Steunfonds COVID-19 2022 ten behoeve van lokale sociaal maatschappelijke organisaties
Gemeente Alphen aan den Rijn
Lokale sociaal maatschappelijke organisaties die als gevolg van de COVID-19 pandemie niet meer over voldoende inkomsten beschikken om vaste lasten te betalen en activiteiten uit te voeren.
Ook bekend als Steunfonds COVID-19 2022
Waar is deze subsidie voor?
Eenmalige subsidie voor lokale sociaal maatschappelijke organisaties in Alphen aan den Rijn die door COVID-19 financiële problemen ondervinden. Aanvragen konden tot 15 mei 2022 worden ingediend voor de periode 1 januari tot 31 mei 2022.
Voor wie is het bedoeld?
Lokale sociaal maatschappelijke organisaties die als gevolg van de COVID-19 pandemie niet meer over voldoende inkomsten beschikken om vaste lasten te betalen en activiteiten uit te voeren.
Waarvoor kunt u subsidie krijgen?
- Liquiditeitsprobleem overbruggen door COVID-19
- Vaste lasten betalen ondanks inkomstenuitval
- Continuïteit van maatschappelijke activiteiten waarborgen
Voorwaarden
- Organisatie is lokaal en sociaal maatschappelijk van aard
- Financiële problemen ontstaan door COVID-19 pandemie
- Organisatie draagt bij aan beleidsdoelen gemeente of is van grote maatschappelijke waarde
- Organisatie maakt eerst gebruik van vangnetregelingen (Rijk, provincie, koepelorganisaties)
- Niet-noodzakelijke uitgaven en variabele kosten maximaal teruggebracht
- Organisatie heeft acuut liquiditeits- of continuïteitsprobleem in 2022
- Organisatie is levensvatbaar en heeft financiële draagkracht
- Aangevraagde bedrag staat in verhouding tot financieel probleem
- Organisatie heeft onvoldoende eigen vrij besteedbare middelen
- Verantwoording vereist uiterlijk 1 april 2023
Kom ik in aanmerking?
De eisen uit de regeling. Uw situatie bepaalt of u voldoet; dit is geen beschikking.
Openstellingen en rondes
Er is op dit moment geen open ronde.
Staatssteun en de-minimis
Deze regeling valt (deels) onder de de-minimisverordening. U mag over drie belastingjaren een beperkt bedrag aan de-minimissteun ontvangen; houd hier rekening mee bij het stapelen. Vaak is een de-minimisverklaring nodig.
Bronnen en actualiteit
Toon brontekst
Nadere regels Steunfonds COVID-19 2022 ten behoeve van lokale sociaal maatschappelijke organisaties Het college van burgemeester van burgemeester en wethouders; Gelet op de Algemene subsidieverordening Gemeente Alphen aan den Rijn 2020 en artikel 4:81 van de Awb; B E S L U I T vast te stellen de: Nadere regels Steunfonds COVID-19 2022 ten behoeve van lokale sociaal maatschappelijke organisaties Het college heeft het besluit genomen om het Steunfonds COVID-19 te verlengen. Doel is om lokale sociaal maatschappelijke organisaties te ondersteunen in verband met COVID-19, in de periode 1 januari tot en met 31 mei 2022. Organisaties kunnen tot 15 mei 2022 een aanvraag indienen, tenzij het subsidieplafond eerder bereikt is. In dit document staan de Nadere regels als uitwerking van de Algemene subsidieverordening Gemeente Alphen aan den Rijn 2020 (Asv 2020) en een beschrijving van het proces voor het Steunfonds COVID-19 2022. Op basis hiervan kunnen lokale sociaal maatschappelijke organisaties een eenmalige, voorlopige subsidie aanvragen. De volgende artikelen zijn van toepassing: 1. De aanvraag betreft de periode 1 januari 2022 tot en met 31 mei 2022. In afwijking van artikel 9 lid 1 Asv 2020 is de subsidieaanvraag vóór 15 mei 2022 door de gemeente ontvangen. 2. De aanvrager is een lokale, sociaal maatschappelijke organisatie die als gevolg van de COVID-19 pandemie niet meer over voldoende inkomsten beschikt om de vaste lasten te betalen en de activiteiten uit te voeren. 