Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Altena 2024
Gemeente Altena
Voor kinderopvangaanbieders (houders van kindercentra) in gemeente Altena die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden voor peuters van 2 tot 4 jaar, waaronder doelgroeppeuters met VE-indicatie.
Ook bekend als VE-regeling Altena
Waar is deze subsidie voor?
Subsidieregeling voor peuteropvang en voorschoolse educatie in gemeente Altena voor peuters van 2 tot 4 jaar. Biedt startsubsidie (max. €7.500 per VE-kindercentrum in oprichting) en uitvoeringssubsidie op basis van daadwerkelijk afgenomen uren. Gericht op gelijke en optimale ontwikkelingskansen voor peuters.
Voor wie is het bedoeld?
Voor kinderopvangaanbieders (houders van kindercentra) in gemeente Altena die peuteropvang en voorschoolse educatie aanbieden voor peuters van 2 tot 4 jaar, waaronder doelgroeppeuters met VE-indicatie.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Startsubsidie aanvragen voor oprichting van VE-kindercentrum
- Uitvoeringssubsidie aanvragen voor peuteropvang en voorschoolse educatie
- Subsidie aanvragen voor inzet pedagogisch beleidsmedewerker
Voorwaarden
- Kindercentrum moet geregistreerd staan in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
- Voor VE-kindercentra: voldoen aan eisen uit Wet kinderopvang, Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang en Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
- Doelgroeppeuters moeten door JGZ GGD West-Brabant geïndiceerd zijn met achterstand in spraak/taalontwikkeling of sociaal-emotionele ontwikkeling
- Pedagogisch beleidsmedewerker moet minimaal hbo-opleiding pedagogiek hebben
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
- Start
- -
- Sluit
- -
- Budget
- -
- Verdeling
- -
Bronnen en actualiteit
“De eenmalige startsubsidie bedraagt 100% van de voor subsidie in aanmerking komende kosten zoals bepaald in lid 2 met een maximum van € 7.500,-- per VE-kindercentrum in oprichting.”
Toon brontekst
Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Altena 2024 met inbegrip van de daarbij behorende bijlage 1 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena; gelet op: - de Algemene wet bestuursrecht; - de Wet op het primair onderwijs; - de Wet kinderopvang; op grond van: - artikel 3, artikel 6 lid 4, artikel 7 lid 4, artikel 8 lid 3, artikel 9 lid 3 aanhef en onder g, artikel 12, artikel 14, artikel 15 lid 3, artikel 16 en artikel 19, lid 2 van de Algemene subsidieverordening Altena 2019; besluit: vast te stellen de volgende subsidieregeling: Subsidieregeling Peuteropvang en Voorschoolse Educatie gemeente Altena 2024 met inbegrip van de daarbij behorende bijlage 1. Artikel 1. Begripsomschrijvingen 1.. In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: a. | aanvraag | een ingediende aanvraag op grond van deze subsidieregeling b. | Asv | de Algemene subsidieverordening Altena 2019 c. | Awb | de Algemene wet bestuursrecht d. | college | college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena e. | doelgroeppeuter | een in Altena woonachtige peuter met VE-indicatie f. | fiscaal maximum uurtarief | het door het Rijk bepaalde maximale fiscale uurtarief voor kinderopvang, geldend voor het jaar waarvoor de aanvraag wordt gedaan g. | gemeente | gemeente Altena h. | houder | degene aan wie een onderneming als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007 toebehoort en die met die onderneming een (VE-) kindercentrum exploiteert in de gemeente Altena i. | inkomensafhankelijkeouderbijdrage | een inkomensafhankelijke financiële bijdrage, gebaseerd op de VNG-adviestabel, die ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag moeten betalen voor afname van een reguliere- of VE-kindplaats voor hun peuter j. | inkomensverklaring | de Verklaring Geregistreerd Inkomen (VGI). Voorheen heette dit de IB60-verklaring. Dit is een officiële verklaring van de Belastingdienst met inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar k | JGZ | de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) van de GGD West-Brabant l. | kalenderjaar | van 1 januari tot en met 31 december in hetzelfde jaar m. | kindercentrum | voorziening waar kinderopvang plaatsvindt, anders dan gastouderopvang, die voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen als bedoeld in de Wet kinderopvang en Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang, gevestigd in de gemeente Altena en geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang n. | kinderopvang | de opvang van kinderen in de zin van de Wet kinderopvang; o. | kinderopvangtoeslag | de tegemoetkoming van het Rijk die ouders kunnen aanvragen als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor in het Landelijk Register