Subsidieregeling kleinschalige activiteiten samen sociaal en vitaal Den Haag 2024
Gemeente Den Haag
Voor instellingen met kleinschalige activiteiten die activiteiten organiseren voor kwetsbare inwoners van Den Haag (vanwege beperking, chronische ziekte, regieverlies of psychosociale problematiek), eenzame inwoners (18+), mantelzorgers en personen met beperkingen.
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor instellingen met kleinschalige activiteiten die gericht zijn op het versterken van vitaliteit, participatie en zelfredzaamheid van kwetsbare inwoners, mantelzorgers en personen met beperkingen in Den Haag, alsmede het tegengaan van eenzaamheid. Maximaal €45.000 per jaar voor Hoofdstuk 2 en maximaal €30.000 per jaar voor Hoofdstuk 3.
Voor wie is het bedoeld?
Voor instellingen met kleinschalige activiteiten die activiteiten organiseren voor kwetsbare inwoners van Den Haag (vanwege beperking, chronische ziekte, regieverlies of psychosociale problematiek), eenzame inwoners (18+), mantelzorgers en personen met beperkingen.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Subsidie aanvragen voor activiteiten die eenzaamheid tegengaan
- Financiering voor vrijwilligerswerk en ondersteuning van kwetsbare groepen
- Subsidie voor kleinschalige sociale activiteiten in Den Haag
- Ondersteuning van mantelzorgers via georganiseerde activiteiten
Voorwaarden
- Aanvrager moet een stichting of vereniging zijn
- Activiteiten moeten gericht zijn op kwetsbare inwoners, eenzame inwoners of mantelzorgers
- Voor Hoofdstuk 2: minimaal 19 punten bij beoordeling
- Voor Hoofdstuk 3: maximaal twee keer per kalenderjaar aanvragen
- Cofinanciering vereist (eigen middelen of middelen van derden)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- Tender
Bronnen en actualiteit
“Een subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt maximaal € 45.000,- per kalenderjaar.”
Toon brontekst
Subsidieregeling kleinschalige activiteiten samen sociaal en vitaal Den Haag 2024 Toelichting Een van de uitgangspunten in het Haags akkoord 2023-2026 (RIS316672) is dat iedereen naar vermogen mee moet kunnen doen aan de samenleving. Daartoe wil het college onder andere de sociale basis versterken, eenzaamheid tegengaan en de ervaren druk voor mantelzorgers verminderen. Tegen die achtergrond biedt deze subsidieregeling instellingen met kleinschalige activiteiten de mogelijkheid om subsidie aan te vragen om activiteiten te organiseren die de vitaliteit, participatie en zelfredzaamheid van kwetsbare inwoners en hun mantelzorgers alsmede kwetsbare inwoners met een beperking versterken en eenzaamheid tegengaan. Daarmee bevordert deze subsidieregeling dat deze inwoners zoveel mogelijk een zelfstandig leven kunnen leiden, volwaardig en betekenisvol kunnen deelnemen aan de maatschappij en een passend sociaal netwerk kunnen onderhouden. Besluitvorming Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag; gelet op: - artikel 5 van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020; besluit: - vast te stellen de Subsidieregeling kleinschalige activiteiten samen sociaal en vitaal Den Haag 2024: Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: - ASV: | Algemene subsidieverordening Den Haag 2020; - Awb: | Algemene wet bestuursrecht; - beperking: | een lichamelijke, visuele of auditieve beperking, een chronische aandoening, een (licht) verstandelijke beperking of neurobiologische ontwikkelingsstoornis; - cofinanciering: | bijdrage die een aanvrager met eigen financiële middelen of eigen middelen in natura dan wel financiële middelen, subsidies of middelen in natura van derden levert aan de kosten die verbonden zijn aan de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd; - college: | college van burgemeester en wethouders van de gemeente Den Haag; - eenzaamheid: | het missen van betekenisvolle relaties met een brede groep mensen, van een vertrouwelijke band met een ander persoon of van een gevoel van verbondenheid in het bestaan zelf; - eenzame inwoner: | inwoners van Den Haag van 18 jaar of ouder die matig tot zeer veel eenzaamheid ervaren; - flexibele vrijwilliger: | vrijwilliger die beschikbaar is voor verschillende soorten vrijwilligerswerk, meestal kortlopend, die zich niet vastlegt op een vaste taak en flexibel beschikbaar is voor ad-hoc klussen; - kwetsbare inwoner: | inwoner van Den Haag die vanwege een beperking, een chronische ziekte, regieverlies of psychosociale problematiek, extra ondersteuning nodig heeft bij het vitaal blijven, zelfstandig functioneren of het deelnemen aan de samenleving; - langdurig