel 5 Voorwerp van de belasting
    1..
    Voorwerp van de belasting is een onroerende zaak. Belastingobject is de onroerende zaak bedoeld in artikel 16 van de Wet Waardering onroerende zaken.
    2..
    Als onroerende zaak wordt aangemerkt de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken.
    
    Artikel 6 Belastingplicht
    1..
    De BIZ-bijdrage wordt geheven van de gebruiker, zijnde de degene die bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht een in de bedrijveninvesteringszone gelegen onroerende zaak gebruikt.
    2..
    Voor de toepassing van het eerste lid wordt:
    - gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, aangemerkt als gebruik door degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven, is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven;
    - het ter beschikking stellen van een onroerende zaak voor volgtijdig gebruik aangemerkt als gebruik door degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld; degene die de onroerende zaak ter beschikking heeft gesteld is bevoegd de BIZ-bijdrage als zodanig te verhalen op degene aan wie die onroerende zaak ter beschikking is gesteld.
    3..
    Indien een onroerende zaak bij het begin van het kalenderjaar geen gebruiker kent, wordt de van de gebruiker te heffen BIZ-bijdrage geheven van de eigenaar. Als eigenaar wordt aangemerkt degene die bij het begin van het kalenderjaar als zodanig in de Basisregistratie Kadaster (BRK) is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is.
    
    Artikel 7 Maatstaf van heffing
    1..
    De BIZ-bijdrage wordt geheven naar de op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken voor de onroerende zaak vastgestelde waarde zoals deze geldt voor het kalenderjaar 2022.
    2..
    Indien met betrekking tot de onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken wordt de heffingsmaatstaf van de onroerende zaak bepaald met toepassing van artikel 6, alsmede met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid, van de Wet waardering onroerende zaken.
    
    Artikel 8 Vrijstellingen
    1..
    In afwijking van artikel 7 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf buiten aanmerking gelaten, voor zover dit niet al is gebeurd bij de bepaling van de in dat artikel bedoelde waarde, de waarde van:
    - onroerende zaken voor zover die bestemd zijn te worden gebruikt voor de publieke dienst van de gemeente;
    - belastingobjecten die worden beheerd door een vereniging of stichting die geen onderneming drijft, voor zover die objecten bestemd en in gebruik zijn voor het geven van onderwijs, voor club- en buurthuiswerk, voor de beoefening van sport, kunst of cultuur, of voor andere activiteiten van sociale of culturele aard;
    - straatmeubilair, waaronder begrepen alle zodanige gebouwde eigendommen - niet zijnde gebouwen - welke zijn geplaatst ten gerieve of in het belang van het publiek, ten dienste van het verkeer of ter verfraaiing van de gemeente, zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, standbeelden, monumenten, fonteinen, banken, abri's, hekken en palen;
    - plantsoenen, parken en waterpartijen, die bij de gemeente in beheer zijn of waarvan de gemeente het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
    - begraafplaatsen en urnentuinen, met uitzondering van delen van zodanige onroerende zaken die dienen als woning;
    - bouwterreinen en objecten in aanbouw;
    - onbebouwde grond, die als zodanig in de belastingadministratie is opgenomen en niet behoort bij een bebouwd belastingobject.
    2..
    In afwijking van artikel 7 wordt bij de bepaling van de heffingsmaatstaf voor de BIZ-bijdrage van de gebruiker buiten aanmerking gelaten de waarde van gedeelten van de onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dienen dan wel in hoofdzaak dienstbaar zijn aan woondoeleinden.
    
    Artikel 9 Tarief BIZ-bijdrage
    Het tarief van de BIZ-bijdrage bedraagt een percentage van de heffingsmaatstaf. De heffing bedraagt 0,1% van de heffingsmaatstaf.
    
    Artikel 10 Wijze van heffing
    De BIZ-bijdrage wordt jaarlijks bij wege van aanslag geheven.
    
    Artikel 11 Termijnen van betaling
    1..
    In afwijking van artikel 9 lid 1 van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet.
    2..
    Ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan € 100,- en minder is dan € 5.000,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso worden voldaan, moeten in afwijking van het eerste lid de aanslagen worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen steeds één maand later.
    3..
    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
    
    Artikel 12 Looptijd belastingheffing
    De BIZ-bijdrage wordt ingesteld voor een periode van maximaal vijf jaar.
    
    Artikel 13 Nadere regels door het college
    Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de BIZ-bijdrage.
    
    HOOFDSTUK III SUBSIDIEBEPALINGEN
    
    Artikel 14 Buiten toepassing algemene subsidieverordening
    Op subsidies op grond van deze verordening is de Algemene subsidieverordening Haarlemmermeer 2017 niet van toepassing.
    
    Artikel 15 Aanwijzing stichting
    Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum wordt aangewezen als stichting bedoeld in artikel 7 van de wet, waarmee een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht is gesloten, waarin is bepaald dat de activiteiten waarvoor de subsidie wordt verstrekt verplicht moeten worden verricht.
    
    Artikel 16 Subsidieverlening
    1..
    De subsidie wordt jaarlijks door het college verleend aan Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in een uitvoeringsovereenkomst. De subsidie wordt verleend op een daartoe gedane aanvraag, die vergezeld moet gaan van de in de uitvoeringsovereenkomst genoemde stukken.
    2..
    De aanvraag voor subsidieverlening wordt vóór 1 augustus voorafgaand aan het subsidiejaar, ter toetsing aan de Wet op de bedrijveninvesteringszones, bij het college ingediend. Deze aanvraag gaat vergezeld van een projectplan en de begroting.
    3..
    De subsidie wordt bepaald op de jaarlijks ontvangen BIZ-bijdragen, verminderd met de perceptiekosten voor de heffing en invordering van de BIZ–bijdragen zoals opgenomen in de uitvoeringsovereenkomst.
    4..
    De hoogte van de verleende subsidie bedraagt, voor het jaar waarop de subsidie betrekking heeft, de feitelijke netto opbrengst van de BIZ-bijdragen op grond van deze verordening.
    5..
    In de uitvoeringsovereenkomst worden nadere afspraken gemaakt over de wijze van bevoorschotting en de verrekening van meer- en minderopbrengsten van de ontvangen BIZ-bijdragen.
    6..
    De stichting dient de subsidie aan te wenden voor activiteiten in de openbare ruimte en op het internet, die gericht zijn op het bevorderen van de leefbaarheid of de veiligheid in de BI-zone of de ruimtelijke kwaliteit of de economische ontwikkeling van de BI-zone.
    7..
    In afwijking van lid 1 kan er voor gekozen worden om subsidie voor meer jaren te verlenen, met een maximum van vijf jaar.
    8..
    Een meerjarige subsidie wordt verleend onder het voorbehoud dat jaarlijks voldoende middelen ter beschikking worden gesteld.
    
    Artikel 17 Subsidieverplichtingen
    Naast de in artikel 4:37 van de Algemene wet bestuursrecht genoemde verplichtingen kunnen aan de Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum ook andere doelgebonden verplichtingen worden opgelegd. Deze verplichtingen zijn opgenomen in de met de stichting gesloten uitvoeringsovereenkomst.
    
    Artikel 18 Subsidievaststelling
    1..
    Vóór 1 mei stuurt Stichting Ondernemersfonds Hoofddorp-Centrum het college ter verantwoording de jaarstukken van het jaar ervoor en het verzoek tot subsidievaststelling. De jaarstukken dienen te zijn gecontroleerd door een accountant-administratieconsulent en dienen voorzien te zijn van een samenstellingsverklaring.
    2..
    Aan de hand van de stuk
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.