Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Den Helder 2024
Gemeente Den Helder
Voor aanbieders van geregistreerde kindercentra met peuteropvang en/of voorschoolse educatie in Den Helder; voor ouders van peuters (2-4 jaar) en doelgroeppeuters met VVE-indicatie.
Ook bekend als Subsidieverordening peuteropvang Den Helder 2024, Subsidieverordening voorschoolse educatie Den Helder 2024
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieverordening voor peuteropvang en voorschoolse educatie in Den Helder, gericht op het toegankelijk maken van deze voorzieningen voor kinderen in de gemeente. Subsidies worden verleend aan aanbieders op basis van uurtarieven voor reguliere peuteropvang en voorschoolse educatie (VVE), met inkomensafhankelijke ouderbijdragen voor ouders zonder kinderopvangtoeslag.
Voor wie is het bedoeld?
Voor aanbieders van geregistreerde kindercentra met peuteropvang en/of voorschoolse educatie in Den Helder; voor ouders van peuters (2-4 jaar) en doelgroeppeuters met VVE-indicatie.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil als kindercentrum subsidie aanvragen voor peuteropvang
- Ik wil weten welke uurtarieven gelden voor voorschoolse educatie
- Ik wil inzicht in de ouderbijdrage voor ouders zonder kinderopvangtoeslag
- Ik wil weten welke kinderen recht hebben op gratis VVE-dagdelen
Voorwaarden
- Aanbieder moet een geregistreerd kindercentrum zijn opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Voor VVE moet de aanbieder een VVE-registratie hebben in het LRK
- Kinderen moeten tussen 2 en 4 jaar oud zijn (peuterleeftijd)
- Voor doelgroeppeuters is een VVE-indicatie van de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) vereist
- Aanvraagformulier moet uiterlijk 15 oktober worden ingediend
- Aanbieder moet voldoen aan gestelde kwaliteitseisen en verplichtingen
- Voor ouders zonder kinderopvangtoeslag geldt een inkomensafhankelijke ouderbijdrage op basis van VNG-adviestabel
- Ouders met minimuminkomen (120% bijstandsnorm) betalen geen ouderbijdrage
- Ouders in asielopvang betalen geen ouderbijdrage
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Den Helder, houdende regels over peuteropvang en voorschoolse educatie Den Helder 2024 (Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Den Helder 2024) De raad van de gemeente Den Helder; gelezen het raadsvoorstel 2023-042386 van het college van burgemeester en wethouders van Den Helder van 17 oktober 2023 gelet op de Wet Kinderopvang, het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, de Wet op het primair onderwijs, de Wet harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerken, de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang, de Algemene Subsidieverordening Den Helder; kennis genomen hebbende van de voorbereidende commissievergadering Maatschappelijke Ontwikkeling 13 november 2023; overwegende dat: - het gewenst is peuteropvang en voorschoolse educatie toegankelijk te maken, die bijdragen aan optimale ontwikkelkansen voor alle kinderen in de gemeente en eventuele achterstanden tegengaan; besluit: de volgende verordening vast te stellen. Subsidieverordening peuteropvang en voorschoolse educatie Den Helder 2024 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: - Aanbieder: degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een geregistreerd kindercentrum exploiteert met peuteropvang met of zonder voorschoolse educatie; - Asv: Algemene subsidieverordening Den Helder; - Boekjaar: kalenderjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd; - College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Helder; - Doelgroeppeuter: kind in de leeftijd van 2,5 tot het moment dat het kind naar de basisschool uitstroomt, bij wie de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) op basis van de gemeentelijke doelgroepdefinitie inschat dat er sprake is van (een risico op) een achterstand in één of meerdere domeinen van de ontwikkeling (taal, spel, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling) en waarvoor een VVE-indicatie is afgegeven voor recht op gratis dagdelen voorschoolse educatie; - Fiscaal maximum: maximaal uurtarief dat de Belastingdienst hanteert voor de tegemoetkoming in de kosten voor kinderopvang; - Inkomensverklaring: De Verklaring Geregistreerd Inkomen, een officiële verklaring van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar; - Kindercentrum: kindercentrum, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang (Wko) en dat is opgenomen in het LRK; - Kinderopvangtoeslag: de tegemoetkoming van de Belastingdienst bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten van kinderopvang die onder de Wet kinderopvang valt; - LRK: Landelijk Register Kinderopvang; waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen; - Ouderbijdrage: inkomensafhankelijke financiële bijdrage die ouders aan de aanbieder moeten betalen voor de deelname van hun kind aan peuteropvang of voorschoolse educatie; - Ouders: ouder(s) of verzorger(s) van een (doelgroep)peuter die gebruik maakt van peuteropvang of voorschoolse educatie; - Peuter: een kind in de leeftijd van 2/2,5 jaar tot het moment dat het kind naar de basisschool uitstroomt; - Reguliere peuteropvang: het bedrijfsmatig of anders dan om niet verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen door een kindercentrum zonder een VVE-registratie in het LRK; - Subsidiabel uurtarief reguliere peuteropvang: het jaarlijks door het college vastgestelde maximaal te subsidiëren uurtarief voor peuteropvang; - Subsidiabel uurtarief voorschoolse educatie in de dagopvang: het jaarlijks door het college vastgestelde maximaal te subsidiëren uurtarief voor voorschoolse educatie, aangeboden in de hele dagopvang; - Subsidiabel uurtarief voorschoolse educatie in een kortdurend product: het jaarlijks door het college vastgestelde maximaal te subsidiëren uurtarief voor voorschoolse educatie, aangeboden in korte dagdelen aangeboden door peuteropvang; - Voorschoolse educatie: voorschoolse educatie (als onderdeel van voor- en vroegschoolse educatie (VVE)) voor kinderen vanaf 2,5 jaar tot het moment waarop zij naar de basisschool uitstromen, waarin aan de hand van een VVE-programma op gestructureerde en samenhangende wijze activiteiten worden aangeboden gericht op het stimuleren van de ontwikkeling van kinderen op het gebied van taal, rekenen, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling, in een kindercentrum met een VVE-registratie in het LRK. Wanneer de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) inschat dat het wenselijk is om eerder te starten, mogen kinderen met een VVE-indicatie vanaf 2 jaar instromen; - VVE-indicatie: een indicatie die afgegeven wordt door de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) aan een kind, waarbij de JGZ op basis van de gemeentelijke doelgroepdefinitie inschat dat er sprake is van een risico op een achterstand in één of meerdere domeinen van de ontwikkeling (taal, spel, motoriek en de sociaal-emotionele ontwikkeling) en die recht geeft op gratis dagdelen voorschoolse educatie; - VVE-registratie: een registratie van de aanbieder in het LRK, waaruit blijkt dat de aanbieder voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen voor het aanbieden van voorschoolse educatie. - PBM-er: een pedagogisch coach/-beleidsmedewerker op hbo werk- en denkniveau Artikel 2 Toepasselijkheid Algemene subsidieverordening Den Helder Het bepaalde in de Asv is van toepassing, voor zover daarvan in deze verordening niet wordt afgeweken. Artikel 3 Doel Het doel van deze subsidieverordening is het toegankelijk maken van peuteropvang en voorschoolse educatie voor in de gemeente Den Helder wonende of verblijvende kinderen, zodat er optimale ontwikkelkansen zijn voor alle kinderen in de gemeente. Artikel 4 Subsidiabele activiteiten Subsidie wordt verleend aan aanbieders voor: - Het aanbieden van voorschoolse educatie in een kortdurend product; - Het aanbieden van voorschoolse educatie in de dagopvang; - Het aanbieden van reguliere peuteropvang aan ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag; - De inzet van een pedagogisch coach/-beleidsmedewerker op hbo werk- en denkniveau in de voorschoolse educatie. Artikel 5 Subsidieaanvraag en bevoorschotting In aanvulling op artikel 4 van de ASV wordt bij de subsidieaanvraag het volgende opgenomen: - De subsidieaanvraag voor peuteropvang, voorschoolse educatie en de inzet van een pedagogisch coach/-beleidsmedewerker in de voorschoolse educatie wordt vóór 15 oktober van het jaar voorafgaand aan het boekjaar ingediend bij het college, middels het jaarlijks door het college vastgestelde gemeentelijke aanvraagformulier. - Bij de aanvraag wordt benoemd: een inschatting van het aantal verwachte (doelgroep)peuters (wel/niet VVE-geïndiceerd, wel/niet aanspraak KOT), een inschatting van de afname in uren en een inschatting van de gemiddelde ouderbijdrage. - Indien van toepassing voor inzet pedagogisch coach/beleidsmedewerker het aantal ingeschreven peuters met VVE-indicatie per peildatum 1 oktober (zie artikel 9) - Indien een onvolledige aanvraag is ingediend, wordt de aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een hersteltermijn van 2 weken geboden om de aanvraag te completeren. Wordt binnen de hersteltermijn van het gevraagde niet geleverd, dan wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. - Indien een subsidieaanvraag niet voor 15 oktober is ingediend, wordt de aanvrager op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht in de gelegenheid gesteld deze binnen twee weken alsnog volledig in te dienen. Wordt de volledige aanvraag niet binnen deze termijn ingediend, dan wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. Artikel 6 Subsidieverlening 1.. Het college beslist op een aanvraag voor subsidieverlening vóór 1 december van het jaar dat voorafgaat aan het boekjaar. 