Status onbekendVVEGemeente · Subsidie

Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2023

Gemeente Beekdaelen

Voor geregistreerde kindercentra die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden in gemeente Beekdaelen, en voor ouders van peuters (2 jaar tot basisschool) in Beekdaelen.

Ook bekend als VVE, Voorschoolse Educatie, Peuteropvang Beekdaelen

Aan de slag
Kies hoe u deze regeling aanvraagt
Gecontroleerd 10 jul 2026

Waar is deze subsidie voor?

Subsidieregeling voor peuteropvang en voorschoolse educatie (VVE) in gemeente Beekdaelen. Gericht op het stimuleren van ouders om hun kinderen (2 jaar tot basisschool) een voorschoolse voorziening te laten bezoeken. Subsidie wordt verleend aan geregistreerde kindercentra en verrekend met de kosten voor ouders.

Voor wie is het bedoeld?

Voor geregistreerde kindercentra die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden in gemeente Beekdaelen, en voor ouders van peuters (2 jaar tot basisschool) in Beekdaelen.

Kindercentrum

Waarvoor kunt u subsidie krijgen?

  • Subsidie aanvragen voor peuteropvang in een geregistreerd kindercentrum
  • Subsidie aanvragen voor voorschoolse educatie (VVE)
  • Gemeentetoeslag aanvragen voor ouders zonder kinderopvangtoeslag
  • Kleinschaligheidstoeslag aanvragen voor peuteropvang in kleine kernen

Voorwaarden

  • Aanvrager moet een geregistreerd kindercentrum zijn in het landelijk register kinderopvang
  • Kindercentrum moet alle benodigde vergunningen en ontheffingen hebben
  • Kindercentrum moet voldoen aan wettelijke vereisten voor voorschoolse aanbod
  • Kindercentrum werkt samen met jeugdgezondheidszorg en andere partners
  • Kindercentrum neemt deel aan monitor voor vorderingen kinderen
  • Peuters worden warm overgedragen naar primair onderwijs
  • Ouders dienen inkomensverklaring in voor bepaling ouderbijdrage
  • Subsidie wordt in mindering gebracht op kosten voor ouders

Kom ik in aanmerking?

De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.

U bent een kindercentrum
De definitieve beoordeling ligt bij Gemeente Beekdaelen.

Openstellingen en rondes

Ronde 2024Status onbekend
Start
-
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-
Ronde 2023Status onbekend
Start
1 jul 2022
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-
Ronde 2026Open
Start
1 jan 2026
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
-
Ronde 2024Open
Start
1 jan 2024
Sluit
-
Budget
-
Verdeling
Wie het eerst komt

Bronnen en actualiteit

Dagelijks gecontroleerd
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2024
    Het college van de gemeente Beekdaelen;
    - gelet op de artikelen 108, 149 van de Gemeentewet, titel 4.1. en 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Beekdaelen;
    - overwegende dat het noodzakelijk is om nadere regels vast te stellen die in acht worden genomen bij het verstrekken van subsidies voor Peuteropvang en het onderwijs achterstandenbeleid in de gemeente;
    besluit: vast te stellen de subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2024.
    
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Beekdaelen;
    - bestuur: het bestuur van een geregistreerde voorschoolse voorziening in de gemeente waar Peuteropvang wordt aangeboden;
    - college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beekdaelen;
    - LRK: landelijk register kinderopvang, register als bedoeld in artikel 1.47b, eerste lid van de Wet kinderopvang;
    - geregistreerd kindercentrum: in het landelijk register kinderopvang ingeschreven kindercentrum als bedoeld in artikel 1.46, tweede lid van de Wet kinderopvang;
    - houder: houder als bedoeld in artikel 1.1 onder a van de Wet kinderopvang;
    - peuter: kind, woonachtig in Beekdaelen, in de leeftijd van 2 jaar tot het moment dat het instroomt in het basisonderwijs;
    - ouder: persoon als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang;
    - Peuteropvang: voorschools aanbod van een door het college vast te stellen omvang in aantal uren per jaar voor peuters, gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool;
    - VVE: voor- en vroegschoolse educatie
    - VVE-indicatie: door de jeugdgezondheidszorg afgegeven verklaring dat deelname aan VVE geïndiceerd is.
    - voorschoolse educatie: opvang waarbij peuters een gecertificeerd VVE-programma krijgen aangeboden gericht op taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling;
    - horizontale groepen: groepen waar uitsluitend kinderen worden opgevangen vanaf 2 jaar tot het moment dat ze uitstromen naar het basisonderwijs.
    - Pedagogisch beleidsmedewerker/coach: is verantwoordelijk voor het pedagogische beleid binnen een kinderopvangorganisatie
    - kostprijs: de maximaal te subsidiëren prijs voor een uur Peuteropvang.
    - KOT: kinderopvangtoeslag, de toeslag die kinderopvangtoeslaggerechtigden ontvangen van de Belastingdienst voor kinderopvang;
    - gemeentetoeslag: subsidie die aan de aanbieder van Peuteropvang wordt toegekend ten behoeve van ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag als tegemoetkoming in de kosten voor het afnemen van Peuteropvang of VVE
    - inkomensafhankelijke ouderbijdrage: eigen bijdrage die ouders betalen voor Peuteropvang en voorschoolse educatie en die afhankelijk is van de hoogte van het gezinsinkomen;
    - ouderbijdrage: eigen bijdrage die ouders betalen voor Peuteropvang en VVE en die afhankelijk is van de hoogte van het gezinsinkomen;
    - bruto-ouderbijdrage: vastgestelde ouderbijdrage waarvan de ouder op basis van het inkomen een deel terugkrijgt via kinderopvangtoeslag of compensatie via de gemeentetoeslag die wordt verrekend met de subsidie aan het geregistreerd kindercentrum;
    - koptarief: verschil tussen de kostprijs per uur en de vastgestelde bruto-ouderbijdrage per uur;
    - inkomensverklaring: Verklaring Geregistreerd Inkomen (VGI, voorheen IB60-verklaring genoemd) van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar. De inkomensverklaring bevat de volgende gegevens:naam en adres;het jaar waarover de inkomensverklaring wordt afgegeven;inkomensverklaring
    - kleinschaligheidstoeslag: toeslag die ter beschikking kan worden gesteld om ervoor te zorgen dat er een aanbod aan Peuteropvang/VVE behouden blijft in kleine kernen met een basisschool;
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang: Vast bedrag per peuter met een VVE indicatie die (verdeeld over minimaal 3 dagen) gebruik maakt VVE binnen de langdurige opvang;
    - Kwaliteitsbudget; budget dat bijdraagt aan de kwaliteit rondom VVE en de doorgaande lijn naar de basisschool;
    
