Subsidieregeling schurvelingen- en zandwallengebied Goeree-Overflakkee
Gemeente Goeree-Overflakkee
Voor twee of meer eigenaren van landschapselementen (schurvelingen, zandwallen, greppels, elzensingels, hameeten of hooilandjes) die gezamenlijk onderhouds- of herstelwerkzaamheden willen uitvoeren.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor collectieve aanpak van behoud en beheer van cultuurhistorisch waardevolle schurvelingen en zandwallen in het gebied rondom Ouddorp op Goeree-Overflakkee. Gericht op twee of meer eigenaren die gezamenlijk onderhouds- of herstelwerkzaamheden uitvoeren aan landschapselementen.
Voor wie is het bedoeld?
Voor twee of meer eigenaren van landschapselementen (schurvelingen, zandwallen, greppels, elzensingels, hameeten of hooilandjes) die gezamenlijk onderhouds- of herstelwerkzaamheden willen uitvoeren.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor collectief beheer van schurvelingen en zandwallen
- Financiering van gezamenlijke herstelwerkzaamheden aan cultuurhistorische landschapselementen
- Steun voor landschapsbehoud in het schurvelingen- en zandwallengebied Goeree-Overflakkee
Voorwaarden
- Aanvrager moet bestaan uit twee of meer eigenaren van landschapselementen
- Werkzaamheden moeten betrekking hebben op bestaande landschapselementen (schurvelingen, zandwallen, greppels, elzensingels, hameeten of hooilandjes)
- Werkzaamheden moeten plaatsvinden binnen het in bijlage 1 omlijnd aangegeven gebied
- Werkzaamheden moeten wezenlijke onderhouds- of herstelwerkzaamheden zijn zoals beschreven in bijlage 2
- Bepaalde werkzaamheden (houtverwijdering, braamstruweel) mogen alleen in specifieke periodes plaatsvonden (1 november - 15 maart respectievelijk 1 september - 15 maart) vanwege de Wet natuurbescherming
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Subsidieregeling schurvelingen- en zandwallengebied Goeree-Overflakkee Burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee; overwegende dat de gemeente het collectief behoud en beheer van het cultuurhistorisch waardevolle schurvelingen en zandwallengebied rondom Ouddorp wil stimuleren; gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Goeree-Overflakkee 2015; besluiten vast te stellen de volgende Subsidieregeling schurvelingen- en zandwallengebied Goeree-Overflakkee. Artikel 1 Begripsomschrijving In deze regeling wordt verstaan onder: - aanvrager: twee of meer eigenaren van een landschapselement die de aanvraag (laten) indienen; - collectief: twee of meer eigenaren die ieder afzonderlijk een of meerdere landschapselementen in eigendom hebben; - collectieve aanpak: het gezamenlijk (laten) uitvoeren van wezenlijk onderhouds- of herstelwerkzaamheden aan landschapselementen door twee of meer eigenaren, waarbij iedere eigenaar afzonderlijk een of meerdere landschapselementen in eigendom heeft; - landschapselement: een schurveling, zandwal, greppel, elzensingel, hameet of hooilandje; - schurveling: een beplante grondwal met een hoogte variërend van 1 tot 1½ meter rondom een akker of voormalige akker; - zandwal: een al dan niet beplante grondwal met een hoogte variërend van 2 tot 4 meter hoog rondom een akker of voormalige akker. Artikel 2 Toepassingsbereik 1.. Het bepaalde in deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies voor de collectieve aanpak van (een) bestaande landschapselement(en) binnen het in bijlage 1 omlijnd aangegeven gebied. 2.. Deze regeling is van toepassing op projectsubsidies, zoals bepaald in de Algemene subsidieverordening Goeree-Overflakkee. Artikel 3 Voorwaarden 1.. Burgemeester en wethouders kunnen met inachtneming van het bepaalde in deze regeling een subsidie toekennen aan een collectief. 2.. Burgemeester en wethouders kunnen bij hun beslissing op grond van het eerste lid rekening houden met financiële steun die op grond van enig andere regeling is of kan worden toegekend. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen aan de toekenning van de subsidie nadere voorwaarden verbinden. Artikel 4 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen 1.. De kosten voor het (laten) uitvoeren van wezenlijke onderhouds- en herstelwerkzaamheden aan een landschapselement, zoals beschreven in bijlage 2 bij deze regeling, komen voor subsidie in aanmerking. 2.. De subsidie bedraagt: - vijfentwintig procent van de onderhouds- en herstelkosten indien het collectief dat de werkzaamheden uitvoert of laat uitvoeren uit vier of minder eigenaren bestaat; - veertig procent van de onderhouds- en herstelkosten indien het collectief dat de werkzaamheden uitvoert of laat uitvoeren uit minimaal vijf en maximaal acht eigenaren bestaat; - vijfenvijftig procent van de onderhouds- en herstelkosten indien het collectief dat de werkzaamheden uitvoert of laat uitvoeren uit negen of meer eigenaren bestaat. 