2.. Het college kan deze termijn eenmaal gemotiveerd verdagen tot en met 31 december. 3.. Het voorschot wordt bepaald op basis van een inschatting van het aantal verwachte (doelgroep)peuters, het aantal ouders met en zonder recht op kinderopvangtoeslag, de afgenomen uren en de gemiddelde ouderbijdrage en ingediende inzet PBM-er op peildatum 1 oktober 4.. De subsidie wordt als voorschot en in 13 maandelijkse termijnen aan de aanbieder uitbetaald. 5.. Op aanvraag van de aanbieder kan het college de beschikking tussentijds aanpassen. Artikel 7.1 Subsidie voorschoolse educatie in een kortdurend product 1.. Het college stelt jaarlijks het subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie in een kortdurend product vast op basis van: - Het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag, vastgesteld door de Belastingdienst; - Een opslag per uur voor de uitvoering van de wettelijke kwaliteitseisen en de door gemeente Den Helder gehanteerde bovenwettelijke kwaliteitseisen voor voorschoolse educatie in een kortdurend product. 2.. Subsidie voor voorschoolse educatie in een kortdurend product wordt verleend aan de aanbieder voor: - Peuters zonder VVE-indicatie, waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Peuters zonder VVE-indicatie, waarvan ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Doelgroeppeuters waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Doelgroeppeuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. 3.. De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat peuters contractueel van de opvang gebruik hebben gemaakt keer het geldende uurtarief. Er geldt een maximum van 960 uur per peuter gedurende anderhalf jaar. 4.. Het geldende uurtarief wordt berekend zoals in tabel 1. Tabel 1: Recht op kinderopvangtoeslag | Uurtarief eerste twee dagdelen per week (vanaf 0 t/m 8 uur) | Uurtarief 3e en 4e dagdeel per week (vanaf 8 t/m 16 uur) Ja | subsidiabel uurtarief -/- fiscaal maximum | Zonder VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief -/- fiscaal maximumMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief Nee | subsidiabel uurtarief -/- ouderbijdrage | Zonder VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief -/- ouderbijdrageMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief Artikel 7.2 Subsidie voorschoolse educatie in de dagopvang 1.. Het college stelt jaarlijks het subsidiabel uurtarief voor voorschoolse educatie in de dagopvang vast op basis van; - Het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag, vastgesteld door de Belastingdienst; - Een opslag per uur voor de uitvoering van de wettelijke kwaliteitseisen en de door gemeente Den Helder gehanteerde bovenwettelijke kwaliteitseisen voor voorschoolse educatie in de dagopvang. 2.. Subsidie voor voorschoolse educatie in een kortdurend product wordt verleend aan de aanbieder voor: - Peuters zonder VVE-indicatie, waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Peuters zonder VVE-indicatie, waarvan ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Doelgroeppeuters waarvan de ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag; - Doelgroeppeuters waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. 3.. De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat peuters contractueel van de opvang gebruik hebben gemaakt keer het geldende uurtarief. Er geldt een maximum van 960 uur per peuter gedurende anderhalf jaar. 4.. Het geldende uurtarief wordt berekend zoals in tabel 2. Tabel 2: Recht op kinderopvangtoeslag | Uurtarief eerste twee dagdelen per week (vanaf 0 t/m 8 uur) | Uurtarief 3e en 4e dagdeel per week (vanaf 8 t/m 16 uur) Ja | subsidiabel uurtarief -/- fiscaal maximum | Zonder VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief -/- fiscaal maximumMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief Nee | subsidiabel uurtarief -/- ouderbijdrage | Zonder VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief -/- ouderbijdrageMet VVE-indicatie: subsidiabel uurtarief Artikel 7.3 Subsidie reguliere peuteropvang 1.. Het college stelt jaarlijks het subsidiabel uurtarief voor reguliere peuteropvang vast op basis van het fiscaal maximum voor kinderopvangtoeslag, vastgesteld door de Belastingdienst. 2.. Subsidie voor peuteropvang wordt uitsluitend verleend voor ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag. 3.. De hoogte van de subsidie is het aantal uren dat peuters contractueel van de opvang gebruik hebben gemaakt keer […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.