Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie Gemeente de Fryske Marren
Gemeente de Fryske Marren
Erkende kinderopvangorganisaties (aanbieders peuteropvang VVE), besturen van basisscholen en bibliotheek in gemeente de Fryske Marren die activiteiten uitvoeren gericht op doelgroepkinderen (peuters en kleuters van 2-6 jaar met taalachterstand).
Ook bekend als VVE de Fryske Marren, Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie Gemeente De Fryske Marren 2022, VVE-subsidie De Fryske Marren, Subsidieregeling VVE 2022
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor aanbieders van peuteropvang, basisscholen en taalnetwerken in gemeente de Fryske Marren ter verbetering van voor- en vroegschoolse educatie. Totaal subsidieplafond 2026: €170.000, verdeeld over zes activiteitencategorieën met maximale bedragen per aanvrager van €5.000 tot €20.000.
Voor wie is het bedoeld?
Erkende kinderopvangorganisaties (aanbieders peuteropvang VVE), besturen van basisscholen en bibliotheek in gemeente de Fryske Marren die activiteiten uitvoeren gericht op doelgroepkinderen (peuters en kleuters van 2-6 jaar met taalachterstand).
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Ik wil als kinderopvangorganisatie aanvullende activiteiten voor voorschoolse educatie financieren
- Ik wil als basisschool activiteiten voor vroegschoolse educatie subsidiëren
- Ik wil als taalnetwerk ouderbetrokkenheid vergroten met subsidie
- Ik wil scholing voor VVE-professionals bekostigen
Voorwaarden
- Activiteiten moeten bijdragen aan kwaliteitsverbetering van voor- en vroegschoolse educatie
- Aanvrager moet werkzaam zijn in gemeente de Fryske Marren
- Voor taalnetwerken: minimaal twee verschillende partners in samenwerkingsverband
- Activiteiten beschreven in plan van aanpak (maximaal 1-2 jaar afhankelijk van categorie)
- Verantwoording binnen 13 weken na afloop activiteiten (voor subsidies >€10.000)
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- € 170k
- Verdeling
- Wie het eerst komt
Bronnen en actualiteit
“Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 20.000. (Taalnetwerken); Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 10.000. (overige categorieën); De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt per aanvraag maximaal € 5.000 per jaar. (Innovatie)”
Toon brontekst
- Subsidieregeling aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie - De Fryske Marren Spring naar content Menu ## Problemen met het bereiken van 14 0514 via het Odido-netwerk 10 juli 2026 Op dit moment ervaren sommige inwoners problemen met het bereiken van de gemeente via het telefoonnummer 14 05 14. Uit onderzoek blijkt dat dit probleem wordt veroorzaakt door het Odido-netwerk. Maakt u gebruik van het Odido-netwerk (Odido, Ben, Simpel, Delta, Caiway) en kunt u 14 0514 niet bereiken? Bel ons dan via 0513 – 800 000. Excuses voor het ongemak. Sluit banner # Subsidieregeling aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie ## Voor wie is de subsidieregeling aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie bedoeld? De subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die de kwaliteit of het bereik van Voor- en vroegschoolse educatie verhogen. Afhankelijk van de activiteit kan de subsidie worden aangevraagd door: aanbieder kinderopvang die subsidie ontvangt vanuit de Subsidieregeling Peuterwerk en Voorschoolse Educatie (VE) gemeente De Fryske Marren; - schoolbesturen primair onderwijs; - penvoerder van een taalnetwerk. ## Waarvoor is deze subsidie bedoeld? | Activiteit waarvoor deze subsidie bedoeld is | Hoogte van de subsidie per aanvrager | Deelsubsidieplafond | | Aanvullende activiteiten Voorschoolse educatie die de kwaliteit van de voorschoolse educatie verbetert en waarbij het kind centraal staat. | Maximaal € 10.000 | € 20.000 | | Inzet extra pedagogisch professional in groepen waarvan het aantal doelgroepkinderen 50% bedraagt en in reguliere groepen waar wel een doelgroepkind wordt opgevangen. | Maximaal € 10.000 | € 35.000 | | Aanvullende activiteiten die bijdragen aan de kwaliteit van de vroegschoolse educatie. | Maximaal € 10.000 | € 30.000 | | Het stimuleren van ouderbetrokkenheid door de inzet van een taalnetwerk met als doel het terugdringen van taalachterstanden. | Maximaal € 