Status onbekendGemeente · Subsidie

Verordening subsidiëring van woonconsumentengroepen en/of -organisaties

Gemeente Geertruidenberg

Voor woonconsumentengroepen en woonconsumentenorganisaties (rechtspersonen zonder winstoogmerk) die werkzaam zijn op het terrein van de volkshuisvesting ten behoeve van woonconsumenten (bewoners, huurders, eigenaar-bewoners en woning-zoekenden).

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026
Max. bedrag
€ 3.000
per aanvraag

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling van de gemeente Geertruidenberg voor woonconsumentengroepen en -organisaties ter ondersteuning van activiteiten gericht op versterking van de positie van woonconsumenten in de volkshuisvesting. Woonconsumentengroepen kunnen maximaal ƒ 2.000 per jaar aanvragen voor activiteitskosten; woonconsumentenorganisaties maximaal ƒ 3.000 per jaar (waarvan minimaal ƒ 2.000 voor activiteiten en maximaal ƒ 1.000 voor apparaatskosten).

Voor wie is het bedoeld?

Voor woonconsumentengroepen en woonconsumentenorganisaties (rechtspersonen zonder winstoogmerk) die werkzaam zijn op het terrein van de volkshuisvesting ten behoeve van woonconsumenten (bewoners, huurders, eigenaar-bewoners en woning-zoekenden).

WoonconsumentengroepWoonconsumentenorganisatie

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor activiteiten gericht op versterking van de positie van woonconsumenten
  • Financiering van apparaatskosten voor woonconsumentenorganisaties
  • Ondersteuning van concrete projecten ten behoeve van woonconsumenten

Voorwaarden

  • Woonconsumentenorganisatie moet rechtspersoonlijkheid bezitten en zonder winstoogmerk werkzaam zijn
  • Activiteiten moeten gericht zijn op versterking van positie woonconsumenten of realisering concreet project
  • Aanvraag moet voorzien zijn van begroting en toelichting
  • Voor woonconsumentengroepen: minimaal 2/3 van budget voor activiteiten, maximaal 1/3 voor apparaatskosten
  • Woonconsumentengroep kan alleen subsidie aanvragen voor activiteiten
  • Woonconsumentenorganisatie kan subsidie aanvragen voor zowel activiteiten als apparaatskosten
  • Aanvraag door woonconsumentengroep moet door alle groepsleden worden ondertekend
  • Standaard aanvraagformulier moet worden gebruikt

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een woonconsumentengroep of woonconsumentenorganisatie
Uw rechtsvorm is: Vereniging, Stichting
U vraagt aan in een samenwerkingsverband
Deze regeling vereist een consortium of meerdere partners.
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Geertruidenberg.

Openstellingen en rondes

OpenstellingStatus onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
Letterlijke bron
voor een woonconsumentenorganisatie geldt een subsidie-maximum van f. 3.000,00 (ten behoeve van maximaal f. 1.000,00 aantoonbaar noodzakelijke apparaatskosten en minimaal f. 2.000,00 aantoon- baar noodzakelijke activiteitskosten
Verordening subsidiëring van woonconsumentengroepen en/of -organisaties 2000
  • Toon brontekst
    Verordening subsidiëring van woonconsumentengroepen en/of -organisaties 2000
    Nr. 7
    De raad van de gemeente GEERTRUIDENBERG;
    gelet op artikel 168 en 169 van de gemeentewet;
    mede gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van Geertruidenberg van 17 augustus 1999, nr. 5;
    BESLUIT
    vast te stellen de navolgende
    "Verordening subsidiëring van woonconsumentengroepen en/of -organisaties
    