    Artikel 2 Doel
    Met deze subsidieregeling wordt beoogd ouders in Beekdaelen te stimuleren om hun kinderen een voorschoolse voorziening te laten bezoeken en te laten deelnemen aan een voorschools programma.
    
    Artikel 3 Reikwijdte subsidieregeling
    1..
    Subsidie wordt uitsluitend verleend voor Peuteropvang of VVE in horizontale groepen in een geregistreerd kindercentrum in de gemeente.
    2..
    De subsidie wordt verleend aan de desbetreffende aanbieder waar de ouders Peuteropvang of VVE afnemen.
    3..
    De subsidie kan bestaan uit:
    - gemeentetoeslag
    - koptarief
    - subsidiering extra VVE-aanbod
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang
    - aanvullende kleinschaligheidstoeslag
    - Subsidiering pedagogisch beleidsmedewerker/coach voorschoolse educatie
    - Kwaliteitsbudget
    4..
    Aan de gemeentetoeslag voor ouders zonder aanspraak op KOT is de voorwaarde verbonden dat de ouders een inkomensverklaring overleggen aan de aanbieder op basis waarvan de aanbieder de ouderbijdrage vaststelt.
    5..
    Voor subsidie van het extra VVE aanbod voldoet de aanbieder daarvan aan de volgende voorwaarden:
    - de locatie met het aanbod staat als VVE locatie geregistreerd in het LRK;
    - voor het te leveren VVE aanbod is een VVE-indicatie afgegeven.
    
    Artikel 4 Subsidieplafond en wijze van verdeling
    1..
    Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste de in de gemeentebegroting opgenomen subsidiegelden (subsidieplafond);
    2..
    Als er meer dan één aanvrager recht heeft op subsidie en het subsidieplafond wordt overschreden, dan wordt de beschikbare subsidie verdeeld over de aanvragers. Dit gebeurt naar rato van de subsidiebedragen die per aanvrager aan de orde zijn.
    
    Artikel 5 Subsidiehoogte en nadere regels
    1..
    In het kader van het verstrekken van de subsidies, bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdelen a tot en met d stelt het college jaarlijks de hoogte vast van:
    - het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar;
    - de maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang;
    - de bruto-ouderbijdrage;
    - de gemeentetoeslag;
    - de VVE subsidie voor extra uren VVE aanbod;
    - tarief pedagogisch beleidsmedewerker/coach
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang
    - Het kwaliteitsbudget
    2..
    De subsidieopbouw is nader gespecificeerd in de nadere regels en wordt jaarlijks, voorafgaande aan het betreffende subsidiejaar, vastgesteld door het college.
    3..
    Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de kwaliteit van VVE of met betrekking tot maatwerk door een geregistreerd kindercentrum.
    