20.000 | € 45.000 | | Scholing om de deskundigheid van medewerkers in het primair onderwijs en kinderopvangorganisaties op het gebied van onderwijsachterstanden te bevorderen. | Maximaal € 5.000 | € 20.000 | | Innovatieve ideeën die bijdragen aan het verhogen van het bereik van doelgroepkinderen. | Maximaal € 5.000 | € 20.000 | ## Voor welke jaren geldt deze subsidie? Deze regeling geldt voor de jaren 2026 en 2027. Bij het onderdeel taalnetwerken is het mogelijk een subsidie voor een periode van twee jaar aan te vragen. Voor 2027 geldt wel als extra voorwaarde dat het subsidieplafond onder voorbehoud is van voldoende rijksbudget. # Hoe werkt het? Om subsidie aan te vragen vult u het eenmalige aanvraagformulier in (u logt in met uw DigiD of e-herkenning). Een aanvraag kan gedurende het hele jaar worden ingediend. Aanvraagformulier (DigiD) Aanvraagformulier bedrijven (eHerkenning) # Er zijn voorwaarden verbonden aan deze subsidie Bij het aanvragen van de subsidie moet een plan worden ingediend waarin het volgende wordt omschreven: - De activiteiten en de tijdslimiet waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; - De doelen en resultaten welke met de activiteiten worden nagestreefd en hoe de activiteiten daaraan bijdragen; - Een begroting en dekkingsplan. Lees ook Subsidieregeling aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie De Fryske Marren u gaat naar een externe website op overheid.nl " * " geeft vereiste velden aan
Toon brontekst
Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie Gemeente De Fryske Marren 2022 Het college van burgemeester en wethouders van gemeente De Fryske Marren; gelet op de titel 4.2. van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening De Fryske Marren, besluit vast te stellen: de Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie De Fryske Marren 2022. Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen - Aanbieder peuteropvang VVE: een erkende kinderopvangorganisatie die in gemeente De Fryske Marren VVE aanbiedt; - Besturen primair onderwijs: schoolbesturen die primair onderwijs aanbieden in gemeente de Fryske Marren; - Doelgroepkinderen: peuters in de leeftijd van 2 tot 4 jaar die staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen van gemeente De Fryske Marren en die door de jeugdgezondheidszorg (jgz) zijn geïndiceerd voor VVE. - Erkende kinderopvangorganisatie: een in het Landelijk Register Kinderopvang ingeschreven kinderopvangorganisatie, niet zijnde een gastouder, welke middels een inspectierapport van de GGD is goedgekeurd. - GGD: Gemeentelijke Gezondheidsdienst. Verricht het toezicht op opvanglocaties volgens de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (WKKP). - Homogene groep: groep peuters met meer dan 60% doelgroepkinderen. - Landelijk Register Kinderopvang: het Register waarin aanbieders kinderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de Wet kinderopvang. - Voor- en Vroegschoolse educatie (hierna VVE): educatie die op een peuterwerklocatie of kinderopvanglocatie of basisschool wordt aangeboden aan doelgroepkinderen van tweeëneenhalf tot en met zes jaar waarbij gewerkt wordt met een erkend VVE-programma. - Voorschoolse educatie: educatie die wordt aangeboden voor peuters van 2 – 4 jaar door een eerkende kinderopvangorganisatie. - Vroegschoolse educatie: educatie die wordt aangeboden in de eerste twee leerjaren van de basisschool. - VVE-plaats: een plek op een peuterwerklocatie of kinderopvanglocatie van gemiddeld 16 uur per week voor een doelgroepkind. Artikel 2. Toepassingsbereik Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door burgemeester en wethouders voor de in artikel 4, 10 en 11 bedoelde activiteiten. Artikel 3. Aanvullende weigeringsgronden Overeenkomstig artikel 10, derde lid, aanhef en onder t, van de Algemene subsidieverordening De Fryske Marren zijn onderstaande aanvullende weigeringsgronden van toepassing: Het college van burgemeester en wethouders kan subsidieverlening weigeren: - wanneer de aanvrager geen subsidie ontvangt voor de uitvoering van VVE-peuteropvang; - de activiteiten volgens het college onvoldoende bijdragen aan kwaliteitsverbetering en/of verbetering van resultaten. - de activiteiten volgens het college geen aanvulling zijn op de reguliere activiteiten van de aanvrager. Hoofdstuk 2. Aanvullende activiteiten voorschoolse educatie Artikel 4. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het verhogen van de kwaliteit voorschoolse educatie. Artikel 5. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders peuteropvang VVE, werkzaam in gemeente De Fryske Marren. Het gaat hierbij om de overkoepelende organisatie, niet om afzonderlijke locaties. Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen hebben betrekking op kwaliteitsverbetering voorschoolse educatie. Het moet hierbij gaan om activiteiten waarbij het kind centraal staat. Artikel 7. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal 1 jaar. In dit plan zijn resultaten benoemd en is de samenwerking met ketenpartners beschreven. Artikel 8. Hoogte van de subsidie De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt maximaal € 1.500 per doelgroepkind. Artikel 9. Subsidieplafond Het subsidieplafond voor het onderdeel Aanvullende activiteiten voorschoolse educatie wordt jaarlijks vastgesteld door het college en bedraagt voor 2022 € 100.000 . Artikel 10. Wijze van verdeling De subsidie wordt toegekend op basis van het aantal gerealiseerde kindplaatsen doelgroepkinderen in 2020. Hoofdstuk 3. Inzet extra pedagogisch medewerker voorschoolse educatie Artikel 11. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor de inzet van een extra pedagogisch medewerker. Artikel 12. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders peuteropvang VVE, werkzaam in gemeente De Fryske Marren. Het gaat hierbij om de overkoepelende organisatie, niet om afzonderlijke locaties. Artikel 13. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Een extra pedagogisch medewerker kan worden ingezet in groepen waarvan het aantal doelgroepkinderen minimaal 60% bedraagt (homogene groepen). Een extra pedagogische medewerker kan worden ingezet voor ondersteuning van doelgroepkinderen die niet gebruik kunnen maken van een VVE-plek. Artikel 14. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak. In dit plan zijn de groepen beschreven waarop de inzet van een extra PM’er wordt voorgesteld alsmede het aantal kinderen met een VVE-indicatie waar de inzet betrekking op heeft. Artikel 15. Hoogte van de subsidie De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt € 45 per uur . Artikel 16. Subsidieplafond Het subsidieplafond voor het onderdeel Extra pedagogisch medewerker wordt jaarlijks vastgesteld door het college en bedraagt voor 2022 € 150.000 . Artikel 17. Wijze van verdeling Bij overschrijding van het subsidieplafond wordt de subsidie evenredig verdeeld onder de aanvragers. Hierbij is het uitgangspunt dat aanvragers per (homogene) groep een even groot aantal extra uren in kunnen zetten. Hoofdstuk 4. Aanvullende activiteiten vroegschoolse educatie Artikel 18. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het verhogen van de kwaliteit vroegschoolse educatie. Artikel 19. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan besturen primair onderwijs, werkzaam in gemeente De Fryske Marren. Artikel 20. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen hebben betrekking op kwaliteitsverbetering vroegschoolse educatie. Het moet hierbij gaan om activiteiten waarbij het kind centraal staat. Artikel 21. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal 1 jaar. In dit plan zijn resultaten benoemd en is de samenwerking met ketenpartners beschreven. Tevens is aangegeven hoe deze activiteiten aanvullend zijn aan de inzet van de door de school verkregen middelen Onderwijsachterstandenbeleid. Artikel 22. Subsidieplafond Het subsidieplafond voor het onderdeel Aanvullende activiteiten vroegschoolse educatie wordt jaarlijks vastgesteld door het college en bedraagt voor 2022 € 150.000. Artikel 23. Wijze van verdeling De beschikbare subsidie van € 150.000 wordt evenredig over de schoolbesturen primair onderwijs verdeeld op basis van het aantal leerlingen op 1 oktober 2020. Hoofdstuk 5. Aanvraag en verantwoording Artikel 24. Aanvraag Conform artikel 7, eerste, tweede en derde lid, van de Algemene Subsidieverordening De Fryske Marren, bevat een aanvraag voor subsidie: - een beschrijving van de activiteiten en de tijdslimiet waarvoor de subsidie wordt