    Hoofdstuk 1 Algemeen
    
    Artikel 1
    In deze verordening wordt verstaan onder: a. woonconsumenten: § bewoners, waartoe in ieder geval behoren huurders en eigenaar-bewoners, en § woning-zoekenden, waartoe in ieder geval behoren kandidaat-huurders en kandidaat- kopers; b. woonconsumenten-organisatie: een rechtspersoonlijkheid bezittende organisatie, die blijkens de statuten, de structuur en de werkwijze, zonder winstoogmerk, werkzaam is op het terrein van de volkshuisvesting ten behoeve van woonconsumenten; c. activiteiten: werkzaamheden die verricht worden door een groep woonconsumenten, door woonconsumentenorganisaties of door derden, die gericht zijn op het versterken van de positie van woonconsumenten in de volkshuisvesting of die gericht zijn op de realisering van een concreet project ten behoeve van woonconsumenten; d. apparaatskosten: kosten voor secretariële werkzaamheden, de benodigde apparatuur en materialen, die een woonconsumentenorganisatie maakt ten behoeve van activiteiten; e. benodigde woonconsumentensubsidie: de door de aanvrager benodigde woonconsumentensubsidie is de door de aanvrager aantoonbaar gemaakte subsidiebehoefte, die bestaat uit de kosten van een activiteit, verminderd met de voor dat doel verkregen andere gelden (van derden) en ver-minderd met de gelden uit eigen middelen; f. voorlopige subsidie: de met toepassing van deze verordening verleende geldelijke bijdrage of op geld waardeerbare voorlopig vastgestelde bijdrage van de gemeente aan een groep woonconsumenten of aan een woonconsumentenorganisatie, gebaseerd op de ingediende begroting; g. definitieve subsidie: de met toepassing van deze verordening verleende geldelijke of op geld waardeerbare definitief vastgestelde bijdrage van de gemeente aan een groep woonconsumenten of aan een woonconsumentenorganisatie, gebaseerd op de ingediende rekeningen en betalingsbewijzen.
    
    Artikel 2
    De gemeenteraad neemt jaarlijks een besluit, waarin een bedrag wordt vastgesteld voor de subsidiëring van woonconsumentengroepen en woonconsumentenorganisaties.
    
    Artikel 3
    Van het in het vorig artikel genoemde bedrag is in geval van subsidiëring van zowel activiteiten als apparaatskosten: § minimaal 2/3 bestemd voor subsidiëring van activiteiten en is § maximaal 1/3 gedeelte bestemd voor de subsidiëring van apparaatskosten van woonconsumentenorganisaties.
    
    Hoofdstuk 2 Bepalingen met betrekking tot het toekennen van subsidie
    
    Artikel 4
    1.
    Een woonconsumentenorganisatie of een groep woonconsumenten kan bij burgemeester en wethouders een aanvraag indienen voor het toekennen van subsidie ten behoeve van een activiteit.
    2.
    Burgemeester en wethouders kunnen op basis van de in het eerste lid genoemde aanvraag subsidie toekennen aan een groep woonconsumenten of aan een woonconsumentenorganisatie
    
    Artikel 5
    1.
    Een woonconsumenten-organisatie kan bij burgemeester en wethouders een aanvraag indienen voor het toekennen van subsidie als tegemoetkoming in de apparaatskosten
    2.
    Burgemeester en wethouders kunnen op basis van de in het eerste lid genoemde aanvraag subsidie toekennen aan een woonconsumentenorganisatie
    
    Artikel 6
    1.
    Burgemeester en wethouders houden bij hun beslissing op een aanvraag rekening met steun die op grond van een andere regeling aan de aanvrager is of kan worden toegekend
    2.
    Burgemeester en wethouders kunnen aan de subsidietoekenning voorschriften verbinden.
    3.
    Indien het bedrag, dat als subsidie voor een activiteit is toegekend, door de aanvrager - nadat de activiteit verwezenlijkt is - van derden kan worden ontvangen, dan is de aanvrager verplicht om dit bedrag op verzoek van burgemeester en wethouders aan de gemeente geheel of gedeeltelijk terug te storten. Dit teruggestorte bedrag wordt toegevoegd aan het op grond van artikel 2 door de gemeenteraad vastgestelde bedrag voor de subsidiëring van woonconsumenten en woonconsumenten(-organisaties).
    4.
    Voor een woonconsumentengroep geldt een subsidiemaximum van f. 2.000,00 per jaar ten behoeve van aantoonbaar noodzakelijke activiteitskosten en voor een woonconsumentenorganisatie geldt een subsidie-maximum van f. 3.000,00 (ten behoeve van maximaal f. 1.000,00 aantoonbaar noodzakelijke apparaatskosten en minimaal f. 2.000,00 aantoon- baar noodzakelijke activiteitskosten
    5.
    Burgemeester en wethouders kennen slechts subsidie toe voor zover het hiervoor door de gemeenteraad vastgestelde bedrag toereikend is.
    6.
    Indien het door burgemeester en wethouders onder de aanvragers jaarlijks te verdelen subsidiebudget kleiner is dan hetgeen er aangevraagd wordt, zal iedere aanvraag met een gelijk percentage worden gekort.
    