3.. De maximale hoogte van de totale subsidie bedraagt: - € 12.500,- indien het collectief uit vier of minder eigenaren bestaat; - € 25.000,- indien het collectief uit minimaal vijf en maximaal acht eigenaren bestaat; - € 50.000,- indien het collectief uit negen of meer eigenaren bestaat. Artikel 5 Aanvraag Een aanvraag wordt schriftelijk ingediend middels een daartoe beschikbaar gesteld formulier en gaat vergezeld van een opgave van: - de te treffen maatregelen; - de werkelijke kosten van de te treffen maatregelen alsmede een financiële onderbouwing van deze opgave; - een omschrijving van de collectieve aanpak; - een planning waaruit blijkt wanneer gestart wordt met de werkzaamheden en wanneer deze zijn afgerond. Artikel 6 Toekenning 1.. Indien de werkzaamheden waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft omgevingsvergunningplichtig zijn, wordt de subsidie alleen toegekend als er een omgevingsvergunning is verleend voor het uitvoeren van die werkzaamheden. 2.. Subsidie wordt alleen toegekend als nog niet is gestart met de uitvoering van de werkzaamheden. 3.. Voor ieder landschapselement kan slechts één keer subsidie worden toegekend. Artikel 7 Volgorde behandeling 1.. Aanvragen worden in behandeling genomen en beoordeeld in volgorde van binnenkomst. Als datum van binnenkomst geldt de datum waarop de volledige aanvraag is ontvangen. 2.. Dreigt het subsidieplafond op enige dag te worden overschreden, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting. 3.. Burgemeester en wethouders beslissen binnen acht weken na de dag van ontvangst op de aanvraag. 4.. De beslistermijn kan eenmalig met vier weken worden verlengd. 5.. Uit overschrijding van de in het tweede lid bedoelde termijn kan de aanvrager niet afleiden dat de aanvraag is of wordt gehonoreerd. Artikel 8 Weigeringsgronden 1.. De aanvraag wordt afgewezen indien: - de werkelijke kosten van de onderhouds- of herstelkosten niet in redelijke verhouding staan tot het te verkrijgen resultaat; - er gegronde redenen bestaan aan te nemen dan wel vastgesteld wordt dat niet aan de voorwaarden en bepalingen van deze regeling wordt of zal worden voldaan; of - er al subsidie is toegekend op basis van deze regeling. 2.. Indien de werkzaamheden door derden worden uitgevoerd moet gebruik gemaakt worden van erkende hoveniers of uitvoerders. 3.. De eigen arbeidsuren komen niet in aanmerking voor subsidie. 4.. De aanvraag wordt geheel of gedeeltelijk afgewezen wanneer toekenning van de aanvraag leidt tot verboden staatsteun zoals bedoeld in artikel 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Artikel 9 Subsidievaststelling 1.. Uiterlijk een maand na voltooiing van de werkzaamheden/maatregelen dient de houder van een beschikking tot subsidieverlening bij burgemeester en wethouders een aanvraag in voor een beschikking tot subsidievaststelling. 2.. De aanvraag om beschikking tot subsidievaststelling wordt ingediend middels een vastgesteld formulier, onder overlegging van de daarop vermelde bijlagen. 3.. De subsidie wordt vastgesteld op basis van de door de aanvrager overgelegde kassabonnen/facturen met bijbehorende, door de gemeente beschikbaar gestelde, declaratieformulieren nadat de gemeente de uitgevoerde werkzaamheden heeft gecontroleerd. Artikel 10 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking. Artikel 11 Citeertitel Deze regeling kan worden aangehaald als: Subsidieregeling schurvelingen- en zandwallengebied Goeree-Overflakkee. Aldus vastgesteld op 9 april 2019 door burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee, secretaris, burgemeester, W.M. van Esch mr. A. Grootenboer-Dubbelman Bijlage 1: Schurvelingengebied Bijlage 2: Beschrijving wezenlijke onderhouds- en herstelwerkzaamheden aan landschapselementen 1. Zandwal / schurverling: Toelichting op landschapselement Zandwallen en schurvelingen zijn karakteristieke landschapselementen op de Kop van Goeree. Doorgaans worden deze twee elementen op één hoop gegooid, maar er is ter degen een groot verschil in ouderdom, oorsprong en uiterlijk. De schurveling werd aan weerszijde begrensd door een greppel en was vaak begroeid met een houtachtige begroeiing. Het grondlichaam van de schurveling was meestal 1 tot 1½ meter hoog. Schurvelingen zijn doorgaans aangelegd in de Middeleeuwen en werden rond de hameeten aangelegd. De hameeten was een stuk grond van ongeveer 4 hectare groot. Binnen de hameeten varieerde