3. De aanvrager draagt bij aan het realiseren van de beleidsdoelen van de gemeente en/of is van grote maatschappelijke waarde voor de sociale infrastructuur binnen de gemeente (weigeringsgrond artikel 13 lid 1 en 9 Asv 2020) 4. De aanvrager maakt vooraleerst gebruik van vangnetregelingen, die door bijvoorbeeld het Rijk, de provincie of koepelorganisaties in het leven zijn of worden geroepen (weigeringsgrond artikel 13 lid 5 Asv 2020). 5. De aanvrager heeft niet-noodzakelijke uitgaven en/of variabele kosten maximaal teruggebracht en waar mogelijk getracht inkomsten te vermeerderen. 6. De aanvrager heeft ondanks artikel 4 en 5 een (acuut) liquiditeitsprobleem in 2022 of een continuïteitsprobleem. 7. De aanvrager is (ook na de COVID-19 pandemie) levensvatbaar (heeft financiële draagkracht), (weigeringsgrond artikel 13 lid 2 Asv 2020). 8. De hoogte van het aangevraagde bedrag staat in verhouding tot het financiële probleem dat door de COVID-19 pandemie is ontstaan. 9. De aanvrager heeft onvoldoende eigen vrij besteedbare middelen beschikbaar om het financiële probleem (volledig) zelf op te lossen. (zie hiervoor ook artikel 13 lid 5 Asv 2020). 10. Bij een onvolledige aanvraag krijgt de aanvrager een hersteltermijn van twee weken. Als de aanvrager hier niet tijdig op reageert of niet de juiste stukken instuurt, dan kan het college besluiten de aanvraag niet in behandeling te nemen (zie hiervoor ook artikel 5 lid 6 Asv 2020). 11. Zoals de Algemene wet bestuursrecht dat voorschrijft, besluit het college binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Mocht de termijn niet gehaald worden, is er een optie om de termijn te verlengen. 12. De subsidies worden voorlopig verleend, ook de subsidies onder de € 5.000. De aanvrager stuurt na afloop een verantwoording naar de gemeente, om aan te tonen hoe de voorlopige subsidie besteed is. 13. Het college heeft de bevoegdheid nadere voorwaarden te verbinden aan de subsidievaststelling. In voorkomend geval staan deze voorwaarden opgenomen in de beschikking (artikel 14 lid 2 en artikel 15 lid 2 Asv 2020). Subsidieplafond Voor de eenmalige, voorlopige subsidies vanuit het Steunfonds COVID-19-2022 is maximaal € 800.000 beschikbaar en de aanvragen kunnen tot 15 mei 2022 worden ingediend, tenzij het subsidieplafond eerder bereikt is. Dit bedrag is daarom het subsidieplafond voor deze periode. In het kader van de verdeling van schaarse middelen is de gemeente verplicht dit plafond te noemen en te publiceren. Bijlage 1 – Toelichting bij Nadere regels Steunfonds COVID-19 2022 In deze bijlage staat de nadere uitwerking van enkele van de hiervoor genoemde voorwaarden en onderwerpen. Het college kiest voor de onderstaande lijn, mits passend binnen de wettelijke kaders. Bij de beoordeling of een aanvraag aan de voorwaarden voldoet, is maatwerk vereist. Toelichting op de Nadere regels Steunfonds COVID-19 2022 Artikel 1: De aanvraag betreft de periode 1 januari tot en met 31 mei 2022. In afwijking van artikel 9 lid 1 Asv 2020 is de subsidieaanvraag vóór 15 mei 2022 door de gemeente ontvangen. Subsidie vanuit het Steunfonds COVID-19 2022 is bedoeld voor de eerste vijf maanden van 2022. Dit is de periode waar de financiële problemen over mogen gaan. Mogelijke financiële problemen die worden verwacht ná 31 mei 2022 worden niet meegenomen in de beoordeling. Artikel 2: De aanvrager is een lokale, sociaal maatschappelijke organisatie die als gevolg van de COVID-19 pandemie niet meer over voldoende inkomsten beschikt om de vaste lasten te betalen en