    Artikel 6 Aanvraag en aanvraagtermijn
    1..
    De subsidie wordt aangevraagd door de houder van een geregistreerd kindercentrum dat Peuteropvang en/of VVE aanbiedt.
    2..
    De aanvraag wordt vóór 1 augustus voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft ingediend. Indien de prognose van deelnemende peuters per 1 oktober van het jaar van aanvraag substantieel afwijkt van de aantallen die bij de subsidieaanvraag zijn gehanteerd kan de aanvrager in overleg treden met de gemeente om de aanvraag bij te stellen.
    3..
    Onverminderd artikel 6 van de ASV bevat de subsidieaanvraag:
    - het nummer waaronder het geregistreerd kindercentrum in het LRK geregistreerd staat;
    - een prognose van het aantal op te vangen peuters in het volgende kalenderjaar;
    - voor subsidie op grond van het bepaalde in artikel 3.3 a t/m c een onderverdeling waaruit blijkt:het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;
    4..
    De houder van het geregistreerd kindercentrum vraagt subsidie op grond van de componenten in artikel 3.3 a t/m c aan met een aanvraagformulier dat hiertoe door de gemeente wordt verstrekt.
    Wanneer de houder van het kindercentrum ook in aanmerking wenst te komen voor de aanvullende kleinschaligheidstoeslag wordt dat in de toelichtingsruimte op het aanvraagformulier aangegeven. Aan het aanvraagformulier wordt een separate schriftelijke aanvraag voor kleinschaligheidstoeslag met inhoudelijke onderbouwing toegevoegd. Bij die onderbouwing wordt (een geactualiseerde versie van) het expertmodel kostprijzen Peuteropvang van de MO groep gebruikt.
    Voor het aanvragen van de maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang dient de houder van het geregistreerd kindercentrum een schriftelijke aanvraag in met inhoudelijke onderbouwing. Omdat de maatwerkvoorziening is gekoppeld aan het aantal te bedienen VVE-geïndiceerde peuters dient hierbij in ieder geval het aantal fulltime VVE-plaatsen dat men in het aankomende jaar wil realiseren te worden vermeld, inclusief onderbouwing van dit aantal.
    
    Artikel 7 Weigeringsgronden
    1..
    Het college kan, onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:25 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, een aanvraag voor subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren indien:
    - de aanvrager niet alle benodigde vergunningen en ontheffingen te behoeve van de gesubsidieerde activiteiten heeft of zal kunnen verkrijgen;
    - niet voldaan wordt aan de wettelijke vereisten voor het te exploiteren voorschoolse aanbod;
    - de behoefte aan het te subsidiëren aanbod onvoldoende is onderbouwd.
    - het verstrekken van kleinschaligheidstoeslag zou leiden tot een kwalitatief onvoldoende aanbod of tot het overschrijden van het subsidieplafond.
    
    Artikel 8 Verplichtingen subsidieontvanger
    1..
    Het bestuur stelt op basis van de aanvraag van ouders vast tot welke categorie (zie artikel 6 lid 3 c.) de ouder behoort.
    2..
    Het bestuur vraagt ouders die in aanmerking komen voor gemeentetoeslag een inkomensverklaring aan te leveren en stelt op basis daarvan de ouderbijdrage vast.
    3..
    Het bestuur brengt de subsidie in mindering op de door ouders van peuters te betalen kosten voor het gebruik van Peuteropvang en VVE.
    4..
    Het geregistreerd kindercentrum dat Peuteropvang aanbiedt, werkt samen met jeugdgezondheidszorg en andere partners om preventie en zorg te bieden aan de peuters die het nodig hebben.
    5..
    Het geregistreerd kindercentrum neemt deel aan de monitor waarmee in de gemeente Beekdaelen de vorderingen van de kinderen in beeld worden gebracht.
    6..
    Peuters die gebruik hebben gemaakt van Peuteropvang en VVE worden warm overgedragen naar het primair onderwijs.
    
    Artikel 9 Verantwoording en vaststelling subsidie
    1..
    Een aanvraag tot subsidievaststelling wordt ingediend met een door het college vastgesteld formulier. Dit formulier heeft geen betrekking op de verantwoording van 1) de maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang en 2) de kleinschaligheidstoeslag. Deze worden verantwoord middels een inhoudelijke en financiële rapportage zoals omschreven in de subsidiebeschikking.
    2..
    Het bestuur rapporteert per locatie per geplaatste peuter de volgende gegevens:
    - klantnummer peuter / ouder(s);
    - aantal contracturen;
    - toepasselijkheid categorieën als genoemd in artikel 6, derde lid, onder c;
    - onderbouwing ouderbijdrage;
    - VVE indicatie.
    Voor de rapportage inzake de maatwerkvoorziening zijn enkel de onderdelen a, b en e van toepassing.
    3..
    De subsidie wordt vastgesteld op basis van het daadwerkelijk aantal opgevangen peuters en opvanguren per peuter aan de hand van de afgesproken subsidiehoogte en -waar het de subsidiecomponenten beschreven in artikel 3.3 a t/m c betreft- de berekende ouderbijdrage en de toepasselijkheid van de categorieën, genoemd in artikel 6, lid 3, onder c.
    4..
    Indien in de subsidiebeschikking is vastgelegd dat een accountantsverklaring moet worden aangeleverd bij de verantwoording is het controle protocol in bijlage A. van toepassing.
    
    Artikel 10 Hardheidsclausule
    Het college kan, in bijzondere gevallen, artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het 
    
    […tekst ingekort]
  • Toon brontekst
    Nadere regels en subsidiehoogte Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Beekdaelen 2026
    Het college heeft besloten:
    - De nadere regels en subsidiehoogte Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Beekdaelen 2026 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 vast te stellen.
    - Kennis te nemen van de afwijkende bruto-ouderbijdrage voor locaties waar KDV regulier en VVE in het KDV wordt aangeboden.
    