    Hoofdstuk 3 Bepalingen met betrekking tot aanvragen voor subsidiëring van activiteiten
    
    Artikel 1
    De aanvrager dient voor het aanvragen van subsidie gebruik te maken van het daarvoor door burgemeester en wet- houders beschikbaar te stellen standaard aanvraagformulier
    
    Artikel 2
    Een aanvraag voor het toekennen van subsidie ten behoeve van een of meerdere activiteiten dient voorzien te zijn van: a. een overzichtelijke begroting van de verwachte kosten; b. een overzicht waarin per activiteit is aangegeven de te verwachten kosten, welke andere financiële middelen men voor die activiteit krijgt van anderen, voor welk deel van de kosten de aanvrager zelf voorziet door middel van eigen middelen en voor welk resterend deel zij niet zonder gemeentelijke financiële middelen kan;
    
    Artikel 3
    Een aanvraag voor het toekennen van subsidie ten behoeve van een activiteit dient te zijn ingediend voor 1 november van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag van toepassing is.
    
    Artikel 4
    Een aanvraag ingediend door een groep woonconsumenten dient door alle tot de groep behorende woonconsumenten te worden ondertekend.
    
    Artikel 5
    Een aanvraag voor het toekennen van subsidie ten behoeve van een activiteit dient voorzien te zijn van een toelichting, waaruit blijkt: a. welke woonconsumenten (naam, adres, telefoon en handtekening) deel uitmaken van de woonconsumentengroep dan wel de woonconsumentenorganisatie die subsidie aanvragen; b. ten behoeve van welke woonconsumenten en welk doel de activiteit verricht wordt; c. wie de activiteit zal uitvoeren en dat de activiteit gericht is op het versterken van de positie van woonconsumenten of op het realiseren van een concreet project ten behoeve van woonconsumenten
    
    Artikel 6
    In de aanvraag dient vermeld te worden aan wie de voorlopige subsidie uitbetaald moet worden.
    
    Artikel 8
    1.
    De aanvrager dient voor het aanvragen van subsidie gebruik te maken van het daarvoor door burgemeester en wethouders beschikbaar te stellen standaard-aanvraagformulier
    2.
    Een aanvraag voor het toekennen van subsidie als tegemoetkoming in de apparaatskosten dient vergezeld te gaan van: a. een overzichtelijke en gespecificeerde begroting van de inkomsten en uitgaven van de betreffende woonconsumentenorganisatie voor het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft; kunnen aanvragen is de in het artikel genoemde subsidieverhouding van toepassing, omdat het bij subsidiëring vooral van belang is dat de nadruk op de te ondernemen activiteiten dient te liggen
    
    Artikel 6 lid 5;
    Gezien het feit dat de praktijk in den lande veelal uitwijst dat het door de diverse aanvragers aangevraagde bedrag hoger is dan het totaal beschikbare subsidiebedrag, is het noodzakelijk in een dergelijk geval de beschikbare subsidie evenredig te verdelen onder de aanvragers. Door deze maatregel zal het totaal te honoreren subsidiebedrag nimmer hoger zijn dan het jaarlijks beschikbare subsidiebedrag
    
    Artikel 7 lid 1;
    Om enerzijds de aanvragers tegemoet te komen en anderzijds heldere en zoveel mogelijk gestandaardiseerde subsidieaanvragen in ontvangst te kunnen nemen, dienen aanvragers gebruik te maken van het speciaal daarvoor ontwikkelde standaard aanvraagformulier. Aanvragers lopen daardoor minder risico dat hun aanvraag niet voldoet aan de door burgemeester en wethouders gestelde subsidiecriteria.
    