aangevraagd; - de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen; - een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten. Het dekkingsplan bevat een opgave van bij anderen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan. Artikel 25. Aanvraagtermijn Een aanvraag om een subsidie wordt, in afwijking van artikel 8, eerste lid, Algemene Subsidieverordening De Fryske Marren uiterlijk 1 maart 2022 ingediend. Artikel 26. Beslistermijn Burgemeester en wethouders beslissen, in afwijking van artikel 9, eerste lid, van de de Algemene Subsidieverordening De Fryske Marren, uiterlijk op 15 april 2022. Artikel 27. Verantwoording - In afwijking van artikel 15, lid 1, van de Algemene Subsidieverordening De Fryske Marren, dient een subsidieontvanger bij een subsidie van meer dan € 10.000 uiterlijk 1 april 2023 een aanvraag tot vaststelling in. - Een aanvraag tot vaststelling omvat een inhoudelijk en financieel verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht. Artikel 28. Slotbepalingen - Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na bekendmaking. - Deze subsidieregeling is van toepassing op aanvragen voor subsidie die betrekking hebben op het subsidiejaar 2022. - Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie Gemeente De Fryske Marren 2022.
Toon brontekst
Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie Gemeente de Fryske Marren 2026 - 2027 Het college van burgemeester en wethouders van gemeente de Fryske Marren; gelet op de titel 4.2. van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening de Fryske Marren, besluit vast te stellen: de Subsidieregeling Aanvullende activiteiten Voor- en vroegschoolse educatie gemeente de Fryske Marren. Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen - Aanbieder peuteropvang VVE: een erkende kinderopvangorganisatie die in gemeente de Fryske Marren VVE aanbiedt; - Besturen primair onderwijs: schoolbesturen die primair onderwijs aanbieden in gemeente de Fryske Marren; - Bibliotheek: Bibliotheek Mar en Fean, gevestigd in gemeente De Fryske Marren; - College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente De Fryske Marren. - Doelgroepkinderen: peuters en kleuters in de leeftijd van 2 tot 6 jaar die staan ingeschreven in de Basisregistratie Personen van gemeente de Fryske Marren en die door de jeugdgezondheidszorg (jgz) zijn geïndiceerd voor VVE. - Erkende kinderopvangorganisatie: een in het Landelijk Register Kinderopvang ingeschreven kinderopvangorganisatie, niet zijnde een gastouder, welke middels een inspectierapport van de GGD is goedgekeurd. - GGD: Gemeentelijke Gezondheidsdienst. Verricht het toezicht op opvanglocaties volgens de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (WKKP). - Homogene groep: groep peuters met meer dan 50% doelgroepkinderen. - Landelijk Register Kinderopvang: het Register waarin aanbieders kinderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de Wet kinderopvang. - Ouderbetrokkenheid: de actieve betrokkenheid van ouders van peuters met een taalachterstand bij activiteiten om de (taal)achterstand te verminderen; - Penvoerder: de door samenwerkende partijen binnen een taalnetwerk aangewezen organisatie die de subsidie aanvraagt en verantwoording aflegt namens het netwerk. - Peuterwerk: kinderopvang voor kinderen vanaf de leeftijd van 2 jaar tot de leeftijd bij start van het basisonderwijs met een aanbod van maximaal 4 uur per dagdeel, twee dagdelen per week gedurende maximaal 41 weken per jaar; - Pedagogisch professional: de persoon van 18 jaar of ouder die werkzaam is bij een kinderopvang, bezoldigd is en belast met de verzorging, de opvoeding en het bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen en voldoet aan de opleidingseisen en andere eisen zoals omschreven in de Wet kinderopvang (Wko); - Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een subsidiejaar maximaal beschikbaar is voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling. - Taalnetwerk: samenwerkingsverband van meerdere partners, met als doel verhogen ouderbetrokkenheid van ouders van kinderen met een taalachterstand; - Voor- en Vroegschoolse educatie (hierna VVE): educatie die op een peuterwerklocatie of kinderopvanglocatie of basisschool wordt aangeboden aan doelgroepkinderen van tweeëneenhalf tot en met zes jaar waarbij gewerkt wordt met