    Conform artikel 5 lid 1 en lid 2 van de Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2024 worden een aantal componenten van de subsidie jaarlijks door het college vastgesteld. Het betreft de volgende componenten:
    - het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar;
    - de maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang en voorschoolse educatie;
    - de bruto-ouderbijdrage;
    - de gemeentetoeslag;
    - de subsidie voor de extra uren VVE aanbod;
    - tarief pedagogisch beleidsmedewerker/coach voorschoolse educatie
    - kleinschaligheidstoeslag
    - kwaliteitsbudget
    a. het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar 2026
    Voor wat betreft het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar, worden 2 categorieën onderscheiden:
    - Voor peuters (van 2 tot 4 jaar) zonder een VVE-indicatie geldt een maximum van 320 uur Peuteropvang per jaar met een maximum van 6 uur per dag.
    - Voor peuters (van 2 tot 4 jaar) met een VVE-indicatie geldt een maximum van 640 uur voorschoolse educatie per jaar met een maximum van 6 uur per dag.
    b. maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang
    De maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang bedraagt in 2026 € 12,98
    c. Bruto-ouderbijdrage
    Het normtarief voor de bruto-ouderbijdrage bedraagt in 2026 € 11,23 per uur.
    Het koptarief is het verschil tussen de kostprijs en de bruto-ouderbijdrage. Het koptarief bedraagt in 2026 dus € 1,75 (€ 12,98 maximum te subsidiëren kostprijs minus € 11,23 aan bruto-ouderbijdrage).
    Het koptarief is van toepassing op:
    - maximaal 320 uur per jaar per peuter zonder VVE-indicatie met een gecontracteerd aanbod dat maximaal 6 uur per dag omvat en geen onderdeel is van een opvang aanbod dat meer uren per dag omvat
    - maximaal 480 uur per jaar voor peuters met een VVE-indicatie
    Afwijkende bruto-ouderbijdrage KDV-aanbieders met gemengd aanbod
    Indien een aanbieder op één locatie zowel Voorschoolse Educatie binnen het kinderdagverblijf (KDV-VVE) als reguliere KDV-opvang aanbiedt, mag de door het college vastgestelde bruto-ouderbijdrage voor VVE afwijken van het normtarief. Dit wordt aangepast aan het uniforme uurtarief dat deze aanbieder voor de gehele organisatie hanteert, met een maximale afwijking van 5%.
    Deze uitzondering is opgenomen om te voorkomen dat aanbieders hun interne tarievenstelsel moeten wijzigen en om het VVE-aanbod in Beekdaelen te vergroten, zodat ook ouders voor wie het klassieke Peuteropvang aanbod niet passend is, gebruik kunnen maken van VVE binnen het KDV met langere openingstijden.
    Voor 2026 gelden de volgende bruto-ouderbijdragen:
    - € 11,23 per uur voor VVE binnen de Peuteropvang;
    - € 11,39 per uur voor VVE binnen een kinderdagverblijf bij aanbieders met een gemengd KDV-aanbod.
    Het afwijkende tarief wordt, net als de overige tarieven, jaarlijks door het college vastgesteld.
    d. Gemeentetoeslag
    De maximale gemeentetoeslag is gelijk aan het maximaal uurtarief voor dagopvang bij een kindcentrum dat de Belastingdienst hanteert voor de kinderopvangtoeslag.
    Voor 2026 is dit € 11,23.
    Op deze toeslag wordt de (gemiddelde inkomensafhankelijke) ouderbijdrage in mindering gebracht:
    - Voor peuters zonder een VVE-indicatie geldt een gemiddelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage van € 0,45. De gemeentetoeslag bedraagt hiermee € 10,79.
    - Voor peuters met een VVE-indicatie geldt een gemiddelde ouderbijdrage van € 0,45. De gemeentetoeslag bedraagt hiermee € 10,78.
    e. Subsidie extra uren VVE-aanbod
    De maximale subsidiebijdrage bedraagt in 2026 € 12,98 per uur. De VVE-subsidie is van toepassing op de extra 320 uur per jaar waarop VVE-peuters aanspraak kunnen maken, mits het VVE-aanbod van deze peuter over minimaal drie dagen verdeeld is.
    In onderstaande figuur is de opbouw van de subsidiebijdrage per uur nader toegelicht:
    Geen VVE-indicatie | Wel VVE-indicatie
    Kinderopvangtoeslag | Maximaal 8 uur per week | Uur 1 tot en met maximaal 12 per week | Uur 9 tot en met 16 per week
    Koptarief € 1,75 | Koptarief € 1,75 | Extra VVE subsidie€ 12,98
    Kinderopvangtoeslag plus inkomensafhankelijkeouderbijdrage € 11,23 | Kinderopvangtoeslag plus inkomensafhankelijke ouderbijdrage € 11,23
    Geen kinderopvangtoeslag | Maximaal 8 uur per week | Uur 1 tot en met 8 per week | Uur 9 tot en met 16 per week
    Koptarief € 1,75 | Koptarief € 1,75 | Extra VVE subsidie€ 12,98
    Gemeentetoeslag €10,78 | Gemeentetoeslag € 10,79
    Gemiddelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage € 0,45 | Ouderbijdrage € 0,45
    f. Tarief pedagogisch beleidsmedewerker/coach voorschoolse educatie
    Het maximale uurtarief bedraagt € 72,35, dit blijft hetzelfde tarief als in 2025 en wordt niet mee geïndexeerd.
    De inzet per peuter met een VVE-indicatie bedraagt 10 uur per jaar.
    Het aantal peuters met een VVE-indicatie wordt vastgesteld door het gemiddelde te nemen van het aantal peuters met een VVE-indicatie per 1 april en 1 oktober van het voorliggende kalenderjaar.
    g. Kleinschaligheidstoeslag
    De gemeente Beekdaelen bestaat uit 15 kernen waarvan er 10 beschikken over een basisschool. In sommige kernen met een basisschool wonen niet voldoende peuters om met inachtneming van de geldende tarieven een rendabele Peuteropvang/voorschoolse educatie te kunnen uitvoeren. Om te stimuleren dat het aanbod Peuteropvang en voorschoolse educatie in deze kleine kernen toch zoveel mogelijk behouden blijft en dat ouders in deze kernen voor een gelijk bedrag als anderen in onze gemeente gebruik kunnen maken van voorschools ontwikkelingsaanbod in de eigen kern is –als vorm van maatwerk en op tijdelijke basis- op aanvraag van de aanbieder van Peuteropvang en het geldende subsidieplafond een kleinschaligheidstoeslag op maat mogelijk.
    h. Kwaliteitsbudget
    Het kwaliteitsbudget bedraagt € 1.000,00 per horizontale VVE-groep per locatie die in het LRK als VVE-locatie geregistreerd staat.
  • Toon brontekst
    Nadere regels en subsidiehoogte Peuteropvang en Voorschoolse Educatie Beekdaelen 2024
    