positief effect: | blijvende of aanhoudende verbetering van de ervaren kwaliteit van leven of de gezondheid; - maatje: | getrainde vrijwilliger die vanuit een vrijwilligersorganisatie wordt gekoppeld aan een kwetsbare inwoner met als doel deze inwoner uit een sociaal isolement te halen of het teweegbrengen van een gedrags- of mentaliteitsverandering; - mantelzorger: | persoon die gedurende ten minste drie maanden aansluitend en gemiddeld minimaal acht uur per week onbetaalde hulp of ondersteuning biedt aan een naaste die een kwetsbare inwoner is; - participatie: | deelnemen aan het maatschappelijk verkeer; - senior: | inwoner van Den Haag die vanwege ouderdom extra ondersteuning nodig heeft bij het vitaal blijven, zelfstandig functioneren of het deelnemen aan de samenleving; - vitaliteit: | goede mentale of fysieke gesteldheid en veerkracht; - vrijwilliger: | persoon die in het maatschappelijk belang niet-medische ondersteuning aan kwetsbare inwoners van Den Haag biedt zonder dat er sprake is van de uitoefening van een beroep of bedrijf en zonder dat er voor de werkzaamheden salaris wordt betaald; - vrijwilligersorganisatie: | stichting of vereniging waarvan de activiteiten voor minimaal 70% van het totaal aantal mensuren worden uitgevoerd door vrijwilligers; - zelfredzaamheid: | in staat zijn tot het zelfstandig uitvoeren van de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen, het voeren van een gestructureerd huishouden en het onderhouden van een passend sociaal netwerk. Artikel 1:2 Toepassingsbereik Deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:2 en 3:2. Artikel 1:3 Doel van de subsidie Het achterliggende maatschappelijke doel van de subsidieregeling is dat senioren en kwetsbare inwoners duurzaam volwaardig en betekenisvol kunnen deelnemen aan de Haagse samenleving en dat mantelzorgers duurzaam hulp en ondersteuning kunnen bieden zonder dat dit ten koste gaat van de eigen vitaliteit, participatie of zelfredzaamheid. Artikel 1:4 Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan rechtspersonen. Artikel 1:5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen - De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de naar het oordeel van het college redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteiten bedoeld in de artikelen 2:2 en 3:2. - Niet voor subsidie in aanmerking komen:a. de kosten die naar het oordeel van het college niet in verhouding staan tot de activiteiten;b. de kosten die eerder door het college op basis van deze subsidieregeling zijn gesubsidieerd, waarvoor een andere subsidieregeling van kracht is of die op een andere wijze door het college of vanuit degemeente worden gefinancierd;c. de verrekenbare BTW over de gesubsidieerde kosten;d. de restwaarde van specifiek voor de subsidiabele activiteiten aangeschafte apparatuur;e. de kosten voor catering en consumpties die hoger zijn dan 15% van de totale kosten van de subsidiabele activiteiten of hoger zijn dan € 2.900,- per aanvraag;f. de kosten voor het opdoen van kennis die onderdeel uitmaken van trainingen die kosteloos worden aangeboden;g. de kosten voor de waardering van vrijwilligers die hoger zijn dan € 25,- per vrijwilliger per jaar of hoger zijn dan € 8.400,- per aanvraag;h. de kosten voor vrijwilligersvergoedingen die hoger zijn dan 5% van de subsidie die wordt verleend, die hoger zijn dan het fiscaal vrijgestelde maximum of die hoger zijn dan door het college redelijk en proportioneel worden geacht;i. de kosten voor de reis- en onkostenvergoedingen van vrijwilligers wanneer deze naar het oordeel van het college niet redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de activiteit;j. de kosten voor andere vergoedingen aan vrijwilligers dan de vergoedingen als bedoeld onder g, h en i;k. de kosten voor de verzekering en de Verklaringen Omtrent het Gedrag van vrijwilligers;l. de kosten voor het exploiteren van een Haags Ontmoeten locatie;m. de kosten die de aanvrager van een ontwikkelsubsidie structureel maakt voor gebouwen en buitenterreinen, personeel, administratie, ICT en andere vaste lasten en die niet rechtstreeks verbonden zijn met het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten. Hoofdstuk 2 Subsidie voor kernactiviteiten Artikel 2:1 Doel van de subsidie Het doel van de subsidie op grond van dit hoofdstuk is het versterken van de vitaliteit, de participatie of de zelfredzaamheid van senioren en kwetsbare inwoners van Den Haag en het ondersteunen van de mantelzorgers van deze inwoners. Artikel 2:2 Activiteiten Subsidie op grond van dit hoofdstuk wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten met een langdurig positief effect voor: - a. eenzame inwoners die zelfstandig thuis wonen, waarbij de activiteiten gericht zijn op het vinden, verbinden, activeren en begeleiden van eenzame inwoners ter vermindering van die eenzaamheid; b. kwetsbare inwoners met een beperking in groepsverband, waarvan maximaal 25% in een intramurale zorginstelling verblijft, die door hun beperking geen gebruik kunnen maken van het reguliere aanbod van activiteiten en waarbij de activiteiten gericht zijn op het versterken van de vitaliteit, participatie of zelfredzaamheid;c. individuele en groepsgerichte ondersteuning van mantelzorgers, waarvan maximaal 25% in een intramurale zorginstelling verblijft en waarbij de activiteiten gericht zijn op het verminderen van belasting door het versterken van de vitaliteit, participatie en zelfredzaamheid voor mantelzorgers;d. senioren waarvan maximaal 25% in een intramurale zorginstelling verblijft en waarbij de activiteiten gericht zijn op het versterken van de vitaliteit, participatie of zelfredzaamheid van senioren;e. aan vrijwilligersorganisaties die niet-medische ondersteuning bieden door middel van het inzetten van vrijwilligers of maatjes voor kwetsbare inwoners. Artikel 2:3 Hoogte van de subsidie Een subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt maximaal € 45.000,- per kalenderjaar. Artikel 2:4 Subsidieplafond - Voor subsidieverlening op grond van dit hoofdstuk geldt een subsidieplafond van € 1.128.500,- per kalenderjaar met deelplafonds van:a. € 928.500,- voor de activiteiten als bedoeld in artikel 2:2, onder a, , c,d en eb. € 200.000,- voor de activiteiten als bedoeld in artikel 2:2, onder b. - Als het deelplafond, als bedoeld in het eerste lid, onder a, niet bereikt is wordt het resterende subsidiebudget overgeheveld naar het deelplafond als bedoeld in het eerste lid, onder b. - Als het deelplafond, als bedoeld in het eerste lid, onder b, niet bereikt is wordt het resterende subsidiebudget overgeheveld naar het deelplafond als bedoeld in het eerste lid, onder a. - Als de deelplafonds, als bedoeld in het eerste lid, onder a en b, niet bereikt worden na toepassing van het tweede en derde lid, wordt het subsidiebudget overgeheveld naar het subsidieplafond als bedoeld in artikel 3:4, eerste lid, onder a. - Het college kan het subsidieplafond en de deelplafonds conform artikel 7 ASV verlagen. - Het college kan het subsidieplafond en de deelplafonds bij afzonderlijk besluit verhogen. Artikel 2:5 Wijze van verdeling - Honorering van aanvragen voor subsidie op grond van dit hoofdstuk die in aanmerking komen voor subsidie en die niet worden geweigerd, geschiedt in volgorde van de door het college aangebrachte rangschikking, totdat het vastgestelde subsidieplafond is bereikt. - Bij de rangschikking van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximum aantal:a. de activiteiten hebben impact op de doelgroep van de activiteiten; dit blijkt uit de aard van de problematiek bij de deelnemers, de aard en de duur van de aangeboden activiteiten, het aantal deelnemers dat aan de activiteiten deelneemt en het aantal unieke deelnemers dat aan de activiteiten deelneemt:1° de activiteiten hebben veel impact: 10 punten; 2° de activiteiten hebben een bovengemiddelde impact: 6 punten;3° de activiteiten hebben een gemiddelde impact: 3 punten; 4° de activiteiten hebben een beperkte of geen impact: 0 punten;b. de activiteiten zijn gericht op het activeren van de doelgroep van de activiteiten; dit blijkt uit de mate waarin van de deelnemers tijdens de activiteiten een actieve rol wordt gevraagd: 1° de activiteiten zijn erg activerend: 10 punten;2° de activiteiten zijn bovengemiddeld activerend: 6 punten; 3° de activiteiten zijn gemiddeld activerend: 3 punten; 4° de activiteiten zijn beperkt of niet activerend: 0 punten;c. de aanvrager heeft een proactieve wervingsaanpak die aansluit op de doelgroep waarop de activiteiten zijn gericht alsmede op de vrijwilligers die bij de uitvoering betrokken worden; dit blijkt uit de aanpak die de aanvrager gebruikt om de doelgroep en de vrijwilligers op meerdere, langdurige, diverse en proactieve manieren te bereiken en de mate waarin de activiteiten voor de doelgroep van de activiteiten zichtbaar en vindbaar zijn:1° de wervingsaanpak sluit erg aan op de doelgroep: 10 punten;2° de wervingsaanpak sluit bovengemiddeld aan op de doelgroep: 6 punten; 3° de wervingsaanpak sluit gemiddeld aan op de doelgroep: 3 punten; 4° de wervin […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.