activiteiten uit te voeren Lokale sociaal maatschappelijke organisaties: Lokale sociaal maatschappelijk organisaties ondersteunen publieke aangelegenheden in gemeente Alphen aan den Rijn voor maatschappelijke doeleinden ten aanzien van cultuur, sport en educatie, recreatie, welzijn en zorg, zonder daarbij winst na te streven. Organisaties die nu nog geen subsidie ontvangen kunnen ook een eenmalige subsidie vanuit het Steunfonds COVID-19 2022 aanvragen. Een onderdeel dat we specifiek uitlichten zijn de evenementen: Organisatoren van evenementen ontvangen geen subsidie, maar een financiële bijdrage op basis van het Evenementenbeleid. De meeste organisatoren ontvangen achteraf (dus ná het evenement) hun bijdrage. Als een evenement niet doorgaat, keert de gemeente niet uit. Er zijn situaties denkbaar waarbij de organisator al veel kosten gemaakt heeft en dat de gemeente (een deel van) de financiële bijdrage toch uitkeert. Organisatoren die niet-bedrijfsmatig evenementen organiseren, worden voor de beoordeling in het kader van dit Steunfonds COVID-19 2022 eveneens aangemerkt als sociaal maatschappelijke organisatie en kunnen, onder genoemde voorwaarden, een aanvraag doen. Daarbij geldt dat eventueel vanuit het Evenementenbeleid toegezegde financiële bijdragen allereerst worden aangewend, voordat eventuele subsidie vanuit het Steunfonds wordt verleend. Van belang bij deze zinsnede is dat het steunfonds niet bedoeld is om alle inkomsten die wegvallen te vergoeden via subsidie. Het gaat er om dat door de pandemie de aanvragende organisatie in de problemen raakt en de vaste lasten niet (volledig) kan betalen. Zie hiervoor ook artikel 5, 6 en 9. Artikel 3: De aanvrager draagt bij aan het realiseren van de beleidsdoelen van de gemeente en/of is van grote maatschappelijke waarde voor de sociale infrastructuur binnen de gemeente. De beleidsdoelen staan benoemd in het collegeprogramma en de vigerende beleidsnota’s. Organisaties die van grote maatschappelijke waarde zijn voor de sociale, recreatieve, educatieve of culturele infrastructuur, dragen direct of indirect bij aan de beleidsdoelen op het Sociaal domein. Artikel 4: De aanvrager maakt vooraleerst gebruik van vangnetregelingen, die door bijvoorbeeld het Rijk of koepelorganisaties in het leven zijn of worden geroepen. Er zijn meerdere vangnetregelingen die in het leven zijn geroepen door het Rijk, de provincie of koepelorganisaties. De organisaties die een beroep doen op dit steunfonds moeten hier gebruik van maken. Hebben ze dit niet gedaan, dan is in de aanvraag een onderbouwing nodig van de reden waarom de organisatie niet in aanmerking komt voor verschillende regelingen. Voor verschillende regelingen van het Rijk kan een stappenplan via internet gevolgd worden. Tijdens dit stappenplan kan dan de melding komen dat er geen recht is op de betreffende regeling. Een screenshot van een dergelijke melding kan als onderbouwing dienen. Ook na het ontvangen van een voorlopige verlening op basis van dit steunfonds kan het zijn dat nieuwe regelingen in het leven worden geroepen. Deze zijn eveneens een voorliggende voorziening op het steunfonds. Dat betekent dat de aanvrager die al geld van het steunfonds heeft ontvangen, de nieuwe regeling moet aanvragen. Bij een toekenning, wordt dit bedrag verrekend met het eerder verstrekte bedrag uit het Steunfonds en mogelijk teruggevorderd. Dit gebeurt bij de definitieve vaststelling van de subsidie. Artikel 5: De aanvrager heeft niet-noodzakelijke uitgaven en/of variabele kosten teruggebracht en waar mogelijk getracht inkomsten te vermeerderen. Sociaal