    Conform artikel 5 lid 1 en lid 2 van de Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2024 worden een aantal componenten van de subsidie jaarlijks door het college vastgesteld. Het betreft de volgende componenten:
    - het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar;
    - de maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang en voorschoolse educatie;
    - de bruto-ouderbijdrage;
    - de gemeentetoeslag;
    - de subsidie voor de extra uren VVE aanbod;
    - tarief pedagogisch beleidsmedewerker/coach voorschoolse educatie
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang.
    - kleinschaligheidstoeslag
    - kwaliteitsbudget
    a. het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar 2024
    Voor wat betreft het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar, worden 2 categorieën onderscheiden:
    - Voor peuters (van 2 tot 4 jaar) zonder een VVE-indicatie geldt een maximum van 320 uur Peuteropvang per jaar met een maximum van 6 uur per dag.
    - Voor peuters (van 2 tot 4 jaar) met een VVE-indicatie geldt een maximum van 640 uur voorschoolse educatie per jaar met een maximum van 6 uur per dag.
    b. maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang
    De maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor Peuteropvang bedraagt in 2024 € 11,85.
    c. Bruto-ouderbijdrage
    Het normtarief voor de bruto-ouderbijdrage bedraagt in 2024 € 10,25 per uur.
    Het koptarief is het verschil tussen de kostprijs en de bruto-ouderbijdrage. Het koptarief bedraagt in 2024 dus € 1,60 (€ 11,85 maximum te subsidiëren kostprijs minus € 10,25 aan bruto-ouderbijdrage).
    Het koptarief is van toepassing op:
    - maximaal 320 uur per jaar per peuter zonder VVE-indicatie met een gecontracteerd aanbod dat maximaal 6 uur per dag omvat en geen onderdeel is van een opvang aanbod dat meer uren per dag omvat
    - maximaal 480 uur per jaar voor peuters met een VVE-indicatie
    d. Gemeentetoeslag
    De maximale gemeentetoeslag is gelijk aan het maximaal uurtarief voor dagopvang bij een kindcentrum dat de Belastingdienst hanteert voor de kinderopvangtoeslag.
    Voor 2024 is dit € 10,25.
    Op deze toeslag wordt de (gemiddelde inkomensafhankelijke) ouderbijdrage in mindering gebracht:
    - Voor peuters zonder een VVE-indicatie geldt een gemiddelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage van € 1,04. De gemeentetoeslag bedraagt hiermee € 9,21.
    - Voor peuters met een VVE-indicatie geldt een ouderbijdrage van € 0,39. De gemeentetoeslag bedraagt hiermee € 9,86.
    e. Subsidie extra uren VVE-aanbod
    De maximale subsidiebijdrage bedraagt in 2024 € 11,85 per uur. De VVE-subsidie is van toepassing op de extra 320 uur per jaar waarop VVE-peuters aanspraak kunnen maken, mits het VVE-aanbod van deze peuter over minimaal drie dagen verdeeld is.
    In onderstaande figuur is de opbouw van de subsidiebijdrage per uur nader toegelicht:
    Geen VVE-indicatie | Wel VVE-indicatie
    Kinderopvangtoeslag | Maximaal 8 uur per week | Uur 1 tot en met maximaal 12 per week | Uur 9 tot en met 16 per week
    Koptarief € 1,60 | Koptarief € 1,60 | Extra VVE subsidie€ 11,85
    Kinderopvangtoeslag plus inkomensafhankelijkeouderbijdrage € 10,25 | Kinderopvangtoeslag plus inkomensafhankelijke ouderbijdrage € 10,25
    Geen kinderopvangtoeslag | Maximaal 8 uur per week | Uur 1 tot en met 8 per week | Uur 9 tot en met 16 per week
    Koptarief € 1,60 | Koptarief € 1,60 | Extra VVE subsidie€ 11,85
    Gemeentetoeslag €10,81 | Gemeentetoeslag € 9,86
    Gemiddelde inkomensafhankelijke ouderbijdrage € 1,04 | Ouderbijdrage € 0,39
    f. Tarief pedagogisch beleidsmedewerker/coach voorschoolse educatie
    Het maximale uurtarief bedraagt € 72,35.
    De inzet per peuter met een VVE-indicatie bedraagt 10 uur per jaar.
    Het aantal peuters met een VVE-indicatie wordt vastgesteld door het gemiddelde te nemen van het aantal peuters met een VVE-indicatie per 1 april en 1 oktober van het voorliggende kalenderjaar.
    g. Maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang
    Sommige peuters met een VVE-indicatie maken gebruik van de langdurige opvang met een gecontracteerd opvang aanbod dat meer dan 6 uur per dag omvat. Ondanks dat deze regeling niet voorziet in het subsidiëren van langdurige opvang, maken we voor peuters met een VVE-indicatie een uitzondering. Wij hechten er namelijk waarde aan dat VVE peuters in de langdurige opvang in beeld zijn en ook het VVE-aanbod kunnen krijgen dat zij nodig hebben. Omdat aan deze methodiek een aantal wettelijke kwaliteitseisen en voorwaarden zitten en er ook lokaal afspraken zijn gemaakt die tijd en energie kosten achten wij het redelijk om aanbieders van langdurige opvang die VVE-geïndiceerde peuters VVE aanbieden conform de afspraken en regelgeving die hiervoor in Beekdalen gelden financieel tegemoet te komen in de extra te maken kosten. Per VVE peuter die op tenminste 3 verschillende dagen meer dan 16 uur per week de langdurige opvang bezoekt subsidiëren wij -vanuit deze maatwerkvoorziening – in 2024 een bedrag van € 1.000,- per fulltime peuter per jaar.
    h. Kleinschaligheidstoeslag
    De gemeente Beekdaelen bestaat uit 15 kernen waarvan er 11 beschikken over een basisschool. In sommige kernen met een basisschool wonen niet voldoende peuters om met inachtneming van de geldende tarieven een rendabele Peuteropvang/voorschoolse educatie te kunnen uitvoeren. Om te stimuleren dat het aanbod Peuteropvang en voorschoolse educatie in deze kleine kernen toch zoveel mogelijk behouden blijft en dat ouders in deze kernen voor een gelijk bedrag als anderen in onze gemeente gebruik kunnen maken van voorschools ontwikkelingsaanbod in de eigen kern is –als vorm van maatwerk en op tijdelijke basis- op aanvraag van de aanbieder van Peuteropvang en het geldende subsidieplafond een kleinschaligheidstoeslag op maat mogelijk.
    i. Kwaliteitsbudget
    Het kwaliteitsbudget bedraagt € 1.000,00 per horizontale VVE-groep per locatie die in het LRK als VVE-locatie geregistreerd staat.
  • Toon brontekst
    Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2023
    Het college van de gemeente Beekdaelen;
    - gelet op de artikelen 108, 149 van de Gemeentewet, titel 4.1. en 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene subsidieverordening gemeente Beekdaelen;
    - overwegende dat het noodzakelijk is om nadere regels vast te stellen die in acht worden genomen bij het verstrekken van subsidies voor peuteropvang en het onderwijs achterstandenbeleid in de gemeente;
    besluit: vast te stellen de subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Beekdaelen 2023.
    