een erkend VVE-programma. - Voorschoolse educatie: educatie die wordt aangeboden voor peuters van 2 – 4 jaar door een erkende kinderopvangorganisatie. - Vroegschoolse educatie: educatie die wordt aangeboden in de eerste twee leerjaren van de basisschool. - VVE-plaats: een plek op een peuterwerklocatie of kinderopvanglocatie van gemiddeld 16 uur per week voor een doelgroepkind. Artikel 2. Toepassingsbereik Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door burgemeester en wethouders voor de in artikel 3, 8, 14, 21, en 28 bedoelde activiteiten. Artikel 3. Subsidieplafond - Het college stelt jaarlijks het totale subsidieplafond voor deze subsidieregeling vast. Voor 2026 bedraagt het totale subsidieplafond € 170.000. - Binnen het totale subsidieplafond gelden de volgende deelplafonds: - Aanvullende activiteiten voorschoolse educatie: € 20.000; - Extra pedagogisch professional voorschoolse educatie: € 35.000; - Aanvullende activiteiten vroegschoolse educatie: € 30.000; - Taalnetwerken ouderbetrokkenheid: € 45.000; - Scholing Voor- en Vroegschoolse Educatie: € 20.000; - Innovatie: € 20.000; - 3. Voor 2027 gelden de in het eerste en tweede lid genoemde bedragen onder voorbehoud van voldoende rijksmiddelen. Hoofdstuk 2. Aanvullende activiteiten voorschoolse educatie Artikel 4. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het verhogen van de kwaliteit voorschoolse educatie. Het moet hierbij gaan om activiteiten waarbij het kind centraal staat. Artikel 5. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders peuteropvang VVE, werkzaam in gemeente de Fryske Marren. Het gaat hierbij om de overkoepelende organisatie, niet om afzonderlijke locaties. Artikel 6. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal 1 jaar. In dit plan zijn daarnaast resultaten benoemd en is de samenwerking met eventuele ketenpartners beschreven. Artikel 7. Hoogte van de subsidie Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 10.000. Hoofdstuk 3. Inzet extra pedagogisch professional voorschoolse educatie Artikel 8. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor de inzet van een extra pedagogisch professional. Artikel 9. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders die subsidie ontvangen op grond van de Subsidieregeling Peuterwerk en Voorschoolse Educatie (VE) gemeente de Fryske Marren. Het gaat hierbij om de overkoepelende organisatie, niet om afzonderlijke locaties. Artikel 10. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Een extra pedagogisch professional kan worden ingezet in: - groepen waarvan het aantal doelgroepkinderen minimaal 50% bedraagt (homogene groepen); - een reguliere opvanggroep, geen VVE-groep, waar wel een doelgroepkind wordt opgevangen. Artikel 11. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak. In dit plan zijn de groepen beschreven waarop de inzet van een extra pedagogisch professional wordt voorgesteld alsmede het aantal kinderen met een VVE-indicatie waar de inzet betrekking op heeft. Artikel 12. Hoogte van de subsidie De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt het geldende uurtarief voor een pedagogisch professional. Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 10.000. Hoofdstuk 4. Aanvullende activiteiten vroegschoolse educatie Artikel 13. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het verhogen van de kwaliteit vroegschoolse educatie. Artikel 14. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan besturen primair onderwijs, werkzaam in gemeente de Fryske Marren. Artikel 15. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen hebben betrekking op kwaliteitsverbetering vroegschoolse educatie waardoor de ontwikkeling en groeikansen van het doelgroepkind wordt verbeterd. Het moet hierbij gaan om activiteiten waarbij het kind centraal staat. Artikel 16. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal 1 jaar. In dit plan zijn daarnaast resultaten benoemd en is de samenwerking met eventuele ketenpartners beschreven. Tevens is aangegeven hoe deze activiteiten aanvullend zijn aan de inzet van de door de school verkregen middelen Onderwijsachterstandenbeleid. Artikel 17. Hoogte van de subsidie Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 10.000. Hoofdstuk 5. Taalnetwerken ouderbetrokkenheid Artikel 18. Doel Het college wil met deze subsidieregeling taalnetwerken stimuleren om de ouderbetrokkenheid te vergroten bij het terugdringen van taalachterstanden. Samenwerkingsverbanden van meerdere partners creëren hiervoor een taalrijke omgeving waar ouders en kinderen een taalaanbod krijgen op maat en contacten met ouders van kinderen met een taalachterstand worden vergroot. Artikel 19. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten binnen taalnetwerken die bijdragen aan het terugdringen van taalachterstanden. Artikel 20. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan de penvoerder van een taalnetwerk. Dit kan zijn: aanbieders peuteropvang VVE (het gaat hierbij om de overkoepelende organisatie, niet om afzonderlijke locaties), besturen primair onderwijs, of de bibliotheek, werkzaam in gemeente de Fryske Marren. Uit de aanvraag blijkt dat alle partijen in het taalnetwerk hebben ingestemd met de betreffende organisatie als penvoerder. Artikel 21. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen hebben betrekking op het creëren van een taalrijke omgeving voor ouders en kinderen binnen het taalnetwerk en de activiteiten die daarbinnen plaatsvinden. Er is altijd sprake van een samenwerking met minimaal twee verschillende partners (netwerk). Bij subsidiabele kosten kan het bijvoorbeeld gaan om aanschaf van materiaal, inzet van personeel, huren van een locatie en scholingskosten. Artikel 22. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de penvoerder opgesteld plan van aanpak voor maximaal twee jaar. In dit plan zijn beoogde resultaten benoemd, is de samenwerking met ketenpartners beschreven en is een begroting opgenomen. In afwijking van de andere onderdelen van deze subsidieregeling is voor dit hoofdstuk gekozen voor een subsidieperiode van maximaal twee jaar in plaats één jaar omdat het opzetten van een taalnetwerk naar verwachting meer implementatietijd zal vergen. Artikel 23. Hoogte van de subsidie De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt een maximum van 100% van de subsidiabele kosten. Het subsidiebedrag per aanvrager bedraagt maximaal € 20.000. Hoofdstuk 6. Scholing medewerkers Voor- en Vroegschoolse Educatie Artikel 24. Doel Het college wil met deze subsidie de deskundigheid van medewerkers primair onderwijs en kinderopvangorganisaties op het gebied van onderwijsachterstanden bevorderen. Artikel 25. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor deskundigheidsbevordering op het gebied van voor- en vroegschoolse educatie van medewerkers primair onderwijs en kinderopvangorganisaties, zoals scholing en workshops. Artikel 26. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders die subsidie ontvangen op grond van de Subsidieregeling Peuterwerk en Voorschoolse Educatie (VE) gemeente de Fryske Marren en besturen primair onderwijs in gemeente de Fryske Marren. Artikel 27. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Voor subsidie komen in aanmerking de kosten van deskundigheidsbevordering van de deelnemers aan de scholing. Niet in aanmerking komen vervangingskosten en personeelskosten van de deelnemers. Artikel 28. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal 1 jaar. Artikel 29. Hoogte van de subsidie De subsidie op grond van dit hoofdstuk bedraagt per aanvraag maximaal € 5.000. Hoofdstuk 7. Innovatie Artikel 30. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor innovatieve ideeën om het bereik van doelgroepkinderen te verhogen. Artikel 31. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders die subsidie ontvangen op grond van de Subsidieregeling Peuterwerk en Voorschoolse Educatie (VE) gemeente de Fryske Marren en besturen primair onderwijs in gemeente de Fryske Marren. Artikel 32. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen Voor subsidie komen in aanmerking de kosten die zijn gemoeid bij het uitvoeren van de innovatieve pilots. Dat kan bijvoorbeeld gaan om aanschaf van materiaal, inzet van personeel, huren van een locatie en scholingskosten. Artikel 33. Verplichtingen De activiteiten zijn beschreven in een door de aanbieder opgesteld plan van aanpak voor maximaal twee jaar. In dit plan zijn resultaten benoemd en is de samenwerking met eventuele ketenpartners […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.