maatschappelijke organisaties zijn in eerste instantie zelf aan zet om maatregelen te nemen om de gevolgen van de COVID-19 pandemie op te vangen. Als gemeente hebben we de middelen niet om op grote schaal onze inkomsten kwijt te schelden of anderszins financiële steun te verlenen zonder dat we hierbij drastisch en acuut andere uitgaven moeten terugdringen, nog los van de juridische gevolgen die dit kwijtschelden of steun verlenen met zich meebrengen. De gemeente verwacht dat de maatschappelijke organisaties in de gemeente een eventueel gemis aan inkomsten primair vanuit hun eigen buffers opvangen (zie ook artikel 8). Zo wordt van de sociaal maatschappelijke organisaties verwacht dat zij gedurende sluiting(en)/aangepaste openingen niet-noodzakelijke uitgaven uitstellen, variabele kosten terugbrengen en proberen op andere manieren hun inkomsten te behouden en zo mogelijk te vermeerderen. Een aanvrager moet aantonen dat zo veel mogelijk is gedaan om met het schrappen/verschuiven van alle beïnvloedbare uitgaven de financiële vitaliteit van organisatie te waarborgen. De gemeente werkt, vóór het verlenen van een voorlopige subsidie op basis van deze regels, zoveel mogelijk mee aan het voorkomen van de liquiditeitsdip die kan ontstaan door wegvallende omzet door de corona-crisis. Mogelijkheden hiervoor zijn: • Betalingsregelingen afspreken of aanpassen voor huren/belastingen enzovoort. • Subsidietermijnen (voor bestaande subsidierelaties) vervroegd uitbetalen Artikel 6: De aanvrager heeft ondanks artikel 4 en 5 een (acuut) liquiditeitsprobleem in 2022 of een continuïteitsprobleem. Een (acuut) liquiditeitsprobleem betekent dat er rekeningen liggen die betaald moeten worden of dat aantoonbaar is dat bepaalde kosten zich op korte termijn voordoen, zoals de vaste lasten, terwijl de aanvrager deze rekeningen niet (volledig) kan betalen door het wegvallen van de inkomsten (artikel 2). Hierbij moet de aanvrager ook kijken naar uitstelbaarheid van de betaling van deze kosten, mede afhankelijk van begrote inkomsten in de komende periode. Het moet niet zo zijn dat de aanvrager door het uitstellen van deze kosten in de continuïteitsproblemen komt. De continuïteit van aanvrager kan in het gedrang komen als door het wegvallen van inkomsten en nog doorlopen van vaste lasten, de organisatie afstevent op faillissement of een ‘lege huls’ dreigt te worden (organisatie bestaat nog, maar heeft geen middelen of expertise meer om activiteiten uit te voeren, waardoor er ook geen inkomsten meer binnenkomen). Door de continuiteitsproblemen lopen de activiteiten in gevaar. Artikel 7: De aanvrager is (ook na de COVID-19 pandemie) levensvatbaar (heeft financiële draagkracht), zie ook artikel 13 lid 2 Asv 2020): De gemeente onderzoekt of de aanvragende organisatie ook voor de COVID-19 pandemie levensvatbaar was. De regeling is niet bedoeld om financiële problemen van voor de corona-pandemie (peildatum 1 maart 2020) op te vangen. Hiervoor kan het zijn dat er extra documenten opgevraagd moeten worden bij de aanvrager over de periode voor Corona. Het college zal vooralsnog terughoudend zijn in het nemen van maatregelen die samenhangen met renteloze leningen, zekerheden en garantstellingen bij banken. Artikel 8: De hoogte van het aangevraagde bedrag staat in verhouding tot het financiële probleem dat door de COVID-19 pandemie is ontstaan. Dit artikel ziet op de solidariteit […tekst ingekort]
Deze informatie is geautomatiseerd samengesteld uit officiële bronnen en kan onvolledig zijn. Controleer details bij de verstrekker. Elk hard feit toont een citaat uit de brontekst.