    Artikel 1 Begripsbepalingen
    In deze regeling wordt verstaan onder:
    - ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Beekdaelen;
    - bestuur: het bestuur van een geregistreerde voorschoolse voorziening in de gemeente waar peuteropvang wordt aangeboden;
    - bruto-ouderbijdrage: vastgestelde ouderbijdrage waarvan de ouder op basis van het inkomen een deel terugkrijgt via kinderopvangtoeslag of compensatie via de gemeentetoeslag die wordt verrekend met de subsidie aan het geregistreerd kindercentrum;
    - college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beekdaelen;
    - gemeentetoeslag: subsidie die aan de aanbieder van peuteropvang wordt toegekend ten behoeve van ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag als tegemoetkoming in de kosten voor het afnemen van peuteropvang of VVE.
    - geregistreerd kindercentrum: in het landelijk register kinderopvang ingeschreven kindercentrum als bedoeld in artikel 1.46, tweede lid van de Wet kinderopvang;
    - houder: houder als bedoeld in artikel 1.1 onder a van de Wet kinderopvang;
    - inkomensverklaring: Verklaring Geregistreerd Inkomen (VGI, voorheen IB60-verklaring genoemd) van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar. De inkomensverklaring bevat de volgende gegevens:naam en adres;het jaar waarover de inkomensverklaring wordt afgegeven;inkomensgegevens.
    - kleinschaligheidstoeslag: toeslag die ter beschikking kan worden gesteld om ervoor te zorgen dat er een aanbod aan peuteropvang/VVE behouden blijft in kleine kernen met een basisschool.
    - koptarief: verschil tussen de kostprijs per uur en de vastgestelde bruto-ouderbijdrage per uur;
    - kostprijs: de maximaal te subsidiëren prijs voor een uur peuteropvang.
    - KOT: kinderopvangtoeslag, de toeslag die kinderopvangtoeslaggerechtigden ontvangen van de Belastingdienst voor kinderopvang;
    - LRK: landelijk register kinderopvang, register als bedoeld in artikel 1.47b, eerste lid van de Wet kinderopvang;
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang: Vast bedrag per peuter met een VVE indicatie die (verdeeld over minimaal 3 dagen) gebruik maakt VVE binnen de langdurige opvang. De houder van een kindcentrum dat subsidie ontvangt voor het aanbieden van VVE binnen langdurige opvang doet dit met inachtneming van alle (lokale) regelgeving en afspraken rond het aanbieden van VVE in Beekdaelen;
    - ouder: persoon als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang;
    - ouderbijdrage: eigen bijdrage die ouders betalen voor peuteropvang en VVE en die afhankelijk is van de hoogte van het gezinsinkomen;
    - peuter: kind, woonachtig in Beekdaelen, in de leeftijd van 2 jaar tot het moment dat het instroomt in het basisonderwijs;
    - peuteropvang: voorschools aanbod van een door het college vast te stellen omvang in aantal uren per jaar voor peuters, gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool;
    - voorschoolse educatie: opvang waarbij peuters een gecertificeerd VVE-programma krijgen aangeboden gericht op taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling;
    - VVE: voor- en vroegschoolse educatie
    - VVE-indicatie: door de jeugdgezondheidszorg afgegeven verklaring dat deelname aan VVE geïndiceerd is.
    - horizontale groepen: groepen waar uitsluitend kinderen worden opgevangen vanaf 2 jaar tot het moment dat ze uitstromen naar het basisonderwijs.
    