    Artikel 3 lid 3
    De praktijk in den lande heeft uitgewezen dat het werken met twee tijdvakken onduidelijk is en voor de aanvragers zeer verwarrend kan werken. Uit de landelijke praktijk blijkt dat aanvragen voor zowel de activiteitkosten als de apparaatskosten gelijktijdig worden gedaan. Om voor de diverse woonconsumenten een zo helder en eenvoudig mogelijke procedure te creëren is gekozen voor de hantering van één tijdvak, te weten van 1 januari tot en met 31 december.
    De aanvraag voor beide subsidievormen dient dan ook ingediend te zijn op één datum. Het moment van betaling kan in overleg met de aanvrager plaatsvinden: op zijn vroegst in januari en op zijn laatst in het midden
    
    Artikel 9
    De begrotingstermijn loopt van 1 januari tot en met 31 december (één tijdvak).
    
    Artikel 14
    Om de subsidieaanvrager tijdig zekerheid te geven over de toekenning van de voorlopige subsidie, dient het college over de voorlopige subsidie in elk geval te beslissen in het jaar dat voorafgaat aan het begrotingsjaar waarvoor subsidie is aangevraagd. Op deze wijze is iedere aanvrager op de hoogte voor 1 januari van het jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd. Bovendien betreft het zowel de subsidiëring van activiteitskosten als de subsidiëring van de apparaatskosten
    
    Artikel 16
    Door het feit dat in deze verordening met slechts één tijdvak wordt gewerkt en de subsidie voor activiteiten en de apparaatskosten op hetzelfde moment worden toegekend, worden beide subsidievormen terstond als voorschot betaalbaar gesteld. Dit vanwege zowel praktische redenen als het optimaal tegemoetkomen in de wensen van de woonconsument. Daar staat tegenover, dat de toegekende subsidie niet hoger kan worden dan door burgemeester en wethouders, conform het in artikel 15 genoemde
    
    Artikel 17
    In deze verordening wordt een onderscheid gemaakt tussen "voorlopige subsidie" en "definitieve subsidie". Aan de hand van de rekeningen en betalingsbewijzen wordt bij de verantwoording van de kosten de definitieve subsidie vastgesteld.
    
    Artikel 19
    In dit artikel wordt aangegeven hoe wordt omgegaan met niet bestede gelden uit het afgelopen begrotingsjaar. Op deze manier wordt bewerkstelligd, dat de beschikbare gelden optimaal benut worden. Eventuele overschotten vloeien weer terug naar de Algemene Middelen.
    
    Artikel 23
    1. Dit artikel geeft aan hoe de nieuwe verordening aangehaald kan worden en de datum van ingang. 2. Dit artikel geeft een overzicht waarin voor wat betreft de aan te vragen apparaatskosten is aangegeven wat de te verwachten kosten zijn, welke andere financiële middelen men voor die apparaatskosten van anderen krijgt, in welk deel van de kosten de aanvrager zelf voorziet door middel van eigen middelen en voor welk resterend deel van die kosten zij niet zonder gemeentelijke financiële middelen kan. 3. Een aanvraag voor het toekennen van subsidie ten behoeve van apparaatskosten dient voorzien te zijn van een toelichting, waaruit blijkt: a. dat de bekostiging van de apparaatskosten geen betrekking heeft op indiviuele belangen van leden van de organisatie; b. waarom gemeentelijke tegemoetkoming in de kosten van die apparaatskosten noodzakelijk is. 4. Een aanvraag voor het toekennen van subsidie als tegemoetkoming in de apparaatskosten dient te zijn ingediend voor 1 november van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarop de aanvraag van toepassing is. 5. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen omtrent de wijze waarop de subsidie dient te worden aangevraagd.
    
    Hoofdstuk 4 Bepalingen met betrekking tot de afhandeling van aanvragen
    
    Artikel 9
    Een begrotingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december
    
    Artikel 10
    Het door de gemeenter
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.