de percelen in een breedte van 2 tot 10 meter. De akkertjes werden begrensd door greppels. Vanaf de 19e eeuw tot en met het begin van WOII werden de hameeten uitgemijnd. De teelaarde werd opzijgeschoven en het onderliggende schrale zand werd afgegraven en naar de zijkanten afgevoerd op een zogenoemde zandwal. In een aantal gevallen verdween de schurveling hierdoor (voor een deel) onder de nieuw opgeworpen zandwal. Echter, een aantal zandwallen werden ook midden op de hameeten aangelegd waardoor er een kleinschaliger landschap ontstond. De zandwallen hadden aan de voet op het maaiveld een breedte van 3 tot maximaal 20 meter en een hoogte van 2 tot 5 meter tot de kruin. In een aantal gevallen ligt er langs de zandwal nog een greppel of smalle sloot. Zandwallen werden tot halverwege de 20e eeuw nog veel begraasd met witte geiten of met de hand (zeis) gemaaid en waren doorgaans alleen begroeid met grassen en kruiden. Nadat het onderhoud aan de zandwallen minder intensief werd toegepast, raakte de zandwallen steeds meer begroeid met bomen en struiken. Eerst vooral meidoorn en iepen. Later vooral met eiken. In de jaren na de watersnoodramp zijn diverse zandwallen afgegraven en verdwenen in de dijkverzwaring van het Flauwe werk. Samengevat: - Schurvelingen zijn doorgaans 1 – 1½ meter hoge grondlichamen die aangelegd zijn in de Middeleeuwen als perceelscheiding en daardoor nog steeds op de oude historische perceelbegrenzing liggen. - Zandwallen zijn ontstaan vanaf de 19e eeuw bij het uitmijnen van de grond en zijn doorgaans 2 tot 5 meter hoog. Er zijn enkele termen die van belang kunnen zijn voor het herstel of beheer van een schurveling of zandwal. Zie hiervoor de bijgevoegde tekeningen. Bij een zandwal kunnen we spreken over verschillende begroeiingstypen: - Zandwal met kruiden en grassen. Op de zandwal staan geen bomen of houtachtige struiken. - Zandwal met kruiden en grassen een solitaire boom of struik. - Zandwal met lichte boomlaag. Op de zandwal staan enkele bomen of struiken. Er is voldoende doorzicht tussen de kruinen door en er valt nog veel zonlicht op de zandwal. - Zandwal met zware boomlaag. Hierbij neemt het aantal bomen en struiken zodanig toe, dat de kruinen van de bomen in elkaar overlopen. Er is veel schaduwwerking op de onderliggende kruiden en grassen. - Zandwal met volle boomlaag. Het maaivlak van de zandwal is vrijwel niet meer zichtbaar en wordt gedomineerd door bomen en struiken. - Zandwal begroeid met braamstruweel. Er staat zodanig veel braamstruweel dat de kruiden en grassen worden verdrukt of zijn verdwenen. Bij goed onderhoud aan een zandwal dient men jaarlijks de kruiden en grassen te maaien en af te voeren. De onderste takken van bomen en struiken dienen te worden opgesnoeid zodat deze niet over de wal kunnen schuren waardoor er kale plekken ontstaan. Door het opsnoeien wordt ook voorkomen dat er te veel schaduwwerking plaatsvindt op de zandwal en het naastgelegen perceel. Voorkom dat op een zandwal een teveel aan bomen ontstaan. Af en toe een boom aan de grond afzagen en verwijderen kan ten goede komen van de kruidenrijkdom en geeft de zandwal soms een mooier landschappelijk karakter. Plekgewijs kan er best wat braam staan op de zandwal, zeker op de kopse kanten langs de openbare weg. Hiermee voorkom je ongewenste betreding. Toelichting en instructie over hoe werkzaamheden uitgevoerd dienen te worden: - Het profiel van de zandwal of schurveling is (gedeeltelijk) beschadigd, ingezakt of verdwenen. Het oude profiel van de zandwal of schurveling wordt weer hersteld. - Herstellen van de teen van de zandwal: De teen van de zandwal of schurveling is zodanig beschadigd dat de het fijne zand weg loopt aan de onderzijde van de zandwal. Dit kan worden hersteld door aan de teen van de zandwal de grond aan te vullen met gebiedseigen zand en af te dekken met graszode. In extreme droge periodes worden de graszode besproeid om verdroging te voorkomen. - Herstellen van ongewenste kale plekken en inzakkingen: - Door ongewenste betreding van het element, verdroging, of te vaak maaien en afvoeren van de vegetatie, kunnen ongewenste en te grote kale plekken zijn ontstaan. Het zand kan zijn “uitgelopen” tot ver op het naastgelegen maaiveld. Eventuele greppels kunnen zijn dichtgelopen. - Met een kraan wordt het uitgelopen zand zo veel mogelijk teruggebracht op een gelijkwaardig profiel van de zandwal of schurveling. Eventueel wordt er gebiedseigen zand van elders aangevoerd. Per 100 m² wordt 10 liter potgrond vermengt met de bovenste laag zand. Het herstelde prof […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.