    Artikel 2 Doel
    Met deze subsidieregeling wordt beoogd ouders in Beekdaelen te stimuleren om hun kinderen een voorschoolse voorziening te laten bezoeken en te laten deelnemen aan een voorschools programma.
    
    Artikel 3 Reikwijdte subsidieregeling
    1..
    Subsidie wordt uitsluitend verleend voor peuteropvang of VVE in horizontale groepen in een geregistreerd kindercentrum in de gemeente.
    2..
    De subsidie wordt verleend aan de desbetreffende aanbieder waar de ouders peuteropvang of VVE afnemen.
    3..
    De subsidie kan bestaan uit:
    - gemeentetoeslag
    - koptarief
    - subsidiering extra VVE-aanbod
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang
    - aanvullende kleinschaligheidstoeslag
    4..
    Voor subsidie van de gemeente toeslag voor ouders zonder aanspraak op KOT is de voorwaarde verbonden dat de ouders een inkomensverklaring overleggen aan de aanbieder op basis waarvan de aanbieder de ouderbijdrage vaststelt.
    5..
    Voor subsidie van het extra VVE aanbod voldoet de aanbieder daarvan aan de volgende voorwaarden:
    - de locatie met het aanbod staat als VVE locatie geregistreerd in het LRK;
    - voor het te leveren VVE aanbod is een VVE-indicatie afgegeven.
    
    Artikel 4 Subsidieplafond en wijze van verdeling
    1..
    Subsidie wordt slechts verleend tot ten hoogste de in de gemeentebegroting opgenomen subsidiegelden (subsidieplafond);
    2..
    Als er meer dan één aanvrager recht heeft op subsidie en het subsidieplafond wordt overschreden, dan wordt de beschikbare subsidie verdeeld over de aanvragers. Dit gebeurt naar rato van de subsidiebedragen die per aanvrager aan de orde zijn.
    
    Artikel 5 Subsidiehoogte en nadere regels
    1..
    In het kader van het verstrekken van de subsidies, bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdelen a tot en met d stelt het college jaarlijks de hoogte vast van:
    - het maximum aantal te subsidiëren uren per peuter per jaar;
    - de maximum te subsidiëren kostprijs per uur voor peuteropvang;
    - de bruto-ouderbijdrage;
    - de gemeentetoeslag;
    - de VVE subsidie voor extra uren VVE aanbod;
    - maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang (bedrag per fulltime deelnemende VVE-geïndiceerde peuter).
    2..
    Het college kan nadere regels stellen voor wat betreft de subsidieopbouw.
    3..
    Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de kwaliteit van VVE of met betrekking tot maatwerk door een geregistreerd kindercentrum.
    