Kinderopvang geregistreerde kinderopvang, indien zij voldoen aan de voorwaarden zoals gesteld in artikel 1.6 van de Wet kinderopvang p. | Landelijk RegisterKinderopvang (LRK) | het landelijk register kinderopvang, als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang, waarin kinderopvangvoorzieningen zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke eisen q. | ouders | (pleeg)ouder(s) en/of verzorger(s) van een reguliere peuter of doelgroeppeuter r. | pedagogisch beleidsmedewerker | een pedagogisch beleidsmedewerker of –coach, met minimaal een afgeronde hbo-opleiding in de richting pedagogiek, van 18 jaar of ouder die werkzaam is bij een VE-kindercentrum en die zorgt voor de totstandkoming en implementatie van het pedagogische beleid en/of het coachen van pedagogische medewerkers bij de uitvoering van hun werkzaamheden voor voorschoolse educatie s. | peuter | een in Altena woonachtig kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar t. | Peutermonitor | de Peutermonitor van Innovatie nul13 die data van de kinderopvangaanbieders, de JGZ en gemeente verzamelt, controleert en valideert, zodat de gemeente in overzichtelijke dashboards het bereik en de aanspraak op subsidie kan volgen u. | peuteropvang | een kortdurend aanbod van kinderopvang, bijvoorbeeld in dagdelen, voor peuters van 2 tot 4 jaar op een kindercentrum v. | reguliere kindplaats | een plaats in de peuteropvang van maximaal 8 uur per week, gedurende minimaal 40 en maximaal 52 weken per jaar, met een maximum van 320 uur per jaar, voor reguliere peuters in de leeftijd van 2 tot 4 jaar en voor doelgroeppeuters in de leeftijd van 2 tot 2,5 jaar w. | reguliere peuter | een in Altena woonachtige peuter zonder VE-indicatie x. | toezichthouder | de toezichthouder als bedoeld in artikel 1.61 van de Wet kinderopvang y. | VE | Voorschoolse- en Vroegschoolse Educatie, inhoudende extra ondersteuning voor peuters met een achterstand in de Nederlandse taalontwikkeling, denk-rekenontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling en (psycho)motorische ontwikkeling in de voorschool en in de vroegschool z. | VE-indicatie | een door de JGZ in Altena afgegeven verklaring voor een peuter die valt onder de door het college vastgestelde doelgroepdefinitie, zoals opgenomen in bijlage 1 aa. | VE-kindplaats | een plaats op een VE-kindercentrum van maximaal 16 uur per week gedurende minimaal 40 en maximaal 52 weken per jaar, met een maximum van 640 uur per jaar, waarbij het aanbod is verspreid over minimaal 3 dagen per week en maximaal 6 uur per dag, voor doelgroeppeuters tussen 2,5 en 4 jaar bb. | VE-kindercentrum | kindercentrum gevestigd in de gemeente Altena dat voldoet aan de eisen uit de Wet kinderopvang, Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang en het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, en als zodanig geregistreerd staat in het LRK cc. | VE-kindercentrum in oprichting | een kindercentrum, waar een (toekomstig) houder wil starten met VE, dat nog niet als VE-kindercentrum geregistreerd staat in het LRK dd. | VE-uurtarief | vergoeding per uur voor een VE-kindplaats, ten bedrage van € 12,02 voor het jaar 2024, welk bedrag met ingang van 1 januari 2025 jaarlijks wordt verhoogd met hetzelfde bedrag waarmee het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het fiscaal maximum uurtarief verhoogd voor het desbetreffende jaar ee. | verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag | het door de ouders ingevulde en ondertekende gemeentelijke formulier waarin zij verklaren geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang ff. | VNG-adviestabel | een jaarlijks door de VNG opgesteld overzicht met adviesbedragen voor de inkomensafhankelijke ouderbijdrage, gebaseerd op de landelijke kinderopvangtoeslagtabel voor het desbetreffende jaar gg. | VVE-programma | een programma waarin op een gestructureerde en samenhangende wijze de ontwikkeling van kinderen wordt gestimuleerd op het gebied van rekenen, taal, motoriek, en sociaal-emotionele ontwikkeling voor zover dit programma is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut (NJI) 2.. Voor zover niet anders bepaald, hebben begrippen in deze subsidieregeling dezelfde betekenis als in de Wet kinderopvang. Artikel 2. Toepassingsbereik Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten. Artikel 3. Doel van deze subsidieregeling Deze subsidieregeling heeft als doel om peuteropvang en voorschoolse educatie te realiseren, zodat peuters van 2 tot 4 jaar in de gemeente Altena gelijke- en optimale ontwikkelingskansen geboden kunnen worden. Artikel 4. Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen en subsidiabele periode A. Startsubsidie - Startsubsidie kan uitsluitend eenmalig per VE-kindercentrum in oprichting worden verstrekt voor de in lid 2 genoemde activiteiten, mits die activiteiten noodzakelijk zijn voor het opstarten van VE, en met dien verstande dat dit op het desbetreffende VE-kindercentrum in oprichting resulteert in een daadwerkelijke bezetting van één of meer VE-kindplaatsen binnen een jaar na de beschikking tot subsidieverlening. - De activiteiten kunnen slechts betreffen:het kwalificeren van de beroepskrachten voor VE (bijv. werken met VVE-programma, VE-scholing, taalniveau 3F voor mondelinge- en leesvaardigheden, opbrengstgericht werken);het aanschaffen en implementeren van een VVE-programma en daarbij behorende materialen; of het aanschaffen en implementeren van een daarop aansluitend kindvolgsysteem voor het periodiek volgen van de ontwikkeling van peuters. - Geen startsubsidie, als bedoeld in lid 1, wordt verleend indien er sprake is van het overnemen van een kindercentrum van een andere houder dat reeds als VE-kindercentrum geregistreerd staat in het LRK. B. Uitvoeringssubsidie - Uitvoeringssubsidie kan uitsluitend per kalenderjaar worden verstrekt voor daadwerkelijk door peuters bezette reguliere kindplaatsen en VE-kindplaatsen op een (VE-)kindercentrum in de gemeente Altena ten behoeve van de volgende groepen peuters:reguliere peuters en doelgroeppeuters in de leeftijd van 2 tot 2,5 jaar die een reguliere kindplaats bezetten en waarvan de ouders aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Voor een maximum aantal van 160 uur per half jaar;reguliere peuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar waarvan de ouders aantoonbaar geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Voor een maximum aantal van 320 uur per kalenderjaar. doelgroeppeuters in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar waarvan de ouders al dan niet recht hebben op kinderopvangtoeslag. Voor een maximum van 640 uur per kalenderjaar. - Het college kan besluiten de uitvoeringssubsidie voor een VE-kindplaats van een doelgroeppeuter te verlengen tot maximaal 3 maanden na het bereiken van de leeftijd van 4 jaar, indien sprake is van een situatie waarin het wenselijk is dat het kind langer verblijft op het VE-kindercentrum en nog niet doorstroomt naar de basisschool. C. Subsidie inzet pedagogisch beleidsmedewerker - Subsidie voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker in een VE-kindercentrum kan uitsluitend per kalenderjaar worden verstrekt voor het verhogen van de pedagogische kwaliteit, de totstandkoming en implementatie van pedagogische beleidsvoornemens of het coachen van pedagogisch medewerkers bij de uitvoering van hun werkzaamheden. Artikel 5. Doelgroep 1.. Startsubsidie als bedoeld in artikel 4, lid 1, wordt uitsluitend verstrekt aan een (toekomstig) houder van het betreffende nieuwe VE-kindercentrum in oprichting. 2.. Uitvoeringssubsidie als bedoeld in artikel 4, lid 4 en 5, wordt uitsluitend verstrekt aan een houder van een (VE-)kindercentrum. 3.. Subsidie voor de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker als bedoeld in artikel 4, lid 6, wordt uitsluitend verstrekt aan een houder van een VE-kindercentrum. Artikel 6. Voorwaarden en verplichtingen betreffende de houder A. Startsubsidie - De (toekomstige) houder, die startsubsidie is verleend, zorgt ervoor dat op het desbetreffende VE-kindercentrum in oprichting het opstarten van VE resulteert in een daadwerkelijke bezetting van een of meer VE-kindplaatsen binnen een jaar na de beschikking tot subsidieverlening. B. Uitvoeringssubsidie - De houder zorgt ervoor dat hij voldoet aan de volgende voorwaarden en verplichtingen met betrekking tot de uitvoering van peuteropvang:de houder is verplicht te toetsen of ouders al dan niet recht hebben op kinderopvangtoeslag. Dit doet de houder aan de hand van de door de ouders ondertekende Verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag in combinatie met een inkomensverklaring van beide ouders;de houder draagt er zorg voor dat ouders van peuters die tussen 1 januari en 30 juni van hetzelfde jaar geplaatst worden, de laatst beschikbare inkomensverklaring (max. 2 jaar oud) verstrekken. Voor peuters die tussen 1 juli en 31 december van hetzelfde jaar worden geplaatst, wordt de inkomensverklaring van het voorafgaande jaar gebruikt; de houder bepaalt voor iedere reguliere- of doelgroeppeuter waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag, aan de hand van door de ouders te verstrekken actuele inkomensgegevens en de VNG-adviestabel, de hoogte van de inkomensafhankelijke ouderbijdrage;de houder int zelf de ouderbijdragen van ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoe […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.