    Artikel 6 Aanvraag en aanvraagtermijn
    1..
    De subsidie wordt aangevraagd door de houder van een geregistreerd kindercentrum dat peuteropvang en/of VVE aanbiedt.
    2..
    De aanvraag wordt vóór 1 augustus voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft ingediend. Indien de prognose van deelnemende peuters per 1 oktober van het jaar van aanvraag substantieel afwijkt van de aantallen die bij de subsidieaanvraag zijn gehanteerd kan de aanvrager in overleg treden met de gemeente om de aanvraag bij te stellen.
    3..
    Onverminderd artikel 6 van de ASV bevat de subsidieaanvraag:
    - het nummer waaronder het geregistreerd kindercentrum in het LRK geregistreerd staat;
    - een prognose van het aantal op te vangen peuters in het volgende kalenderjaar;
    - voor subsidie op grond van het bepaalde in artikel 3.3 a t/m c een onderverdeling waaruit blijkt:het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor KOT;het aantal peuters zonder VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;het aantal peuters met VVE indicatie waarvan de ouders in aanmerking komen voor gemeentetoeslag;
    4..
    De houder van het geregistreerd kindercentrum vraagt subsidie op grond van de componenten in artikel 3.3 a t/m c aan met een aanvraagformulier dat hiertoe door de gemeente wordt verstrekt. Wanneer de houder van het kindercentrum ook in aanmerking wenst te komen voor de aanvullende kleinschaligheidstoeslag wordt dat in de toelichtingsruimte op het aanvraagformulier aangegeven. Aan het aanvraagformulier wordt een separate schriftelijke aanvraag voor kleinschaligheidstoeslag met inhoudelijke onderbouwing toegevoegd. Bij die onderbouwing wordt (een geactualiseerde versie van) het expertmodel kostprijzen peuteropvang van de MO groep gebruikt.Voor het aanvragen van de maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang dient de houder van het geregistreerd kindercentrum een schriftelijke aanvraag in met inhoudelijke onderbouwing. Omdat de maatwerkvoorziening is gekoppeld aan het aantal te bedienen VVE-geïndiceerde peuters dient hierbij in ieder geval het aantal fulltime VVE-plaatsen dat men in het aankomende jaar wil realiseren te worden vermeld, inclusief onderbouwing van dit aantal.
    
    Artikel 7 Weigeringsgronden
    1..
    Het college kan, onverminderd het bepaalde in de artikelen 4:25 en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, een aanvraag voor subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren indien:
    - de aanvrager niet alle benodigde vergunningen en ontheffingen te behoeve van de gesubsidieerde activiteiten heeft of zal kunnen verkrijgen;
    - niet voldaan wordt aan de wettelijke vereisten voor het te exploiteren voorschoolse aanbod;
    - de behoefte aan het te subsidiëren aanbod onvoldoende is onderbouwd.
    - het verstrekken van kleinschaligheidstoeslag zou leiden tot een kwalitatief onvoldoende aanbod of tot het overschrijden van het subsidieplafond.
    
    Artikel 8 Verplichtingen subsidieontvanger
    1..
    Het geregistreerd kindercentrum dat peuteropvang aanbiedt, werkt samen met jeugdgezondheidszorg en andere partners om preventie en zorg te bieden aan de peuters die het nodig hebben.
    2..
    Het geregistreerd kindercentrum neemt deel aan de monitor waarmee in de gemeente Beekdaelen de vorderingen van de kinderen in beeld worden gebracht.
    3..
    Peuters die gebruik hebben gemaakt van peuteropvang en VVE worden warm overgedragen naar het primair onderwijs. Dat houdt in dat er door de aanbieder van peuteropvang en VVE afstemming plaatsvindt met de school over de ontwikkeling van de kinderen die uitstromen. Bij aanspraak op de subsidiecomponenten vermeld in artikel 3, lid 3 a t/m c:
    4..
    Het bestuur stelt op basis van de aanvraag van ouders vast tot welke categorie (zie artikel 6 lid 3 c.) de ouder behoort.
    5..
    Het bestuur vraagt ouders die in aanmerking komen voor gemeentetoeslag een inkomensverklaring aan te leveren en stelt op basis daarvan de ouderbijdrage vast.
    6..
    Het bestuur brengt de subsidie in mindering op de door ouders van peuters te betalen kosten voor het gebruik van peuteropvang en VVE.
    
    Artikel 9 Verantwoording en vaststelling subsidie
    1..
    Een aanvraag tot subsidievaststelling wordt ingediend met een door het college vastgesteld formulier. Dit formulier heeft geen betrekking op de verantwoording van 1) de maatwerkvoorziening VVE langdurige opvang en 2) de kleinschaligheidstoeslag. Deze worden verantwoord middels een inhoudelijke en financiële rapportage zoals omschreven in de subsidiebeschikking.
    2..
    Het bestuur rapporteert per locatie per geplaatste peuter de volgende gegevens:
    - klantnummer peuter / ouder(s);
    - aantal contracturen;
    - toepasselijkheid categorieën als genoemd in artikel 6, derde lid, onder c;
    - onderbouwing ouderbijdrage;
    - VVE indicatie.
    Voor de rapportage inzake de maatwerkvoorziening zijn enkel de onderdelen a, b en e van toepassing.
    3..
    De subsidie wordt vastgesteld op basis van het daadwerkelijk aantal opgevangen peuters en opvanguren per peuter aan de hand van de afgesproken subsidiehoogte en -waar het de subsidiecomponenten beschreven in artikel 3.3 a t/m c betreft- de berekende ouderbijdrage en de toepasselijkheid van de categorieën, genoemd in artikel 6, lid 3, onder c.
    4..
    Indien in de subsidiebeschikking is vastgelegd dat een accountantsverklaring moet worden aangeleverd bij de verantwoording is het controle protocol in bijlage A. van toepassing.
    
    Artikel 10 Hardheidsclausule
    Het college kan, in bijzondere gevallen, artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan
    afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger, leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
    
    Artikel 11 Inwerkingtreding en overgangs
    
    […tekst ingekort]

Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.